Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g90 22/9 blz. 24-25
  • Hoe ik mij heb verruimd om anderen te helpen

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Hoe ik mij heb verruimd om anderen te helpen
  • Ontwaakt! 1990
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Een levensdoel
  • Bekwaam om te onderwijzen
  • Verzeild geraakt in een bomaanslag van terroristen!
    Ontwaakt! 1980
  • Wanhoop maakt plaats voor vreugde
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1981
  • Ik zal „klimmen net als een hert”
    Ontwaakt! 2006
  • Hoe ik Gods liefdevolle zorg heb ervaren
    Ontwaakt! 1995
Meer weergeven
Ontwaakt! 1990
g90 22/9 blz. 24-25

Hoe ik mij heb verruimd om anderen te helpen

IN 1973, toen het allemaal gebeurde, was ik 22 jaar en gezond. Ik had een heerlijk leven. Ik deed aan sport en hield van lichamelijke arbeid. Als ik vakantie had, ging ik altijd surfen. Ik hield van autorijden. Maar een dwaze, hevige uitbarsting van woede maakte aan dat alles abrupt een eind.

Ik was met mijn vrouw, Gemma, op bezoek bij familie toen een paar jongens onze aandacht trokken. Wij zagen dat zij stukken van het tuinhek afbraken toen zij de weg afkwamen. Toen zij ons in het oog kregen, begonnen zij stukken hout in de tuin te gooien en vervolgens op het balkon van het huis, waar wij stonden. Eén stuk raakte Pippa, mijn vierjarig dochtertje. In een aanval van woede draaide ik me om en slingerde het bekerglas dat ik in mijn hand had naar de vandalen. Het balkon was 3,7 meter van de grond en op de een of andere manier verloor ik mijn evenwicht. Ik sloeg over de leuning en kwam op mijn hoofd terecht, waardoor er verscheidene wervels in mijn nek verschoven en braken.

Ik lag bijna een jaar in een ziekenhuisbed en had dus alle tijd om over mijn toestand na te denken. De man naast mij beroofde zich van het leven, en anderen die ik daar heb leren kennen, hebben sindsdien hetzelfde gedaan. De wanhoop en de frustratie zijn onbeschrijflijk. De last die ik anderen bezorgde en de wetenschap dat verbetering uitgesloten was, vormden een ware kwelling voor me. Ja, ook ik overwoog vaak een eind aan mijn leven te maken. Ik heb mijn vrouw zelfs gevraagd mij daarbij te helpen door tabletten voor me te bemachtigen. Maar ze zei dat ik gek was en wilde niet luisteren. Wat dankbaar zijn wij nu allebei dat zij weigerde dat te doen!

Het werd anders toen Gemma’s tante, die al jarenlang een getuige van Jehovah was, de bijbel met haar begon te bestuderen. Gemma begon er de zin van in te zien, maar ik was nooit in religie geïnteresseerd geweest. Wat ik predikanten op de televisie hoorde zeggen, vond ik waardeloos. Ik hield trouwens helemaal niet zo van studeren. Maar toen Gemma met mij over haar nieuwe geloof begon te praten, vond ik twee dingen direct aantrekkelijk.

In de eerste plaats hoorde ik dat de bijbel verband houdt met een van de onderwerpen die ik op school boeiend had gevonden, geschiedenis. Dat verbaasde me. Het was nooit bij me opgekomen dat er zo’n verband bestond. In de tweede plaats trok Gods rechtvaardigheid mij tot hem. Ik had altijd gedacht dat de onrechtvaardigheden van het leven nooit te verhelpen zouden zijn. Maar nu ik over Jehovah’s voornemen en zijn koninkrijk hoorde, ging ik inzien dat het recht zal zegevieren. — Deuteronomium 32:4; Lukas 18:7, 8.

Een levensdoel

Daarna maakte ik snelle vorderingen met mijn bijbelstudie. Ik had een levensdoel gevonden, zo invalide als ik was en zou blijven. Ik had alle reden om dankbaar te zijn. Maar al gauw wilde ik meer, want ik besefte dat ik zo veel kon doen om anderen te helpen met de kennis die ik opdeed.

Hoe kon ik vorderingen maken? Dat was de kwellende vraag. Gemma en ik werden tegelijk gedoopt en ik studeerde hard, met de hulp van veel goede leraren, om geestelijk te groeien. Het keerpunt kwam echter toen ik las over een Getuige in Libanon.a Hij was 46 jaar en was al 18 jaar volkomen bedlegerig. Toch was hij, hoe onmogelijk mij dat ook toescheen, ouderling in de christelijke gemeente! Tot dusver had hij 16 mensen geholpen opgedragen dienstknechten van Jehovah te worden en hij leidde maandelijks zeven bijbelstudies. Zijn ervaring was een bron van inspiratie voor mij.

De plaatselijke huisvestingscommissie zorgde voor een huis voor mijn gezin met alles gelijkvloers, geheel en al uitgerust met mechanische voorzieningen waardoor ik me kan verplaatsen. Ik ben gezegend met alle materiële hulp die ik nodig heb. Onze families staken de koppen bij elkaar en kochten een busje waarin mijn rolstoel gemakkelijk neergezet kan worden. Dit stelt ons als gezin in staat naar de vergaderingen in de Koninkrijkszaal te gaan. Liefdevol trof de plaatselijke gemeente snel regelingen voor een gemeenteboekstudie bij mij thuis.

Mijn verlangen om van huis tot huis te prediken werd vervuld toen broeders en zusters in de gemeente aanboden mijn rolstoel te duwen. Ik kan met de huisbewoners spreken, maar omdat ik mijn armen en handen niet kan gebruiken, is er geen sprake van dat ik de bijbel hanteer. Daarom verwijs ik naar schriftplaatsen en dan laat de broeder of zuster die bij mij is de verzen uit zijn bijbel zien en biedt de hulpmiddelen voor bijbelstudie aan die ik noem.

Natuurlijk komen veel mensen mij thuis bezoeken, en op die manier kan ik bijbelstudies leiden. Ik heb mij ook de kunst van het brieven schrijven eigen gemaakt door een pen in mijn mond te houden, zodat ik op elk moment van de dag actief kan zijn in de prediking. En ik heb al drie jaar regelmatig in de hulppioniersdienst kunnen staan.

Bekwaam om te onderwijzen

Na verloop van tijd kwam ik in aanmerking voor het ambt van dienaar in de bediening, maar hoe zou ik ooit vanaf het podium kunnen onderwijzen? Tijdens mijn studie had ik geleerd de bladzijden van de bijbel om te slaan met behulp van een stokje, dat ik tussen mijn tanden hield. Hoewel dit heel doenlijk is, betekent het natuurlijk wel dat ik met spreken moet ophouden als ik het stokje opneem en het later verleg. Al snel besefte ik dat de oplossing lag in het gebruik van mijn tong — om de bladzijden van de bijbel om te slaan! En dat doe ik nu.

Deze ongewone techniek heeft mij in staat gesteld mijn bekwaamheid als spreker te ontwikkelen en ik heb nog veel meer geleerd door mijn toewijzingen op de theocratische bedieningsschool. U kunt u wel indenken hoe ik mij voelde toen ik in 1984 als ouderling in de gemeente werd aangesteld!

De volgende stap was het houden van een openbare lezing, die 45 minuten duurt. Dit vergt een uiterst nauwgezette voorbereiding, en hoewel ik het altijd lichamelijk vermoeiend vind, houd ik vol. Nu geniet ik bovendien het voorrecht van tijd tot tijd naburige gemeenten te bezoeken om daar een lezing te houden. De kinderen zijn gefascineerd als zij mij de bladzijden van de bijbel met mijn tong zien omslaan, en soms proberen zij mij na te doen. Maar dat geven zij al snel op. Het vereist heel wat oefening om het efficiënt te doen.

Als ik terugkijk, herinner ik me nog heel goed de verbittering die ik voelde toen ik pas uit het ziekenhuis was. Ik wist dat de vrouwen van veel anderen die net als ik invalide waren, hun man hadden verlaten. Als Gemma mij in de steek had gelaten, zou ik dat begrepen hebben. In plaats daarvan heeft zij mij als een liefdevolle partner terzijde gestaan, gesteund door Pippa, onze dochter. Met hun hulp en de hulp van de gemeente heb ik mij kunnen ’verruimen’ om anderen te helpen (2 Korinthiërs 6:13). — Verteld door Tony Wood.

[Voetnoten]

a Zie het artikel in De Wachttoren van 15 juli 1981, „Wanhoop maakt plaats voor vreugde”, verteld door Estefan Kalajian.

[Illustraties op blz. 25]

Met Gemma en Pippa, mijn vrouw en dochter

Ik sla de bladzijden om met mijn tong

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen