Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g97 22/2 blz. 24-27
  • Congressen in Roemenië ondanks tegenstand

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Congressen in Roemenië ondanks tegenstand
  • Ontwaakt! 1997
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Wie zat er achter de tegenstand?
  • De invloed op de publieke mening
  • Bewijs van Gods steun
  • Geestelijke honger in Roemenië
    Ontwaakt! 1997
  • De twee gezichten van Boekarest
    Ontwaakt! 2009
  • Congressen — Bewijs van onze broederschap
    Jehovah’s Getuigen — Verkondigers van Gods koninkrijk
  • Jehovah’s Getuigen in Oost-Europa
    Ontwaakt! 1991
Meer weergeven
Ontwaakt! 1997
g97 22/2 blz. 24-27

Congressen in Roemenië ondanks tegenstand

VAN 19 tot 21 juli 1996 zou er in het Roemeense Boekarest een internationaal „Boodschappers van goddelijke vrede”-congres van Jehovah’s Getuigen worden gehouden. Zo’n 40.000 afgevaardigden, onder wie duizenden uit andere landen, waren van plan deze prachtige Europese hoofdstad met haar twee miljoen inwoners te bezoeken. Het Nationale Stadion, dat 60.000 zitplaatsen telt, was voor die gelegenheid afgehuurd. Maar op 24 juni weigerden onjuist geïnformeerde Roemeense autoriteiten toestemming te geven voor het houden van het congres.

Jehovah’s Getuigen deden hun best om de verordening tot annulering van hun congres herroepen te krijgen, maar tevergeefs. Daarom moesten er andere regelingen getroffen worden, zodat enkele duizenden buitenlandse genodigden, afgevaardigd door een aantal Europese landen, Noord-Amerika en Japan, van 12 tot 14 juli een congres zouden kunnen bijwonen in het Hongaarse Boedapest. Die veranderingen op het laatste moment brachten aanzienlijke onkosten, ongemak en teleurstelling voor velen met zich mee.

Maar wat kon er voor de plaatselijke Roemeense afgevaardigden geregeld worden? Er werd contact gezocht met autoriteiten in de steden Cluj-Napoca en Braşov en ten slotte was het mogelijk daar congressen te houden, en wel van 19 tot 21 juli. Veel Roemenen slaagden er echter niet in naar Cluj-Napoca of Braşov te gaan. Daarom werden er van 13 tot 15 september nog twee congressen gehouden, een in Baía Mare en het andere in Boekarest.

Waarom was het oorspronkelijke congres in Boekarest geannuleerd? En wat bracht enkele autoriteiten er later toe hun standpunt te herzien, zodat er toch congressen in Roemenië werden gehouden, waaronder een in Boekarest?

Wie zat er achter de tegenstand?

Tijdens het internationale congres in Boedapest stond in de Hongaarse krant Színes Vasárnap over Jehovah’s Getuigen te lezen: „Oorspronkelijk waren zij van plan hun jaarlijkse internationale vergadering in Boekarest te houden, maar wegens het verzet van orthodoxe christenen gaven de Roemeense autoriteiten Jehovah’s Getuigen daar geen toestemming voor.” Dat de kerk voor de tegenstand verantwoordelijk was, raakte alom bekend. Zo berichtte de Times Union, een krant uit Albany (New York, VS): „De orthodoxe patriarch Teoctist waarschuwde orthodoxe gelovigen dat zij op hun hoede moesten zijn voor wat hij de ’ketterse’ leer van Jehovah’s Getuigen noemde.”

Waren de berichten dat de geestelijkheid zich tegen het congres verzette waar? Nu, in juni begonnen inwoners van Boekarest overal in de stad — op kerkelijke eigendommen, op de muren en gevels van gebouwen en in de ondergrondse — posters te zien waarop Jehovah’s Getuigen zwart werden gemaakt. Op een ervan, getiteld „AAN ALLE ROEMENEN!”, werd de vraag gesteld: „Heeft Roemenië nu behoefte aan een internationaal congres van Jehovieten . . . van 19 tot 21 juli? Christenen — laten wij ons tegen dit satanische congres verzetten!”

Een andere, met als kop „Pas op voor het JEHOVIETEN-GEVAAR!”, beweerde: „Jehovah’s Getuigen strijden tegen het christendom . . . Zij proberen verdeeldheid en godsdienstige tweedracht te zaaien. . . . ROEMENEN, verzet u ALLEN tegen dit congres!”

„OPROEP TOT ACTIE” luidde de kop van weer een andere poster. „De Roemeens-Orthodoxe Broederschap . . . roept alle orthodoxe gelovigen op voor een protestbijeenkomst, te houden op zondag 30 juni.” De poster besloot als volgt: „Wij zullen de autoriteiten vragen dit congres te annuleren. KOM, ZODAT WIJ HET GELOOF VAN ONZE VOORVADEREN KUNNEN VERDEDIGEN. God helpe ons!”

De geestelijkheid publiceerde en verspreidde zelfs een traktaat waarin beweerd werd dat Jehovah’s Getuigen „een politieke organisatie op communistische grondslag” zijn. Maar ook dat is een schaamteloze leugen, en misschien zijn de meeste Roemenen zich daar heel goed van bewust. Zij weten dat Jehovah’s Getuigen in vroeger jaren door de communisten werden vervolgd en vaak gevangen werden gezet.

De invloed op de publieke mening

Al snel gingen er zowel binnen als buiten Roemenië stemmen op tegen de door de kerk ingegeven aanvallen, en de autoriteiten zagen in dat het niet meer dan billijk was de Getuigen de privileges te verlenen die ook anderen kregen. De Flagrant, een Boekarestse krant, voorspelde: „De stroom van ongunstige, vijandige en haatdragende publiciteit tegen dit eerste internationale congres zal een averechtse uitwerking hebben. In plaats van mensen afkerig te maken van de Getuigen, zal de actie hun belangstelling, nieuwsgierigheid, verdraagzaamheid en sympathie wekken.”

Hoe waar is deze voorspelling gebleken! Veel leden van de Orthodoxe Kerk schreven of telefoneerden naar het bijkantoor van Jehovah’s Getuigen in Boekarest om hun verontwaardiging te uiten over de acties van hun geestelijken. Welingelichte mensen weten dat Jehovah’s Getuigen helemaal niet zijn zoals de Orthodoxe Kerk in Roemenië hen afschilderde.

Marius Milla schreef in de Roemeense krant Timishoara van 6 juli 1996: „Ik ben ervan overtuigd dat 99 procent van degenen die de Jehovieten zo fel aanvielen, niet geïnteresseerd genoeg was om met hen te praten of een van hun vergaderingen bij te wonen.” Hij voegde eraan toe: „Het zou veel opbouwender zijn als wij, de orthodoxe gelovigen, ons meer zouden bekommeren om de balk in ons eigen oog en het strootje in het oog van onze naaste aan God ter beoordeling zouden overlaten.” — Mattheüs 7:3-5.

Vervolgens citeerde de heer Milla de toespraak die de beroemde eerste-eeuwse wetgeleerde Gamaliël hield voor de religieuze leiders die het Jezus’ volgelingen moeilijk maakten: „Laat u niet in met deze mensen, maar laat hen begaan (want indien dit plan of dit werk uit mensen is, zal het te gronde worden gericht; maar indien het uit God is, zult gij hen niet te gronde kunnen richten); anders zou misschien blijken dat gij in werkelijkheid tegen God strijdt” (Handelingen 5:38, 39). Tot slot schreef Milla: „Onze houding is ondemocratisch, onbijbels en asociaal.”

Spoedig begon er kritiek op het annuleren van het congres te komen uit andere delen van Europa en uit de Verenigde Staten. Het Roemeense Helsinki Comité gaf een persbericht uit met een veroordeling van „de manier waarop patriarch Teoctist, de vertegenwoordiger van de Roemeens-Orthodoxe Kerk, zich publiekelijk tegen ’Jehovah’s Getuigen’ opstelt”.

Hillary Clinton, de echtgenote van de Amerikaanse president, bracht op dat moment toevallig een bezoek aan Roemenië. De Amerikaanse ambassadeur in Roemenië, Alfred Moses, legde uit waarom zij de achttiende-eeuwse Creţulescukerk niet betrad, zoals zij van plan was geweest: „Vrijheid van godsdienst is een beginsel dat zowel in de grondwet van de Verenigde Staten van Amerika als in de Roemeense grondwet is vastgelegd. De aanwezigheid op het kerkgebouw van posters waaruit een gebrek aan godsdienstige verdraagzaamheid spreekt, was niet te rijmen met de geest van democratisch pluralisme en met het doel van het bezoek van mevrouw Clinton aan Roemenië.”

Bewijs van Gods steun

Jehovah’s Getuigen hadden al eerder congressen in de stad Cluj-Napoca gehouden en de autoriteiten daar heetten hen weer welkom toen hun het gebruik van het Nationale Stadion in Boekarest werd geweigerd. Maar pas een week voordat het congres zou moeten beginnen, werd het contract voor het stadion in Cluj-Napoca getekend. „Hoe is het mogelijk zo’n reusachtig congres in zo’n korte tijd te organiseren?”, wilde een journalist weten.

„Wij zijn een eensgezinde organisatie”, werd hem verteld. „Wij zijn eraan gewend congressen te houden. Maar het voornaamste is dat Jehovah, onze God, ons steunt.”

Het was beslist met Jehovah’s hulp en steun dat er in zo’n korte tijd zo veel tot stand werd gebracht. Denk u eens in: een driedaagse bijeenkomst van meer dan 20.000 mensen op zo’n korte termijn! Het hoogste aantal aanwezigen bedroeg 22.004 en er werden 799 personen gedoopt. De krant Adevǎrul de Cluj berichtte na het congres: „De indruk die je bij deze mensen krijgt, is dat zij altijd glimlachen en dat zij alles van ganser harte doen. Hun solidariteit was indrukwekkend . . . Zij gaven van een voorbeeldige discipline blijk in de manier waarop zij zich gedroegen en waren buitengewoon schoon.”

Wat er in Braşov gebeurde, was wel heel indrukwekkend, omdat de toestemming voor het houden van het congres slechts een paar dagen voordat het congres zou beginnen werd verleend! Toch werd er voor 7500 personen onderdak gevonden bij mensen thuis. Toen een Getuige met zijn buren sprak, vond hij huisvesting voor 30 afgevaardigden. En een gemeente van Getuigen in Braşov had 500 afgevaardigden te logeren. Sommige afgevaardigden werden in tenten bij het congresterrein ondergebracht; en toen het regende kwamen gastvrije mensen in flatgebouwen in de buurt naar beneden om hen uit te nodigen hun intrek in hun flat te nemen. — Vergelijk Handelingen 28:2.

De activiteit van Jehovah’s Getuigen is aan beperkingen onderhevig in het overwegend orthodoxe Bulgarije, dat aan het zuiden van Roemenië grenst. Toen bussen vol Bulgaarse Getuigen op weg gingen naar Boekarest, waren sommige douanebeambten blijkbaar al op de hoogte dat het congres elders gehouden zou worden. In Braşov genoten 1056 Bulgaren van het complete programma in hun eigen taal. Het congres in die stad werd door in totaal 12.862 personen bijgewoond en er werden 832 personen — onder wie 66 Bulgaren — gedoopt.

In september was het mogelijk kleinere congressen in Baía Mare en Boekarest te organiseren voor degenen die niet naar Cluj-Napoca of Braşov hadden kunnen gaan. Op deze twee extra congressen bedroeg het totale aantal aanwezigen 5340 en er werden 48 personen gedoopt. Zo waren er de afgelopen zomer op de „Boodschappers van goddelijke vrede”-congressen in Roemenië in totaal 40.206 aanwezigen en 1679 dopelingen. Het lijdt geen twijfel dat Jehovah’s zegen rust op degenen in Roemenië die ernaar streven hem te dienen!

Een woordvoerder van Jehovah’s Getuigen in Boekarest merkte op: „In drie weken hebben wij een publiciteit gekregen die gelijkstaat met een jarenlange prediking in het hele land. Dat waarmee de Roemeens-Orthodoxe Kerk ons wilde belemmeren, is in feite tot bevordering van het goede nieuws gebleken.”

[Illustratie op blz. 24]

Boekarest is een prachtige, moderne stad

[Illustraties op blz. 25]

Posters die Jehovah’s Getuigen zwartmaakten

[Illustratie op blz. 26]

Doopkandidaten in Boekarest

[Illustratie op blz. 26]

In Braşov, waar de toestemming voor het congres pas een paar dagen ervoor werd verleend

[Illustratie op blz. 26]

Een hoogste aantal aanwezigen van 22.004 op het congres in Cluj-Napoca

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen