Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g99 22/4 blz. 16-19
  • De berg Sinaï — Een juweel in de wildernis

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • De berg Sinaï — Een juweel in de wildernis
  • Ontwaakt! 1999
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • De berg verkennen
  • De aangrenzende Ras Safsafa beklimmen
  • In het klooster
  • Een somber afscheid
  • De Codex Sinaiticus gered
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1988
  • Sinaï — Berg van Mozes en van barmhartigheid
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1993
  • Sinaï
    Inzicht in de Schrift, Deel 2
  • Sinaï
    Hulp tot begrip van de bijbel
Meer weergeven
Ontwaakt! 1999
g99 22/4 blz. 16-19

De berg Sinaï — Een juweel in de wildernis

IK ZAL nooit vergeten hoe opgewonden ik was bij mijn eerste blik op wat volgens de traditie de berg Sinaï is. Terwijl wij ons een weg baanden door het hete, stoffige landschap van het Sinaï-schiereiland in Egypte, kwam onze taxi plotseling op de wijde, open Vlakte er-Raha aan. De ontzagwekkende rotswand van de berg Sinaï rees vanaf de bodem van de vlakte steil omhoog. Hij leek wel een juweel, gezet in de woestijn. Wat een opwindende gedachte dat dit misschien dezelfde berg was waar Mozes van God de Wet ontving!

Hoewel er nog steeds wat onenigheid bestaat over de precieze ligging van de bijbelse berg Sinaï, komen pelgrims hier al eeuwenlang naartoe omdat zij geloven dat dit de beroemde berg is. Al in de derde eeuw G.T. arriveerden er asceten, vastbesloten zich voor godsdienstige overpeinzingen af te zonderen. In de zesde eeuw gaf de Byzantijnse keizer Justinianus I opdracht hier een op een fort gelijkend klooster te bouwen om deze asceten te beschermen en tevens de aanwezigheid van Romeinen in het gebied te verzekeren. Dat klooster, gelegen aan de voet van wat volgens de traditie de berg Sinaï is, staat nu bekend als het Catharinaklooster. Gaat u met mij mee op mijn tocht naar de berg Sinaï?

De berg verkennen

Nadat wij door de dorre vallei zijn gereden, zet onze taxichauffeur, een bedoeïen, mijn reisgezel en mij net onder het klooster af. Het tafereel wordt omlijst door steile, kale rotsen, en de met bomen omgeven muren en de groene tuin van het klooster vormen een welkome aanblik. Maar wij gaan het voorbij, want wij willen eerst de zuidelijke top beklimmen en daar in een tentje de nacht doorbrengen. Deze top, de Jebel Musa, wat „Berg van Mozes” betekent, wordt reeds vanouds geïdentificeerd met de berg Sinaï.

Na twee uur lopen komen wij bij het zogenaamde Eliabekken, een kleine vallei die de drie kilometer lange Sinaï-bergkam in tweeën deelt. Volgens de overlevering hoorde Elia hier in een nabijgelegen grot Gods stem (1 Koningen 19:8-13). Wij blazen even uit onder een 500 jaar oude cypres. Er is hier ook een oude bron. Wat genieten wij van het heldere koele bronwater dat ons door een vriendelijke bedoeïen aangeboden wordt!

Wij volgen de voor toeristen gebruikelijke route en ploeteren nog eens twintig minuten de 750 stenen treden op naar de top. Daar treffen wij een kerkje aan. De monniken beweren dat het precies op de plaats gebouwd is waar Mozes de Wet ontving. Naast de kerk is een spelonk in de rots waarvan zij zeggen dat Mozes zich daar verborg terwijl God voorbijging (Exodus 33:21-23). Maar in feite weet niemand de precieze ligging van deze plaatsen. Hoe dan ook, het uitzicht vanaf de top is spectaculair! Zover het oog reikt zien wij rijen roodgranieten bergen achter de met rotsblokken bezaaide vlakte. In het zuidwesten verrijst de Jebel Katherina of Catharinaberg — met 2637 meter het hoogste punt in het gebied.

De aangrenzende Ras Safsafa beklimmen

Een volgende dag geeft ons de gelegenheid om de Ras Safsafa te beklimmen, de top die op dezelfde drie kilometer lange bergkam als de Jebel Musa ligt. De Ras Safsafa is de noordelijke top en is iets lager dan de Jebel Musa. De Ras Safsafa rijst abrupt op uit de Vlakte er-Raha, waar de Israëlieten wellicht gelegerd waren toen Mozes opging om van Jehovah de Wet te ontvangen.

Op onze tocht door een landschap van kleinere bergen en dalen naar de Ras Safsafa komen wij langs verlaten kapellen, tuinen en bronnen — overblijfselen uit een tijd waarin meer dan honderd monniken en kluizenaars hier in grotten en stenen cellen woonden. Nu is er nog maar één monnik over.

Wij ontmoeten deze eenzame monnik in een tuin met een hoge prikkeldraadomheining. Hij laat ons binnen en legt uit dat hij al vijf jaar in deze tuin werkt en maar één keer per week naar het klooster afdaalt. De monnik wijst ons de weg naar de Ras Safsafa en wij volgen een slingerend pad omhoog totdat wij ons uiteindelijk hoog boven de omliggende toppen bevinden. Wij kunnen de weidse Vlakte er-Raha onder ons zien. Vooral vanaf dit punt gezien, kan ik mij voorstellen dat dit de plaats is waar Mozes vanuit het kamp van Israël de berg beklom om voor Gods aangezicht te staan. Ik stel mij drie miljoen Israëlieten voor die zich „tegenover de berg” op deze uitgestrekte vlakte verzameld hebben. Ik vorm mij een beeld van Mozes die via een aangrenzend ravijn de berg afdaalt met in zijn armen de twee tafelen waarop de Tien Geboden geschreven staan. — Exodus 19:2; 20:18; 32:15.

Ervan overtuigd dat onze zware klim de moeite waard was, lopen wij op ons gemak naar onze tent terug terwijl de zon ondergaat. Bij het licht van een klein kampvuur lezen wij de gedeelten van Exodus die Mozes’ belevenissen hier beschrijven, en gaan dan naar bed. Tegen het eind van de volgende ochtend kloppen wij op de deur van het Catharinaklooster.

In het klooster

Het Catharinaklooster wordt als een van de belangrijkste monumenten van de christenheid beschouwd. Het wordt door Grieks-orthodoxe monniken bewoond en is niet alleen wegens zijn ligging beroemd maar ook wegens zijn iconen en zijn bibliotheek. Gedurende het grootste deel van zijn geschiedenis was het Catharinaklooster zo geïsoleerd dat de komst van bezoekers een zeldzame en welkome gebeurtenis was. De monniken omhelsden dan hun gasten, kusten hen hartelijk en wasten zelfs hun voeten. De gasten konden vrij ronddolen door de wirwar van gebouwen achter de vijftien meter hoge kloostermuren. ’Blijf een week, een maand, zo lang u maar wilt’, was steeds weer de beleefde uitnodiging van de monniken. Tegenwoordig wordt de gastvrijheid van de ongeveer twaalf overgebleven monniken echter zwaar overbelast. Er komen nu wel 50.000 bezoekers per jaar het klooster bekijken.

Wegens deze toeloop zijn de bezoekuren beperkt tot drie uur per dag, vijf dagen per week. De toeristen mogen maar een klein deel van het klooster bezoeken — een binnenhof met de Bron van Mozes (waar Mozes volgens de overlevering zijn toekomstige vrouw ontmoette), de Kerk van de Transfiguratie (naar men zegt de oudste in gebruik zijnde kerk ter wereld), en een boekwinkel. De toeristen krijgen ook de Kapel van het Brandende Doornbos te zien — de plek, zo vertellen de monniken hun, waar Mozes voor het eerst getuige was van Gods tegenwoordigheid. Aangezien de monniken dit als de heiligste plaats op aarde beschouwen, wordt bezoekers hier verzocht hun schoenen uit te doen, net zoals God Mozes gebood. — Exodus 3:5.

Wij zijn teleurgesteld dat wij niet even in de beroemde bibliotheek van het klooster mogen kijken, want daar gaat onze belangstelling voornamelijk naar uit. Op ons verzoek een uitzondering te maken roept de gids: „Onmogelijk! Het klooster gaat over een paar minuten dicht.” Maar even later, wanneer wij bij de groep vandaan zijn, fluistert de gids ons toe: „Kom deze kant op!” Wij gaan onder touwen door, trappen op en langs een Franse monnik die verbaasd schijnt ons daar te zien, en dan staan wij in een van de oudste en beroemdste bibliotheken ter wereld! Ze bevat meer dan 4500 werken in het Grieks, Arabisch, Syrisch en Egyptisch. Ooit bevond zich hier ook de Codex Sinaiticus, een handschrift van onschatbare waarde. — Zie het kader op blz. 18.

Een somber afscheid

Onze rondleiding eindigt buiten de kloostermuren met een bezoek aan het knekelhuis. Daar liggen de beenderen van generaties monniken en kluizenaars hoog opgehoopt, verdeeld in stapels botten van benen, armen, schedels, enzovoort. De schedels komen bijna tot het plafond. Waarom wordt zo’n gruwelijke plek nodig geacht? De monniken hebben maar een kleine begraafplaats. Wanneer er dus iemand sterft, is het hun gewoonte de beenderen uit het oudste graf te verwijderen om een plaats vrij te maken. Iedere monnik verwacht dat zijn beenderen ooit bij die van zijn broeders in het knekelhuis zullen komen te liggen.

Ons bezoek eindigt dus enigszins somber. Maar het is beslist alleszins de moeite waard geweest. Wij hebben ervan genoten de ontzagwekkende vergezichten en het beroemde klooster te zien. Maar bij ons vertrek zijn wij het meest onder de indruk van de gedachte dat wij misschien dezelfde paden bewandeld hebben waar 3500 jaar geleden Mozes en de natie Israël liepen, hier op de berg Sinaï — een juweel in de wildernis. — Ingezonden.

[Kader/Illustraties op blz. 18]

Een uiterst belangrijke ontdekking

In de vorige eeuw ontdekte de Duitse bijbelgeleerde Konstantin von Tischendorf in het Catharinaklooster een Grieks bijbelhandschrift uit de vierde eeuw, dat nu de Codex Sinaiticus genoemd wordt. Het bevat een groot deel van de Hebreeuwse Geschriften, volgens de Griekse Septuaginta-vertaling, en ook de volledige Griekse Geschriften. Het handschrift is een van de oudst bekende complete afschriften van de Griekse Geschriften.

Tischendorf wilde de inhoud van dit „onvergelijkelijke juweel”, zoals hij het noemde, publiceren. Volgens eigen zeggen stelde hij de monniken voor, het handschrift aan de Russische tsaar te geven — die, als beschermheer van de Grieks-Orthodoxe Kerk, zijn invloed ten gunste van het klooster kon aanwenden.

Aan de muur van het klooster wordt de vertaling van een door Tischendorf achtergelaten brief tentoongesteld, waarin hij belooft ’het handschrift onbeschadigd en in goede staat aan de Heilige Broederschap van de berg Sinaï te retourneren zodra zij erom vragen’. Maar Tischendorf kreeg de indruk dat de monniken zich niet bewust waren van de grote belangrijkheid van het handschrift of van de noodzaak het te publiceren. Het Catharinaklooster heeft het nooit teruggekregen. Hoewel de monniken uiteindelijk van de Russische regering 7000 roebel voor het handschrift hebben aanvaard, staan zij tot op de dag van vandaag nog steeds erg wantrouwig tegenover pogingen van geleerden om hun kostbaarheden te onthullen. De Codex Sinaiticus kwam uiteindelijk in het British Museum terecht, waar hij thans bezichtigd kan worden.

Het is opmerkelijk dat in 1975 onder de noordelijke muur van het Catharinaklooster 47 kratten met iconen en perkamenten werden gevonden. Deze vondst bevatte meer dan twaalf ontbrekende bladen van de Codex Sinaiticus. Tot dusver heeft slechts een zeer kleine kring geleerden toegang verkregen tot deze bladen.

[Illustraties]

De Jebel Musa en het Catharinaklooster

[Verantwoording]

Pictorial Archive (Near Eastern History) Est.

Photograph taken by courtesy of the British Museum

[Kaarten op blz. 17]

(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)

De berg Sinaï

[Verantwoording]

NASA photo

Mountain High Maps® Copyright © 1997 Digital Wisdom, Inc.

[Illustratie op blz. 16, 17]

De Vlakte er-Raha en de Ras Safsafa

[Verantwoording]

Pictorial Archive (Near Eastern History) Est.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen