Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g76 8/9 blz. 12-14
  • Wat zou u geschreven hebben over ’s mensen toekomst?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Wat zou u geschreven hebben over ’s mensen toekomst?
  • Ontwaakt! 1976
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • De verschillende zienswijzen
  • Maak uw keus
  • Geloof en uw toekomst
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1998
  • Een brochure met een nieuwe aanblik
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1987
  • Hoe reëel zijn uw vooruitzichten voor de toekomst?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1984
  • Brochures die ons helpen discipelen te maken
    Onze Koninkrijksdienst 1987
Meer weergeven
Ontwaakt! 1976
g76 8/9 blz. 12-14

Wat zou u geschreven hebben over ’s mensen toekomst?

Door Ontwaakt!-correspondent in Denemarken

„EINDEXAMEN.” Wat roept dat woord op in uw geest? Als scholier waarschijnlijk gedachten aan nog voor u liggende inspanningen om feiten te onthouden en problemen op te lossen, en dan „geslaagd” van school te komen. Bent u niet langer op school, dan zult u misschien terugdenken aan de kritische proeven waaraan u bent onderworpen om te kijken of u voldoende wist om recht op uw diploma te hebben. Maar hoe het ook zij, of u nu wel of niet meer op school bent, brengt u de twee volgende onderwerpen: ’s mensen toekomst en eindexamen, met elkaar in verband?

Op 12 mei 1975 was dat verband er heel duidelijk voor het merendeel van de 14.700 middelbare scholieren in Denemarken die eindexamen deden. Plaats uzelf eens in hun situatie. Voor u ligt de opdracht om te schrijven over „’s Mensen toekomst”. Zes uur lang hebt u de tijd om een brochure van 24 bladzijden te bestuderen en een verhandeling te schrijven naar aanleiding van de inhoud ervan.

Hemelsbreed verschillende toekomstmogelijkheden werden gesuggereerd door twee afbeeldingen, op de voor- en achterkant van het boekje. De voorkant vertoonde een houtsnede van de kunstenaar Palle Nielsen, getiteld: „Wereld van oorlog”; op de achterkant stond een prachtig paradijstafereel van mensen die met dieren speelden en fruit van de bomen plukten. Onder deze afbeelding stond een gedeeltelijke aanhaling uit Openbaring 21:3, 4, het laatste boek van de bijbel. Het boekje verklaarde dat deze afbeelding genomen was uit de Jehovah’s Getuigen-publikatie De waarheid die tot eeuwig leven leidt”.

Wat een verschil, zal wellicht uw eerste reactie zijn — de mensheid in de vernietiging of in het paradijs. Blader echter eens kort de zes delen door waarin dit boekje is verdeeld. En vraag u dan af wat u over de toekomst van de mens zou hebben geschreven.

De verschillende zienswijzen

Het examenboekje bevatte zes gedrukte uittreksels, elk van drie bladzijden lang. Ten eerste uit het boek van Aldous Huxley Brave New World, dat volgens de Encyclopædia Britannica (1974) „een pessimistisch visioen van een wereldstaat” in de toekomst biedt. Het boek „beschrijft een wereld waarin mensen al de nieuwste uitvindingen van de wetenschap benutten en miserabel en ongelukkig zijn omdat ze niet weten hoe ze elkaar moeten liefhebben”. Dat is inderdaad een somber „visioen” van ’s mensen toekomst. Zou u in die geest schrijven?

Het volgende uittreksel was uit Det afsindige menneske (De waanzinnige aap), een boek van de Nobelprijswinnaar Albert Szent-Györgyi, die schrijft: „Momenteel is het de eerste keer in de menselijke geschiedenis dat de mens werkelijk van het leven kan genieten, vrij van kou, honger en ziekte” en „ook de eerste maal in de geschiedenis dat de mens het vermogen heeft zichzelf met één klap van de aardbodem weg te vagen”. Het uittreksel vervolgde: „Men zou verwachten dat elke idioot uit die twee mogelijkheden wel een verstandige keus zou kunnen doen. Het is eenvoudig de keus tussen vreugde en leed. Toch schijnt de mens tot de laatste keus geneigd te zijn.” De bioloog stelt dan de vraag: „hoe kunnen we uit het fatale spoor komen waarin we thans gaan, en dat ons rechtstreeks naar de afgrond voert?” Hij gelooft niet dat er een religie is „die de gehele mensheid omvat of die voor de gehele mensheid aantrekkelijk is”, dus wordt religie als een mogelijke remedie door hem afgewezen. Hij heeft bijzondere kritiek op het „kerkelijk imperialisme” van de christenheid, aangezien zij „een zeer slecht bericht heeft opgebouwd”. Aan de andere kant wijst hij op de wetenschap en haar „methoden om een veilige nieuwe wereld op te bouwen, de verschillen tussen naties op te lossen, vrede te scheppen zonder vrees, honger en ziekte, met ongedroomde welvaart, waardigheid en geluk; een wereld niet gebaseerd op geweld maar menselijke waardigheid, billijkheid en goede wil”. Acht u dat een realistische zienswijze om over te schrijven?

U kunt, zoals de studenten deden, uw aandacht ook schenken aan het derde uittreksel dat in dit examenboekje voorkwam. Daarin stond de toekomst uiteengezet zoals de communistische partij van de Sovjet-Unie zich ten doel heeft gesteld. Gedeeltelijk luidde dat uittreksel als volgt: „Het communisme impliceert ook een nieuwe mens, een mens van geestelijke rijkdom, morele zuiverheid en lichamelijke volmaaktheid. Een goed geoefend communistisch geweten, liefde voor werk en discipline en toewijding aan de belangen van de gemeenschap — dat zijn onafscheidelijke karaktertrekken van deze persoon.”

Veel Deense studenten zullen wellicht verbaasd zijn geweest over de vierde tekst in het boekje, en wellicht u ook. Als inleiding verklaarde verklaarde het boekje: „De Openbaring is het laatste boek van het Nieuwe Testament. Daarin geeft de apostel Johannes zijn visioenen van de Laatste Dag, wanneer de doden uit hun graven worden opgewekt om tot redding of ten ondergang te worden geoordeeld.” Daarna volgde een aanhaling uit Openbaring 21:1-8, waar gedeeltelijk staat: „De tent van God is bij de mensen, en hij zal bij hen verblijven . . . En hij zal elke traan uit hun ogen wegwissen, en de dood zal niet meer zijn, noch rouw noch geschreeuw, noch pijn zal er meer zijn. De vroegere dingen zijn voorbijgegaan.” Is dat geen stimulerende gedachte?

Dan, bijna tegen het eind van het boekje, stond de vijfde tekst met de volgende inleiding: „Jehovah’s Getuigen: De waarheid die tot eeuwig leven leidt. In het volgende wordt de laatste strijd beschreven tussen Jehovah en Satan en de omstandigheden na die strijd. De verwijzingen in de tekst zijn van toepassing op de passages in de bijbel.” Wellicht bent ook u in het bezit van dit bijbelstudiehulpmiddel, aangezien er reeds tachtig miljoen exemplaren in 94 talen van zijn gedrukt. Het examenboekje bevat uittreksels uit de hoofdstukken: „De laatste dagen van dit goddeloze samenstel van dingen” en: „Een rechtvaardige heerschappij maakt de aarde tot een paradijs.” In de uittreksels werd aan de hand van de bijbel aangetoond dat Jehovah God en Christus Jezus in de menselijke omstandigheden hier op aarde zullen ingrijpen, goddeloosheid van de aarde zullen wegvagen en de kwade invloed van Satan de Duivel en zijn demonen zullen wegdoen. Daarna zullen mensen van geloof onder de regering van de Vredevorst vrede en eenheid kunnen genieten. Alle mensen zullen broeders zijn. De oorlog zal niet meer geleerd worden. Met Christus als de rechtvaardige koning zal onderdrukking en corruptie niet meer op aarde bestaan. Mensen zullen vrede genieten en bevrijd zijn van angst.

Na het lezen van zo’n aantrekkelijke beschrijving van de toekomst zult u, net als de Deense studenten, getroffen zijn door het contrast in het laatste uittreksel, genomen uit een boek van Sven Holm, Min elskede — en skabelonroman (Mijn geliefde — een modelroman, 1968) dat net als het boek van Huxley een pessimistisch visioen van de wereld van morgen schildert.

Wel, wat zou u na lezing van deze zes uittreksels over de toekomst van de mensheid hebben geschreven? Bekijk eens de richtlijnen die de leerlingen werden gegeven.

Maak uw keus

Elke eindexamenkandidaat mocht uit één van de volgende zes mogelijkheden kiezen:

1. Karakteriseer de zienswijze en houding ten aanzien van de toekomst zoals die in enkele van de zes uittreksels tot uiting komen. Gebruik ten minste drie ervan bij de ontwikkeling van het thema „Toekomstperspectieven”.

2. Beoordeel de vijfde tekst (Jehovah’s Getuigen) naar gebruikte stijl en taal. En bespreek hoe de gebruikte taal beïnvloed is door het doel van het boek, het onderwerp en de lezers tot wie het is gericht. Onderzoek hoe het verband houdt met het vierde uittreksel (Openbaring). Ondersteun uw beoordeling met voorbeelden uit de uittreksels. Gebruik het thema: „Een tekstbeoordeling.”

3. Vergelijk de toekomstvisioenen in de uittreksels van de romans van Aldous Huxley en Sven Holm met elkaar. Beschouw hun visioenen in het licht van de realiteit die u kent. In hoeverre acht u deze uittreksels profetisch. Thema: „Verzinsel of werkelijkheid?”

4. ’s Mensen toekomst is vaak in wetenschap en kunst behandeld. Bespreek een of meer voorstellingen van deze aard die u kent, en beschrijf of ze hoop of ellende aankondigen. U mag uw eigen thema kiezen.

5. Welke factoren zullen naar uw mening bepalen hoe de wereld er in het jaar 2000 uit zal zien? Thema: „Het jaar 2000.”

6. Interpretatie van het uittreksel uit de roman van Sven Holm. Thema: „Mijn geliefde — een modelroman.”

Welke van de zes onderwerpen zou u hebben gekozen? U ziet wel dat twee van de teksten duidelijk het pessimisme van na de Eerste Wereldoorlog weerspiegelden. Ofschoon veel mensen graag in een opwekkender toekomst zouden geloven, bestaat er gegronde reden voor pessimisme, is het niet?

Verder stuiten we op de wetenschappelijke toekomstbeloften van Dr. Szent-Györgyi, die voortreffelijk klinken, maar hoe reëel zijn? Na zijn stuk te hebben geschreven, sprak een Deense student in de Kopenhaagse Berlingske Tidende: „Wanneer de wetenschap een te grote macht krijgt, zal de wereld koud en hopeloos worden.” Ziet u waarheid in die overtuiging?

En dan de toekomstblik in het communistische uittreksel; klinkt dat niet nobel en aantrekkelijk? Iedereen die daarop „Ja” antwoordt, staat dan echter wel voor de vraag hoe waarschijnlijk de realisering ervan is. Lijkt het u, op grond van uw eigen ervaring, aannemelijk toe dat alle mensen bereidwillig de communistische leer zullen aanvaarden en er een „nieuwe mens” zal ontstaan, „een mens van geestelijke rijkdom, morele zuiverheid en lichamelijke volmaaktheid”? Of is het in veel communistische landen niet veeleer zo dat de partijpolitiek hoofdzakelijk met geweld en onderdrukking wordt doorgevoerd?

Ja, velen die waarnemers zijn van het menselijk gedrag en het wereldgebeuren, zullen instemmen met wat een andere leerling in een aanhaling in de Berlingske Tidende zei: „We kunnen slechts hopen op een wonder om de derde wereldoorlog te vermijden — een kernoorlog die de planeet in een paar seconden zal vernietigen.” Wat zou u derhalve nauwkeurig over de toekomst der mensheid kunnen schrijven?

Deze laatste leerlinge gaf in feite een hint. Zij sprak over het gebeuren van een wonder. En dat is in wezen ook hetgeen waar de twee andere uittreksels op duidden: een ingrijpen van de Schepper van de aarde en de mensheid, hetgeen niet louter een idyllische droom is, maar een even werkelijk en wezenlijk vooruitzicht vormt als de aarde en de mensheid reëel en werkelijk zijn.

Veel mensen schijnen te denken dat het bijbelboek Openbaring een sombere boodschap geeft over een komende Oordeelsdag en dat dit ook hetgene is wat Jehovah’s Getuigen in hun prediking beklemtonen. Het tegendeel is echter waar: Gods tussenkomst — zoals beschreven in Openbaring en geleerd door Jehovah’s Getuigen — is een reddingsdaad! „Hoe dat?” zult u zich misschien afvragen. Wel, merk op wat Openbaring 11:18 voorzegt: Úw [Gods] gramschap kwam, en de bestemde tijd . . . om te verderven die de aarde verderven.” In plaats van een „dag der verdoemenis” voor de hele mensheid, zal de voorzegde tussenkomst van God de verwijdering betekenen van slechts diegenen die het welzijn en de vrede van de mensheid bedreigen. Het boek De waarheid die tot eeuwig leven leidt kon dan ook wijzen op het volgende resultaat:

„U zult volkomen vrij zijn van vrees voor enig kwaad. Nooit zal iemand meer bang zijn ’s avonds laat door een park te wandelen om naar de sterren, het werk van de Schepper te kijken. . . . dan [zal] in letterlijk opzicht waar zijn dat zij ’werkelijk in zekerheid [zullen] wonen, zonder dat iemand hen doet beven’. — Ezechiël 34:28.”

Ja, het onderwerp dat de Deense examenkandidaten moesten uitwerken, „’s Mensen toekomst”, is werkelijk voor ons allen van groot en onmiddellijk belang. Na alles zorgvuldig te hebben overwogen, eindigde één persoon met de vraag: Moet ik mijn toekomst en vertrouwen in de handen van mensen of van God leggen? Het is een vaststaand feit dat wij allen voor leven van de Schepper afhankelijk zijn, en alle voorzieningen die hij voor het leven heeft getroffen, de lucht om te ademen en nog zoveel meer, spoort ons er stellig toe aan om te zien naar wat hij over de toekomst heeft gezegd. Hij is betrokken bij de toekomst van de mens; hij is betrokken bij uw toekomst. Waarom niet zorgvuldig zijn Woord bestudeerd om te ontdekken wat Hij thans van ons verwacht zodat wij voordeel kunnen trekken van zijn prachtige voorzieningen voor de toekomst?

[Illustraties op blz. 13]

De voor- en achterkant van dit boekje boden twee verschillende kijken op ’s mensen toekomst — de mens in de vernietiging en de mens in het paradijs. Welke van de twee is volgens u correct?

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen