Hoe de frustratie van dyslexie te overwinnen
DOOR ONTWAAKT!-CORRESPONDENT IN GROOT-BRITTANNIË
„WAT is uw telefoonnummer?”, vraagt Julie. De beller beantwoordt de vraag. Maar de cijfers die Julie noteert, hebben weinig met het gegeven nummer te maken.
’Mijn onderwijzeres verscheurde de tekening die ik had gemaakt’, klaagt Vanessa, en zij voegt eraan toe: ’Ik kon me nooit herinneren wat ze had gezegd.’
David, in de zeventig, worstelt met het lezen van eenvoudige woorden die hij al meer dan zestig jaar geleden heeft geleerd.
Julie, Vanessa en David hebben een leerprobleem — een frustrerend leerprobleem. Het is dyslexie. Hoe wordt deze stoornis veroorzaakt? Hoe kunnen dyslectici de frustratie overwinnen die erdoor wordt teweeggebracht?
Wat is dyslexie?
Eén woordenboek definieert dyslexie als „een stoornis in het vermogen om te lezen”. Hoewel dyslexie vaak als een leesstoornis wordt beschouwd, kan er veel meer bij betrokken zijn.a
Het woord is afkomstig van het Griekse dys, dat „moeilijkheid met” betekent, en lexis, „woord”. Dyslexie betekent dat men moeite heeft met woorden of taal. Het kan zelfs inhouden dat men er problemen mee heeft de dingen in de juiste volgorde te zetten, zoals de dagen van de week en de letters in een woord. Dyslexie is, volgens dr. H. T. Chasty van het Britse Dyslexia Institute, „een stoornis in het organisatievermogen die het korte-duurgeheugen, de waarneming en de handvaardigheid aantast”. Geen wonder dat degenen die dyslexie hebben, dit frustrerend vinden!
Neem bijvoorbeeld Davids geval. Hoe kwam het dat deze man die vroeger graag en vloeiend las, nu de hulp van zijn vrouw nodig had om weer helemaal opnieuw te leren lezen? Door een beroerte werd een gebied van Davids hersenen beschadigd dat verband houdt met het gebruik van taal, en dit maakte dat hij tergend langzaam ging lezen. Toch bezorgden langere woorden hem minder problemen dan korte. Ondanks zijn verworven dyslexie hebben Davids spraakvermogen en zijn scherpe verstand er niet onder geleden. Het menselijk brein is zo gecompliceerd dat onderzoekers nog lang niet begrijpen wat er allemaal betrokken is bij het verwerken van de geluiden en de visuele impulsen die het ontvangt.
Julie en Vanessa daarentegen hadden een ontwikkelingsdyslexie, die aan het licht kwam naarmate zij opgroeiden. Onderzoekers nemen over het algemeen aan dat kinderen die tegen de leeftijd van zeven of acht jaar een normale intelligentie vertonen maar ongewoon veel moeite hebben met leren lezen, schrijven en spellen, wellicht dyslectisch zijn. Wanneer dyslectische kinderen een letter proberen na te schrijven, doen zij dat vaak in spiegelbeeld. Stelt u zich de frustratie van Julie en Vanessa eens voor toen de leerkrachten hen ten onrechte als dom, traag en lui bestempelden!
In Groot-Brittannië lijdt een op de tien personen aan dyslexie. Dat anderen de problemen waarmee zij te kampen hebben niet erkennen, verergert hun frustratie alleen maar. — Zie het kader op bladzijde 14.
Wat zijn de oorzaken van dyslexie?
Een slecht gezichtsvermogen veroorzaakt vaak leerproblemen. Corrigeer de gezichtsstoornis en de dyslexie verdwijnt. Een klein percentage van degenen die moeite hebben met leren lezen, merkt dat zij zich beter op de woorden kunnen concentreren wanneer zij een dun velletje gekleurd plastic op de tekst leggen. Anderen hebben hier geen baat bij.
Sommigen, die waarnemen dat de stoornis vaak binnen één familie voorkomt, geven een genetische verklaring. Inderdaad stond in het blad New Scientist onlangs een verslag over een onderzoek „waarbij gebruik werd gemaakt van de bekende samenhang tussen de genen die betrokken zijn bij auto-immuunziekten zoals migraine en astma, en de genen die verantwoordelijk zijn voor dyslexie”. Omdat onder dyslectici en hun verwanten vaker auto-immuunziekten voorkomen, geloven wetenschappers dat de genen voor dyslexie zich in het gebied bevinden van het genoom waarin deze ziektegenen gehuisvest zijn. Maar, zoals gedragswetenschapper Robert Plomin opmerkt, onderzoekers „hebben slechts een chromosomaal gebied, niet een gen, voor leesstoornissen geïdentificeerd”.
Het gedeelte van de hersenen dat de lichaamshouding, het evenwicht en de spiercoördinatie bestuurt, wordt het cerebellum, of de kleine hersenen, genoemd. Sommige geleerden zeggen dat het ook een rol speelt in ons denken en onze taalverwerking. Interessant is dat onderzoekers aan de Universiteit van Sheffield in Engeland een dyslexietest hebben ontwikkeld waarbij evenwicht en spiercoördinatie betrokken zijn. Zij redeneren dat defecten in het cerebellum gezonde gebieden van de hersenen ertoe aanzetten deze te compenseren. Kinderen hebben er over het algemeen weinig moeite mee hun evenwicht te bewaren wanneer hun gevraagd wordt stil te staan met de ene voet voor de andere en hun armen zijwaarts gestrekt. Maar wanneer zij worden geblinddoekt, zullen de dyslectische kinderen veel meer wankelen, omdat zij zich sterk op hun gezichtsvermogen verlaten om hun evenwicht te bewaren.
Weer andere onderzoekers wijzen erop dat de hersenen van dyslectische kinderen anatomische verschillen vertonen. Gewoonlijk is het achterste gedeelte van de linkerhersenhelft iets groter dan het overeenkomstige gedeelte van de rechterzijde, terwijl de linker- en de rechterhersenhelft van een dyslecticus in gelijke mate ontwikkeld schijnen te zijn. Weer anderen zeggen een afwijking te hebben gevonden in de rangschikking van zenuwcellen in de gebieden van de hersenen die een taalfunctie hebben.
Maar ongeacht de fysieke oorzaak van hun dyslexie, hoe kunnen degenen die dit probleem hebben, het best geholpen worden?
Hulp van ouders
Sommige ouders van een dyslectisch kind voelen zich schuldig en nemen het zichzelf kwalijk dat hun kind dit probleem heeft. Als u zich zo voelt, zet deze sombere gedachte dan van u af door te beseffen dat niemand van ons volmaakt is en dat wij allemaal anders zijn. Erken om te beginnen dat uw dyslectische kind, net als een kind dat kleurenblind is, hulp nodig heeft om te leren leven met zijn handicap. U als ouder kunt een belangrijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling van uw kind.
Hoewel dyslexie momenteel niet voorkomen of genezen kan worden, kan er wel iets aan gedaan worden. Wat? Professor T. R. Miles, schrijver van Understanding Dyslexia, adviseert ouders allereerst uit te zoeken wat het dyslectische kind nu precies moeilijk vindt. Dan zijn zij in staat een reële evaluatie te maken van de beperkingen van hun kind en wat de verwachtingen zijn. „U moet het kind vragen zijn uiterste best te doen”, adviseert Reading and the Dyslexic Child, „maar niet meer dan dat.” Door mee te leven en aan te moedigen, en vooral door voor geschikt onderwijs te zorgen, kunnen ouders de gevolgen van dyslexie tot een minimum terugbrengen en tegelijkertijd de spanning die het dyslectische kind ervaart, verminderen.
Hulp van leerkrachten
Bedenk dat dyslexie een leerprobleem is. Leerkrachten dienen dus tijd te besteden aan de dyslectische kinderen in hun klas en zich in te spannen om hen te helpen. Beperk de frustratie van de kinderen door reëel te zijn in wat u van hen verwacht. Een dyslectisch kind kan tenslotte later als volwassene nog steeds moeite hebben met hardop lezen.
Word niet moedeloos. Prijs de kinderen daarentegen voor de vorderingen die zij maken — en zeker voor al hun inspanning. Vermijd het echter ook zonder meer te prijzen. Professor Miles beveelt leerkrachten aan om wanneer zij enige vooruitgang opmerken, tegen een dyslectische leerling te zeggen: „Ja, ik geef toe dat je een paar fouten hebt gemaakt. Maar toch zeg ik dat je het goed hebt gedaan; het is een verbetering vergeleken met vorige week, en gezien je handicap is het een bevredigend resultaat.” Maar wanneer er geen verbetering is, adviseert hij te zeggen: „Ja, dat-en-dat schijnt je nog steeds moeilijkheden te bezorgen; laten we eens zien of we een andere manier kunnen vinden om je te helpen.”
Pas ervoor op dat u geen kleinerende opmerkingen over het lezen van het dyslectische kind maakt. Streef ernaar om boeken en lezen plezierig voor hem te maken. Hoe? Zowel ouders als leerkrachten kunnen het kind de raad geven een liniaal als bijwijzer onder de regel te leggen die hij aan het lezen is, want een heel langzame lezer laat zijn aandacht vaak afdwalen. Als het probleem zich voordoet dat het kind de letters van het woord in de verkeerde volgorde leest, vraag dan vriendelijk: „Wat is de eerste letter?”
Denk u eens in hoe ontmoedigend het voor een dyslectisch kind is, steeds van zijn leraar wiskunde te horen te krijgen dat zijn antwoorden fout zijn. Hoeveel beter is het hem iets gemakkelijker vraagstukken te geven, zodat de frustratie van het falen plaats maakt voor de voldoening ze goed te hebben opgelost.
„Het geheim voor dyslectici is”, volgens een gespecialiseerde onderwijzeres, „leren met gebruikmaking van al je zintuigen.” Combineer het gezicht, het gehoor en de tastzin om het kind te helpen de woorden goed te lezen en te spellen. „De leerling moet zorgvuldig kijken, zorgvuldig luisteren, aandacht schenken aan zijn handbewegingen terwijl hij schrijft, en aandacht schenken aan zijn mondbewegingen terwijl hij spreekt”, legt professor Miles uit. Door dit te doen, vergelijkt het dyslectische kind de geschreven vorm van een letter zowel met de klank ervan als met de handbewegingen die hij maakt om de letter te schrijven. Leer het kind, om hem te helpen onderscheid te maken tussen de letters die hij met elkaar verwart, bij het schrijven voor elk van deze letters een ander beginpunt te nemen. „In het ideale geval”, zo adviseert Reading and the Dyslexic Child, „zou elk [dyslectische] kind een uur per dag op individuele basis les moeten hebben.” Jammer genoeg laten de omstandigheden dit zelden toe. Toch kunnen dyslectici zichzelf helpen.
Uzelf helpen
Als u dyslectisch bent, streef er dan naar het merendeel van uw leeswerk te doen wanneer u op uw fitst bent. Onderzoekers hebben waargenomen dat dyslectische studenten goede resultaten bereiken wanneer zij ongeveer anderhalf uur achtereen lezen, maar dat hun prestaties daarna achteruitgaan. „Elke dag geregelde maar niet te lange studieperiodes zijn waarschijnlijk nuttiger dan af en toe een dag intensieve inspanning”, wordt in Dyslexia at College opgemerkt. Zeker, het zal u meer tijd kosten om goed te lezen en te spellen. Maar houd vol.
Maak gebruik van een draagbare schrijfmachine of, nog beter, van een tekstverwerker met een programma dat u helpt de spelling te controleren van wat u invoert. Combineer dit met het leren ordenen en hanteren van informatie. — Zie het kader op bladzijde 13.
Geniet van boeken door ze op audiocassette te beluisteren. Zelfs dit tijdschrift en het zustertijdschrift De Wachttoren verschijnen nu in veel talen geregeld op cassette, alsook de gehele bijbel.
Als u na het lezen van het kader meent dat u dyslectisch bent, verberg het probleem dan niet. Accepteer het, en houd er rekening mee. Om een voorbeeld te noemen: Misschien bereidt u zich op een sollicitatiegesprek voor. Zoals zo veel mensen vindt u wellicht dat de spanning van de situatie het moeilijk maakt u duidelijk en beknopt uit te drukken. Waarom probeert u dan niet van tevoren een paar oefen-sollicitatiegesprekken?
De moeilijkheden die door dyslexie worden veroorzaakt, zijn niet gemakkelijk te verhelpen. Maar de hersenen, die een wonderbaarlijk orgaan vormen, compenseren het probleem. Het is daarom onwaarschijnlijk dat u zich blijvend ongelukkig zult voelen. Julie, Vanessa en David hebben er allemaal hard aan gewerkt hun frustratie te overwinnen. U kunt hetzelfde doen. Besef dat uw specifieke probleem u niet hoeft te beletten te leren. Blijf proberen om goed te lezen, te schrijven en te spellen. Dat zal u helpen de frustratie van dyslexie te overwinnen.
[Voetnoten]
a Sommige deskundigen bezigen de term „dysgrafie” voor leerproblemen die verband houden met schrijven en „dyscalculie” voor rekenstoornissen.
[Kader op blz. 13]
Tips voor persoonlijke organisatie
Maak gebruik van het volgende:
• een eigen prikbord
• een agenda
• een brievenbakje
• een eigen map voor papieren
• een dagboek
• een adressenboek
[Kader op blz. 14]
Hoe u dyslexie bij kinderen kunt herkennen
Als u drie of vier van de onderstaande vragen voor elke leeftijdsgroep met ja beantwoordt, is het mogelijk dat de betreffende kinderen in zekere mate dyslectisch zijn.
Kinderen van acht jaar of jonger:
Hebben zij laat spreken geleerd?
Hebben zij nog steeds duidelijk een probleem met lezen of spellen? Verbaast dit u?
Hebt u de indruk dat zij in kwesties die niet met lezen en spellen te maken hebben, vlug en pienter zijn?
Schrijven zij letters en cijfers omgekeerd?
Hebben zij bij het rekenen langer de hulp van blokken, vingers, of tekentjes op papier nodig gehad dan anderen van hun leeftijd? Hebben zij er ongewoon veel moeite mee de tafels van vermenigvuldiging te onthouden?
Hebben zij er moeite mee links en rechts uit elkaar te houden?
Zijn zij ongewoon onhandig? (Niet alle dyslectische kinderen zijn onhandig.)
Kinderen van acht tot twaalf jaar:
Maken zij ongewone spelfouten? Laten zij soms letters uit woorden weg of zetten zij ze in de verkeerde volgorde?
Maken zij schijnbaar slordige fouten bij het lezen?
Schijnt hun begrip bij het lezen trager te zijn dan verwacht mag worden van kinderen van hun leeftijd?
Hebben zij op school moeite om iets van het bord over te schrijven?
Laten zij bij het hardop lezen woorden of een hele regel weg, of lezen zij dezelfde regel twee keer? Hebben zij een hekel aan hardop lezen?
Vinden zij de tafels van vermenigvuldiging nog steeds moeilijk te onthouden?
Hebben zij een slecht richtinggevoel en verwarren zij links en rechts met elkaar?
Missen zij zelfvertrouwen en hebben zij weinig zelfrespect?
[Verantwoording]
— Awareness Information, uitgegeven door de British Dyslexia Association, en Dyslexia, een produktie van Broadcasting Support Services, Channel 4 Television, Londen (Engeland).
[Illustratie op blz. 12]
Leg een liniaal onder de te lezen regel als hulp om de aandacht vast te houden