Kruiswoordpuzzel
Horizontaal
1. Om hen te ontzien, daarom was Paulus nog niet naar Korinthe gekomen (2 Korinthiërs 1:23)
4. „Een van de presiderende dienaren van de synagoge”, waarschijnlijk van Kapernaüm (Markus 5:22)
8. De man die de Ark aanraakte (2 Samuël 6:6)
9. De profeet die de Syriërs uit Dothan dachten te halen (2 Koningen 6:11-14)
11. Christus heeft ons iets nagelaten (1 Petrus 2:21)
12. De man die alles probeert te winnen maar zijn leven zou verliezen, moet niet aan zo iets als eer denken, maar gewoon hieraan (Matthéüs 16:26)
13. Inleidend woord dat iemands aandacht vraagt (Matthéüs 19:27)
14. Hun zou goed nieuws bekendgemaakt worden (Lukas 4:18)
15. Zonder deze is de dood zijn overwinning kwijt (Hosea 13:14)
17. Belangrijke stad ten noorden van de Marktplaats van Appius (Handelingen 28:14, 15)
20. Raadselachtige aanduiding voor een dode leeuw (Rechters 14:14)
21. De Filistijnen sloegen er hun kamp op (1 Samuël 28:4)
22. Niet één (Exodus 33:20)
25. En van hem zal dan scepter en gebiedersstaf zijn (Genesis 49:10)
26. Zeer bedrijvige vrouw; heel prijzenswaardig, maar zij kreeg toch raad (Lukas 10:40, 41)
30. Onderwerp dat angstvallig werd gemeden (Psalm 39:2)
33. Jehovah, de Schepper, is waardig deze te ontvangen (Openbaring 4:11)
34. De as van dit dier moest bewaard worden voor het reinigingswater (Numeri 19:9)
35. Met een zwaard moest hij die afscheren (Ezechiël 5:1)
36. Grootvader van Jehu (1 Koningen 19:16)
37. Zoon van Jakob, wiens naam geluk betekende (Genesis 49:20)
38. Tot dit gebouw zou de boodschapper van het verbond komen (Maleachi 3:1)
39. Als gewichtsmaat in de eerste eeuw ongeveer 20 kg (Openbaring 16:21)
Verticaal
2. Hiermee werd het oor doorboord van de slaaf die zijn meester tot onbepaalde tijd wilde toebehoren (Exodus 21:6)
3. Is het dit voor weinig of voor alle dingen? (1 Timótheüs 4:8)
4. Bevestigend antwoord (Johannes 21:16)
5. Zo’n kleur, en dan fonkelend in de beker . . . (Spreuken 23:31)
6. Een van de vrouwen die Jezus in Galiléa steeds hadden vergezeld (Markus 15:40, 41)
7. Uitgenomen, uitgezonderd (Jesaja 45:5)
10. Hij was toen geen hogepriester meer maar nog wel erg belangrijk (Lukas 3:2)
11. Niet zonder (Markus 10:30)
13. Dit hulpwerkwoord drukt een toekomende tijd uit (Openbaring 21:4)
16. Bedrag (Numeri 5:7)
18. Niet dat Jehovah deze letterlijk zou hebben; het is natuurlijk puur een voor ons mensen begrijpelijke omschrijving (Psalm 11:4)
19. Tegenovergestelde van weinig (Lukas 10:41)
21. Zoon van Noach
23. Opmerkelijke beschrijving van een koning (Zacharia 9:9)
24. Hierin namen zij extra olie mee (Matthéüs 25:4)
25. Een dag die heilig was voor de Israëlieten (Exodus 31:14)
27. Een stadium in de groei (Markus 4:28)
28. Iets dat vaak wel te verhelpen blijkt (2 Korinthiërs 8:14)
29. Verblijfplaats van een zieke (Psalm 41:3)
31. Deze zijn echt flink wat groter dan een grashalm (Jesaja 61:3)
32. Zo’n hart heeft een weldadige uitwerking op de rest van het lichaam (Spreuken 14:30)
37. Niets uitgezonderd (Psalm 150:6)
OPLOSSING OP BLZ. 26
Oplossing horizontaal
1. SPAREN
4. JAÏRUS
8. UZZA
9. ELISA
11. MODEL
12. NUT
13. ZIE
14. ARMEN
15. ANGELS
17. ROME
20. ETER
21. SUNEM
22. GEEN
25. SILO
26. MARTHA
30. TABOE
33. EER
34. KOE
35. BAARD
36. NIMSI
37. ASER
38. TEMPEL
39. TALENT
Oplossing verticaal
2. PRIEM
3. NUTTIG
4. JA
5. RODE
6. SALOME
7. BEHALVE
10. ANNAS
11. MET
13. ZAL
16. SOM
18. OGEN
19. VEEL
21. SEM
23. NEDERIG
24. VATEN
25. SABBAT
27. AAR
28. TEKORT
29. BED
31. BOMEN
32. KALM
37. AL