De opmerkelijke reis van Vasco da Gama
Telkens wanneer de houten voorsteven van het schip op de golven neerkomt, spat het zeewater met een grote boog weg. Na maanden op zee met veel ontberingen zullen Vasco da Gama en zijn bemanning weldra als eerste Europeanen via de zeeweg om de zuidpunt van Afrika heen India bereiken. Zelfs met de huidige navigatiekennis en -instrumenten zou zo’n reis moeilijk zijn. Maar voor de mannen die zich 500 jaar geleden aan boord van Da Gama’s drie kleine schepen bevonden, moet het bijna een reis naar de maan hebben geleken. Wat dreef deze onverschrokken Portugese ontdekkingsreiziger en zijn mannen ertoe zo’n avontuur te ondernemen? Wat voor invloed heeft het op de wereld gehad?
VOOR Da Gama geboren was, werd de grondslag voor de reis gelegd door de Portugese prins Hendrik, soms Hendrik de Zeevaarder genoemd. Met Hendrik als beschermheer hadden de Portugese zeemanskunst en zeehandel een hoge vlucht genomen. Voor Hendrik en de ontdekkingsreizigers die na hem kwamen, waren verkenning, handel en religie nauw met elkaar verweven. Hendrik had als doeleinden Portugal te verrijken en het katholicisme te verbreiden. Hij was bestuurder van de Christusorde, de hoogste militair-religieuze orde in Portugal. Deze werd financieel gesteund door de paus, en Hendriks projecten werden voornamelijk betaald met via deze orde beschikbaar gestelde middelen. Daarom hadden al zijn schepen een rood kruis op hun zeilen.
Tegen de tijd van Hendriks dood in 1460 hadden de Portugezen de westkust van Afrika in zuidelijke richting verkend tot aan wat nu als Sierra Leone bekendstaat. In 1488 zeilde Bartholomeu Diaz om de punt van Afrika heen. Daarop gaf koning Johan II vol vertrouwen de opdracht een expeditie naar India voor te bereiden. Johans opvolger, koning Emanuel I, zette de voorbereidingen voort. Destijds kon men Indische specerijen alleen via verbindingen over land naar Europa halen met behulp van Italiaanse en Arabische handelaars. De handel op de Indische Oceaan werd beheerst door moslimkooplieden uit Arabië. Emanuel was zich ervan bewust dat de leider van de expeditie iemand moest zijn die, om het met de woorden van een historicus te zeggen, „de moed van een soldaat met de sluwheid van een koopman en de tact van een diplomaat kon combineren”. Misschien had Emanuel dat in gedachten toen hij Vasco da Gama koos.
De bijzondere reis
Op 8 juli 1497 marcheerden Da Gama en zijn 170 bemanningsleden onder de banier van de Christusorde twee aan twee naar hun pasgebouwde schepen. Op het strand verleende een priester hem en zijn bemanning de absolutie. Als iemand van hen gedurende de reis stierf, dan zouden hem alle zonden die hij onderweg begaan mocht hebben, vergeven zijn. Da Gama verwachtte kennelijk moeilijkheden — hij vertrok uitgerust met kanonnen en veel kruisbogen, pieken en speren.
Da Gama besloot de ongunstige winden en stromen waaraan Diaz tien jaar daarvoor het hoofd had moeten bieden, te vermijden. Bij Sierra Leone stuurde hij zijn schepen naar het zuidwesten totdat hij dichter bij Brazilië dan bij Afrika was. De heersende winden in het zuiden van de Atlantische Oceaan brachten hem vervolgens terug naar Afrika en dicht bij Kaap de Goede Hoop. Er is geen bericht voorhanden dat iemand deze route al eerder had genomen, maar daarna werd die door elk zeilschip op weg naar de Kaap gebruikt.
Da Gama passeerde het punt waar Diaz was omgekeerd en voer met zijn vloot omhoog langs de oostkust van Afrika. In Mozambique en Mombasa smeedden de plaatselijke sultans plannen om Da Gama en zijn bemanning te doden. Dus ging Da Gama door naar Malindi (nu Zuidoost-Kenia). Daar vond hij uiteindelijk een ervaren loods om hem over de Indische Oceaan te begeleiden.
Ontmoeting tussen West en Oost
Na 23 dagen varen vanaf Malindi gingen een dolblije Vasco da Gama en zijn mannen op 20 mei 1498 voor anker in Calicut in India. Da Gama trof de zamorin, de Hindoekoning, aan, die in grote weelde en rijkdom leefde. De zeevaarder legde uit dat zijn missie vriendschappelijk was en dat hij met zijn mannen op zoek was naar christenen. Aanvankelijk maakte hij geen gewag van de specerijenhandel. Maar de kooplieden die de handel in dat gebied beheersten, kregen al gauw door dat hun positie werd bedreigd en adviseerden de koning de indringers te doden. Als hij met de Portugezen handel ging drijven, zo waarschuwden zij, zou hij alles kwijtraken. Deze raad maakte de koning onzeker en hij stond in dubio. Maar uiteindelijk gaf hij Da Gama wat hij wilde — een brief aan de koning van Portugal waarin de zamorin erin toestemde handel met de koning te drijven.
Een veranderde wereld
Da Gama kwam op 8 september 1499 in Lissabon terug — en werd als een held binnengehaald. Onmiddellijk trof koning Emanuel regelingen voor meer expedities. De volgende stond onder aanvoering van Pedro Álvares Cabral, die meer dan zeventig man in Calicut achterliet om de Portugese belangen te beschermen. Maar de kooplieden waren niet van plan deze inmenging in hun handel te dulden. Op een nacht doodde een grote menigte meer dan de helft van de manschappen. Toen Da Gama aan het hoofd van de derde expeditie in India terugkwam, nam hij wraak en liet Calicut vanaf zijn zwaarbewapende vloot van veertien schepen beschieten. Hij veroverde ook een schip dat uit Mekka terugkwam en stak het in brand, waardoor honderden mannen, vrouwen en kinderen de dood vonden. Hoewel zij om genade smeekten, keek Da Gama zonder medelijden toe.
De Portugezen werden vervolgens heer en meester op de Indische Oceaan. Mettertijd organiseerden zij expedities naar Malakka, China, Japan en de Molukken (Specerijeilanden). Zij geloofden dat de mensen die zij daar aantroffen „buiten de wet van Jezus Christus” stonden en daarom „tot het eeuwige vuur veroordeeld” waren, schreef de zestiende-eeuwse kroniekschrijver João de Barros. De ontdekkingsreizigers voelden zich dan ook vrij om geweld te gebruiken wanneer zij dit maar nodig achtten. Zulke onchristelijke daden hadden in Azië een grote wrok jegens het christendom tot gevolg.
Da Gama opende met zijn prestatie de zeeweg tussen Europa en Azië. Zo werd een nieuw tijdperk van ontdekkingsreizen ingeluid waardoor de volken waarmee de ontdekkingsreizigers contact legden, met nieuwe denkbeelden in aanraking kwamen. „Geen van deze volken”, schrijft professor J. H. Parry, „ontkwam aan de Europese invloed, hetzij op sociaal, religieus, commercieel of technisch gebied.” Tot op zekere hoogte begonnen oosterse denkbeelden, die via dezelfde kanalen terugvloeiden, een grotere invloed in Europa uit te oefenen. Deze uitwisseling van denkbeelden droeg er uiteindelijk toe bij dat men zich meer bewust werd van de immense verscheidenheid van de menselijke cultuur. Inderdaad, de hedendaagse wereld ervaart nog steeds de gevolgen, gunstig of ongunstig, van de opmerkelijke reis van Vasco da Gama.
[Kaart op blz. 24, 25]
(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)
De route van Vasco da Gama’s eerste reis
[Verantwoording]
Mountain High Maps® Copyright © 1997 Digital Wisdom, Inc.
[Illustratie op blz. 26]
Een schets van een van Da Gama’s schepen
[Verantwoording]
Cortesia da Academia das Ciências de Lisboa, Portugal
[Illustratieverantwoording op blz. 24]
Cortesia do Museu Nacional da Arte Antiga, Lisboa, Portugal, fotografia de Francisco Matias, Divisão de Documentação Fotográfica - IPM