Van onze lezers
Uitsluiting Ik heb het artikel „De zienswijze van de bijbel: Waarom uitsluiting een liefdevolle regeling is” (8 september 1996) erg op prijs gesteld. Ik ben zelf in 1987 uitgesloten en in 1988 in de gemeente hersteld, na mijn lesje geleerd te hebben. Deze liefdevolle regeling heeft me geholpen veranderingen aan te brengen in mijn manier van leven en andere omgang te zoeken. Wat zijn wij gezegend met een organisatie die zich aan bijbelse maatstaven houdt!
R. R., Verenigde Staten
Ook ik ben ooit uit de gemeente gesloten. Ik vond toen dat het hardvochtig was en dat het het gemeenste was wat je iemand aan kon doen. Ik had het bij het verkeerde eind! Vóór de uitsluiting hadden de gemeenteouderlingen hard gewerkt om mij te helpen tot berouw te komen. Die hulp waardeerde ik destijds gewoon niet. Dat ik uitgesloten werd, bewerkte dat ik heel wat nederiger werd. Ik ging erdoor beseffen hoe belangrijk onze band met Jehovah is.
B. T., Verenigde Staten
Inheemse Amerikanen Hartelijk dank voor de serie „De Indianen — Hoe ziet hun toekomst er uit?” (8 september 1996) Ik ben altijd geïnteresseerd geweest in de geschiedenis van de inheemse Amerikanen. Opnieuw was ik onder de indruk van de openhartigheid, objectiviteit en historische nauwkeurigheid van uw tijdschriften.
A. M., Italië
Nooit zie je een Indiaanse leraar of advocaat op de omslag van een tijdschrift staan. Altijd zijn het primitieve afbeeldingen, vergelijkbaar met die op de voorpagina van uw blad. Het constante gebruik van deze afbeeldingen belemmert ons in onze strijd tegen stereotiepe opvattingen.
K. M. T., Verenigde Staten
Het was beslist niet onze bedoeling een nadelige stereotiepe opvatting te bestendigen. Met de plaat op de omslag wilden wij de inheemse Amerikaan op een positieve en waardige manier uitbeelden. Er werd gebruik gemaakt van de traditionele tooi omdat die paste bij het onderwerp en herkenbaar was voor ons wereldwijde lezerspubliek. Interessant is dat veel Indiaanse lezers hun waardering hebben geuit voor zowel de artikelen als de illustraties. Sommigen willen dolgraag enkele van de oude gewoonten in ere houden en dragen hun traditionele kleding nog steeds bij speciale gelegenheden. — Red.
Omdat ik als etnoloog voor een museum werk met Noord-Amerika als mijn specialisme, ben ik zeer geïnteresseerd in dit onderwerp. Zou het mogelijk zijn mij tien exemplaren van deze uitgave toe te sturen, zodat ik die kan doorgeven aan anderen die in Indianen geïnteresseerd zijn?
P. B., Duitsland
Wij hebben graag aan dit verzoek voldaan. — Red.
Het weinige dat ik over Indianen wist, had ik uit de film. Uit deze artikelen maak ik op dat Hollywood niet de volle waarheid heeft laten zien. Mijn kijk op Indianen is veranderd.
T. M., Verenigde Staten
Ik ben voor een deel van Indiaanse afkomst en heb deze uitgave dan ook met veel genoegen gelezen. De gangbare mening ten spijt was Sitting Bull echter niet een van de aanvoerders bij de slag aan de Little Bighorn.
P. H., Verenigde Staten
Over de vraag of Sitting Bull al dan niet persoonlijk heeft deelgenomen aan de strijd, blijken de meningen enigszins verdeeld te zijn onder historici. De zienswijze die de meeste geleerden toegedaan schijnen te zijn, staat in het gerenommeerde blad „Natural History”, dat schrijft: „Volgens Indiaanse verslagen nam Sitting Bull, die soms als Custers tegenstander in de veldslag wordt gezien, niet deel aan de strijd maar hield hij zich bezig met het bereiden van medicijnen om de Indiaanse krijgers te sterken.” Of er verdere verhelderende informatie aan het licht zal komen, zal de tijd leren. — Red.