Maart
zondag 1 maart
Wie gestorven is, is van zijn zonde vrijgesproken. — Rom. 6:7.
We lezen in de Bijbel over rechtvaardige mensen die onrechtvaardig werden. Koning Salomo is daar een voorbeeld van. Hij kende Jehovah, wist hoe hij aanbeden wilde worden en was door hem rijk gezegend. Maar later ging hij valse goden aanbidden. Zijn zonden maakten Jehovah woedend en de gevolgen ervan werkten eeuwen later nog door. Volgens de Bijbel ‘ging Salomo rusten bij zijn voorvaders’, onder wie trouwe mannen als koning David (1 Kon. 11:5-9, 43; 2 Kon. 23:13). Maar is het gebruik van die uitdrukking over zijn begrafenis een garantie dat hij zal worden opgewekt? Dat zegt de Bijbel niet. De opstanding is een geschenk van onze liefdevolle God. Hij geeft het aan degenen die hij de kans wil bieden hem voor altijd te dienen (Job 14:13, 14; Joh. 6:44). Zal Salomo dat geschenk ontvangen? Jehovah weet het, wij niet. Wat we wel weten is dat Jehovah zal doen wat rechtvaardig is. w24.05 4 ¶9
maandag 2 maart
Ik zal voor altijd gast zijn in uw tent. — Ps. 61:4.
Je wordt een gast in Jehovah’s figuurlijke tent als je je leven aan hem opdraagt. Daar krijg je heel veel geestelijk voedsel en heb je omgang met andere gasten van Jehovah. Zijn tent staat niet op één bepaalde locatie. Waar je ook bent, je kunt overal te gast zijn in Jehovah’s tent (Openb. 21:3). Als iemand in getrouwheid sterft, is hij nog steeds te gast in Jehovah’s tent. Waarom kunnen we dat zeggen? Omdat zo iemand in Jehovah’s herinnering nog leeft. Jezus legde uit: ‘Dat de doden worden opgewekt, heeft ook Mozes onthuld in het verslag over de doornstruik, waarin hij Jehovah “de God van Abraham, de God van Isaäk en de God van Jakob” noemt. Hij is geen God van de doden, maar van de levenden, want voor hem leven ze allemaal’ (Luk. 20:37, 38). w24.06 3 ¶6-7
dinsdag 3 maart
Jehovah is mijn kracht en mijn schild. — Ps. 28:7.
Zadok was gewapend naar Hebron gegaan, klaar voor de strijd (1 Kron. 12:38). Hij was bereid David te volgen in de strijd tegen Israëls vijanden. Wat Zadok misschien aan ervaring in de strijd miste, maakte hij goed met zijn moed. Waar leerde een priester als Zadok zo dapper te zijn? Hij was omringd door mannen die sterk en moedig waren. Hun voorbeeld had ongetwijfeld een goede invloed op hem. Neem David, die Israël zo moedig ‘aanvoerde in de strijd’ dat het hele volk hem koning wilde maken (1 Kron. 11:1, 2). David vertrouwde er altijd op dat Jehovah hem zou helpen tegen zijn vijanden (Ps. 138:3). Zadok had nog meer inspirerende voorbeelden om zich heen — mannen als Jojada, Jojada’s dappere zoon Benaja en de 22 andere aanvoerders die zich bij David aansloten (1 Kron. 11:22-25; 12:26-28). w24.07 3 ¶5-6
woensdag 4 maart
God probeert je in zijn goedheid tot berouw te brengen. — Rom. 2:4.
Saulus van Tarsus had Christus’ dierbare volgelingen wreed vervolgd. De meeste christenen dachten waarschijnlijk dat hij een hopeloos geval was, iemand die nooit zou veranderen. Maar de opgestane Jezus stond ver boven zo’n gebrekkige menselijke kijk. Hij en zijn Vader zagen goede eigenschappen in Saulus. Jezus zei: ‘Ik heb deze man uitgekozen als instrument’ (Hand. 9:15). Jezus deed zelfs een wonder om hem tot berouw te brengen (Hand. 7:58–8:3; 9:1-9, 17-20). Nadat Saulus, oftewel Paulus, christen was geworden, uitte hij vaak zijn waardering voor de goedheid en barmhartigheid die hem waren bewezen (1 Tim. 1:12-15). Op een gegeven moment kreeg Paulus te horen dat de gemeente in Korinthe een schandalig geval van immoraliteit tolereerde. Hoe pakte hij het aan? Wat hij zei leert ons hoe Jehovah zijn aanbidders uit liefde corrigeert en hoe belangrijk barmhartigheid is. w24.08 13 ¶15-16
donderdag 5 maart
Met dit doel is de Zoon van God geopenbaard: om het werk van de Duivel ongedaan te maken. — 1 Joh. 3:8.
Door de eeuwen heen heeft Jehovah geleidelijk verduidelijkt hoe zondige mensen een band met hem kunnen krijgen. Abel, de tweede zoon van Adam en Eva, was de eerste mens die na de opstand in Eden liet zien dat hij in Jehovah geloofde. Hij hield van Jehovah, wilde hem blij maken en wilde dichter tot hem komen. Daarom wilde hij Jehovah iets geven. Als herder nam hij enkele lammeren van zijn kudde. Hij slachtte ze en offerde ze aan Jehovah. Hoe reageerde Jehovah? De Bijbel zegt dat hij ‘Abel en zijn offer goedkeurde’ (Gen. 4:4). Hij was ook blij met vergelijkbare offers van andere mensen die van hem hielden en op hem vertrouwden, zoals Noach (Gen. 8:20, 21). Door zulke offers te accepteren liet Jehovah zien dat zondige mensen zijn goedkeuring konden krijgen en zijn vriend konden worden. w24.08 3 ¶5-6
vrijdag 6 maart
Ik was bijna afgedwaald, bijna waren mijn voeten uitgegleden. — Ps. 73:2.
Onrecht kan veel pijn en stress veroorzaken (Pred. 7:7). Zelfs trouwe aanbidders als Job en Habakuk hebben dat ervaren (Job 6:2, 3; Hab. 1:1-3). Maar hoewel zulke gevoelens heel normaal zijn, moet je goed opletten hoe je reageert zodat je niet iets doms doet en het alleen maar erger maakt. Als het erop lijkt dat mensen ongestraft verkeerde dingen kunnen doen, kun je je gaan afvragen of het wel de moeite waard is het juiste te doen. Zo was er eens een psalmist die zag dat de slechte mensen het goed leken te hebben ten koste van de rechtvaardigen. ‘Zo zijn de slechten, ze hebben het altijd makkelijk’, zei hij (Ps. 73:12). Hij was zo bezorgd over het onrecht om hem heen dat hij ging twijfelen of het nog wel de moeite waard was Jehovah te dienen. Hij zei: ‘Ik probeerde het te begrijpen, maar ik had er moeite mee’ (Ps. 73:14, 16). w24.11 3 ¶5-7
zaterdag 7 maart
Geef Jehovah erkenning, families van alle volken, geef Jehovah erkenning voor zijn glorie en kracht. — Ps. 96:7.
Eer Jehovah omdat je diep respect voor hem hebt. Er zijn veel redenen voor respect. Jehovah is almachtig en heeft onbegrensde kracht (Ps. 96:4-7). Zijn grote wijsheid is duidelijk zichtbaar in de dingen die hij heeft gemaakt. Hij is de Bron en Instandhouder van het leven (Openb. 4:11). Hij is loyaal (Openb. 15:4). Alles wat hij doet lukt en hij komt altijd zijn beloften na (Joz. 23:14). Geen wonder dat de profeet Jeremia over Jehovah zei: ‘Onder alle wijzen van de volken en in al hun koninkrijken is er helemaal niemand als u’ (Jer. 10:6, 7). Er zijn dus goede redenen om respect te hebben voor onze hemelse Vader. Maar Jehovah verdient niet alleen ons respect, hij verdient ook onze liefde. Eer Jehovah dus vooral omdat je veel van hem houdt. w25.01 3 ¶5-6
zondag 8 maart
Verwijder wie kwaad doet uit jullie midden. — 1 Kor. 5:13.
Gods tegenstanders proberen positieve aspecten van zijn organisatie in een negatief daglicht te stellen. We hebben bijvoorbeeld uit de Bijbel geleerd dat Jehovah van zijn aanbidders verwacht dat ze lichamelijk, moreel en geestelijk rein zijn. Hij wil dat iedereen die zonder berouw ernstige zonden begaat uit de gemeente wordt verwijderd (1 Kor. 5:11, 12; 6:9, 10). Wij houden ons aan dat gebod. Maar tegenstanders willen dat tegen ons gebruiken en beschuldigen ons ervan intolerant, overkritisch en liefdeloos te zijn. Besef wie achter de aanvallen zit. Het is Satan de Duivel die achter onware verhalen zit. Hij is ‘de vader van de leugen’ (Joh. 8:44; Gen. 3:1-5). Je kunt dus verwachten dat hij mensen gebruikt om leugens over Jehovah’s organisatie te verspreiden. w24.04 10-11 ¶13-14
maandag 9 maart
Het zal uitkomen. — Ezech. 33:33.
Als de grote verdrukking begint, kan het zijn dat sommigen die de vernietiging van ‘Babylon de Grote’ zien zich herinneren dat Jehovah’s Getuigen jarenlang hebben gezegd dat dat zou gebeuren. Zou het kunnen dat de houding van sommigen door de gebeurtenissen verandert? (Openb. 17:5) Zoiets zou te vergelijken zijn met wat er in de tijd van Mozes in Egypte gebeurde. Een ‘grote groep vreemdelingen’ sloot zich toen bij de Israëlieten aan in de exodus (Ex. 12:38). Sommigen van hen begonnen misschien te geloven toen ze zagen dat Mozes’ waarschuwingen over de tien plagen uitkwamen. Als zoiets ook gebeurt na de vernietiging van Babylon de Grote, zouden we het dan oneerlijk vinden dat mensen zich kort voor het einde nog bij ons kunnen voegen? Natuurlijk niet. We hebben dezelfde kijk als onze hemelse Vader, ‘een God die barmhartig en meelevend is, die niet snel kwaad wordt en die vol loyale liefde en waarheid is’ (Ex. 34:6). w24.05 11 ¶12-13
dinsdag 10 maart
Blijf vasthouden aan de norm van gezonde woorden. — 2 Tim. 1:13.
Wat zou er kunnen gebeuren als je van ‘de norm van gezonde woorden’ afwijkt? Een voorbeeld. In de eerste eeuw ging kennelijk het gerucht dat de dag van Jehovah al was aangebroken. Zo’n bewering zou gedaan zijn in een brief, naar verluidt geschreven door Paulus. Sommige christenen in Thessalonika deden helemaal geen navraag maar geloofden het gerucht en verspreidden het zelfs. Ze zouden niet misleid zijn als ze zich hadden herinnerd wat Paulus ze had geleerd toen hij nog bij ze was (2 Thess. 2:1-5). Paulus gaf zijn broeders en zusters de raad niet alles te geloven wat ze hoorden. En om ze in de toekomst te helpen, besloot hij zijn tweede brief aan de Thessalonicenzen met de woorden: ‘Dit is mijn groet, die van Paulus, eigenhandig geschreven. Dat is in elke brief een teken; zo schrijf ik’ (2 Thess. 3:17). w24.07 12 ¶13-14
woensdag 11 maart
Jullie hebben volharding nodig. — Hebr. 10:36.
Het geloof van de Hebreeuwse christenen zou op de proef worden gesteld naarmate de omstandigheden in Judea achteruitgingen. Hoewel sommigen al hevige vervolging hadden meegemaakt, waren velen christen geworden in een periode van relatieve vrede. Paulus zei dat hoewel hun geloof al op de proef was gesteld, ze nog niet hadden geleden zoals Jezus, namelijk tot de dood toe (Hebr. 12:4). Naarmate er meer christenen kwamen, werden de Joodse tegenstanders steeds bozer en fanatieker. Slechts een paar jaar voordat Paulus zijn brief schreef had zijn bezoek aan Jeruzalem tot een rel geleid. Meer dan 40 Joden ‘zwoeren dat ze niet zouden eten of drinken voordat ze Paulus hadden gedood’ (Hand. 22:22; 23:12-14). In zo’n klimaat van religieus fanatisme en haat moesten de christenen doorgaan met hun samenkomsten, het goede nieuws blijven prediken en een sterk geloof behouden. w24.09 12 ¶15
donderdag 12 maart
Jezus zei tegen zijn moeder: ‘Kijk, uw zoon!’ — Joh. 19:26.
Johannes was een apostel van wie Jezus veel hield (Matth. 10:2). Hij volgde Jezus tijdens zijn bediening en zag zijn wonderen. Hij bleef hem trouw in moeilijke tijden. Hij keek toe hoe Jezus werd terechtgesteld en zag hem nadat hij was opgewekt. Hij maakte ook de groei van de christelijke gemeente mee en leefde lang genoeg om te zien dat het goede nieuws ‘in de hele schepping onder de hemel’ werd gepredikt (Kol. 1:23). Tegen het eind van zijn lange leven kreeg Johannes het voorrecht een bijdrage te leveren aan Gods geïnspireerde Woord. Hij legde de ontzagwekkende ‘openbaring door Jezus Christus’ vast (Openb. 1:1). Hij schreef het evangelie dat zijn naam draagt. Daarnaast schreef hij drie geïnspireerde brieven. Zijn derde brief was gericht aan Gajus, een trouwe christen van wie hij hield als een geestelijk kind (3 Joh. 1). Wat die trouwe oudere man schreef heeft volgelingen van Jezus tot in deze tijd gesterkt. w24.11 12 ¶15-16
vrijdag 13 maart
Behandel je vrouw met respect. — 1 Petr. 3:7.
Een man die van zijn vrouw houdt, waardeert en koestert haar. Hij ziet haar als een onbetaalbaar geschenk van Jehovah (Spr. 18:22; 31:10). Daarom gaat hij zorgzaam en op een waardige manier met haar om, ook bij de intieme aspecten van het huwelijksleven. Hij zal haar niet onder druk zetten om seksuele handelingen te verrichten waar ze zich ongemakkelijk bij voelt, die vernederend zijn of waardoor ze last krijgt van haar geweten. Ook hij moet ernaar streven zijn geweten zuiver te houden tegenover Jehovah (Hand. 24:16). Je kunt er als man zeker van zijn dat Jehovah ziet en waardeert hoeveel moeite je doet om in elk aspect van je leven respect te tonen voor je vrouw. Wees vastbesloten respectloos gedrag te vermijden, zorgzaam te zijn en genegenheid te tonen. Zo laat je zien dat je van haar houdt en haar waardeert. Als je respect toont voor je vrouw, bescherm je je belangrijkste relatie: je vriendschap met Jehovah (Ps. 25:14). w25.01 13 ¶17-18
zaterdag 14 maart
Hij heeft zich voor ons gegeven om ons te bevrijden en om voor zichzelf een volk te reinigen dat zijn speciale eigendom is en zich inzet voor goed werk. — Tit. 2:14.
Iets dat Jehovah’s volk onderscheidt van anderen die zich christen noemen is ijver voor de dienst. Wat kan je helpen je ijver voor de dienst te behouden of zelfs te vergroten? Je kunt veel over ijver leren van Jezus. Hij werkte hard in de dienst en zijn inzet verslapte nooit. Sterker nog, naarmate de tijd verstreek ging hij juist harder werken. Jezus vertelde over een wijnbouwer die drie jaar lang zijn best deed om vrucht te krijgen van een vijgenboom, maar zonder succes. Zo was het ook met Jezus’ prediking. Hoewel hij drie jaar lang hard had gewerkt, waren er maar weinig Joden die positief reageerden. Maar net zoals de wijnbouwer bleef hopen dat de boom vruchten zou opleveren, gaf ook Jezus de hoop niet op. Hij ging het niet rustiger aan doen in zijn dienst (Luk. 13:6-9). Wat hij zei en deed kan ons helpen ijverig te blijven in de dienst. w25.03 14-15 ¶1-4
zondag 15 maart
Een verstandig mens handelt met kennis. — Spr. 13:16.
Als je denkt dat iemand een goede partner voor je zou kunnen zijn, moet je hem dan meteen vertellen wat je voelt? De Bijbel zegt dat een verstandig mens kennis verzamelt voordat hij in actie komt. Het zou dus verstandig zijn iemand een tijdje discreet te observeren voordat je hem laat weten dat je interesse in hem hebt. Hoe kun je iemand discreet observeren? Je kunt op vergaderingen of als je voor de gezelligheid met een groepje samen bent kijken wat je opvalt aan zijn persoonlijkheid, gedrag en geestelijke instelling. Wie zijn zijn vrienden en waar praat hij over? (Luk. 6:45) Sluiten zijn doelen aan bij die van jou? Je zou eens kunnen praten met de ouderlingen van zijn gemeente of andere evenwichtige Getuigen die hem goed kennen (Spr. 20:18). Je kunt vragen wat zijn reputatie is en welke eigenschappen hij heeft (Ruth 2:11). Als je hem observeert, zorg er dan voor dat je hem geen ongemakkelijk gevoel geeft. Respecteer zijn gevoelens, zijn privacy en zijn personal space. w24.05 22 ¶7-8
maandag 16 maart
Uiteindelijk bekende ik mijn zonde aan u. — Ps. 32:5.
De ouderlingen zullen niet te snel concluderen dat iemand geen berouw zal krijgen. Sommigen krijgen misschien berouw tijdens het eerste gesprek met het comité, maar anderen hebben meer tijd nodig. De ouderlingen kunnen daarom meerdere keren met de zondaar samenkomen. Misschien gaat hij na het eerste gesprek serieus nadenken over wat hem is verteld. Misschien gaat hij nederig tot Jehovah in gebed (Ps. 38:18). En zo kan het zijn dat hij bij een volgend gesprek een andere houding heeft dan bij het eerste gesprek. De ouderlingen proberen meelevend en vriendelijk te zijn om de zondaar tot berouw te brengen. Ze hopen en bidden dat Jehovah hun inspanningen zal zegenen en dat hun broeder of zuster tot bezinning komt en berouw krijgt (2 Tim. 2:25, 26). w24.08 22-23 ¶12-13
dinsdag 17 maart
‘Het maakt me helemaal niet blij als iemand sterft’, verklaart de Soevereine Heer Jehovah. ‘Kom dus terug en blijf in leven.’ — Ezech. 18:32.
Jehovah wil niet dat er iemand wordt vernietigd. Hij wil dat zondaars met hem worden verzoend (2 Kor. 5:20). Daarom heeft hij door de geschiedenis heen zijn opstandige volk, en ook opstandige individuen, herhaaldelijk aangespoord om berouw te hebben en tot hem terug te keren. Ouderlingen hebben het voorrecht met Jehovah samen te werken om zondaars tot berouw te brengen (Rom. 2:4; 1 Kor. 3:9). Stel je de vreugde in de hemel eens voor als een zondaar berouw heeft! Elke keer dat een verloren schaap terugkeert naar de gemeente voelt onze hemelse Vader zelf die vreugde. Onze liefde voor Jehovah verdiept zich steeds meer als we mediteren over zijn medegevoel, barmhartigheid en onverdiende goedheid (Luk. 1:78). w24.08 31 ¶16-17
woensdag 18 maart
Jezus wist dat ze hem wilden dwingen mee te gaan om hun koning te worden. Daarom trok hij zich weer op de berg terug, helemaal alleen. — Joh. 6:15.
De mensen willen Jezus dwingen ‘om hun koning te worden’. Als hij dat laat gebeuren, zou hij zich mengen in de politiek van de Joden, die onder de Romeinse overheersing stonden. Doet hij dat? Nee. Jezus trekt zich resoluut ‘op de berg terug’. Dus ondanks druk van anderen laat hij zich niet in met politiek. Dat is een belangrijke les voor ons. Natuurlijk zal niemand ons ooit vragen door een wonder brood te vermenigvuldigen, zieken te genezen of koning te worden. Mensen kunnen je wel onder druk zetten om je stem of je steun te geven aan iemand die in hun ogen voor verbetering zal zorgen. Zo kun je je makkelijk laten meeslepen in politieke kwesties. Maar het voorbeeld van Jezus is duidelijk. Hij weigerde betrokken te raken bij politiek. Hij zei later zelfs: ‘Mijn Koninkrijk is geen deel van deze wereld’ (Joh. 17:14; 18:36). Als christenen moeten we in ons denken en doen Jezus navolgen. We steunen het Koninkrijk. Daar prediken we over en bidden we om (Matth. 6:10). w24.12 4 ¶5-6
donderdag 19 maart
Wie mijn geboden kent en ze naleeft, die houdt van mij. En als iemand van mij houdt, zal mijn Vader van hem houden. Ook ik zal van hem houden en ik zal me duidelijk aan hem laten zien. — Joh. 14:21.
Denk er tijdens je studie over na hoe je wat je leert in praktijk kunt brengen. Volg bijvoorbeeld Jehovah’s gerechtigheid na door onbevooroordeeld met anderen om te gaan. Volg Jezus’ liefde voor zijn Vader en voor anderen na door bereid te zijn te lijden voor Jehovah’s naam en door je in te zetten voor je broeders en zusters. En volg Jezus na door mensen getuigenis te geven zodat ze de kans krijgen Jehovah’s kostbare geschenk te accepteren. Hoe meer je de losprijs gaat begrijpen en waarderen, hoe meer je van Jehovah en zijn Zoon gaat houden. En dat zorgt er dan voor dat zij nog meer van jou gaan houden (Jak. 4:8). Maak dus gebruik van alles wat Jehovah ons geeft om meer over de losprijs te leren. w25.01 25 ¶16-17
vrijdag 20 maart
U hebt al mijn zonden achter uw rug geworpen. — Jes. 38:17.
De tekst voor vandaag luidt volgens de voetnoot: ‘U hebt al mijn zonden verwijderd zodat u ze niet ziet.’ Hier wordt het beeld geschetst dat Jehovah de zonden van berouwvolle personen uit het zicht werpt. Je zou de gedachte ook als volgt kunnen weergeven: u hebt mijn zonden gemaakt alsof ze niet gebeurd waren. In de beeldspraak van Micha 7:18, 19 wordt ongeveer hetzelfde duidelijk gemaakt. Daar wordt gezegd dat Jehovah onze zonden in de diepten van de zee werpt. In de oudheid zou het voor iemand onmogelijk zijn geweest iets dat in de diepten van de zee was gegooid terug te halen. De beeldspraak in de Bijbel laat dus zien dat als Jehovah je vergeeft, hij je zonden volledig verwijdert zodat je je niet meer schuldig hoeft te voelen. David zei: ‘Gelukkig degenen van wie de wetteloze daden zijn vergeven en van wie de zonden zijn bedekt’ (Rom. 4:7). Dat is echte vergeving! w25.02 9 ¶7-8
zaterdag 21 maart
Juich en wees blij voor eeuwig over wat ik schep. — Jes. 65:18.
Er is nu een paradijs op aarde dat bruist van activiteit. Miljoenen mensen genieten er van echte vrede. Ze zijn vastbesloten om er nooit meer weg te gaan. En ze willen dat zo veel mogelijk mensen zich daar bij hen aansluiten. Waar hebben we het over? Het geestelijke paradijs! Jehovah heeft iets heel bijzonders gedaan door een veilige en vredige omgeving te creëren midden in een gevaarlijke wereld die Satan met haat en ellende heeft gevuld (1 Joh. 5:19; Openb. 12:12). Onze liefdevolle God ziet wat deze slechte wereld met mensen doet en zorgt voor een veilige plek waar we geestelijk kunnen gedijen. In de Bijbel wordt het geestelijke paradijs een veilige ‘schuilplaats’ en ‘een waterrijke tuin’ genoemd (Jes. 4:6; 58:11). Iedereen die in dit paradijs woont, kan zich in deze moeilijke laatste dagen dankzij Jehovah’s zegen gelukkig en veilig voelen (Jes. 54:14; 2 Tim. 3:1). w24.04 20 ¶1-2
zondag 22 maart
Maak je verzoeken aan God bekend. — Fil. 4:6.
Als je op zoek bent naar een huwelijkspartner, heb je daar ongetwijfeld over gebeden. Natuurlijk heeft Jehovah niemand een partner beloofd. Maar hij geeft om je behoeften en gevoelens en hij kan je helpen als je een partner probeert te vinden. Dus blijf hem vertellen wat je wilt en voelt (Ps. 62:8). Bid om geduld en wijsheid (Jak. 1:5). Al vind je niet meteen een potentiële huwelijkspartner, Jehovah belooft dat hij voor je fysieke en emotionele behoeften zal blijven zorgen (Ps. 55:22). Als je een partner zoekt, let er dan op dat dat niet je leven gaat beheersen (Fil. 1:10). Bedenk wat bepalend is voor echt geluk: niet of je getrouwd bent maar je band met Jehovah (Matth. 5:3). En zolang je nog niet getrouwd bent, heb je misschien meer vrijheid om je dienst uit te breiden (1 Kor. 7:32, 33). Gebruik die tijd zo goed mogelijk. w24.05 21 ¶4; 22 ¶6
maandag 23 maart
Heb niet alleen oog voor je eigen belangen maar ook voor de belangen van anderen. — Fil. 2:4.
Hoelang moet je verkering duren? Overhaaste beslissingen hebben vaak negatieve gevolgen (Spr. 21:5). Je verkering moet dus lang genoeg duren om elkaar goed te leren kennen. Laat het aan de andere kant niet langer duren dan nodig. De Bijbel zegt: ‘Uitgestelde verwachting maakt het hart ziek’ (Spr. 13:12). Als je een stel kent dat verkering heeft, hoe kun je ze dan helpen? Je zou ze kunnen uitnodigen voor een maaltijd, voor jullie gezinsaanbidding of om samen iets leuks te doen (Rom. 12:13). Misschien kun je chaperonne voor ze zijn, ze helpen met vervoer of ze een plek aanbieden voor een persoonlijk gesprek (Gal. 6:10). Als een stel je vraagt chaperonne te zijn, bezie het dan als een mooie manier om je vrienden te helpen. Zorg ervoor dat je ze niet helemaal alleen laat, maar weet ook wanneer ze de tijd en ruimte nodig hebben voor een privégesprek. w24.05 30 ¶13-14
dinsdag 24 maart
Ik heb haar tijd gegeven om berouw te hebben. — Openb. 2:21.
De ouderlingen proberen vast te stellen wat tot de zonde heeft geleid. Is de persoon bijvoorbeeld geleidelijk verzwakt omdat hij persoonlijke studie of de dienst heeft verwaarloosd? Bidt hij minder vaak tot Jehovah of zijn zijn gebeden oppervlakkig geworden? Is hij gaan toegeven aan verkeerde verlangens? Heeft hij onverstandige keuzes gemaakt als het gaat om omgang of ontspanning? Welke invloed hebben die keuzes op zijn hart gehad? Beseft hij wat zijn Vader, Jehovah, vindt van zijn recente keuzes en daden? Door zinvolle vragen te stellen maar zonder onnodig naar details te vragen, kunnen de ouderlingen de kwaaddoener aan het praten krijgen en aan het denken zetten over zijn gedrag (Spr. 20:5). Daarnaast kunnen ze illustraties gebruiken om tot hem door te dringen en hem te helpen inzien wat er verkeerd was aan zijn gedrag. Misschien begint hij tijdens het eerste gesprek echt spijt te krijgen van zijn keuzes en gedrag. Hij zou zelfs al berouw kunnen krijgen. w24.08 22 ¶9-11
woensdag 25 maart
Ik moet ook in andere steden het goede nieuws van Gods Koninkrijk bekendmaken, want daarvoor ben ik gestuurd. — Luk. 4:43.
Jezus predikte ijverig ‘het goede nieuws van Gods Koninkrijk’ omdat hij wist dat het Jehovah’s wil was dat hij dat werk deed. Hij was in zijn leven echt op de prediking gefocust. Zelfs tegen het einde van zijn bediening trok hij ‘van stad naar stad en van dorp naar dorp’ om mensen te onderwijzen (Luk. 13:22). Bovendien leidde hij anderen op als predikers (Luk. 10:1). Prediken is het belangrijkste werk dat Jehovah en Jezus ons in deze tijd vragen te doen (Matth. 24:14; 28:19, 20). Je kunt je ijver voor de dienst behouden door mensen net zo te bezien als Jehovah. Hij wil dat zo veel mogelijk mensen het goede nieuws horen en de waarheid over hem te weten komen (1 Tim. 2:3, 4). Onze boodschap kan levens redden. Daarom helpt Jehovah ons om beter te worden in het bereiken van mensen. En bedenk dat mensen tot het eind van de grote verdrukking nog de kans hebben om positief te reageren. w25.03 15-16 ¶5-7
donderdag 26 maart
Wie hem groet, is medeplichtig aan zijn slechte daden. — 2 Joh. 11.
Wat als iemand die uit de gemeente is verwijderd naar de vergadering komt? Hierin moet elke christen zijn door de Bijbel gevormde geweten volgen. Sommigen vinden misschien dat ze hem kunnen begroeten of op de vergadering welkom kunnen heten. Maar je hebt geen uitgebreid gesprek of gezellige omgang met hem. Maar er zijn toch ook zondaars die je volgens de Bijbel niet mag begroeten omdat je anders medeplichtig wordt aan hun slechte daden? (2 Joh. 9-11) Uit de context blijkt dat het in deze instructie gaat om afvalligen en anderen die actief verkeerd gedrag promoten (Openb. 2:20). Als iemand dus actief kwaaddoen of afvallige leer promoot, zullen de ouderlingen hem niet bezoeken. Natuurlijk is er hoop dat hij tot bezinning komt. Maar totdat dit gebeurt, zouden we zo iemand niet begroeten of voor een vergadering uitnodigen. w24.08 30-31 ¶14-15
vrijdag 27 maart
Ze hadden nog steeds geen inzicht. — Mark. 6:52.
Als Jezus de menigte te eten heeft gegeven, laat hij zijn apostelen met de boot teruggaan naar Kapernaüm. Zelf trekt hij zich op de berg terug om te voorkomen dat de mensen hem koning maken (Joh. 6:16-20). Als de apostelen op het meer varen, begint het te stormen. Een sterke wind zorgt voor hoge golven. Ineens zien ze Jezus. Hij loopt over het water naar ze toe. En hij nodigt Petrus uit ook over het water te lopen (Matth. 14:22-31). Als Jezus eenmaal in de boot is, gaat de storm liggen. De discipelen zeggen: ‘Jij bent echt Gods Zoon’ (Matth. 14:33). Maar ze leggen geen verband tussen dit wonder en het wonder met het brood. Markus zegt over de apostelen: ‘Ze waren stomverbaasd, omdat ze de betekenis van de broden niet hadden begrepen’ (Mark. 6:50-52). Ze begrepen niet hoe groot de kracht was die Jezus van Jehovah had gekregen om wonderen te doen. w24.12 5 ¶7
zaterdag 28 maart
Het is zijn wil dat alle soorten mensen worden gered en nauwkeurige kennis van de waarheid krijgen. — 1 Tim. 2:4.
Je kunt deze periode rond het Avondmaal gebruiken om te tonen hoe dankbaar je Jehovah bent voor de losprijs. Tref niet alleen regelingen om zelf bij de Gedachtenisviering te zijn maar nodig ook anderen uit. Vertel degenen die je uitnodigt wat er tijdens de herdenking zal gebeuren. Je kunt ze op jw.org de video’s Waarom is Jezus gestorven? en Herdenking van Jezus’ dood laten zien. Ouderlingen moeten hun best doen om inactieven uit te nodigen. Stel je voor hoeveel vreugde er in de hemel en op aarde is als een verloren schaap naar Jehovah’s kudde terugkeert! (Luk. 15:4-7) Doe je best om op het Avondmaal niet alleen je broeders en zusters te begroeten maar ook degenen die er voor het eerst zijn of die lang niet zijn geweest. Zorg dat ze zich welkom voelen! (Rom. 12:13) w25.01 29 ¶15
zondag 29 maart
God heeft ons liefgehad en heeft zijn Zoon gestuurd als zoenoffer voor onze zonden. — 1 Joh. 4:10.
De losprijs leert ons niet alleen dat Jehovah rechtvaardig is. Het is een regeling die ons vooral helpt de diepte van zijn liefde te bevatten (Joh. 3:16; 1 Joh. 4:9, 10). De losprijs laat uitkomen hoe graag Jehovah wil dat we niet alleen eeuwig leven maar ook deel uitmaken van zijn gezin. Toen Adam zondigde, zette Jehovah hem uit zijn gezin van aanbidders. Daardoor zijn we allemaal buiten Jehovah’s gezin geboren. Maar op basis van de losprijs vergeeft Jehovah onze zonden en zal hij uiteindelijk iedereen die geloof heeft en gehoorzaam is in zijn gezin opnemen. Nu al kun je een hechte band hebben met Jehovah en met je broeders en zusters. Het is duidelijk dat Jehovah heel veel van ons houdt (Rom. 5:10, 11). w25.01 21 ¶6
Leesschema Avondmaal: Johannes 12:12-19; Markus 11:1-11 (gebeurtenissen overdag: 9 nisan)
maandag 30 maart
Hierdoor is Gods liefde duidelijk geworden. — 1 Joh. 4:9.
De losprijs is een geschenk van onschatbare waarde! (2 Kor. 9:15) Omdat Jezus zijn leven opofferde, kun je een hechte vriendschap met Jehovah hebben. En je kunt ernaar uitkijken eeuwig te leven. Het is dus heel passend waardering te tonen voor de losprijs waarin Jehovah uit liefde voorzag (Rom. 5:8). Jezus stelde de jaarlijkse herdenking van zijn dood in om ons te helpen de losprijs te blijven waarderen en nooit als vanzelfsprekend te gaan bezien (Luk. 22:19, 20). De Gedachtenisviering is dit jaar op donderdag 2 april. Ongetwijfeld is elk van ons van plan daarbij aanwezig te zijn. In de periode rond de herdenking is het goed de tijd te nemen om te mediteren over wat Jehovah en zijn Zoon voor ons hebben gedaan. w25.01 20 ¶1-2
Leesschema Avondmaal: Johannes 12:20-50 (gebeurtenissen overdag: 10 nisan)
dinsdag 31 maart
Verkies mijn correctie boven zilver en kennis boven het zuiverste goud. — Spr. 8:10.
Je kunt nog meer over de liefde van Jehovah en Jezus leren als je erover blijft mediteren. Misschien kun je in de periode rond de Gedachtenisviering een of meer van de evangeliën aandachtig doorlezen. Probeer niet te veel in één keer te lezen. Neem de tijd om te zoeken naar meer redenen om van Jehovah en Jezus te houden. Als je al jaren in de waarheid bent, vraag je je misschien af of je nog steeds nieuwe dingen kunt leren over bekende onderwerpen als Gods gerechtigheid, zijn liefde en de losprijs. Feit is dat er over dit soort onderwerpen altijd meer te leren zal zijn. Dus maak goed gebruik van de schat aan informatie in onze publicaties. w25.01 24-25 ¶13-15
Leesschema Avondmaal: Lukas 21:1-36 (gebeurtenissen overdag: 11 nisan)