Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w57 15/2 blz. 91-95
  • Deel 24: Uitbreiding op het westelijk halfrond

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Deel 24: Uitbreiding op het westelijk halfrond
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1957
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • DE EILANDEN IN DE ATLANTISCHE OCEAAN EN DE AMERIKAANSE MIDDELZEE
  • ZUID-AMERIKA
  • Deel 26: Uitbreiding in Azië en de Stille Oceaan
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1957
  • Deel 25: Expansie in Europa en Afrika (1945-1955)
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1957
  • Deel 31: Het einde van het vierde en het begin van het vijfde tiental jaren dat het Koninkrijk in werking is
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1957
  • „Wordt daders van het woord, en niet alleen hoorders”
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1954
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1957
w57 15/2 blz. 91-95

De moderne geschiedenis van Jehovah’s getuigen

Deel 24: Uitbreiding op het westelijk halfrond

NOORD-AMERIKA met zijn meer dan 201 miljoen inwoners toont een uitmuntend en indrukwekkend bericht van het oogstwerk. Engels, Frans en Spaans zijn er de belangrijkste talen. Een groot deel der bevolking is het protestantse geloof toegedaan, alhoewel velen een atheïstische denkwijze aanhangen en de katholieke denkwijze in vele gebieden de overhand heeft. De in het heidendom gewortelde Noordamerikaanse geest, is de laatste jaren wegens de technologische ontwikkelingen uitermate materialistisch geworden, terwijl de mensen denken dat zij welhaast goden zijn die door middel van de valselijk zogenoemde „wetenschap” kunnen bereiken wat zij maar willen. Daarbij zoeken zij genoegens en zijn er op uit om reizen te maken, wat sterk wordt beïnvloed door de fantastische Hollywood-films. Daar de Noordamerikanen de toon hebben aangegeven wat het uitvinden van ingewikkelde machines voor de industrie en oorlogswapens betreft, zijn zij veeleer de bange slaaf dan de meester van hun uitvindingen geworden. Men kent er geen vrede des geestes. De vrees voor een atoomoorlog beheerst allen en stelt hun denken op religieus, politiek en sociaal gebied in de schaduw.

Daar het hoofdbureau van het Wachttorengenootschap zich in Noord-Amerika bevindt, konden de daar wonende getuigen van Jehovah er mee beginnen het uitgestrekte gebied „uit te kammen” om de „andere schapen” te vinden. Zodra de Wachttoren Bijbelschool Gilead in 1943 haar goed geschoolde zendelingen begon af te leveren, werden deze naar de buiten de Verenigde Staten gelegen landen van Noord-Amerika gezonden, zoals Mexico, Newfoundland, Alaska, de Middenamerikaanse landen (de republieken Costa Rica, Guatemala, Honduras, Nicaragua en El Salvador, en de Britse kroonkolonie Belize of Brits-Honduras) en de isthmische republiek Panama en zelfs naar de Frans-Canadese provincie Quebec.a Tegen 1947 werkten er in deze gebieden 163 Wachttoren-zendelingen en tegen 1955 was het aantal tot 663 gestegen, die in twaalf Noordamerikaanse landen werkzaam waren.

In het voorjaar van 1945, voordat de tweede Wereldoorlog eindigde, bracht de president van het Genootschap, N.H. Knorr, vergezeld van bestuurslid F.W. Franz, het eerste officiële bezoek aan Mexico en Midden-Amerika, waar regelingen werden voltooid om de zendelingen in meer gebieden werkzaam te doen zijn.b Ongeveer elke vier jaar hebben sedertdien bestuursleden van het Genootschap daar officiële bezoeken gebracht. Er zijn op dit uitgestrekte continent honderden nieuwe gemeenten opgericht in geïsoleerde gebieden en ook doordat snel groeiende gemeenten van meer dan 200 leden in de grote Amerikaanse steden werden gesplitst. Vooral in Canada en de Verenigde Staten zijn vele gemeenten gedwongen geweest goed uitgeruste, prachtig uitgevoerde Koninkrijkszalen te bouwen om in de groeiende behoeften van de getuigen aan vergaderplaatsen te voorzien. In Mexico, waar zovelen die belangstelling hebben voor de boodschap van Jehovah’s koninkrijk analfabeet zijn, zijn er in elke gemeente scholen opgericht om jong en oud Spaans te leren lezen en schrijven. Dit Mexicaanse onderwijzingsprogramma is met groot succes bekroond.c

Sedert 1945 is Canada het voornaamste strijdveld geweest, met de katholieke provincie Quebec als de belangrijkste inzet. Van 1943 tot 1955 zijn er 1682 processen tegen de getuigen aanhangig gemaakt en voorts waren er vele aanvallen van het gepeupel. Van die rechtszaken werden er 780 ten gunste van Jehovah’s volk beslist, en sinds kort zijn er door de op 6 oktober 1953 gedane historische beslissing van het Canadese Hooggerechtshof ten gunste van Jehovah’s getuigen in de zaak Saumur c. Quebec 899 andere rechtszaken vervallen.d In januari 1954 trof het provinciale bestuur van de provincie Quebec vergeldingsmaatregelen door een wet tegen de getuigen aan te nemen. Ook deze ergernis moest in de rechtbanken van het land een vuurproef doorstaan. In 1951 wonnen de getuigen een der belangrijkste rechtszaken in de Canadese rechtsgeschiedenis in de zaak Boucher c. The King, waarbij het Canadese Hooggerechtshof bepaalde dat de predikingsactiviteit der getuigen niet opruiend was.e Aangezien Canada geen waarborgen voor de burgervrijheden heeft en de getuigen zo lang aan schandalige vervolgingen blootgesteld zijn geweest, liet het Genootschap in Canada een petitionnement rondgaan, waarin om een Statuut van Rechten werd verzocht. Dit petitionnement werd gezamenlijk door 500.967 Canadezen ondertekend en op 9 juni 1947 aan het parlement aangeboden. In februari 1949 werd een tweede en nog groter petitionnement aangeboden met 625.510 handtekeningen, maar ook hieraan werd geen aandacht geschonken. Ondanks de hitte der strijd in katholiek Quebec groeit het aantal getuigen zeer snel, omdat voor eerlijke mensen deze gevangenis wordt geopend zodat zij hun denkwijze kunnen veranderen, zich tot een vrijheid van aanbidding kunnen wenden en naar Gods Nieuwe-Wereldmaatschappij ontkomen.

De onderstaande tabel toont welk een geweldig werk er de afgelopen jaren in Noord-Amerika is verzet en hoe uitermate bevredigend de resultaten zijn, hetgeen blijkt uit het groeiende aantal bedienaren van het evangelie.f

Jaar Landen waarin Totaal aantal Aantal

wordt gepredikt predikers predikingsuren

1942 7 75.589 19.668.961

1947 12 91.740 20.787.495

1952 12 168.752 25.810.384

1953 12 193.542 26.734.105

1955 12 236.124 29.999.901

Het kon niet anders dan dat de meer dan negenentwintig miljoen uren welke in 1955 door 236.124 geordineerde bedienaren van het evangelie aan de prediking werden besteed, een machtige uitwerking hadden op de denkwijze van miljoenen. Tegen 1955 was er in Noord-Amerika voor elke 922 inwoners van het continent één evangeliebedienaar, één getuige van Jehovah. Het oogstwerk heeft in dit werelddeel veel aan spankracht gewonnen en geen tegenstand van geestelijken, hoe groot ook, zal het thans nog kunnen tegenhouden. Duizenden gemeenten breiden zich voortdurend uit wanneer ze de tienduizenden nieuwen die voor veiligheid naar Gods organisatie vlieden, van harte opnemen.

DE EILANDEN IN DE ATLANTISCHE OCEAAN EN DE AMERIKAANSE MIDDELZEE

In groten getale geven de bewoners der eilanden gehoor aan de roep van de Juiste Herder, Jezus Christus, en vluchten in aller ijl naar Jehovah’s op een berg gelijkende organisatie. De talloze eilanden in de Atlantische Oceaan en de Amerikaanse Middelzee (waartoe ook de Caraïbische Zee behoort) zijn tamelijk dicht bevolkt met ruim zestien miljoen blanken, bruinen en zwarten van Engelse, Nederlandse, Latijnse en Afrikaanse origine. Hun leven is niet zo ingewikkeld als dat van hun Noordamerikaanse buren. Hun religieuze denkwijze wordt gekleurd door het katholicisme, de anglicaanse tucht en demonische bijgelovigheid, zoals het vaudouxisme. De zedelijke normen zijn niet erg hoog doordat de priesters de mensen op „vrome” wijze omkopen door te zeggen dat zij hun zonden kunnen vergeven wanneer hun geld wordt gegeven; veelal hebben de mannen officieel één vrouw terwijl zij met verscheidene andere in een vrij huwelijk leven. Een groot percentage der kinderen wordt buitenechtelijk geboren. De vrouwen doen het leeuwendeel van het werk en ondersteunen nagenoeg hun echtgenoten en kinderen. Aan de opvoeding der kinderen wordt niet al te grote aandacht geschonken. De mensen leven bij de dag, zonder grote zorgen, met hun sobere genoegens en zonder hun denkvermogen bijzonder actief te gebruiken. Toch worden duizenden die in zo’n geestestoestand verkeren, oprechte christelijke bedienaren van het evangelie wanneer zij zich met Jehovah’s getuigen verbinden.

Laat in 1943 werden er voor het eerst afgestudeerden van Gilead naar Cuba gezonden, waar onmiddellijk succes werd geboekt doordat de bijbelse waarheid werd gepredikt tot gretig luisterende oren. Daarna werden Porto Rico, de Dominicaanse republiek, Haïti, Trinidad, de Bermuda-eilanden, de Bahama-eilanden, Jamaïca en andere eilanden „overstroomd” door Wachttoren-zendelingen, die door de bevolking hartelijk werden ontvangen. Het Genootschap heeft alleen al in 1946 ongeveer ƒ 500.000 besteed om de bediening van het evangelie in het Caraïbische gebied, Midden-Amerika en Zuid-Amerika uit te breiden.g Van 1944 af bracht de president van het Genootschap drie jaar achtereen een bezoek aan Cuba en de andere eilanden om het uitstekende begin dat in dit gebied was gemaakt, te stimuleren.h Tegen 1955 waren er in 38 verschillende politieke „landen” op de eilanden 144 zendelingen werkzaam. Verscheidene jaren lang was de schoener Sibia een drijvend zendingshuis met een bemanning van afgestudeerden van Gilead, die de eilanden bezochten om lezingen te houden, de inwoners getuigenis te geven en bijbelstudies met hen te houden.i Dit vaartuig is thans vervangen door het grotere schip Light (Licht).j Aldus zijn er vele geïsoleerde belangstellende personen opgespoord die later blijvend geholpen kunnen worden door de activiteit van de door het Genootschap naar dat gebied te zenden bedienaren van het evangelie.

Op aanstoken der geestelijken zijn er in verschillende landen van tijd tot tijd van de zijde der regering verbodsbepalingen uitgevaardigd, zendelingen het land uitgewezen en heeft er zich een algemene gekantheid tegen de getuigen ontwikkeld, zoals in de Dominicaanse republiek, Haïti, de Bermuda-eilanden, Jamaïca en andere eilanden, maar dit weerhoudt de getuigen er niet van voort te gaan, zoals blijkt uit de onderstaande tabel over de expansie.k

Jaar Landen waarin Totaal aantal Aantal

wordt gepredikt predikers predikingsuren

1942 6 1.297 237.057

1947 12 6.429 1.448.810

1952 15 15.659 2.200.647

1953 29 17.421 2.248.941

1955 38 19.615 2.673.483

Door een machtige predikingsdienst, bestaande uit meer dan twee miljoen uren per jaar, wordt Jehovah’s lof op deze eilanden bezongen. Hierdoor zullen nog duizenden meer opgevoed worden tot leven in Jehovah’s glorierijke nieuwe wereld van rechtvaardigheid. In 1955 was er voor elke 971 eilandbewoners al één getuige van Jehovah. Waarlijk een prachtig percentage!

ZUID-AMERIKA

Tot het einde der tweede Wereldoorlog schenen alle landen van het Zuidamerikaanse continent met zijn 120 miljoen inwoners uitsluitend het domein van de Rooms-Katholieke Kerk te zijn. Toen de westerse democratieën in 1945 de katholiek-fascistisch-nazistische poging tot wereldbeheersing hadden verijdeld, scheen de deur tot Zuid-Amerika wijd geopend te worden voor het doordringen van het ware christendom, dat de moedige zendelingen van Jehovah’s getuigen daar zouden brengen. Spaans en Portugees zijn er de belangrijkste voertalen. Omdat de Vaticaanse Hiërarchie dit gedeelte van de wereld eeuwenlang met zware hand in haar macht heeft gehouden, is het denken van de mensen bekrompen, zinnelijk en bijgelovig. De mensen staan met sport en gokspelen op en gaan er mee naar bed. De zedelijkheid staat er, wegens het echtscheidingsverbod op grond van het katholieke standpunt, op een niet al te hoog peil en het vrije huwelijk komt algemeen voor. Er zijn veel buitenechtelijke kinderen en er is nog geen praktische oplossing voor hun deerniswekkende toestand gevonden. Er is dringend meer schoolonderricht nodig, wat nimmer bijzonder is aangemoedigd door „de Kerk.” Velen zijn van nature trots en heetgebakerd. In doorsnee schijnen allen fanatieke patriotten te zijn met een superioriteitsgevoel. Zij zijn gauw voor een idee of iets nieuws te vangen, maar door hun oppervlakkige denkwijze kunnen zij er geen diepere belangstelling voor opbrengen. Wat voor uitwerking zal bijbelopvoeding op zulke mensen en hun denkwijze hebben? Wij zullen het zien.

In februari en maart 1945 brachten de president van het Genootschap, N.H. Knorr, en zijn metgezel, F.W. Franz, hun eerste bezoek aan Zuid-Amerika.l Alle belangrijke landen werden bezocht en er werden plannen gemaakt voor de uitbreiding van het zendingswerk in al deze landen. Het werk in Argentinië en Brazilië was in het begin der twintiger jaren begonnen, maar moest hoogst noodzakelijk gemoderniseerd worden. Kort nadien werden er te Gilead opgeleide zendelingen heengezonden en in 1947 waren er 117 werkzaam in twaalf verschillende Zuidamerikaanse landen. Tegen 1955 had het Genootschap daar reeds meer dan 340 zendelingen toegewezen. Dit hield in dat er in Zuid-Amerika vele zendingshuizen werden geopend en gefinancierd en ook geschikte bijkantoren en de daarvoor benodigde woongelegenheden werden gereedgemaakt. Er werden aan dit Zuidamerikaanse expansiewerk duizenden guldens besteed, maar de vruchten lieten niet lang op zich wachten.a Duizenden begonnen de katholieke organisatie te verlaten om als getuigen van Jehovah opgeleid te worden in de bediening. Velen moest tijdens hun bijbelstudies lezen en schrijven worden geleerd. Voorts was er een morele reiniging nodig, daar alleen degenen die in overeenstemming met de bijbelse beginselen waren getrouwd, als metgezellen beschouwd konden worden. Velen moesten hierdoor hun huwelijksaangelegenheden in orde brengen. Het is daar dan ook overal bekend dat de getuigen de enigen zijn die voor de zedelijke verheffing van de met hen verbondenen zorgen. Ondanks al deze moeilijkheden is de wasdom echter ontzaglijk geweest, van 807 bedienaren van het evangelie in 1942 tot 18.800 in 1955. Er is in Columbia, Brazilië en op andere plaatsen tegenstand geweest. Zo bleef het werk van 1949 af tot het einde van de voormalige dictatoriale regering onder Perón, in Argentinië verboden. Dit verhinderde de toename in Columbia, Brazilië en zelfs Argentinië echter niet.

De toename in Zuid-Amerika is bemoedigend en het heeft er alle schijn van dat dit pas het begin is, want een waarlijk grote menigte schijnt bereid te zijn om uit dat deel van Jehovah’s akker voort te komen. Sla eens acht op het onderstaande bericht van deze expansie.b

Jaar Landen waarin Totaal aantal Aantal

wordt gepredikt predikers predikingsuren

1942 8 807 219.905

1947 12 2.431 956.928

1952 13 11.795 1.990.208

1953 12 13.174 2.137.541

1955 12 18.800 2.874.637

Het getuigeniswerk op dit zuidelijke continent is betrekkelijk nieuw. Toch is er voor elke 6435 inwoners reeds één bedienaar van het evangelie van Jehovah’s getuigen. De toekomst belooft echter dat deze verhouding steeds gunstiger zal worden naarmate de expansie van het ware christendom voortschrijdt.

(Wordt vervolgd)

[Voetnoten]

a Yearbook van 1945, blz. 42.

b Watchtower, 1945, de bladzijden 125, 126; W 1946, de bladzijden 220-224.

c Wachttoren 1949, de bladzijden 188-190.

d Ontwaakt! van 22 februari 1954, de bladzijden 4-11.

e Boucher c. The King (1951), Supreme Court Reports 265, Canada.

f Yearbook van 1956.

g Yearbook van 1947, blz. 254.

h W 1946, de bladzijden 172-176, 187-192.

i Yearbook van 1954 blz. 84.

j Yearbook van 1956.

k Yearbook van 1956.

l W 1945, de bladzijden 125-128, 172, 173.

a Yearbook van 1947, blz. 254.

b Yearbook van 1956.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen