De macht van reclame
LANG geleden werd de onderbreking van een televisieprogramma voor reclame ingeleid met de woorden: „En nu een paar woorden van onze sponsor.” Sponsors zijn bedrijven die voor reclame voor hun produkten betalen. Terwijl de „paar woorden van onze sponsor” een ware stortvloed zijn geworden, vormen sponsors nog steeds een belangrijke bron van inkomsten voor de nieuws- en amusementsmedia — televisie, tijdschriften, kranten en radio. Bijgevolg proberen sponsors invloed uit te oefenen op wat er al dan niet in de media verschijnt.
Ter illustratie: In 1993 liet de fabrikant van een dure Duitse auto dertig tijdschriften schriftelijk weten dat advertenties voor hun auto „slechts in een gepaste redactionele omlijsting” geplaatst mochten worden. In de brief werd verklaard dat er in de uitgaven van de tijdschriften waarin hun advertenties stonden, niets mocht staan waarin kritiek werd geleverd op hun auto, Duitse produkten of Duitsland zelf. Het is uiteraard niet verwonderlijk dat dit bedrijf, dat $15 miljoen aan reclame in tijdschriften uitgeeft, „een gepaste redactionele omlijsting” verwacht.
Het is ook niet verwonderlijk dat bladen met advertenties voor nieuwe bruidsjaponnen geen advertenties accepteren voor tweedehands bruidsjaponnen, of dat kranten met een lijst van makelaars u niet vertellen hoe u een huis kunt kopen zonder een makelaar in de arm te nemen. Zo mag het ons evenmin verwonderen dat media met reclame voor sigaretten of loterijen zich niet kritisch uitlaten over roken of gokken.
Consumptiecultuur
De macht van reclame gaat dus verder dan de verkoop van goederen. Reclame werkt een consumptiemaatschappij in de hand, een mondiale cultuur die draait om materiële zaken.
Is daar iets mis mee? Dat hangt ervan af aan wie u het vraagt. Adverteerders redeneren dat mensen het heerlijk vinden dingen te kopen en te bezitten; de reclame dient hun belangen. Bovendien, zo zeggen zij, creëert de reclame banen, sponsort ze sporten en kunst, draagt ze ertoe bij de media betaalbaar te houden, bevordert ze concurrentie en produktverbetering, houdt ze de prijzen laag en stelt ze mensen in staat op informatie gebaseerde keuzes te doen bij het kopen.
Anderen voeren aan dat reclame mensen rusteloos maakt en ontevreden met wat zij hebben, dat ze eindeloze verlangens voedt en schept. De onderzoeker Alan Durning schrijft: „Reclames zijn, net als onze tijd, vluchtig, hedonistisch, imago-beladen en modegevoelig; ze verheerlijken het individu, idealiseren consumptie als middel tot levensvervulling en bevestigen dat technologische vooruitgang de drijvende kracht der fortuin is.”
De invloed die reclame op u uitoefent
Draagt commerciële reclame bij tot de vorming van wat wij zijn en wat wij willen? Waarschijnlijk. Maar of die invloed groot of klein is, hangt van andere invloeden af.
Als wij ons door bijbelse beginselen en waarden laten leiden, zullen wij erkennen dat er niets mis is met het bezitten van stoffelijke goederen. Per slot van rekening zegende God Abraham, Job, Salomo en anderen met reusachtige rijkdommen.
Aan de andere kant zullen wij door het toepassen van schriftuurlijke beginselen de ontevredenheid vermijden van degenen die bevrediging en geluk zoeken in een nooit eindigend nastreven van materiële zaken. De bijbelse boodschap is niet „Winkel tot je erbij neervalt”. De bijbel vertelt ons daarentegen:
Vertrouw op God. „Beveel hun die rijk zijn in het tegenwoordige samenstel van dingen, niet hooghartig te zijn en hun hoop niet op onzekere rijkdom te vestigen, maar op God, die ons alle dingen rijkelijk verschaft om ervan te genieten.” — 1 Timotheüs 6:17.
Wees tevreden. „Wij hebben niets in de wereld meegebracht en kunnen er ook niets uit meenemen. Wanneer wij daarom voedsel, kleding en onderdak hebben, zullen wij daarmee tevreden zijn.” — 1 Timotheüs 6:7, 8.
Wees bescheiden. „Ik [wens] dat de vrouwen zich in welverzorgde kleding sieren, met bescheidenheid en gezond verstand, niet met bijzondere haarvlechtingen en goud of parels of zeer kostbare kleding, maar zoals het vrouwen die belijden God te vereren, past, namelijk door middel van goede werken.” — 1 Timotheüs 2:9, 10.
Weet dat goddelijke wijsheid boven rijkdom gaat. „Gelukkig is de mens die wijsheid heeft gevonden, en de mens die onderscheidingsvermogen verkrijgt, want haar als gewin te hebben, is beter dan zilver als gewin te hebben, en haar als opbrengst te hebben, beter dan het goud zelf. Ze is kostbaarder dan koralen, en al uw andere verrukkingen kunnen haar niet evenaren. Lengte van dagen is in haar rechterhand; in haar linkerhand zijn rijkdom en heerlijkheid. Haar wegen zijn aangename wegen, en al haar paden zijn vrede. Ze is een boom des levens voor wie haar aangrijpen, en zij die haar stevig vasthouden, zijn gelukkig te noemen.” — Spreuken 3:13-18.
Beoefen het geven. „Het is gelukkiger te geven dan te ontvangen.” — Handelingen 20:35.
Aangevoerd zou kunnen worden dat deze serie artikelen op zich een soort reclame is, een die het denkbeeld „verkoopt” dat geestelijke waarden niet verdrongen mogen worden door stoffelijke waarden. U bent het ongetwijfeld met die conclusie eens.
[Kader op blz. 9]
„Reclame” voor Gods koninkrijk
Wat is een van de beste manieren om mensen met een overtuigende boodschap te bereiken? In het boek Advertising: Principles and Practice wordt gezegd: „In een ideale wereld zou elke fabrikant persoonlijk met elke consument kunnen praten over het produkt of de dienst die te koop wordt aangeboden.” Ware christenen verkondigen Gods koninkrijk vrijwillig al bijna 2000 jaar op deze manier (Mattheüs 24:14; Handelingen 20:20). Waarom maken niet meer bedrijven van deze methode om mensen te bereiken gebruik? Het boek verklaart: „Het is erg duur. Bezoeken door vertegenwoordigers kunnen wel ruim $150 per bezoek kosten.” Christenen maken uiteraard op vrijwillige basis „reclame” voor Gods koninkrijk. Het is een onderdeel van hun aanbidding.
[Illustratie op blz. 8]
De bijbelse boodschap is niet „Winkel tot je erbij neervalt”