De zienswijze van de bijbel
Wordt uw toekomst door het noodlot bepaald?
EEN hand veegt voorzichtig wat stof van het gezicht van een kind, een teder gebaar dat veel ouders zullen kennen. Maar dit is op een afschuwelijke wijze anders. Het kind ligt daar om begraven te worden — een van de meer dan 2000 slachtoffers van een ramp die heel India in droefheid dompelde en de rest van de wereld met afgrijzen vervulde. Het tafereel was de nasleep van het ontsnappen van een giftige witte gaswolk die zich, letsel en dood veroorzakend, over de stad Bhopal legde.
Sommige Indiërs zullen bij het beschouwen van deze tragedie zeggen dat het een kwestie van ’noodlot’ was. Anderen berusten in de gedachte dat het zo ’verordend’ was, dat het nu eenmaal ’zo geschreven’ stond. Maar niet alle Indiërs stellen het blinde noodlot aansprakelijk voor de ramp van Bhopal.
Wat gelooft u? Was het noodlot verantwoordelijk? Wordt onze toekomst door het noodlot bepaald?
Bent u een marionet van het noodlot?
De met het idee van een noodlot samenhangende leer van het fatalisme houdt in dat ’gebeurtenissen van tevoren voor altijd zo zijn vastgelegd dat mensen niet bij machte zijn ze te veranderen’. Door wie? ’Een onpersoonlijke bovennatuurlijke macht’, zullen sommige fatalisten antwoorden. Anderen geloven dat een god het hele levenspatroon van de persoon, met inbegrip van het moment en de wijze van zijn dood, heeft vastgelegd, en dat daar niets aan te veranderen valt.
De bijbel geeft echter een heel andere visie weer. Er staat in dat sommige gebeurtenissen en ook het lot van de goeden en de kwaden voorbeschikt zijn, maar dat de bestemming van afzonderlijke personen niet vastligt. De Dictionary of the Bible zegt in commentaar op het woord „fate” (lot, noodlot) zoals dat in een bepaalde vertaling gebruikt werd: „Onderzoek van de context toont aan dat hier nergens een blind fatalisme wordt verwoord. Soms slaat het op het gemeenschappelijke lot van mensen, soms op de doem die mensen over zich brengen of die over de gemeenschap wordt gebracht.” (Zie Numeri 16:29 in de Revised Standard Version als een van de hier bedoelde voorbeelden. In de Groot Nieuws Bijbel luidt dit vers: „Als deze mannen het lot ondergaan dat alle mensen moeten ondergaan, en een natuurlijke dood sterven, . . .”)
Merk op hoe de bijbel de fundamentele, inderdaad te beredeneren regel van oorzaak en gevolg bevestigt met de woorden: „Wordt niet misleid: God laat niet met zich spotten. Want wat een mens zaait, dat zal hij ook oogsten” (Galáten 6:7). Dit vers is een axioma, een vanzelfsprekende waarheid. Er is geen bewijs voor nodig, geen „omdat”. Aangezien wij oogsten wat wij zaaien, is het dan ook niet evident dat wij zelf verantwoordelijk zijn voor veel van wat ons overkomt? Het blinde noodlot neemt geen beslissingen.
De vrijheid om te kiezen
Wij hebben de vrijheid om te kiezen. Dat er een keus bestaat, blijkt heel duidelijk uit de volgende bijbeltekst: ’Ik heb u het leven en de dood voorgelegd, de zegen en de vervloeking; en gij moet het leven kiezen, opdat gij moogt blijven leven, gij en uw nageslacht, door Jehovah, uw God, lief te hebben, door naar zijn stem te luisteren en door hem aan te hangen; want hij is uw leven en de lengte uwer dagen’ (Deuteronomium 30:19, 20). Waarom zou Jehovah ons aanmoedigen het leven te kiezen als er geen keus bestond?
Als wij slechts met vlees beklede robots waren waarvan de handelingen reeds van tevoren door de een of andere hemelse programmeur waren vastgelegd, welke waarde zou er dan liggen in Jezus’ raad ’ons krachtig in te spannen om binnen te gaan door de nauwe deur’ die naar eeuwig leven leidt? Of in zijn uitspraak: „Wie tot het einde heeft volhard, die zal gered worden”? Helemaal niets! Iemand die in geestelijk opzicht maar weinig vorderingen maakt, zou ook inderdaad geen redenen hebben om zich in te spannen om God te dienen of te volharden in het vasthouden aan bijbelse richtlijnen. — Lukas 13:24; Matthéüs 24:13.
Als Jezus’ volgeling Paulus had geloofd dat zijn eeuwige bestemming reeds vastlag, worden deze woorden van hem zinloos: „Daarmee wil ik niet zeggen dat ik er al ben, maar dat ik op mijn doel afga. Ik probeer het leven te grijpen waarvoor Christus mij gegrepen heeft. Niet dat ik denk daarin al geslaagd te zijn, broeders, maar ik zet me er wel volledig voor in. Ik vergeet wat achter me ligt en strek me uit naar wat voor me ligt. Ik snel recht op mijn doel af; ik wil de prijs behalen die, nu God mij door Jezus Christus geroepen heeft, in de hemel voor mij klaar ligt.” — Filippenzen 3:11-14 [12-14], Het Levende Woord, Nieuwe Testament in gewoon Nederlands.
Heeft het zin dat een christen zich zo inzet en op een eindstreep ’afsnelt’, als het noodlot al heeft gedicteerd wie de winnaar zal zijn nog voordat de wedloop begint? Waarom zelfs aan de wedloop gaan deelnemen? Het hele idee van ’wat moet gebeuren, gebeurt toch’, is niet in overeenstemming met de bijbelse zienswijze.
Wij zijn dus niet louter marionetten in de handen van een hogere macht die elke daad van ons bestuurt. Onze bestemming was niet al voor onze geboorte vastgelegd.
Waarom goede mensen kwade dingen overkomen
Als niet het noodlot onze levens bepaalt, waarom lijken goede mensen dan kwade dingen te overkomen? „Tijd en onvoorziene gebeurtenissen treffen hen allen”, is één antwoord dat de bijbel geeft (Prediker 9:11). Mensen kunnen onschuldige slachtoffers worden door een toevallige samenloop van omstandigheden. Op het verkeerde moment kunnen zij zich op de verkeerde plaats bevinden.
Een tweede antwoord dat men in de bijbel vindt, is dat de mensheid zonde heeft geërfd en daarom onvolmaakt is. ’Door bemiddeling van één mens is de zonde de wereld binnengekomen en door middel van de zonde de dood, en aldus heeft de dood zich tot alle mensen uitgebreid omdat zij allen gezondigd hadden’ (Romeinen 5:12). Niet alleen de daden van mensen maar ook de dingen die zij bouwen of maken, zijn onderhevig aan fouten en gebreken. Het omzeilen van veiligheidsvoorschriften, het geen acht slaan op wel gegeven waarschuwingen, goede wil die moet wijken voor hebzucht, en andere soortgelijke voorbeelden moeten toegeschreven worden aan de onvolmaakte aard van de mens.
Het is dus niet het noodlot dat onze toekomst bepaalt; wij zijn vrij onze eigen bestemming te kiezen. De Britse dichter William Ernest Henley bracht een soortgelijke overtuiging tot uitdrukking toen hij zei: „Ik ben de meester van mijn lot; ik ben de kapitein van mijn ziel.” Drieduizend jaar voordien verwoordde een bijbelschrijver het nauwkeuriger. Hij wist dat hij een goede of een kwade toekomst in zijn eigen hand had. Het hing ervan af of hij verkoos God te dienen of niet. Hij schreef: „Kiest . . . heden zelf wie gij zult dienen . . . Maar wat mij en mijn huisgezin betreft, wij zullen Jehovah dienen.” — Jozua 24:15.
[Inzet op blz. 16]
Is de tragedie van Bhopal door het noodlot veroorzaakt?
[Inzet op blz. 17]
Velen geloven dat het hele leven van een persoon al vastligt en dat daar niets aan valt te veranderen
[Inzet op blz. 17]
De bijbel zegt dat sommige gebeurtenissen voorbeschikt zijn, maar de bestemming van afzonderlijke personen is niet vastgelegd