Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g83 8/9 blz. 7-10
  • Ouders — wat kunt u doen?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Ouders — wat kunt u doen?
  • Ontwaakt! 1983
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Hoe kan men hyperactiviteit beheersen?
  • „Is mijn kind hyperactief?”
    Ontwaakt! 1984
  • Heeft uw kind leermoeilijkheden?
    Ontwaakt! 1983
  • Nieuwe hoop voor gehandicapte jongeren
    Ontwaakt! 1976
  • Hulp voor kinderen met een leerstoornis
    Ontwaakt! 2009
Meer weergeven
Ontwaakt! 1983
g83 8/9 blz. 7-10

Ouders — wat kunt u doen?

„NIETS helpt!” „Hij snapt het gewoon niet!” Aldus de gefrustreerde ouder. Hoe kunt u tot uw leergestoorde kind doordringen? En wat kunt u doen aan hyperkinesie, als dat zijn probleem is?

Een kind met leermoeilijkheden heeft behoefte aan dat waar ook alle andere kinderen behoefte aan hebben — dat hij door zijn ouders wordt liefgehad, begrepen en aanvaard. Maar hij heeft misschien meer tijd en aandacht nodig. Misschien voelt hij dat er „iets niet in orde” is met hem. Hij heeft er behoefte aan steeds opnieuw de verzekering te krijgen dat hij bij zijn verstand is, en niet achterlijk. Hij heeft alleen meer tijd nodig om te leren dan anderen.

Op veel plaatsen bestaan bijzondere onderwijsprogramma’s. Er zijn speciale technieken nodig om onderwijs te geven aan een kind dat niet op een normale manier kan leren. Dikwijls is dat moeilijk voor de ouders; hun gevoelens gaan een te grote rol spelen. In sommige gebieden zijn er organisaties met het doel de ouders van zulke kinderen te helpen.

Daarbij kunt u als ouder veel doen om de situatie thuis te verbeteren. In de mate waarin u zorgt voor een ordelijke huiselijke omgeving, waar liefde heerst en streng de hand wordt gehouden aan wat juist is, zal uw kind zich veilig en gelukkig voelen. Houd tegelijkertijd in gedachte dat het problematische gedrag van uw kind wel eens rechtstreeks het gevolg kan zijn van zijn leerstoornis; het kan zijn dat hij bezig is zijn frustraties af te reageren. Hier worden enige suggesties gegeven die ten doel hebben u te helpen de problemen met uw leergestoorde kind aan te pakken, al zult u ze nog niet kunnen verhelpen.

Als uw kind auditieve waarnemingsproblemen heeft, overtuig u er dan eerst van dat u zijn aandacht hebt als u tegen hem spreekt. Spreek dan langzaam, en geef niet te veel opdrachten tegelijk. Vraag hem te herhalen wat u gezegd hebt. Bedenk dat hij u niet altijd „hoort”. Zulke kinderen horen geluiden trouwens dikwijls verkeerd: „O, ik dacht dat je paard zei”, maar in werkelijkheid was het woord poort. Ook kunt u het eens proberen met het opschrijven van opdrachten, die u vervolgens in zijn zak stopt. Hij moet dan misschien wel rondlopen met een zak vol opdrachten, maar dan onthoudt hij tenminste wat hij moet doen!

Het bestraffen van een kind met een leerstoornis, dat misschien ook nog eens hyperactief is, is allesbehalve gemakkelijk. Markje’s moeder herinnert zich: „Ik besloot dat Markje geen goed van kwaad kon onderscheiden. Ik begon zijn gedrag te verontschuldigen. Maar aan het eind van dat jaar zat ik met nog grotere problemen, en had hij geen respect voor me.”

Geef het dus niet op! Spreuken 29:15 doet de wijze aanbeveling: „De roede en terechtwijzing, díe geven wijsheid; maar een aan zichzelf overgelaten jongen zal zijn moeder beschaamd maken.” Maar hoe kunt u tot zo’n kind doordringen?

„Als het op gedrag aankomt, probeer ik mijn dochtertje goed genoeg te kennen om onderscheid te kunnen maken tussen kanniet- en wilniet-reacties”, zegt Sandra, die een dochter met een leerstoornis heeft. „Dan weet ik of ik het probleem met begrip of met strengheid moet aanpakken.”

Wanneer u dat inzicht toont, zal het kind daaraan merken dat u eerlijk bent en vastberaden opkomt voor wat juist is. Dat kan een uiterst doeltreffende hulp vormen om tot hem door te dringen.

Hoe staat het met straf? Een langdurige straf, zoals een maand lang geen televisie, schiet gewoonlijk zijn doel voorbij. Waarom? Omdat hij halverwege de maand niet meer zal weten waarvoor die straf was. Maar hem waarschuwen dat een uitstapje naar de dierentuin (of iets anders waarop hij zich verheugt) niet doorgaat als hij zich blijft misdragen, is in de regel doeltreffender. Natuurlijk moet hij weten dat het u ernst is. U moet consequent zijn. „Laat uw woord Ja gewoon Ja betekenen, en uw Neen, Neen”, adviseert de bijbel (Matth. 5:37). Helpt dat echt?

Hier volgt wat de moeder van Markje berichtte: „Telkens als hij zich misdroeg, liet ik hem vier minuten op hetzelfde afgezonderde plekje zitten. Als hij opdrachten niet binnen een redelijke tijd uitvoerde, als hij anderen speelgoed afpakte of als hij een driftbui had — hup, naar zijn strafplekje met hem. Dat was uitermate doeltreffend.”

Nog iets anders is heel belangrijk: routine en organisatie. Dat verschaft de geordende structuur die deze kinderen nodig hebben. Routine en organisatie verminderen de verwarring. Een vaste tijd voor maaltijden, huiswerk, opstaan en naar bed gaan enzovoort, zal hen helpen goede gewoonten te ontwikkelen. En als u eenmaal een schema hebt vastgesteld, probeer u er dan aan te houden.

Een woord over het emotionele welzijn van uw kind. Zoals in het vorige artikel werd opgemerkt, heeft het leergestoorde kind dikwijls meer last van frustratie en teleurstelling dan andere kinderen. Wat kunt u daaraan doen? Kinderen leren veel van voorbeelden. Als uw kind dus ziet dat u om uw eigen fouten kunt lachen, kan dat hem helpen ook om de zijne te lachen. Hem zijn gevoelens onder woorden laten brengen, kan ook helpen. Als u hem deelgenoot maakt van uw gevoelens, zal het hem gemakkelijker vallen zijn gevoelens met u te delen.

Hoe kan men hyperactiviteit beheersen?

Hoewel niet alle jonge kinderen met een leerstoornis hyperactief zijn, gaat het toch vaker samen dan op grond van het toeval te verwachten is. Dat maakt een al moeilijke situatie natuurlijk nog gecompliceerder. Net als een leerstoornis kan ook hyperactiviteit variëren van licht tot ernstig. Soms is de rusteloosheid te beheersen door een verandering van tempo, door eenvoudig over te schakelen op een andere bezigheid. Maar hoe kan men verder hyperactiviteit het beste beheersen?

Reguleren met medicijnen: In sommige gevallen worden amfetaminen (stimulerende middelen) voorgeschreven. Stimulerende middelen? Ja. Het is paradoxaal, maar die hebben dikwijls een kalmerende uitwerking op hyperactieve kinderen, zodat ze de activiteit binnen normale proporties brengen en de concentratie verbeteren. Mocht u deze vorm van behandeling overwegen, dan is het wel goed de mogelijke bijwerkingen in aanmerking te nemen: nervositeit, slapeloosheid, overgevoeligheid, duizeligheid, hartkloppingen, verlies van eetlust en gestoorde groei. Sommige deskundigen zijn voorstander van een zorgvuldig gebruik van deze medicijnen onder toezicht van een arts. Anderen echter zijn nog voorzichtiger, en wijzen erop dat er onvoldoende bekend is over de veiligheid en de doeltreffendheid van langdurig gebruik van stimulerende middelen bij de behandeling van hyperactiviteit. U zult de beslissing moeten nemen.

Vermijd additieven in het voedsel: In 1973 heeft Dr. Ben Feingold, pediatrisch allergoloog aan het Kaiser-Permanente Medical Center in San Francisco, de veronderstelling geopperd dat een dieet dat vrij was van kunstmatige voedseltoevoegingen en kleurstoffen een drastische verbetering teweeg zou kunnen brengen in het gedrag van minstens 50 procent van de hyperactieve kinderen. Men geloofde dat deze kinderen allergisch reageren op voedseltoevoegingen en kleurstoffen, en dat daardoor het gedrag ongunstig wordt beïnvloed.

Maar sinds 1973 woedt er een controverse, waarbij de deskundigen elkaar over en weer met argumenten bestoken. Het commentaar van Dr. Stanford Miller van de Food and Drug Administration vat de controverse samen: „Onderzoekingen geven aanleiding tot de gedachte dat er een of ander verband bestaat tussen het gedrag van sommige groepen kinderen en voedselbestanddelen, maar op grond van het bewijsmateriaal dat wij hebben, moet ik tot de slotsom komen dat er nog geen definitief oordeel geveld kan worden.”

Megavitamine-therapie: De megavitamine-therapie is toegepast bij de behandeling van een aantal kinderen met hyperactiviteit. De behandeling bestaat uit grote hoeveelheden vitaminen, het achterwege laten van suiker en het nauwlettend zorgen voor degelijke voeding. In sommige gevallen is een aanmerkelijke vermindering van de hyperactiviteit het resultaat geweest.

Maar ook hier zijn de deskundigen het niet allemaal met elkaar eens. Sommigen beweren dat megavitaminen geen uitwerking schijnen te hebben op leerstoornissen of hyperactiviteit en waarschuwen dat door de bijwerking van hoge doses vitaminen gezondheidsproblemen kunnen ontstaan. Hoe verklaren zij de verbetering in kinderen die worden behandeld met de megavitamine-therapie? Grotere aandacht van het gezin voor de problemen van het kind en de vaste wil om hem of haar te helpen, beweren zij.

Aan de andere kant redeneren voorstanders van de megavitamine-therapie dat de bijwerkingen die zich soms voordoen, gekoppeld zijn aan de doses en afnemen wanneer de dosis wordt verminderd.

Het zou raadzaam zijn een arts en met name een kinderarts te consulteren, zowel om de diagnose te stellen als om een van de bovengenoemde therapieën toe te passen.

Het is dus duidelijk dat er geen eenvoudige remedie bestaat. Maar één ding lijkt wel zeker. Leerstoornissen en hyperactiviteit zijn echte kwalen, waarvoor verschillende oorzaken kunnen bestaan maar die niet hun oorsprong vinden in onwil van een kind zelf om „stil” te zitten of een weigering om te leren. Zo’n kind heeft speciale hulp nodig om aan zijn speciale behoeften tegemoet te komen. Bovenal heeft hij behoefte aan een ouder die zijn „anders-zijn” begrijpt. Dat betekent een werkelijke uitdaging voor ouders, zoals het volgende artikel aantoont.

Hoe staat het met de toekomst? Wanneer zij goede hulp ontvangen, kunnen velen van zulke kinderen een normaal, produktief leven leiden. Tot degenen die erin geslaagd zijn hun leerproblemen te boven te komen, behoren Leonardo da Vinci, Thomas Edison en Albert Einstein.

Maar er bestaat zelfs nog een grotere reden tot hoop. De vervulling van bijbelse profetieën geeft duidelijk aan dat wij in „de laatste dagen” leven (2 Tim. 3:1-5). Wij naderen snel het einde van dit goddeloze samenstel van dingen. Wat volgt er dan? Een door God ingestelde rechtvaardige Nieuwe Ordening, waarin handicaps zoals leerstoornissen zullen worden weggedaan. Stel u dat eens voor! Er zal geen hiaat meer bestaan tussen het potentieel van een kind en zijn prestaties! Kinderen zoals Markje zullen zich niet meer hoeven te voelen als een vierkante pin die in een rond gat moet proberen te passen. — 2 Petr. 3:13; Openb. 21:1-4.

[Inzet op blz. 8]

„Uw kind wil leren! . . . Zijn slechte gedrag is een normale reactie op frustratie . . . Slecht gedrag is zijn manier om te zeggen: ’Kijk toch naar me! Ik heb een leerprobleem. Ik heb hulp nodig!’” — Dr. Robert D. Carpenter

[Illustratie op blz. 9]

Probeer onderscheid te maken tussen „kanniet”- en „wilniet”-reacties

[Illustratie op blz. 10]

Hij heeft behoefte aan geruststelling

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen