Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g83 8/9 blz. 4-7
  • Heeft uw kind leermoeilijkheden?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Heeft uw kind leermoeilijkheden?
  • Ontwaakt! 1983
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Aanwijzingen en symptomen
  • „Kunt u dat kind niet eens stevig aanpakken?”
  • „Dokter, mijn kind heeft alle symptomen”
  • Leven met een leerstoornis
    Ontwaakt! 1997
  • Ouders — wat kunt u doen?
    Ontwaakt! 1983
  • Hulp voor kinderen met een leerstoornis
    Ontwaakt! 2009
  • „Is mijn kind hyperactief?”
    Ontwaakt! 1984
Meer weergeven
Ontwaakt! 1983
g83 8/9 blz. 4-7

Heeft uw kind leermoeilijkheden?

Bij honderdduizenden kinderen worden „leerstoornissen” als diagnose gesteld. Wordt dat etiket ten onrechte op veel te veel kinderen geplakt? Hoe kunt u te weten komen of uw kind een leerstoornis heeft?

LEERSTOORNIS is een term die eigenlijk pas in de laatste tien jaar populair is geworden. Er wordt een verscheidenheid aan omstandigheden mee aangeduid die het voor kinderen met een normale intelligentie moeilijk maken een of meer van de vaardigheden die voor het leren van essentieel belang zijn, onder de knie te krijgen. Zulke kinderen hebben een normaal gezichtsvermogen en gehoor en geen duidelijke lichamelijke handicap. Toch is er een hiaat tussen enerzijds het potentieel van het kind, de mogelijkheden die hij in zich heeft, en anderzijds de feitelijke prestaties.

De oorzaak? Helaas geven de onderzoekingen geen duidelijke conclusies. Maar er zijn uitkomsten die wijzen in de richting van een slecht functioneren van een of ander hersengedeelte ten gevolge van: trauma voor, tijdens of na de geboorte; te vroege geboorte; ziekte van de moeder tijdens de zwangerschap; langdurige barensweeën of een moeilijke bevalling. Leerstoornissen worden dan ook vaak in verband gebracht met MBD, Minimal Brain Dysfunction, een lichte beschadiging van de hersenfunctie. Er kan daarbij sprake zijn van een defect in het waarnemingsvermogen, hetgeen wil zeggen dat het kind er moeilijkheden mee kan hebben de informatie die via zijn zintuigen binnenkomt, te interpreteren. Ook zijn er aanwijzingen dat het probleem erfelijk zou kunnen zijn, gezien het feit dat dit probleem zo veel vaker bij jongens dan bij meisjes voorkomt.

Aanwijzingen en symptomen

Wat de oorzaak ook mag zijn, een kind met een leerstoornis heeft een zeer reëel probleem. En dat kan zich op verschillende manieren uiten. Natuurlijk bestaat er niet één enkel gedragspatroon waardoor het leergestoorde kind wordt getypeerd. Geen twee kinderen leren of gedragen zich precies eender. Hier volgen enige van de symptomen, die kunnen variëren van licht tot ernstig.

● Problemen met visuele waarneming: „Ik kan niet op het bord zien”, zegt het kind. Toch tonen tests van zijn gezichtsvermogen aan dat hij normaal kan zien. Zoekt hij uitvluchten voor slecht werk? Wel, als hij een leerstoornis heeft, heeft hij misschien problemen met de visuele waarneming. Dat wil zeggen dat hij er misschien moeite mee heeft te interpreteren wat hij ziet. Hoewel wij met onze ogen zien, begrijpen wij dat wat wij zien niet met onze ogen, maar met onze hersens.

In dat geval kan lezen en schrijven hem voor problemen plaatsen. Bij het lezen slaat hij misschien woorden over. Woorden die met dezelfde klank beginnen, kunnen verwisseld worden („stoep” voor „stoel”). Hij kan letters verwisselen bij het lezen („drop” voor „dorp”). Bij het schrijven kan hij letters („b” in plaats van „d”) of hele woorden („mug” in plaats van „gum”) omdraaien.

● Problemen met auditieve waarneming: „Ik heb het niet gehoord”, antwoordt hij als u hem vraagt waarom hij niet gedaan heeft wat u hem had gezegd. Toch tonen gehoortests aan dat hij normaal kan horen. Heeft hij u echt niet gehoord? Of is hij lastig, opzettelijk ongehoorzaam?

Als hij problemen heeft met de auditieve waarneming, is hij in zekere zin doof — van binnen. Misschien hoort hij alleen maar een door elkaar gehaspelde weergave van wat andere mensen zeggen. Die ’gestoorde ontvangst’ brengt hem in verwarring en kan maken dat hij agressief reageert. Wanneer hij verscheidene instructies krijgt, hoort hij er misschien in feite maar één. Maar een andere keer worden ze wel allemaal gehoord en door zijn brein waargenomen. Het heeft wel wat weg van een kansspel.

● Problemen met taal: Wij leren ons uit te drukken aan de hand van de dingen die wij horen. Maar een kind met auditieve waarnemingsproblemen heeft waarschijnlijk nooit gehoord in de volledige of normale betekenis van het woord. Het gevolg is dat hij zijn eigen ideeën niet goed kan uiten. Woorden en begrippen worden soms omgekeerd. „Mammie, de auto rijdt achteruit”, zegt hij misschien. Maar in werkelijkheid rijdt de auto vooruit.

● Problemen met visueel en auditief geheugen: Een kind met hetzij visuele of auditieve waarnemingsproblemen heeft vaak ook moeilijkheden met het visuele en auditieve geheugen. Zo zal hij zich misschien niet kunnen herinneren wat hem mondeling is verteld, of weet hij de volgorde niet meer waarin hem gezegd was de dingen te doen. Als er een gebrek aan visueel geheugen in het spel is, zal hij er moeite mee hebben te onthouden wat hij leest en waar hij dingen laat.

● Verdwaald in tijd en ruimte: Het kind met een leerstoornis kan verdwaald zijn in de ruimte, dat wil zeggen moeite hebben met de begrippenparen omhoog-omlaag, links-rechts, boven-onder of binnen-buiten. Eenvoudig gezegd: hoe kan hij nu begrijpen dat de plank boven hem is als hij niet zeker weet dat zijn voeten onder zitten? Of als u hem vraagt het papier in de doos te doen, stopt hij het onder de doos.

Hij heeft dikwijls maar een slecht begrip van zijn eigen lichaam; hij komt er maar niet achter hoeveel ruimte het inneemt. Het gevolg is dat hij zijn eigen afmetingen dikwijls verkeerd schat. Geen wonder dat hij vaak lomp en onhandig is — veel erger dan andere kinderen van zijn leeftijd.

Ook zijn tijdbepaling is er gewoonlijk naast. Hij schijnt het spoor bijster te raken in gisteren, vandaag en morgen. U vraagt zich misschien af of hij ooit de volgorde zal leren van de dagen van de week of de maanden van het jaar.

● Slechte spiercoördinatie: Een leergestoord kind kan ook een tekort in zijn fijn-motorische vaardigheden vertonen. Bewegingen zoals knippen, kleuren en tekenen, die een precieze besturing vereisen, kunnen uitermate moeilijk voor hem zijn. Hij is nog niet in staat zijn veters vast te maken, zichzelf aan te kleden of zijn eten te snijden als andere kinderen van zijn leeftijd die vaardigheden al lang onder de knie hebben. Sport is moeilijk voor hem — hij weet niet het slaghout en de bal samen te brengen.

● Star en onbuigzaam: Het leergestoorde kind heeft de neiging star en onbuigzaam te worden. Hij wil wat hij wil wanneer hij het wil — wat er om hem heen ook gaande is. Hij ziet de zaken niet in hun geheel; hij ziet de details en mist het totale beeld. Hij wordt uitermate gespannen als de normale routine wordt verstoord.

„Kunt u dat kind niet eens stevig aanpakken?”

Is het te verwonderen dat zo’n kind vaak kwaad en gefrustreerd is en driftbuien heeft? Misschien „hoort” en „ziet” hij ten slotte maar brokstukken informatie. Misschien is zijn coördinatie zoek en wordt hij door zijn klasgenootjes stom genoemd. En het ergste van alles, misschien wordt hij door zijn ouders of onderwijzeres niet begrepen.

Toegegeven, het is niet gemakkelijk om met een kind te leven wiens waarneming en tijdbepaling er zo dikwijls naast zijn. Een ouder met zo’n kind zal misschien vaker last hebben van spanning en frustratie dan andere ouders. En helaas krijgen zij in hun moeilijke situatie dikwijls nog kritiek te horen ook. „Kunt u dat kind niet eens stevig aanpakken?” vraagt een kritische toeschouwer misschien.

De ouder kan het gevoel hebben dat er iets mis is met zijn kind, maar hij komt er niet uit wat het is. Toch is het van belang dat dit vroeg wordt ontdekt. Als het kind niet behandeld wordt, kan het zich in zichzelf opsluiten en vervreemd raken, en zal het zich misschien nooit volledig ontplooien.

„Dokter, mijn kind heeft alle symptomen”

Dat zou een ongeruste ouder kunnen zeggen, met een tijdschriftenartikel over leerstoornissen in de hand. Bij letterlijk honderdduizenden kinderen wordt de diagnose „leergestoord” gesteld. Sommige kinderen zijn dat natuurlijk ook werkelijk. Maar zou het kunnen zijn dat het etiket zonder onderscheid op veel te veel jonge kinderen wordt geplakt?

„Veel kinderen krijgen het etiket leergestoord mee, die dat helemaal niet zijn”, zegt de psychiater Thomas P. Millar. Waarom dat verkeerde etiket? „Onfeilbaar ouderschap” is een van de redenen, legt Millar uit. De ongeruste ouder zegt: „De reden dat mijn kind niet goed leert, is niet dat ik als ouder te kort geschoten ben. Nee, de reden is dat hij een leerstoornis heeft.” Maar is dat zo? Of zou het een „ouderstoornis” kunnen zijn?

Of misschien een „onderwijsstoornis”? Dr. Barbara Bateman, een erkend autoriteit op het gebied van leerstoornissen, zegt: „De leerstoornis is een ongelooflijk geslaagd excuus geworden voor het falen van de gewone scholen in het geven van behoorlijk onderwijs aan kinderen die goed onderwijs echt nodig hebben.”

Een andere algemeen gebruikte term is hyperactiviteit (of hyperkinesie), die dikwijls in verband wordt gebracht met leerstoornissen.a Wat is hyperkinesie? Volgens een rapport dat werd gepubliceerd door de Academy of Orthomolecular Psychiatry is het „fysieke activiteit die een bezeten indruk maakt — alsof er een ’tornado van binnen’ is — zodat het kind, vergeleken met andere kinderen, zijn activiteit niet kan beheersen”. De symptomen? Kortstondige aandacht, makkelijk afgeleid, zich impulsief van de ene plek naar de andere verplaatsen, moeite om zich op één ding te concentreren, onvermogen om stil te zitten.

„Dat lijkt mijn kind wel”, zal een ouder misschien zeggen. Maar wees niet te haastig in de diagnose van uw kind. Het feit dat hij rusteloos, energiek of ongedurig is, hoeft nog niet te betekenen dat hij hyperactief is. Er kan een andere oorzaak zijn — allergie voor bepaald voedsel, gebrek aan slaap of een gehoor- of gezichtsprobleem.

Natuurlijk zijn leerstoornissen die met hyperkinesie gepaard gaan, maar al te reëel, al worden de aantallen wellicht overdreven. Wat dient u te doen als u vermoedt dat uw kind een leerstoornis heeft? Roep de raad in van deskundigen. Een kind mag niet het etiket „leergestoord” opgeplakt krijgen voordat het zorgvuldig is getest.

Praat eens openhartig met de onderwijzer van uw kind. Wees niet bang om vragen te stellen. Vergewis u ervan dat het een leerstoornis is en niet een onderwijsstoornis. Zoek uit wat het is en wat eraan gedaan kan worden. Soms kan het al helpen als men een probleem maar begrijpt. En als de diagnose eenmaal is gesteld, wat dan?

[Voetnoten]

a Erkend moet worden dat, hoewel een hoog percentage leergestoorde kinderen hyperactief is, niet alle hyperactieve kinderen leermoeilijkheden hebben.

[Illustratie op blz. 6]

Gefrustreerd — waarom?

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen