Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g87 8/6 blz. 17-20
  • „Is de bijbel werkelijk waar?”

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • „Is de bijbel werkelijk waar?”
  • Ontwaakt! 1987
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Maakt het wat uit?
  • Alleen maar een bijbel bezitten is niet voldoende
  • Hoe kun je de bijbel toetsen?
  • „Twee zijn beter dan één”
  • Een unieke bron van superieure wijsheid
    Wat is het doel van het leven? Hoe kunt u het vinden?
  • Is de bijbel werkelijk van God afkomstig?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1983
  • De Bijbel, een boek van God
    Wat kun je leren uit de Bijbel?
  • Wat zal de toekomst mij brengen?
    Wat jonge mensen vragen — Praktische antwoorden
Meer weergeven
Ontwaakt! 1987
g87 8/6 blz. 17-20

Jonge mensen vragen . . .

„Is de bijbel werkelijk waar?”

MICHELLE werd christelijk opgevoed door ouders die een sterk geloof in de bijbel hadden. Voor Michelle was aanvaarden dat de bijbel waar was net zo iets als aanvaarden dat er na de nacht weer een dag volgt.

Op een dag drong het tot haar door dat zij niet wist waarom zij in de bijbel geloofde. „Ik denk dat ik er tot dat moment in geloofde omdat mijn moeder en vader erin geloofden,” zei ze, „maar ik voelde dat ik meer nodig had om er zeker van te zijn dat de bijbel waar was. Ik had nooit echt zelf de bewijzen bijeengezocht dat de bijbel het geïnspireerde Woord van God is.”

Maakt het wat uit?

Je vraagt je misschien af: ’Is het werkelijk zo belangrijk om ervan overtuigd te zijn dat de bijbel waar is?’ Dat is het inderdaad!

In de eerste plaats maakt de bijbel er aanspraak op het boek van God te zijn (1 Thessalonicenzen 2:13). Als dit zo is, hangt je leven ervan af of je doet wat erin staat. „Mijn woorden . . . zijn leven voor wie ze vinden”, zegt Gods Woord. — Spreuken 4:20-22.

Als nu je leven afhing van de bekwaamheid van een chirurg, zou je er dan niet zeker van willen zijn dat hij geen kwakzalver was? Evenzo is het noodzakelijk zeker te weten dat de bijbel waar is.

Alleen maar een bijbel bezitten is niet voldoende

Dit betekent meer dan alleen maar een bijbel bezitten. In grote stadsflats wonen mensen vaak vlak naast elkaar en blijven toch vreemden hoewel zij slechts door een muur worden gescheiden. Zo groeit er bij hen nooit vertrouwen in hun buren. Om dat vertrouwen op te bouwen, moeten zij de tijd nemen om elkaar beter te leren kennen. Op dezelfde wijze kun je de bijbel binnen handbereik hebben liggen zonder dat je hem leert kennen. Als je ooit vertrouwen in de bijbel wilt krijgen, moet je hem aan een onderzoek onderwerpen.

De raad van de apostel Paulus aan christenen was ’zich te vergewissen van alles’. Of zoals de parafrase in The Living Bible het uitdrukt: „Beproef alles wat wordt gezegd, om er zeker van te zijn dat het waar is” (1 Thessalonicenzen 5:21). Deze uitdrukking betekent dat je iets aan een nauwkeurig of nauwgezet onderzoek moet onderwerpen om te zien of het echt is. Het werd in oude tijden gedaan in verband met edele metalen. Als je een gouden ring of halsketting zou kunnen kopen, zou je je er dan niet eerst van overtuigen of het echt goud was?

Pamela was iemand die sinds haar tiende de bijbel in zekere zin passief had aanvaard. Maar toen zij ouder werd, zag zij er de noodzaak van in de bijbel grondiger te bestuderen. „Te horen krijgen dat de bijbel waar is, was niet voldoende voor mij”, zegt zij. „Ik moest logische redenen hebben om mij te overtuigen” (1 Petrus 3:15). Haar houding leek op die van enkele mensen die in het oude Beréa woonden.

Omstreeks het jaar 50 G.T. bezocht de apostel Paulus deze Griekse stad. Wat Paulus die joden uit Beréa vertelde, scheen hun zinnig toe. Maar zij wilden zekerheid hebben (Spreuken 14:15). Wat deden zij? Nadat zij naar Paulus hadden geluisterd, ’onderzochten zij dagelijks de Schriften of deze dingen zo waren’ (Handelingen 17:11). Zij vergeleken Paulus’ woorden dus zorgvuldig met wat zij in de bijbel konden vinden. Jij kunt hetzelfde doen!

Hoe kun je de bijbel toetsen?

Hoe begin je? Een van de krachtigste bewijzen voor inspiratie van de bijbel is zijn onfeilbare vermogen de toekomst te voorzeggen. „Wie onder [de natiën] kan dit vertellen?” vraagt de bijbel. Slechts de almachtige God kan zonder falen ’van het begin af de afloop vertellen’ (Jesaja 43:9; 46:10). En dat doet hij herhaaldelijk in de bijbel. „Nadat ik enkele bijbelprofetieën had onderzocht,” zegt de 14-jarige Janine, „stond ik er gewoon versteld van hoe de bijbel al die dingen die erin stonden, allemaal kon voorzeggen.”

Een ander terrein van onderzoek zou de historische nauwkeurigheid van de bijbel kunnen zijn. Zo zegt Pamela: „Het heeft mij werkelijk geholpen om te zien dat de bijbel in historisch opzicht authentiek is. Ik begon te beseffen dat dit werkelijke gebeurtenissen en werkelijke mensen waren, niet zo maar verhaaltjes.”

Andere lonende terreinen van studie en onderzoek zijn de innerlijke harmonie van de bijbel, zijn eerlijkheid en openhartigheid en zijn wetenschappelijke nauwkeurigheid. Bladzijde 18 en 19 geven voorbeelden van inlichtingen die vertrouwen in de bijbel opbouwen.

Nog een andere manier waarop je bijbelonderzoek kunt benaderen, vind je aangetipt in wat een jongeman, genaamd Philip, zegt: „Mijn vertrouwen in de bijbel groeide toen ik de uitwerking ervan zag op het leven van mensen. Ik zag dat degenen die naar de bijbel leefden, daar niet door belast werden, maar er juist heel veel baat bij hadden.”

Zou je niet verwachten dat een boek van God zo’n goede uitwerking zou hebben? En de feiten tonen aan dat wanneer mensen de aanwijzingen erin opvolgen, zij betere mensen worden. (Zie Efeziërs 4:20-32.) „Wanneer je ziet hoe het toepassen van bijbelse beginselen mensen gelukkig maakt,” voegt de 13-jarige Sarah eraan toe, „neemt je vertrouwen dat de bijbel waar is, werkelijk toe” (Psalm 119:1, 2; vergelijk 1 Koningen 10:6-8). Hoe waar!

„Twee zijn beter dan één”

Natuurlijk heb je misschien wat hulp nodig als je je zo in de bijbel gaat verdiepen. En het Wachttorengenootschap heeft publikaties vervaardigd om je te helpen.a Bovendien herinnert Prediker 4:9 ons eraan dat ’twee beter zijn dan één’. Waarom zou je niet op iemand toestappen die je vertrouwt, iemand die de zaak niet zal bagatelliseren, en om hulp vragen?

De 15-jarige Walter ontdekte bijvoorbeeld dat weinig van zijn medescholieren of leraren in de bijbel geloofden. Dit maakte hem van streek en bracht hem in verwarring. Hij ging daar echter mee naar zijn vader. Toen besteedden zij samen vele uren aan een zorgvuldige studie van de bijbel om vertrouwen op te bouwen in de waarheidsgetrouwheid ervan. „Ik was in staat goede redenen te vinden om in de bijbel te geloven in plaats van zo maar blindelings iets te aanvaarden”, zegt hij. — Romeinen 12:1, 2.

„Wees eerlijk tegenover je ouders als je enig probleem van deze aard hebt”, oppert Janel, een jonge vrouw. „Stel vragen als er iets is dat je moeilijk kunt geloven” (Spreuken 15:22). Dennis heeft dat op bittere wijze moeten leren. Hij maakte een pijnlijke periode van opstandigheid door voordat hij er voor zichzelf achter gekomen was dat de bijbel waar is. Zijn ervaring leerde hem hoe noodzakelijk het is om diepe persoonlijke belangstelling te tonen en moeite te doen om vertrouwen in de bijbel op te bouwen. „Het kan later tot grote problemen leiden”, zegt hij „als je gewoon passief aanneemt wat je ouders je vertellen zonder er zelf over na te denken.” — 1 Timótheüs 4:15.

Een andere grote bron van hulp in deze kwestie is omgang met anderen die een sterk geloof in de bijbel bezitten (Spreuken 27:17). „Vraag anderen wat hen heeft overtuigd”, zegt Dennis. En wanneer je samenkomt met medeaanbidders, maak er dan een gewoonte van een goede luisteraar te zijn (Hebreeën 10:24, 25). „Ik zat gewoonlijk op de vergaderingen zonder veel in mij op te nemen”, zegt de 21-jarige Kimberley. „Toen ging ik beseffen dat, wilde ik ooit een werkelijk geloof in de bijbel krijgen, ik veel meer zou moeten doen.” Zij volgde de raad in Spreuken 1:5 op. Zij ’ging beter luisteren en stak er meer van op’.

Ten slotte is het noodzakelijk om de juiste houding te hebben (Psalm 25:4, 5, 9). Als je vertrouwen wilt hebben in de bijbel, „is het heel belangrijk om tot God te bidden om hulp”, beklemtoont Sarah. Het is immers zijn boek. Wij moeten een beginsel volgen dat Jezus uitsprak: „Blijft vragen, en het zal u gegeven worden; blijft zoeken, en gij zult vinden” (Matthéüs 7:7). Op deze manier zal je vertrouwen in de bijbel groter worden.

De apostel Paulus zei tot Timótheüs: „Blijft gij echter in de dingen die gij hebt geleerd en waarin gij door overtuiging zijt gaan geloven”, of, zoals The New Testament in Modern English het zegt, „de dingen die je hebt geleerd en waarvan je weet dat ze waar zijn” (2 Timótheüs 3:14). Timótheüs was door overtuiging gaan geloven in de dingen die hem waren geleerd omdat hem voldoende bewijzen waren verschaft. Zo was het ook met Michelle, die aan het begin van het artikel werd genoemd. Zij onderzocht zorgvuldig de bewijzen en kan nu zeggen: „Ik ben ervan overtuigd dat de bijbel waar is.”

[Voetnoten]

a Over profetieën die in vervulling zijn gegaan, zou je Onze toekomstige wereldregering — Gods koninkrijk kunnen lezen, of hfdst. 7 van het boek „Uw koninkrijk kome”, dat profetieën behandelt over de komst van Jezus Christus. Andere nuttige informatie is te vinden in Is de bijbel werkelijk het Woord van God?, „De gehele Schrift is door God geïnspireerd en nuttig” en hfdst. 17 en 18 van Leven — Hoe is het ontstaan? Door evolutie of door schepping?

[Kader/Illustratie op blz. 18, 19]

Bijbelprofetieën en hun vervulling

Lees de profetieën die staan opgetekend in Lukas 19:41-44; 21:20, 21. Kort voor zijn dood in 33 G.T. weende Jezus over Jeruzalem omdat hij wist wat er met de stad zou gebeuren. Hij voorzei hoe de Romeinen zouden komen en een „versterking . . . met puntige palen” rond Jeruzalem zouden bouwen en hoe zij de stad zouden verwoesten en veel droefheid zouden veroorzaken. Toen waarschuwde hij zijn discipelen om wanneer zij de Romeinen tegen de stad zouden zien optrekken, „naar de bergen [te] vluchten” en zo hun leven te redden.

Als je de geschiedenis onderzoekt, zul je merken dat dit alles uitkwam. In 66 G.T., 33 jaar later, vielen de Romeinse legers Jeruzalem aan. Maar zoals de joodse geschiedschrijver Josephus bericht, „riep Cestius plotseling zijn soldaten terug, gaf zonder enige tegenslag te hebben geleden de hoop op, en trok zich tegen alle verwachting van de stad terug”. Hierdoor kregen de christenen die zich Jezus’ profetie herinnerden, de gelegenheid te ontsnappen. In 70 G.T. kwamen de Romeinen terug, bouwden rondom de stad een 7,2 kilometer lange omheining en sloten iedereen binnen de stad op. „Jeruzalem zelf werd systematisch verwoest en de Tempel werd tot een puinhoop gemaakt”, zegt The Bible and Archaeology.

De historische authenticiteit van de bijbel

Het boek A Lawyer Examines the Bible belicht de historische nauwkeurigheid van de bijbel op deze wijze: „Terwijl liefdesgeschiedenissen, legenden en valse getuigenissen de verhaalde gebeurtenissen zorgvuldig in een of ander verafgelegen oord en in een niet nader omschreven tijd plaatsen en zo de fundamentele regels voor een goed pleidooi schenden die wij als juristen leren, namelijk dat ’de verklaring tijd en plaats moet noemen’, geven de vertellers in de bijbel ons de datum en plaats van de verhaalde dingen met de uiterste precisie.”

The New Bible Dictionary geeft als commentaar: „[De schrijver van Handelingen] plaatst zijn verhaal in het raamwerk van het leven van die tijd; zijn bladzijden staan vol verwijzingen naar stadsmagistraten, provinciale stadhouders, vazalvorsten, enzovoort, en deze verwijzingen blijken keer op keer precies te kloppen voor de plaats en de periode in kwestie.”

De innerlijke harmonie en openhartigheid van de bijbel

Stel je eens voor dat men in de tijd van het Romeinse Rijk was begonnen met het schrijven van een boek, waaraan in de middeleeuwen en daarna nog steeds was gewerkt en dat in deze 20ste eeuw pas zou zijn voltooid. Wat zou je verwachten als de schrijvers zulke uiteenlopende beroepen hadden gehad als soldaat, koning, priester, visser, herder en arts? Zou je verwachten dat het een harmonieus of samenhangend geheel zou zijn? ’Onmogelijk!’ zeg je. De bijbel werd onder deze omstandigheden geschreven — maar desondanks vormt het hele boek een harmonieus geheel! De bijbel is een verzameling van 66 boeken die over een periode van 1600 jaar door zo’n 40 verschillende schrijvers werd geschreven.

Terwijl de meeste oude schrijvers alleen melding maakten van hun successen en deugden, gaven de bijbelschrijvers openlijk hun fouten toe, alsook de tekortkomingen van hun koningen en leiders. Lees enkele voorbeelden hiervan in Numeri 20:1-13 en Deuteronomium 32:50-52 betreffende Mozes die deze boeken schreef; Jona 1:1-3 en 4:1 betreffende Jona’s eigen tekortkomingen; Matthéüs 17:18-20, 18:1-6, 20:20-28 en 26:56 betreffende de slechte eigenschappen die bij Jezus’ discipelen aan het licht traden. De eerlijkheid en openhartigheid van de bijbelschrijvers ondersteunen hun aanspraak dat zij door God werden geïnspireerd.

[Illustratie op blz. 17]

Voordat je een gouden sieraad koopt, vergewis je je ervan dat het echt is

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen