Toen de Mount St. Helens explodeerde
De rust van de vroege ochtenduren werd op zondag 18 mei 1980 plotseling wreed verstoord toen een ontploffing die 2500 maal krachtiger was dan de kernexplosie die Hirosjima verwoestte, zich overal in het zuidwesten van de staat Washington en het noordwesten van Oregon deed horen en voelen. De Mount St. Helens, ongeveer 70 kilometer ten noordoosten van de Amerikaanse steden Portland en Vancouver, was plotseling tot uitbarsting gekomen.
HET verhaal over de uitbarsting van de Mount St. Helens moet beginnen met de maand maart, toen wetenschapsmensen aardschokken op en onder de berg zelf begonnen te registreren. Die schokken waren een duidelijk voorteken van wat er op 27 maart en vervolgens opnieuw in mei zou gaan gebeuren. De eerste tekenen van vulkanische activiteit werden op 27 maart opgemerkt. Er vonden kleine erupties van stoom plaats en iedere dag werden er aardschokken gevoeld.
De Mount St. Helens was 2950 meter hoog en bood een majestueuze aanblik aan degenen die gevoelig zijn voor de pracht van met sneeuw bedekte toppen met groene wouden en prachtige meren. Sinds de ontploffing van 18 mei is dat alles verdwenen. Omstreeks 10 mei merkten geologen aan de noordzijde van de berg een bult op die iedere dag één à twee meter groter werd. Acht dagen later overrompelde de berg praktisch iedereen met een ontploffing die ruim 300 kilometer ver werd gevoeld.
Enorme hoeveelheden rook en as werden hoog de lucht ingeblazen. Op de plaatsen waar deze as weer neerkwam, ontstond soms een laag van tien tot vijftien centimeter. Ademen werd bijzonder moeilijk, en vooral de gezondheid van personen die al ademhalingsmoeilijkheden hadden, liep ernstig gevaar. Men zag dieren liggen die hun longen vol hadden met fijne as. Auto’s sloegen af omdat de as de luchtfilters verstopte. De as irriteerde ogen en neus- en keelholte en maakte nog dagen na de uitbarsting mens en dier het leven moeilijk.
De aangerichte verwoesting
De eruptie van de Mount St. Helens richtte over ongeveer 400 vierkante kilometer een enorme verwoesting aan. Dicht bij de berg was de verwoesting werkelijk ongelooflijk. De ontploffing maaide meer dan 140 vierkante kilometer bomen en andere vegetatie tegen de grond. De intense hitte brandde al het groene gebladerte weg, en vanuit de lucht leek het alsof het hele terrein bezaaid lag met een tapijt van lucifershoutjes. Het nabijgelegen Spirit Lake, eens een sprankelend juweel te midden van majestueuze bergen, lag vol stukken hout en modder. Bergstromen, zoals de Toutle, de Cowlitz en andere, en zelfs de machtige Columbia, raakten haast verstopt door de tonnen puin die van de berg af werden gespoeld.
Uiteindelijk vond zo veel puin zijn weg stroomafwaarts dat ongeveer vijftien kilometer van de Columbia onbevaarbaar werd. De genie van het Amerikaanse leger begon in samenwerking met de havendiensten van Portland en Vancouver dag en nacht door te werken om een vaargeul vrij te maken.
De kosten in dollars
De totale kosten waren niet onmiddellijk bekend, maar volgens regeringsfunctionarissen zal het totaalbedrag in de miljarden dollars lopen. De schade aan gewassen alleen al kan in de miljoenen lopen. De havens van Portland en Vancouver leden een schade van bijna $5 miljoen voor iedere dag dat de Columbia voor het scheepvaartverkeer gestremd was. Het totale verlies aan timmerhout als gevolg van het feit dat de uitbarsting zo veel bomen tegen de grond heeft geslagen, werd op $500 miljoen geschat — volgens sommigen in waarde vergelijkbaar met het verlies van 200.000 eengezinswoningen. De landbouw in het oosten van de staat Washington zou wel eens zo’n $313 miljoen schade kunnen gaan lijden, maar deskundigen zeggen dat dat cijfer een minimum is en wellicht hoger gesteld zal moeten worden. De schade aan de nationale bosgebieden bedraagt $134 miljoen. En zo gaat de lijst nog een hele poos door.
Het menselijke element
Het meest tragische van de hele geschiedenis is dat meer dan twintig personen het leven verloren en tientallen anderen worden vermist. Men denkt dat velen van de vermisten door de geweldige hitte van de explosie zelf eenvoudig verdampt zijn. Naar verluidt liep één man, die zich ongeveer 24 kilometer van het centrum van de ontploffing bevond, ten gevolge van de hitte derdegraads verbrandingen op en stierf een ander. Weer anderen verloren het leven doordat zij te grote hoeveelheden as inademden.
Een oude man die al heel lang bij het Spirit Lake woonde, dacht dat hij veilig was en dat de bossen op de hellingen alles zouden tegenhouden wat in zijn richting de berg af zou komen. Slechts enkele minuten na de ontploffing was er in dat hele gebied niets meer in leven.
Met het oog op de asregen kreeg iedereen die ten oosten van de Mount St. Helens woonde, de raad maskers of gasmaskers te dragen om zijn longen te beschermen. Sommige handelaars verkochten deze tegen buitensporig hoge prijzen, terwijl anderen luchtfilters voor auto’s verkochten voor een bedrag van $30 (ƒ 60) of meer.
Hoewel sommige personen zo handelden, waren de meesten toch graag bereid om mee te werken en verlangden zij ernaar te helpen. In het gebied was de maximumsnelheid beperkt tot vijftien mijl (24 kilometer) per uur. De meesten schikten zich hierin en waren op vele manieren behulpzaam.
Wat zal de toekomst brengen?
Wat zal de berg hierna gaan doen? Dit was de vraag die de mensen in dat gebied bezighield gedurende de weken die op de explosie volgden. Eind mei ontdekten geologen dat er zich in de krater van de vulkaan een koepelvormige verheffing begon te vormen. Boven de krater vliegend, zagen zij de „ziedende, gloeiende” lava waaruit deze koepelvormige prop werd gevormd. Latere erupties hebben deze prop echter opgeblazen en veroorzaakten tot in de verre omtrek asregens.
Terwijl het gesmolten gesteente omhooggestuwd wordt en zich opstapelt, koelt de bovenste laag af en dit nieuwe materiaal vormt een koepelvormige prop doordat het omhoog- en opzijgeduwd wordt. Zulke lavaproppen maken een berg vaak hoger. In 1957 kwam een vulkaan in het oosten van Siberië tot uitbarsting en daarna werd een lavaprop gevormd die in één jaar tijd ongeveer 300 meter omhoogrees.
Zal de Mount St. Helens ooit bij een uitbarsting spectaculaire lavastromen uitbraken die langs zijn hellingen omlaagvloeien, zoals bij de vulkanen op Hawaii? Volgens geologen is dat niet mogelijk. Het gesmolten gesteente in de Mount St. Helens is niet zo vloeibaar als de lava van de Hawaiiaanse vulkanen en zal daarom niet langs de hellingen naar beneden stromen. De Mount St. Helens zou er wel de komende 30 jaar mee voort kunnen gaan rotsblokken en as uit te braken en in de lucht te slingeren.
Die mooie en majestueuze, voor toeristen zo betoverende berg verloor stellig veel van zijn aantrekkingskracht toen hij tot uitbarsting kwam. Vroeger was hij 2950 meter hoog, maar omdat bij de uitbarsting zijn top werd weggeblazen, is hij nu ongeveer 400 meter lager. Zal hij zijn vroegere pracht herwinnen als er zich in de toekomst een of andere koepelvormige lavaprop vormt? Alleen de tijd zal het leren.
[Kader op blz. 15]
Verlieslijst van dieren
5250 wapitiherten
6000 zwartstaartherten
200 zwarte beren
100 sneeuwgeiten
15 poema’s
441.000 zalmen en forellen
1,5 miljoen vogels en kleine zoogdieren
De aantallen schijnen ongelooflijk, maar niet wanneer wij bedenken dat de uitbarsting ruim vier miljard kubieke meter grond van de top van de Mount St. Helens wegblies. Meer dan 15 km van de krater vandaan slingerde de explosie een bulldozer van tien ton 335 meter door de lucht. Biologen hebben al gezegd dat de dierenwereld getroffen is door de grootste ramp in de Amerikaanse geschiedenis.
Veel dieren werden meteen bij de explosie gedood, maar veel andere verliezen zullen pas op langere termijn blijken. Dieren aan de rand van het door de explosie getroffen gebied bleven in leven en trokken naar aangrenzende groene gebieden. Hierdoor zullen die gebieden overbevolkt raken, met verhongering als resultaat.
Aan bergstromen die rijk aan forel en zalm waren, werd over een lengte van bijna 500 km zware schade toegebracht, en ook 26 meren werden ernstig getroffen. Bovendien gingen 11 miljoen jonge kisutchzalmen en quinnats verloren toen de kwekerij in de rivier de Toutle door as- en modderwater werd overstroomd.
Na de in leven gebleven zalmen in enkele stromen bekeken te hebben, zeiden biologen van de afdeling wildbeheer: „Ziet u die sneden en gekerfde randen, en de bleke kleur? De as snijdt hun kieuwen open. Ze halen het nooit.”
Ten gevolge van de asregens die 160 km verder op het stroomgebied van de Columbia neerkwamen, werd tot 90 procent van de fazantenesten in de steek gelaten. Van de nesten van watervogels bij het Moses Lake, een meer in hetzelfde gebied, werd 85 tot 90 procent verlaten.
Een aanmoedigende noot: in het door de explosie getroffen gebied heeft men al weer herten gezien die zich te goed deden aan de nieuwe vegetatie die door de as heen opschiet. De bioloog Rich Poelker vond goede aanwijzingen dat er weer voedsel zou gaan groeien, omdat hij al weer jonge planten zag die door de as heen groeiden. Hij zei: „Het krioelt hier van de mieren, maar er zijn geen andere insekten. En ik heb geen enkele vogel gezien of gehoord.” Zijn conclusie: „Ik geloof dat we mogen zeggen dat het weliswaar heel, heel lang zal duren, maar dat er toch weer vogels zullen zingen op de Mount St. Helens.”
[Paginagrote illustratie op blz. 13]