Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g81 22/12 blz. 17-19
  • Als mensen ons irriteren

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Als mensen ons irriteren
  • Ontwaakt! 1981
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Hoe Jezus op ergernissen reageerde
  • Wat te doen als iemand herhaaldelijk te kort schiet?
  • Jezus’ voorbeeld navolgen
  • Evenwicht bewaren in menselijke betrekkingen
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1969
  • Behoud dezelfde instelling als Christus
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2009
  • ‘Hierdoor zal iedereen weten dat jullie mijn discipelen zijn’
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk (studie-uitgave) 2023
  • Hoe nederigheid u kan beschermen
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1976
Meer weergeven
Ontwaakt! 1981
g81 22/12 blz. 17-19

Als mensen ons irriteren

ONLANGS meldde een toerist in een oosters land aan de hotelmanager dat hij zijn horloge miste. Toen het horloge na enige tijd nog niet terug was, raakte de toerist ervan overtuigd dat de manager zijn klacht naast zich neer had gelegd. In zijn ergernis gooide hij al zijn kleren, een prullenmand en een televisietoestel uit het raam van zijn kamer op de 18de verdieping naar beneden, waar alles in en om het zwembad terechtkwam!

Hebt u ooit uit frustratie over het gedrag van anderen de neiging gevoeld u te laten gaan? Velen wel. Anderen slaan dicht als zij gekwetst worden en denken: ’Met hem praat ik nooit weer!’ Dit gebeurde in een kleine stad op de Filippijnen, waar twee mannen een conflict hadden over het eigendom van een stuk land. Lange tijd spraken zij niet met elkaar. Maar zijn dit de beste manieren om een situatie aan te pakken als mensen ons irriteren of krenken?

Zulke reacties maken het probleem alleen maar groter. De toerist kreeg met zijn driftbui zijn horloge niet terug, maar hij heeft waarschijnlijk wel een hoge rekening gekregen wegens aangerichte schade. Het zwijgen van de twee buren loste het probleem met betrekking tot het stuk land niet op, maar het was wel een bron van narigheid en verlegenheid voor hun gezin, hun vrienden en hun buren. Er moet toch een betere weg zijn!

Jezus Christus gaf een doeltreffender weg aan. Net als wij was hij omringd met onvolmaakte en feilbare mensen, en soms bedroefden hun tekortkomingen hem. Soms was hij „verontwaardigd” of „zuchtte [hij] diep met zijn geest” wegens de daden of de houding van mensen (Mark. 8:12; 10:14). Hij reageerde echter niet met heftigheid en hulde zich niet in een langdurig stilzwijgen. In plaats daarvan probeerde hij mensen vaak te helpen hun problemen in te zien en ze te overwinnen.

Jezus kon dit doeltreffend doen wegens zijn innige liefde voor zijn medemensen, vooral voor zijn volgelingen. Hij zei dan ook tot hen: „Ik geef u een nieuw gebod, dat gij elkaar liefhebt; net zoals ik u heb liefgehad, dat ook gij elkaar liefhebt.” Deze liefde trad vooral aan het licht als Jezus met menselijke zwakheden te maken kreeg. Daarbij kwam nog dat hij die op een evenwichtige manier kon aanpakken omdat hij van zichzelf kon zeggen: „Ik ben zachtaardig en ootmoedig van hart.” Worden persoonlijke moeilijkheden op een zachtaardige en nederige manier aangepakt, dan is succes meestal verzekerd. — Joh. 13:34; Matth. 11:29.

Hoe Jezus op ergernissen reageerde

Heeft iemand u ooit een belofte gedaan en zich er toen niet aan gehouden? Of hebt u ooit een afspraak gemaakt met iemand die vervolgens niet kwam opdagen? Het is waar dat zulke ervaringen ergerlijk zijn. Is zo’n teleurstelling niettemin een goede reden voor een onbeheerste woedeuitbarsting of een ijzig stilzwijgen?

Sta eens stil bij de manier waarop Jezus zijn apostelen behandelde op de avond voor zijn dood. Dit was een zware tijd van beproeving voor Jezus. Hij was met zijn apostelen naar de hof van Gethsémane gegaan en had hun gezegd: „Mijn ziel is diepbedroefd, tot de dood toe. Blijft hier en waakt met mij” (Matth. 26:38). Toen verwijderde hij zich een eindje om te bidden. Wat constateerde hij toen hij terugkwam? Alle discipelen sliepen! Toch toonde hij medegevoel toen hij hen wakker maakte.

Jezus zag in dat hun beweegreden niet slecht was, maar dat zij te kampen hadden met menselijke onvolmaaktheid. Vandaar dat hij zei: „De geest is natuurlijk bereidwillig, maar het vlees is zwak” (Matth. 26:36-46). Zelfs toen Jezus later door zijn vijanden gevangen was genomen en de apostelen hem in de steek lieten en Petrus hem verloochende, liet hij zijn vrienden niet vallen. In plaats daarvan deed hij na zijn opstanding stappen om hen te sterken en hen te helpen hun zwakheden te overwinnen.

Wat een voortreffelijke instelling! De apostel Paulus zei: „De liefde . . . hoopt alle dingen.” Waarom zouden wij dus, in plaats dat wij onze vrienden laten vallen wanneer wij ons door hen te kort gedaan voelen, niet — net als Jezus — erkennen dat hun beweegreden misschien wel goed is ook al zijn zij onderhevig aan menselijke onvolmaaktheid? Dat zou liefdevol zijn en het zou hen kunnen helpen ons de volgende keer niet teleur te stellen. — 1 Kor. 13:4, 7.

Wat te doen als iemand herhaaldelijk te kort schiet?

Natuurlijk worden problemen niet altijd met één vermaning opgelost. Zoals ouders heel goed weten, moet kinderen iets gewoonlijk steeds opnieuw gezegd worden voordat het ten slotte aanslaat. Hetzelfde kan voor volwassenen gelden.

Het gold beslist voor Jezus’ aardse volgelingen. Zo redetwistten zij er op een keer onder elkaar over wie de grootste was. Jezus hoorde dat en maakte van de gelegenheid gebruik om uit te leggen dat er onder zijn volgelingen geen posities van overheersing zouden zijn. Hij zei integendeel: „Als iemand de eerste wil zijn, moet hij de laatste van allen en de dienaar van allen zijn.” — Mark. 9:35.

In weerwil van Jezus’ duidelijke uitleg vroegen slechts enkele maanden later twee van zijn apostelen ronduit of zij de twee belangrijkste posities naast hem in het Koninkrijk konden krijgen. De anderen waren kwaad, maar Jezus werd niet boos. In plaats daarvan legde hij geduldig opnieuw uit: „Gij weet dat de regeerders der natiën over hen heersen en de groten autoriteit over hen oefenen. Zo is het onder u niet; maar wie onder u groot wil worden, moet uw dienaar zijn, en wie onder u de eerste wil zijn, moet uw slaaf zijn.” — Matth. 20:24-27.

Nog een keer, de avond voordat Jezus stierf, ontstond er, zo zegt het verslag, „een heftig twistgesprek onder hen over de vraag wie van hen de grootste scheen te zijn”. Ook nu weer herhaalde Jezus geduldig zijn uitleg dat er onder zijn volgelingen geen posities van overheersing waren, maar slechts dienende functies. Deze keer gaf hij, om het punt dieper in hun geest te griffen, een praktische demonstratie. Eigenhandig waste hij de voeten van elk van de daar aanwezige apostelen. Dat bedoelde hij met een „dienaar zijn”! — Luk. 22:24-27; Joh. 13:3-5.

Eindelijk schenen de apostelen het punt begrepen te hebben. Vele jaren later schreef de apostel Petrus een prachtige brief aan de christelijke gemeenten, waarin hij deze inlichtingen doorgaf. Hij legde degenen die de leiding in de gemeenten hadden uit, dat zij ’niet moesten heersen over hen die Gods erfdeel zijn, maar voorbeelden voor de kudde moesten worden’. — 1 Petr. 5:2, 3.

Ook wij zullen op de juiste manier reageren op de herhaaldelijke ergernissen die wij soms van anderen ondervinden, als wij Jezus’ voorbeeld daarin volgen. Dat kunnen wij als wij dezelfde soort van liefde, zachtaardigheid en ootmoedigheid van geest aankweken als Jezus bezat.

Jezus’ voorbeeld navolgen

Jezus gaf ons de raad liefdevol en vergevensgezind te zijn tegenover onze geestelijke broeders, ook al zouden wij hen „tot zevenenzeventig maal toe” moeten vergeven. Maar als onze broeder nu een ernstige overtreding begaat? Jezus drong er bij ons op aan met de overtreder persoonlijk, onder vier ogen, te spreken. „Indien hij naar u luistert,” zo zei Jezus, dan „hebt gij uw broeder gewonnen.” — Matth. 18:15, 22.

Bij het aanpakken van dergelijke situaties is het echter goed in gedachte te houden dat wij, in tegenstelling tot Jezus, niet volmaakt zijn. Als onze vrienden ons irriteren, doen wij het hun vermoedelijk af en toe ook. Wat geweldig zou het zijn als wij op hun overtredingen tegen ons net zo zouden reageren als wij zouden willen dat zij op onze overtredingen tegenover hen zouden reageren — met liefde, zachtaardigheid en nederigheid! Dan zouden wij werkelijk Jezus’ woorden in praktijk brengen: „Alle dingen dan die gij wilt dat de mensen voor u doen, moet ook gij insgelijks voor hen doen.” — Matth. 7:12.

Het erkennen van onze eigen onvolmaaktheden zal in nog een ander opzicht een hulp zijn. Jezus had een uitzonderlijke opmerkingsgave en hij kon de beweegreden en de hartetoestand van mensen onderscheiden. Wij zijn wat dat betreft beperkt. Als wij ons gekwetst of geïrriteerd voelen, kan het zijn dat wij de situatie verkeerd hebben begrepen en dat het werkelijk niet in de bedoeling lag ons lelijk te bejegenen. In het geval dat in de inleiding werd vermeld bijvoorbeeld, had de toerist het bij het verkeerde eind. De manager had wel degelijk iets aan de zaak gedaan en er was al een politieonderzoek aan de gang.

Zelfs als wij overtuigd zijn van ons gelijk, dan nog moeten wij nederig zijn. Dit maakt het voor iemand anders veel gemakkelijker om het eventuele onrecht dat hij ons heeft aangedaan, goed te willen maken. Jezus zei dat het doel van een gesprek met iemand die een overtreding tegen ons had begaan was, ’onze broeder te winnen’. Pakken wij het probleem zachtaardig en nederig aan, dan zullen wij daar waarschijnlijk in slagen.

Dat ervoeren ook de twee mannen die weigerden met elkaar te spreken wegens een geschil in verband met een stuk land. Na een lange periode van stilzwijgen bleken zij onverwacht naast elkaar te zitten in een openbaar vervoermiddel. Een van hen was nederig genoeg om zijn verontschuldigingen aan te bieden voor zijn verkeerde houding. Dat ’brak het ijs’ en de twee mannen omhelsden elkaar. Nu kon hun geschil vreedzaam opgelost worden, zonder narigheid en verlegenheid voor de mensen om hen heen.

Ja, drie eigenschappen die Christus bezat — liefde, zachtaardigheid en nederigheid — kunnen onze betrekkingen met anderen verbeteren. Als mensen ons irriteren, kunnen deze eigenschappen ons helpen de situatie op een constructieve wijze aan te pakken, gewoonlijk met verheugende resultaten. Dan zijn het toch beslist eigenschappen waar wij goed beschouwd geen van allen buiten kunnen!

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen