Een eind aan oorlog
MENSEN overal op aarde dromen al lang van een wereld zonder oorlog. Het is een droom die nog steeds niet is uitgekomen. Zoals wij in het voorgaande artikel hebben gezien, geloven velen dat wereldomvattende vrede alleen door een wereldregering verwezenlijkt kan worden, een regering die onpartijdig alle volken op aarde zou vertegenwoordigen. De meesten beseffen echter dat menselijke regeerders nooit vrijwillig hun soevereiniteit zullen opgeven voor een regering die iedereen op aarde vertegenwoordigt. Wil dit zeggen dat een wereldregering onmogelijk is?
Dat lijkt misschien zo. Toch blijkt uit bijbelprofetieën dat een regering die over de hele aarde heerst, binnenkort vrede op aarde zal brengen. Dit zal niet het resultaat zijn van menselijke onderhandelingen of internationale overeenkomsten. De profeet Daniël werd ertoe geïnspireerd te schrijven: „De God des hemels [zal] een koninkrijk oprichten dat nooit te gronde zal worden gericht.” — Daniël 2:44.
Het is hetzelfde koninkrijk waar Jezus zijn volgelingen om leerde bidden in het gebed dat miljoenen mensen kennen als het Onze Vader. Mogelijk bent u bekend met dat gebed, dat in de bijbel in Mattheüs 6:9, 10 staat opgetekend. In een gedeelte ervan wordt het volgende verzoek tot God gericht: „Uw koninkrijk kome. Uw wil geschiede, gelijk in de hemel, zo ook op aarde.” God zal dat gebed verhoren. Binnenkort zal dat koninkrijk ’komen’ om Gods wil ten aanzien van de aarde uit te voeren. Gods wil houdt onder andere in dat de aardbol in een vredig paradijs wordt veranderd.
Een realistisch beeld van wereldomvattende vrede
Bestaat er enige reden te geloven dat Gods koninkrijk het beter zal doen dan menselijke regeringen? Hier volgen acht kenmerken van Gods koninkrijk die blijvende vrede zullen garanderen voor alle onderdanen ervan.
1. Het Koninkrijk zal de verheerlijkte Jezus Christus, de „Vredevorst”, als zijn door God aangestelde leider hebben (Jesaja 9:6). Toen Jezus op aarde was, maakte hij duidelijk dat zijn dienaren zich niet wapenen voor een letterlijke oorlog. Hij zei tegen Petrus: „Steek uw zwaard weer op zijn plaats, want allen die naar het zwaard grijpen, zullen door het zwaard vergaan.” — Mattheüs 26:52.
2. Het Koninkrijk zal werkelijk een wereldregering zijn. Daniël voorzei met betrekking tot de autoriteit die Jezus gegeven zou worden: „Hem werd heerschappij en waardigheid en een koninkrijk gegeven, opdat de volken, nationale groepen en talen alle hèm zouden dienen.” — Daniël 7:14.
3. Het Koninkrijk zal alle volken vertegenwoordigen. Jezus zal mederegeerders hebben die „uit elke stam en taal en elk volk en elke natie” komen, en zij zullen „als koningen over de aarde regeren”. — Openbaring 5:9, 10.
4. Gods koninkrijk zal een eind maken aan alle menselijke regeringen, die de autoriteit ervan tegenstaan. „Het koninkrijk . . . zal al deze [menselijke] koninkrijken verbrijzelen en er een eind aan maken, en zelf zal het tot onbepaalde tijden blijven bestaan.” — Daniël 2:44.
5. De volken der aarde zullen op grond van internationaal recht geregeerd worden. Jesaja profeteerde over die tijd en zei: „Uit Sion zal de wet uitgaan, en het woord van Jehovah uit Jeruzalem. En hij zal stellig rechtspreken onder de natiën en de zaken rechtzetten met betrekking tot vele volken.” — Jesaja 2:3, 4.
6. Onderdanen van het Koninkrijk zullen de wegen van vrede leren. Jesaja vervolgde: „En zij zullen hun zwaarden tot ploegscharen moeten smeden en hun speren tot snoeimessen. Natie zal tegen natie geen zwaard opheffen, ook zullen zij de oorlog niet meer leren.” — Jesaja 2:4.
7. Mensen die geweld liefhebben, zullen weggevaagd worden. „Jehovah zelf onderzoekt zowel de rechtvaardige als de goddeloze, en al wie geweld liefheeft, haat Zijn ziel stellig. Hij zal op de goddelozen doen regenen valstrikken, vuur en zwavel en een verzengende wind, als het deel van hun beker.” — Psalm 11:5, 6.
8. Wapens zullen uit de weg geruimd worden. „Komt, aanschouwt de activiteiten van Jehovah, hoe hij verbazingwekkende gebeurtenissen op de aarde heeft gesteld. Hij doet oorlogen ophouden tot het uiteinde der aarde. De boog verbreekt hij en hij slaat de speer werkelijk aan stukken; de wagens verbrandt hij in het vuur.” — Psalm 46:8, 9.
Geloof stellen in Gods beloften — Waarom en hoe
De bijbel verschaft nog veel meer details over Gods koninkrijk. Dit boek laat bijvoorbeeld zien wie met Jezus Christus een aandeel zullen hebben aan het besturen van de aangelegenheden van de aarde. Verder vertelt het hoe zij worden uitgekozen en aan welke vereisten zij moeten voldoen. De bijbel zegt ook hoe het Koninkrijk de hulpbronnen van de aarde zal beheren om onder alle volken der aarde voorspoed en geluk te bevorderen, en hoe het een eind zal maken aan de haat en hebzucht die zo vaak tot conflicten hebben geleid.
Zijn zulke profetieën betrouwbaar? Jehovah zelf heeft verklaard: „Mijn woord dat uit mijn mond uitgaat . . . zal niet zonder resultaten tot mij terugkeren, maar het zal stellig datgene doen waarin ik behagen heb geschept, en het zal stellig succes hebben in dat waarvoor ik het heb gezonden” (Jesaja 55:11). Die uitspraak is veel meer dan een verzekering dat God zijn beloften nakomt. Jehovah is de Almachtige, dus hij heeft de macht om wereldomvattende vrede te bewerkstelligen. Er is niets wat zijn verstand te boven gaat; daarom bezit hij de wijsheid om vrede te handhaven (Jesaja 40:13, 14). Bovendien is Jehovah de personificatie van liefde, dus niemand in het universum heeft een groter verlangen om wereldvrede tot stand te brengen. — 1 Johannes 4:8.
Natuurlijk is er geloof nodig om vertrouwen te stellen in Gods beloften. Geloof is gebaseerd op kennis en wordt ontwikkeld door studie van Gods Woord, de bijbel (Filippenzen 1:9, 10). Naarmate wij meer te weten komen over Gods persoonlijkheid en voornemens, wordt de realiteit van Gods koninkrijk duidelijker. Ja, oorlog zal uitgebannen worden, niet door de inspanningen van mensen, maar door middel van een glorierijke wereldregering met goddelijke steun, Gods koninkrijk.
[Illustraties op blz. 8, 9]
Onder Gods koninkrijk zullen de onderdanen vrede leren en zullen wapens uit de weg geruimd worden