Een nieuw schisma
Door Ontwaakt!-correspondent in Frankrijk
DE 30ste juni 1988 zal een veelzeggende datum zijn in de annalen van de Rooms-Katholieke Kerk. Op die dag trotseerde de Franse aartsbisschop Marcel Lefebvre het Vaticaan. Hij wijdde vier bisschoppen in zijn traditionalistisch katholieke seminarie in Zwitserland. Deze daad was reden om Lefebvre en de vier nieuwe bisschoppen te excommuniceren en leidde tot het eerste schisma in de Katholieke Kerk sinds 1870. In dat jaar hadden de zogeheten oud-katholieken zich losgemaakt van de moederkerk naar aanleiding van de kwestie der pauselijke onfeilbaarheid.
De oorzaken van de breuk
De kloof tussen het Vaticaan en aartsbisschop Lefebvres uiterst conservatieve katholieke beweging was zich al enige tijd aan het verbreden. De oorzaken van het schisma gaan terug tot het Tweede Vaticaans Concilie, dat van 1962 tot 1965 werd gehouden. Paus Johannes XXIII, die het concilie had belegd, had met die bijeenkomst twee dingen op het oog, namelijk de zogenoemde aggiornamento (modernisering) en de hereniging van alle zich christelijk noemende kerken.
Hoewel aartsbisschop Lefebvre, als katholiek prelaat, deelnam aan het Vaticanum II, was hij het met geen van beide doelstellingen eens. Als verstokt traditionalist is hij van mening dat de Katholieke Kerk niet gemoderniseerd hoeft te worden. Hij onderschrijft van ganser harte het traditionele katholieke standpunt dat „er buiten de Kerk geen redding is” en is er dan ook van overtuigd dat een hereniging van alle „christenen” alleen mogelijk zou zijn als alle niet-katholieken tot het rooms-katholieke geloof zouden overgaan.
Tegen vrijheid van godsdienst
Een jaar na zijn excommunicatie verklaarde aartsbisschop Lefebvre uit naam van de conservatieve katholieken die zijn beweging steunen: „Wij zijn categorisch tegen het denkbeeld van godsdienstvrijheid en de consequenties daarvan, vooral de oecumenische beweging, die ik persoonlijk onaanvaardbaar vind.”
Daarmee bracht hij niets nieuws. Hij hield zich trouw aan de katholieke traditie. Op 15 augustus 1832 publiceerde paus Gregorius XVI de encycliek Mirari vos, waarin hij de vrijheid van geweten veroordeelde als een „misvatting, of liever gezegd waanzin”. Tweeëndertig jaar later publiceerde paus Pius IX zijn Syllabus errorum (Lijst van dwalingen), waarin hij het denkbeeld veroordeelde dat „ieder mens vrij is de godsdienst te aanvaarden en te belijden die hem, in het licht van de rede, als de ware voorkomt”.
Door de oecumenische beweging af te wijzen, toonde aartsbisschop Lefebvre slechts zijn trouw aan wat de katholieke geloofsleer de „uniciteit van de Kerk” noemt, wat wil zeggen dat de kerk slechts „Eén, Heilig, Katholiek en Apostolisch” is.
Verbolgen over „protestantse” mis
De hervormingen in de traditionele katholieke liturgie die door het Vaticanum II tot stand zijn gekomen, zijn aartsbisschop Lefebvre en zijn volgelingen een doorn in het vlees. De opstandige prelaat vindt dat die hervormingen de mis hebben „verprotestantst”. Dan doelt hij niet alleen op het gebruik van levende talen in plaats van het Latijn; Lefebvre vindt dat er te veel is gewijzigd met het oogmerk de protestanten te trekken en dat zelfs in het Latijn de door paus Paulus VI goedgekeurde liturgie „ketters” is.
Om de continuïteit van de traditionele Latijnse mis zeker te stellen, werd door aartsbisschop Lefebvre in 1970 een seminarie gesticht in het Zwitserse Ecône. Het werd bestuurd door de Broederschap van Priesters van Sint-Pius X, die in datzelfde jaar door Lefebvre was opgericht. Toen zijn beweging groeide, opende hij meer conservatieve katholieke seminaries in Europa en Amerika. Honderden jonge mannen krijgen er een ultraconservatieve opleiding voor het priesterschap.
De opstandige prelaat heeft ruim 200 traditionalistische priesters geordineerd, hoewel hem dit in 1976 door paus Paulus VI verboden werd. Deze priesters celebreren de Latijnse mis in priorijen en illegaal bezette katholieke kerken.a Het Vaticaan erkent dat Lefebvre wereldwijd ongeveer honderdduizend strijdbare traditionalistische volgelingen heeft, maar andere kerkelijke autoriteiten geven toe dat het aantal dichter bij het half miljoen ligt. Lefebvre zelf beweert dat miljoenen katholieken zijn zienswijzen delen.
De noodzaak van een opvolger
In de Katholieke Kerk kan een bisschop priesters ordineren. Alleen de paus echter kan de ordinatie van een bisschop goedkeuren. De bejaarde Lefebvre besefte dat zijn Broederschap van Priesters kans liep na zijn dood uit te sterven bij gebrek aan een bisschop om nieuwe priesters te ordineren. Kennelijk in de hoop dat dit zou gebeuren, voerde het Vaticaan langdurige besprekingen met hem en stelde uiteindelijk een ultimatum. Óf hij zou de wijding van een door het Vaticaan goedgekeurde bisschop accepteren, óf hij zou, als hij ertoe overging zelf een bisschop te wijden, geëxcommuniceerd worden.
Op 30 juni 1988 wijdde de opstandige prelaat tijdens een ceremonie die door duizenden van zijn volgelingen werd bijgewoond, vier traditionalistische bisschoppen. In Parijs berichtte de International Herald Tribune: „De wijding van de vier bisschoppen door aartsbisschop Lefebvre wierp een schaduw over een Vaticaans consistorie waarin de paus 24 bisschoppen tot het college van kardinalen verhief. Het Vaticaan gelastte een speciaal concert af om zijn ’diepe smart’ te laten blijken over het optreden van aartsbisschop Lefebvre. ’Het is een dag van rouw’, zei [de Franse] kardinaal Decourtray.”
Dit schisma in de Katholieke Kerk heeft niet alleen smart teweeggebracht in het Vaticaan, maar het heeft ook miljoenen oprechte katholieken overal ter wereld met verbijstering en verwarring geslagen.
[Voetnoten]