Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g71 8/2 blz. 13-16
  • Congressen verspreiden goed nieuws in Duitsland

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Congressen verspreiden goed nieuws in Duitsland
  • Ontwaakt! 1971
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Grote toename opgemerkt
  • Drama’s met een praktische uitwerking
  • Waarnemers diep onder de indruk
  • Tegenstand werkt als een boemerang
  • Doop met belangstelling opgemerkt
  • Nuttige nawerking
  • Congressen spreiden ’vruchten van de geest’ ten toon
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1965
  • Praktisch christendom op de „Heilige dienst”-congressen
    Ontwaakt! 1977
  • Wat men kan leren van de congressen van Jehovah’s getuigen
    Ontwaakt! 1976
  • Een bezoek aan de „Goddelijke Naam”-vergadering
    Ontwaakt! 1972
Meer weergeven
Ontwaakt! 1971
g71 8/2 blz. 13-16

Congressen verspreiden goed nieuws in Duitsland

Door Ontwaakt!-correspondent in West-Duitsland

DE IN 1970 gehouden „Mensen van goede wil”​-districtsvergaderingen hebben er veel toe bijgedragen goed nieuws naar alle delen van de Westduitse bevolking te verspreiden. Dit was ten dele toe te schrijven aan de keus van strategische punten — dertien steden in totaal. Zij die van plan waren ernaar toe te gaan, konden de dichtstbijzijnde stad uitkiezen in de volle zekerheid dat overal precies hetzelfde programma geboden zou worden.

Er waren grote steden zoals Berlijn, Düsseldorf en Stuttgart. Er waren kleine plaatsen die in een schilderachtige omgeving lagen, zoals Offenburg in het Zwarte Woud en Neumünster in het vruchtbare Noord-Duitsland. Men kon verkiezen naar een groot industriecentrum zoals Essen, Mannheim of Wolfsburg, de „Volkswagenstad”, te gaan of naar een havenstad zoals Hamburg of Friedrichshafen aan de noordelijke oever van het Meer van Konstanz. Men kon ook Münster kiezen waar de historische Westfaalse vrede werd getekend, die een eind maakte aan de Dertigjarige Oorlog, of Straubing in katholiek Neder-Beieren. En ten slotte was Kassel, waar vooraanstaande staatslieden van Oost- en West-Duitsland onlangs niet tot overeenstemming konden komen, nog een congresstad.

Er werden tienduizenden huizen in deze dertien steden door congresgangers bezocht. Deze bezoeken brachten in de meeste gevallen drie dingen tot stand — de huisbewoners werden uitgenodigd hun huis open te stellen voor Getuigen die op bezoek kwamen, de burgers werden uitgenodigd de openbare lezing over het onderwerp „Het mensengeslacht redden — door het Koninkrijk” bij te wonen en aan een ieder die wilde horen, werd de boodschap van grote vreugde gebracht die in de bijbel wordt gevonden.

Grote toename opgemerkt

Wat de mensen in de congressteden opviel, was de groei, de voorspoed, van de organisatie van de Getuigen. In 1948 bijvoorbeeld werd het tweede naoorlogse nationale congres van de Getuigen in Kassel gehouden met zo’n 20.000 aanwezige afgevaardigden. Dit jaar was Kassel echter slechts één van de dertien congressteden met een totaal bezoekersaantal van ruim 100.000. De 7800 personen die het congres in Kassel bezochten, vertegenwoordigden bijgevolg slechts acht van het totale aantal van 78 kringen (groepen van gemeenten) van Jehovah’s getuigen in West-Duitsland en West-Berlijn. Slechts een klein aantal van hen die dit jaar aanwezig waren, was dus ook in 1948 aanwezig, toen een terrein dat door 56 gapende bomkraters was ontsierd in een schitterende vergaderplaats werd veranderd.

Verslaggevers merkten de grote aantallen jeugdige afgevaardigden op die aandachtig naar het programma luisterden en overal hielpen waar werk te doen was. Het Straubinger Tageblatt van 17 juli 1970 had het volgende te zeggen: „Het grote aantal jeugdige getuigen van Jehovah is vooral opvallend. Er is nauwelijks een religieuze groep in onze culturele samenleving die jongeren ertoe zou kunnen bewegen hun vrije tijd op te offeren om hun leer te propageren en er gaarne mee in te stemmen op veldbedden en luchtbedden te slapen enkel en alleen om naar de woorden van een prediker te luisteren. In antwoord op de vraag waarom zij dit doen, zei een jongeman van 20: ’Omdat wij belangstelling hebben voor ons geloof — en bovendien zijn wij zo getraind.’”

Het gezamenlijke bezoekersaantal op de openbare lezing van het programma bedroeg 110.506 — aanzienlijk meer dan de iets meer dan 90.000 actieve Getuigen in West-Duitsland en West-Berlijn.

Drama’s met een praktische uitwerking

Nog iets wat ertoe bijdroeg het goede nieuws in Duitsland te verspreiden, waren de uitstekende drama’s, die een praktische uitwerking hadden. Het hoogtepunt van de zaterdagavond bijvoorbeeld was een drama getiteld „Wie hebben jouw hulp nodig?” De jongeren onder de toehoorders vernamen hoe zij werkelijk de hulp van ouders en mannen met verantwoordelijkheid in de gemeente nodig hebben. Ouders zagen praktisch gedemonstreerd hoe zij van hart tot hart met hun zoons en dochters over moraal moeten spreken. Bezoekers zagen hoe in elk christelijk huisgezin christelijke beginselen werkzaam dienen te zijn.

Een vijftienjarige student in Wolfsburg, die nu een jaar gedoopt is, zei: „Ik wil bevestigen dat alles precies zo is als in de demonstratie werd getoond. Ik kan persoonlijk getuigen dat er op school en in de kleedkamer werkelijk immorele daden worden gepleegd. Ze worden op een walgelijke manier bedreven.”

In Hamburg zei de vader van een elfjarige zoon: „Als ik hun gedrag gadesla en de wijze waarop de jeugd van thans praat, weet ik dat het goed was dit onderwerp met ouders en kinderen te bespreken voor hun eigen bescherming.” En een vader van vier jongens zei in Straubing: „Ik ben dankbaar dat ons als ouders werd getoond wat wij onze kinderen dienen te vertellen en hoe wij het kunnen doen.”

Het andere drama dat op het programma werd geboden en getiteld was „Liefde is een volmaakte band van eenheid” kreeg veel publiciteit. In Offenburg kwamen vertegenwoordigers van het televisieprogramma naar van tevoren gehouden repetities om foto’s te maken. Een van de taferelen werd gefilmd en uitgezonden voordat het drama vrijdagavond op het podium werd opgevoerd. Dit stimuleerde veel plaatselijke inwoners om naar de „life”-opvoering op het vergaderingterrein te komen kijken. In Berlijn verschafte het operagebouw gratis kostuums voor het drama, en de Getuigen die meespeelden mochten zelf uitkiezen wat het beste bij hun rol paste.

Cameramensen in Essen kwamen nadat zij foto’s van het drama hadden gemaakt, waar in de moedige toewijding van koningin Esther aan de zaak van Gods volk werd afgebeeld, zo onder de indruk dat zij opmerkten: „Dit was de beste nonprofessional opvoering die wij ooit hebben gezien.” De tranen in de ogen van velen die het drama zagen, waren stellig een ware uiting van de uitwerking die dit onderricht op hun hart had.

Waarnemers diep onder de indruk

Veel autoriteiten en anderen werden in verband met deze congressen met Jehovah’s getuigen in contact gebracht. Met welk gevolg? Deden de boodschap en het gedrag van Jehovah’s bijeengekomen volk hun iets? Hun eigen commentaren geven dit op welsprekende wijze weer.

Het hoofd van de bouwcommissie in Straubing zei nadat hij de verschillende installaties op het vergaderingterrein had geïnspecteerd tot zijn collega’s: „Dat is een onvergelijkelijke organisatie en er heerst eenheid. U moet zelf gaan kijken. En neem bovenal nota van de woorden op het podium.” Hij doelde op het thema van de vergadering — „Mensen van goede wil”​-districtsvergadering van Jehovah’s getuigen.

Toen een Getuige aan een beambte van het politiedistrict Essen vroeg welke verklaring hij had voor het uitstekend en ordelijk functioneren van de organisatie zei hij: „Het moet Gods geest zijn die dit mogelijk maakt.”

In Mannheim, waar voor cafetaria- en sanitaire faciliteiten voor Duitse, Engelse en Griekse afgevaardigden gezorgd moest worden, merkte het hoofd van de gezondheidsdienst na een inspectie op: „Op dit congres kan niets verkeerd gaan; dit is niet slechts een routinekwestie maar hier is veeleer de juiste geest aan het werk.”

Het hoofd van de nachtwacht in de tentoonstellingshallen te Stuttgart riep uit: „Kijk hier eens! Er waren 7000 personen in deze hal en er is alleen maar dit kleine hoopje vuil!” — acht bekertjes en zes papiertjes van snoepgoed. De beambten waren des te meer onder de indruk omdat er na een bijeenkomst van 5000 niet-Getuigen op dezelfde plaats een hele vrachtwagen vol afval weggeruimd moest worden.

Het bestuur van het tentoonstellingsterrein in Friedrichshafen liet bepaalde voorwaarden varen die gewoonlijk in het contract werden opgenomen. De reden hiervoor was, zoals de functionaris zei: „Jehovah’s getuigen zijn rustige en geduldige mensen. Wij sluiten dit soort van contracten alleen met Jehovah’s getuigen, maar met geen enkele andere organisatie.”

Om dezelfde reden verleende de directeur van de Kamer van Koophandel in Düsseldorf zijn medewerking zodat de nieuwsbladen melding maakten van het congres en aldus de openbare lezing werd aangekondigd. De nieuwsbladen besteedden in totaal zes en een halve meter kolomruimte aan het congres.

De congresorganisatie en het onderricht dat op de congressen werd geboden, maakte ook indruk op degenen die tot de onderwijzersstand behoren. In Straubing vroeg het hoofd van een middelbare school om inlichtingen over het congres voordat het zelfs was begonnen. Hij geraakte onder de indruk van het materiaal dat geboden zou worden over de opvoeding en het religieuze onderricht van de kinderen. Op de eerste dag van het congres kwamen er leerlingen om een programma te halen. Zij stelden ook talloze vragen. Waarom? Zij moesten een opstel over het congres maken.

Een vriendelijke dame in Friedrichshafen die tien personen onderdak verleende kwam eveneens onder de indruk. Men vroeg haar wat haar ertoe had bewogen twee gezinnen te huisvesten. Haar antwoord was: „Wat ik omtrent Jehovah’s getuigen heb opgemerkt, is dat jullie gelukkige mensen zijn. Jullie moeten ook een gelukkig huwelijks- en gezinsleven hebben want wij zien jullie altijd met het hele gezin. Dit is stellig alleen mogelijk door jullie geloof.”

Tegenstand werkt als een boemerang

Ondanks het feit dat er door deze congressen rijke geestelijke zegeningen en goed nieuws over heel Duitsland werden verspreid, waren er personen die van tegenstand blijk gaven. In Essen verspreidde de Lutherse Kerk bijvoorbeeld een strooibiljet getiteld „Dienen wij hen in huis te nemen?” Hierin werden de kerkleden gewaarschuwd de congresbezoekers geen huisvesting te verlenen. Wat was de reactie? Werd het zoeken naar kamers voor de afgevaardigden hierdoor belemmerd? Neen, maar de uitgevers van het strooibiljet kregen wel wat onwelkome publiciteit te verwerken.

In de Westdeutsche Allgemeine Zeitung van 22 juli 1970 stond het opschrift: „Kerkleiders spreken over antikerkelijke houding: Vele lutheranen ’hulpeloos’ wanneer geconfronteerd met ’Jehovah’s getuigen’.” Het artikel vervolgde: „In de tekst van het Stuttgarter hoofdbureau (dat het strooibiljet publiceerde) werd de twijfel uitgesproken of protestanten in Essen zich wel ’capabel voelden’ en er ’als gelovige christenen’ op voorbereid waren ’hun gasten het hoofd te bieden’.”

Na een persconferentie publiceerden veel nieuwsbladen inlichtingen waarin het standpunt van Jehovah’s getuigen werd uiteengezet. Op 23 juli 1970 werd op het eerste net van de Duitse televisie een interview gepresenteerd dat een verslaggever had gehad met een kerkleider die medeverantwoordelijk was voor het uitgeven van het strooibiljet. Deze geestelijke moest de volgende vraag van de verslaggever beantwoorden: „Wordt hierdoor niet blijk gegeven van gebrek aan christelijke liefde voor de naaste, of meent u dat uw broeders en zusters zo onvast in hun geloof staan?” En miljoenen televisiekijkers hoorden het antwoord van de geestelijke op de verdere vraag van de verslaggever of zijn kerk tot ’Babylon de Grote’ behoorde, waarover in het boek Openbaring wordt gesproken. Zijn antwoord luidde: „Ja, dat is juist, zij [de Getuigen] beweren dit omdat de kerk zich volgens zeggen met de wereldlijke macht heeft laten verenigen en ermee samenwerkt en daardoor het Evangelie heeft verraden.”

Ja, de strooibiljetcampagne bleek als een boemerang te werken, terwijl de publiciteit die eruit voortvloeide waardevol bleek te zijn om het congres en de openbare lezing op de laatste dag uitgebreid aan te kondigen.

Doop met belangstelling opgemerkt

Nog een onderdeel van het congres dat belangstelling wekt en de aandacht op de boodschap van de Getuigen vestigt, is de doop. Op de dertien congressen in Duitsland werden in totaal 2070 personen gedoopt.

Eén man die in Stuttgart als symbool van zijn opdracht aan God werd gedoopt, had negen jaar lang een Jezuïetenkloosterschool bezocht. Daar had hij veel over dogma en filosofie geleerd, maar nu heeft hij na slechts drie maanden het boek De waarheid die tot eeuwig leven leidt met Jehovah’s getuigen te hebben bestudeerd, Gods wil leren kennen.

Een echtpaar dat in Straubing werd gedoopt, had de waarheid van de bijbel vele jaren tegengestaan. De echtgenoot had zeven jaar aan een seminarie voor priesters gestudeerd en was werkzaam in het kerkbestuur. Een exemplaar van het boek De waarheid die tot eeuwig leven leidt, dat hem via de post werd toegezonden, bracht een grote verandering teweeg. Ondanks tegenstand van naaste familieleden maakten zij thuis schoon schip door alle voorwerpen van valse religie te verwijderen en ten slotte droegen zij hun leven aan Jehovah God op.

In Friedrichshafen werden twee Turken gedoopt. Een van hen zei dat hij nu pas, nadat hij veertig jaar moslim was geweest, de koran leerde kennen. Hij was verbaasd dat er in de koran zoveel over Christus stond geschreven.

Nuttige nawerking

De door Jehovah’s getuigen gehouden „Mensen van goede wil”​-districtsvergaderingen in Duitsland zullen stellig veel goede vruchten afwerpen. Kunnen de mensen het geluk van Jehovah’s volk zien? Kunnen regeringsfunctionarissen hun goede gedrag en reinheid zien? Kunnen mensen die zowel met het publiek als met Jehovah’s getuigen te maken hebben eraan ontkomen dat zij diep onder de indruk geraken? Is het niet waarschijnlijk dat sommigen onder hen zullen reageren op hetgeen zij gezien en gehoord hebben en tot de conclusie zullen komen dat het goede nieuws van het Koninkrijk er iets mee te maken heeft?

Jehovah’s getuigen in Duitsland hebben veel redenen om gelukkig te zijn, en wel voornamelijk om het feit dat de vreugdevolle congressen die zij in 1970 hebben bezocht stellig het goede nieuws zullen bevorderen.

[Illustratie op blz. 14]

Afgevaardigden in Offenburg. Op dertien congressen werd de openbare lezing door 110.506 personen beluisterd

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen