Hoe een up-to-date bijbelvertaling werd geproduceerd
IN ONZE door geweld, honger en vervuiling gekwelde wereld bestaat geen gebrek aan slecht nieuws. Maar hier is wat goed nieuws: In deze goddeloze „laatste dagen” van Satans samenstel van dingen worden miljoenen exemplaren van Gods Woord, de bijbel, in honderden talen gedrukt en over de hele aarde verspreid. — 2 Tim. 3:1.
Hoe graag zouden Satan en zijn demonen deze wereldomvattende verspreiding van Gods Woord een halt toeroepen! Toch is de volledige bijbel thans in 275 talen verkrijgbaar, terwijl gedeeltelijke vertalingen — een of meer bijbelboeken — al in 1710 talen bestaan. Gods Woord is beschikbaar in de taal van bijna iedereen op aarde. Zelfs in deze donkere episode van de menselijke geschiedenis ’is Jehovah’s hand niet te kort’ om zijn levenschenkende Woord bij degenen te brengen die het nodig hebben. — Jes. 50:2.
Het is waar dat sommigen bijbels verspreiden uit winstbejag. Naar schatting worden in de Verenigde Staten ieder jaar zo’n 20 miljoen exemplaren verkocht, waarvan vele op commerciële basis. Maar andere personen vertalen, drukken en verspreiden Gods Woord uit liefde voor God en hun naaste. Jehovah’s Getuigen zijn hierin bijzonder actief.
De eerste christenen brachten de ontwikkeling op gang van de codex (een vroeg soort losbladig boek dat de destijds gebruikte, wat onhandige boekrollen verving). Op soortgelijke wijze weten de hedendaagse christelijke getuigen van Jehovah een goed gebruik te maken van de modernste methoden van gecomputeriseerd zetten en opmaken, alsook van geavanceerde offsettechnieken. Hun doel? De bijbel tegen een minimale kostprijs binnen ieders bereik te brengen. De laatste ontwikkeling hierin vormt de nieuwe in 1981 verschenen editie van de New World Translation of the Holy Scriptures. Mogen wij u er iets over vertellen?
Van ganzepennen tot computers
U zou geen bijbel kunnen lezen als nauwgezette afschrijvers in het verleden de Schrift niet uiterst zorgvuldig hadden gekopieerd. Het Hebreeuwse woord voor „afschrijver” komt van een grondwoord dat „tellen” betekent, omdat, volgens de talmoed, de afschrijvers gewoon waren de letters en woorden in ieder deel van de Schrift te tellen om er zeker van te zijn dat zij geen fouten maakten! De ontdekking van de Dode-Zeerollen heeft bewezen dat de afschrijvers goed werk leverden, aangezien die oude handschriften bijzonder weinig verschillen toonden met de latere masoretische tekst ondanks de bijna duizend jaar van afschrijven die ertussen lag.
De christelijke Griekse Geschriften werden eveneens met uiterste zorg afgeschreven, eerst op papyrus, en later op het duurzamere perkament. In plaats van de onhandige boekrollen van die tijd te gebruiken, schreven de eerste christenen de Schrift liever op afzonderlijke vellen die samengebonden of in een doos bewaard konden worden. Op deze wijze konden ijverige eerste-eeuwse predikers veel gemakkelijker verschillende schriftplaatsen met elkaar vergelijken, en aldus ’door middel van verwijzingen bewijzen’ dat Jezus de beloofde Messías was. — Hand. 17:3.
Natuurlijk worden bijbels niet langer met de hand afgeschreven. Het allereerste boek dat omstreeks 1450 G.T. op de pas uitgevonden drukpers van Johannes Gutenberg werd gedrukt, was de Latijnse Vulgaat en 47 exemplaren van die bijbeluitgave bestaan nog steeds. Met de uitvinding van de moderne druktechnieken kon men de bijbel binnen het bereik van de gewone man brengen, en weldra verschenen er, ondanks oppositie van de Kerk, bijbelvertalingen in de landstaal. Terwijl een afschrijver slechts een paar bladzijden per dag kon kopiëren, kan de moderne rollenoffsetpers waarmee in 1981 de nieuwste uitgave van de New World Translation werd gedrukt, meer dan 20.000.000 bijbelbladzijden per dag produceren! Terwijl een afschrijver op iedere bladzijde fouten zou kunnen maken, dupliceert de moderne pers de tekst nauwkeurig, blad na blad. De door de pers gereproduceerde bijbeltekst zit in een computer opgeslagen en is voor het maken van drukplaten op film overgebracht. Aldus kunnen er nieuwe platen voor de pers worden gemaakt zonder het gevaar dat er menselijke afschrijffouten insluipen. Het vervaardigen van bijbels heeft grote vorderingen gemaakt!
De „Nieuwe-Wereldvertaling” van 1981
In de uitgave van 1981 van de New World Translation of the Holy Scriptures zit het resultaat verwerkt van 35 jaar nauwgezet vertalen en zorgvuldig herzien. Het vertaalproject werd in 1946 op gang gebracht en tegen 1960 waren zowel de Hebreeuwse als de Griekse gedeelten van Gods Woord rechtstreeks uit de oorspronkelijke talen in het Engels overgezet. In al die jaren van vertalen werd heel wat nauwgezet onderzoek verricht door het Vertaalcomité van de Nieuwe-Wereldbijbel om er zeker van te zijn dat de woordkeus door de hele vertaling heen consequent was en dat de beste keus werd gemaakt uit de tekstvarianten van verscheidene handschriften. Jehovah’s Getuigen, die de Nieuwe-Wereldvertaling als hun belangrijkste schriftuurlijke verwijsbron gebruiken, hebben grote waardering voor dit wetenschappelijke werk en trekken er veel profijt van.
Maar het werk van het vertaalcomité (waarvan de leden op eigen verzoek anoniem blijven) was in 1960 niet beëindigd. De Engelse Nieuwe-Wereldvertaling werd in 1961 voor het eerst in één enkele band uitgebracht, en deze uitgave bracht een zorgvuldige herziening van al het voorgaande werk met zich. Daar de uitgave van 1961 geen voetnoten bevatte, werd in een aantal gevallen een weergave die in de vroegere edities in een voetnoot was ondergebracht, nu in de hoofdtekst opgenomen ten einde dichter bij de letterlijke betekenis van de oorspronkelijke talen te blijven. Bij een tweede herziening, in 1970, werden zowel veranderingen in het Engelse taalgebruik als in het begrip van de oude talen waaruit vertaald was, in aanmerking genomen. Meer dan 100 woorden of uitdrukkingen die in de uitgave van 1961 waren gebruikt, werden om die reden veranderd. In 1971 kwam de New World Translation in grote druk en met voetnoten uit, en opnieuw was de tekst herzien.
Het is de wens van de Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania, die de rechten van de Nieuwe-Wereldvertaling bezit, dat deze uitstekende vertaling up to date wordt gehouden. De Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift beoogt een nauwkeurig en letterlijke vertaling van Gods Woord te bieden, in overeenstemming met de levende, veranderende talen zoals die thans door de lezers ervan begrepen worden. Deze vertaling hecht meer waarde aan de betrouwbare overzetting van Gods Woord dan aan de stilistische of literaire overwegingen die veel moderne idiomatische of geparafraseerde bijbelvertalingen kenmerken.
De uitgave van 1981 van de New World Translation is het resultaat van een voortgezette zorgvuldige herziening van de voorgaande uitgaven, uitgevoerd met de bovenstaande richtlijnen in gedachten. Deze herziening werd vergemakkelijkt doordat onlangs in de belangrijkste drukkerij van het Wachttorengenootschap in Brooklyn, New York, moderne computergestuurde apparatuur werd geïnstalleerd.
In december 1979 begonnen enkele operators, aan computerterminals gezeten, de tekst van de bijbel in de computer van het Genootschap in te voeren. In iets meer dan vijf maanden was het intypen van twee verschillende uitgaven van de New World Translation in de computer gereed. De ene was de herziene uitgave van 1970 en de andere die van 1971 (in grote druk).
Deze dubbele invoering diende tweeërlei doel. Ten eerste hielp het de hoeveelheid tijd te verminderen die aan het proeflezen van de bijbel besteed zou moeten worden. Met het oog hierop ontwierp de computerafdeling van het Genootschap een programma om deze twee uitgaven letter voor letter te vergelijken. Wat zou er gebeuren wanneer ook maar het kleinste verschil werd ontdekt? De computer moest in zo’n geval het hele vers waarin het verschil stond, afdrukken en daarbij precies aangeven waar het verschil in het vers voorkwam.
Het werk van de proeflezers die moesten zoeken naar fouten bij het invoeren van de tekst, werd hierdoor dus tot een minimum beperkt. De computer vond de meeste fouten al! Het is waar dat eens in de zoveel tijd de twee typistes precies dezelfde fout in precies hetzelfde woord maakten. Maar dat gebeurde slechts ééns op de 500.000 aanslagen, en deze fouten werden door de proeflezers gevonden en gecorrigeerd.
Bovendien bood het invoeren van twee verschillende uitgaven van de New World Translation de gelegenheid om de computer ieder vers te laten lokaliseren waarin de twee uitgaven verschilden, ongeacht hoe klein het verschil was. Het Vertaalcomité van de Nieuwe-Wereldbijbel beschouwde vervolgens elk van deze verschillen en besliste welke weergave in de uitgave van 1981 zou worden gebruikt. Met behulp van de computer waren de proeflezers in staat zeer kleine variaties in de tekst van de New World Translation te vinden. Bepaalde eigennamen bijvoorbeeld waren in één deel van de bijbel in twee lettergrepen verdeeld (A’dam, E’sau) en verschenen in een ander deel als één woord zonder dat de lettergrepen waren aangegeven. Kleine verschillen inzake aanhalingstekens, haakjes en vierkante teksthaken werden eveneens gelokaliseerd en opgehelderd. Het eindresultaat is dat de uitgaven van 1981 van de New World Translation of the Holy Scriptures de meest nauwkeurige en consequente uitgave is die het Genootschap ooit heeft gepubliceerd.
Computergestuurd zetten
De computer doet veel meer dan proeflezers helpen. Hij is ook een schitterend werktuig voor het zetten en opmaken van de bladzijden. Hoe dat zo?
Voorgaande uitgaven van de Nieuwe-Wereldvertaling werden op Linotype regelzetmachines gezet, een werk dat meer dan duizend manuren vergde. De personen die deze machines bedienden, typten de bijbeltekst regel voor regel in, waarbij zij aan het eind van iedere regel moesten beslissen of het laatste woord van die regel moest worden afgebroken en, zo ja, hoe het woord dan moest worden verdeeld. Tijdens het zetten van de gehele bijbel hebben de zetters achter de Linotype duizenden van zulke beslissingen moeten nemen. Dit leidde onvermijdelijk tot enkele afbreekfouten.
Bovendien, „de personen die de Linotype bedienen, zijn ook maar mensen”, zette een ervaren medewerker op de drukkerij uiteen, „en zij zetten niet allemaal op precies dezelfde manier. Sommigen zijn geneigd wat ’krap’ te zetten, wat betekent dat zij net iets meer in een regel zullen proberen te krijgen dan andere zetters die ’ruimer’ zetten. Ook kan dezelfde zetter op verschillende dagen verschillend zetten”.
De computer van het Genootschap schakelde de noodzaak van Linotypes voor het produceren van de bijbel uit. Toen de tekst van de New World Translation eenmaal in de computer zat, besliste het programma hoe de tekst in regels zou worden verdeeld en hoe de regels tot bladzijden zouden worden opgemaakt. De computer was geprogrammeerd om woorden met een grote mate van nauwkeurigheid af te breken, en hij zette door de hele bijbel heen met dezelfde mate van ’krapheid’, waardoor de aanblik van de gedrukte bladzijde verbeterd is.
Natuurlijk kan de computer de tekst niet zelf zetten. Alles wat hij kan doen is beslissen hoe de gezette tekst eruit moet zien. Dit zetten gebeurt dan in een elektronische fotozetmachine die door de hoofdcomputer wordt bestuurd. Deze machine maakt gebruik van een elektronenstraal om elke letter die gezet moet worden op een speciale televisiebuis te projecteren. De letters, die in heel wat verschillende grootten en lettertypen op de buis kunnen verschijnen, worden in de zetmachine op fotografisch materiaal vastgelegd. Dit materiaal wordt dan gebruikt voor de produktie van een film waarmee de drukplaten worden gemaakt. Is de tekst van de bijbel eenmaal in de computer ingevoerd, dan kunnen er drukplaten in heel wat verschillende lettergrootten en opmaken worden vervaardigd zonder dat de tekst opnieuw ingevoerd behoeft te worden. De computer heeft er maar een paar seconden voor nodig om te beslissen hoe een bladzijde van de bijbel moet worden opgemaakt, en in een paar minuten heeft de fotozetmachine dan een afdruk geproduceerd die als basis zal dienen voor het maken van een drukplaat voor de offsetpers.
Nieuwe bijbelpers
De uitgave van 1981 van de New World Translation werd gedrukt op een nieuwe rollenoffsetpers die speciaal voor de produktie van bijbels was ontworpen. Deze nieuwe pers is 33 meter lang — behoorlijk groot in vergelijking tot de meeste bijbelpersen. Ze bedrukt vier rollen dun bijbelpapier tegelijk en produceert met iedere impressie 128 bijbelbladzijden, hetgeen neerkomt op meer dan 2600 bijbels per uur dat de pers draait.
„Onze oudere bijbelpersen produceren slechts 64 bladzijden per impressie”, zette een opziener van de drukkerij uiteen. „De nieuwe pers stelt ons in staat de bijbel met grotere gedeelten tegelijk te drukken. Derhalve hoeven er minder delen in de binderij aan elkaar genaaid te worden, wat tijd en mankracht spaart.”
De nieuwe pers biedt nog meer voordelen. Een vergelijking van de uitgave van 1981 van de New World Translation met voorgaande uitgaven onthult snel dat de nieuwe uitgave gemakkelijker leest en aangenamer is voor het oog. Waarom? Er werd gebruik gemaakt van een nieuw, fijner lettertype dat het waarschijnlijk niet zo goed zou hebben uitgehouden onder het geweld van een boekdrukpers, maar dat geen problemen geeft wanneer het op een offsetpers wordt gedrukt. Dit lettertype verleent de bladzijden van de nieuwe uitgave van 1981 een heel eigen heldere aanblik. Bovendien, wanneer bijbels op boekdrukpersen worden gedrukt, is het erg moeilijk om ervoor te zorgen dat de vereiste zware afdruk niet door de bladzijde heen te zien is waardoor deze nog donkerder zou worden. Dit probleem van het doorschijnen bestaat niet bij offsetdruk.
Een veeltalig computerproject
Toen er een begin werd gemaakt met de New World Translation, verwachtte niemand dat deze vertaling behalve in het Engels ooit nog in zes andere talen verkrijgbaar zou zijn, terwijl de Nieuwe-Wereldvertaling van de Christelijke Griekse Geschriften in nog eens vier talen verkrijgbaar zou zijn. Deze bijbelvertaling wordt momenteel gedrukt in de moedertalen van meer dan een miljard mensen, die aldus voordeel kunnen trekken van het tekstonderzoek en de wetenschappelijke aandacht die aan de oorspronkelijke Engelse vertaling zijn besteed.
Dit vertalen van een vertaling is aanzienlijk vereenvoudigd door de letterlijke aard van de Engelse Nieuwe-Wereldvertaling. „Het is bijna onmogelijk een geparafraseerde bijbel te gebruiken als basis voor een vertaling in een andere taal”, erkende een vertegenwoordiger van een van de genootschappen van de christenheid die zich bezighouden met het vertalen van de bijbel. Maar dat is niet het geval met de New World Translation! Tot op heden heeft de Engelse tekst van de bijbel als basis gediend voor bijzonder goede vertalingen in het Nederlands, Frans, Duits, Italiaans, Portugees, Spaans, Deens, Fins, Japans en Zweeds. Bij dit nauwgezette vertaalwerk heeft de Hebreeuwse en Griekse tekst van de bijbel ter raadpleging gediend. Serieuze studenten van Gods Woord trekken nu in veel landen profijt van een vertaling die moedig Gods naam, Jehovah, op zijn juiste plaats in de bijbeltekst heeft hersteld en die bovendien niet gekleurd is door religieuze overleveringen en de letterlijke betekenis van Gods Woord zo nauwkeurig mogelijk weergeeft.
Het drukken van bijbels in vele talen blijft voortgaan, en de mogelijkheden die de nieuwe computer van het Wachttorengenootschap biedt, zullen daar een grote hulp bij zijn. Toekomstige uitgaven van de Nieuwe-Wereldvertaling zullen, ongeacht de taal, uiteindelijk in een computer worden ingevoerd en zullen dezelfde voortreffelijke kenmerken bezitten als de Engelse uitgave van 1981.
Wereldomvattende modernisering
De Engelse Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift is echter pas het begin — de overschakeling op computerzetten door het Wachttorengenootschap gaat voort. Thans worden reeds moderne offsetrotatiepersen geïnstalleerd in de belangrijkste bijkantoren van het Genootschap die een drukkerij hebben. Wij hopen in de nabije toekomst over de hele wereld op fotozetten te kunnen overgaan en deze techniek dan toe te passen bij de aan het drukken voorafgaande bewerkingen van vele van de meer dan 160 talen waarin het Genootschap thans lectuur drukt. Deze snellere en nauwkeurigere methode van zetten zal tot gevolg hebben dat het tijdsinterval tussen de Engelse uitgaven van publikaties van het Genootschap en de uitgaven in andere talen kleiner zal worden. Dit vooruitzicht is werkelijk opwindend!
Een grote onderneming? Ja, maar er is al veel bereikt! Laat alle eer hiervoor gegeven worden aan Jehovah, wiens wil het is dat het „goede nieuws” van zijn Messiaanse koninkrijk „op de gehele bewoonde aarde” wordt gepredikt, ongeacht de plaatselijke talen! Zolang het Jehovah’s wil is dat dit predikingswerk voortgang vindt, is het Wachttorengenootschap van plan elk passend middel te gebruiken om Jehovah’s Woord der waarheid „tot de verst verwijderde streek der aarde” te brengen (Matth. 24:14; Hand. 1:8). Hoe bevoorrecht is een ieder die thans een aandeel kan hebben aan dit grootse werk!
[Illustratie op blz. 26]
Pers van Gutenberg (natuurgetrouwe kopie)