Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g84 22/5 blz. 6-9
  • De grote zakenwereld en oorlogvoering

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • De grote zakenwereld en oorlogvoering
  • Ontwaakt! 1984
  • Vergelijkbare artikelen
  • Is de mens bij machte er een eind aan te maken?
    Ontwaakt! 1989
  • De kosten van militaire paraatheid
    Ontwaakt! 1971
  • Bewapening — Wat kost het?
    Ontwaakt! 1986
  • Is er hoop op een wereld zonder wapens?
    Ontwaakt! 1989
Meer weergeven
Ontwaakt! 1984
g84 22/5 blz. 6-9

De grote zakenwereld en oorlogvoering

DE INTERNATIONALE wapenhandel werd in de 19de eeuw een uitermate belangrijke commerciële activiteit. Staalproducenten zoals de Duitse firma Krupp en de Engelse firma’s Vickers en Armstrong begonnen in grote hoeveelheden oorlogswapens te produceren. Toen hun eigen regeringen niet genoeg wapens konden of wilden kopen, ontplooiden deze ondernemingen een internationale handel en groeiden al gauw uit tot enorme multinationals.

Vanaf het allereerste begin heeft men getwijfeld aan de morele juistheid van het produceren en exporteren van oorlogswapens. De Zweed Alfred Nobel ontdekte een vorm van cordiet (een rookloos buskruit genaamd ballistiet) voor kanonnen en hij kocht op 60-jarige leeftijd de Zweedse wapenfabriek Bofors. Toch beleed hij interesse in het pacifisme en bestemde hij een deel van zijn nalatenschap voor de beroemde Nobelprijs voor de Vrede, die toegekend moest worden aan degenen die het meeste deden ten behoeve van vriendschappelijke betrekkingen tussen naties. Toen William Armstrong in 1900 stierf, gaf een Britse krant als commentaar: „De gedachte dat een koele en gematigde geest als die van Lord Armstrong aan de wetenschap der vernietiging was gewijd, is iets dat ons voorstellingsvermogen schokt.”

Niettemin werd spoedig elk gewetensbezwaar opzijgezet ten gunste van hetzij patriottisme of winst. Tegen het begin van de Eerste Wereldoorlog wemelde het in de meeste hoofdsteden van wapenverkopers die hun waren aanprezen. Die oorlog bracht echter een ernstig moreel probleem in verband met de wapenhandel aan het licht.

Gedurende de oorlog werden wapens van Britse en Franse makelij op het slagveld tegen Britse en Franse soldaten gebruikt. Duitsland vocht tegen de Russen en Belgen die door Krupp waren bewapend. De meeste betrokken oorlogsvloten hadden een pantserbeplating die in licentie van Krupp was gemaakt, en bij de slag om Jutland vuurden beide zijden granaten af met ontstekingsmechanismen van Krupp.

Wapenfabrieken maakten grote winsten uit de oorlog — in zulke mate dat velen hen ervan verdachten dat ze hadden getracht de oorlog te verlengen om zichzelf te bevoordelen. Een kranteartikel uit 1934 berekende dat het gedurende die oorlog $25.000 kostte om één soldaat te doden, een bedrag „waarvan een groot deel in de zak van de wapenfabrikant verdween”. — The Arms Bazaar, door Anthony Sampson.

Sinds die oorlog is de wapenhandel blijven voortbestaan en momenteel bloeit ze als nooit tevoren. Sommigen twijfelen nog steeds aan de morele juistheid van het handelen in vernietigingswapens, maar niemand ontkent dat het een winstgevende handel is. „Er wordt aan oorlog opnieuw goed verdiend”, zei een economisch analist van Wall Street. Verwijzend naar het zeer geavanceerde hedendaagse wapentuig voegt The New York Times eraan toe: „De elektronische oorlogvoering is niet slechts een technologisch wonder, het is een bijzonder lucratieve aangelegenheid.”

„De wapenhandel neemt . . . een hoge vlucht, waarbij de USSR de VS heeft ingehaald als de voornaamste exporteur van zware wapens”, bevestigde het Britse tijdschrift New Scientist. Het blad voegde eraan toe: „En ongetwijfeld zal in de komende één of twee jaar de Britse wapenexport een krachtige opleving te zien geven nadat de Falklandoorlog de gelegenheid verschafte de koopwaar te etaleren.”

Ja, de Falklandoorlog en het Libanese conflict moeten de directies van firma’s die moderne wapens produceren, een geschenk uit de hemel hebben geleken. The Guardian geeft als commentaar: „Europese en Amerikaanse firma’s zien opwindende nieuwe vooruitzichten na een oorlog [bij de Falklandeilanden] die een klassieke demonstratie van hun waren opleverde.”

Dit moet ook duidelijk zijn geweest voor degenen die op zoek waren naar een veilige belegging voor hun geld. De bewapeningsindustrie lijkt voor steeds meer investeerders een aantrekkelijke belegging te zijn. Een in The New York Times aangehaalde defensie-analist zei: „De aandelen hebben het goed gedaan sinds deze incidenten [de Falklandoorlog en het Libanese conflict]. Deze situatie heeft klaarblijkelijk de aandacht van meer beleggers getrokken.”

Gedurende de jaren ’70, toen in Zuidoost-Azië een oorlog woedde, waren het onder andere de protestantse kerken — waarvan sommige tegen de oorlog en de groei van het militaire apparaat van de Verenigde Staten hadden geprotesteerd — die van de lucratieve wapenhandel profiteerden. In een brochure over dit onderwerp zei de Nationale Raad van Kerken (in Amerika): „De hiergenoemde investeringen zijn gedaan in de ’grote zakenwereld’ van militaire produktie en aanschaf. De investeringen van de kerk bedragen bijna $203 miljoen . . . Deze investeringen leveren de kerk heel wat op, en vertegenwoordigen een belangrijk, zo niet het belangrijkste, deel van hun aandelenbezit.”

Wat de directies van de grote wapenproducenten met bijzondere vrolijkheid in hun handen doet wrijven is het feit dat hun afnemers voor het merendeel de militairen zijn. Dit heeft vele voordelen voor hen. De meeste grote naties hebben reeds miljarden uitgetrokken voor defensie, zodat de fabrikanten ervan verzekerd zijn dat er geld in het laatje blijft komen. Aangezien deze onderdelen moeten voldoen aan militaire maatstaven, is de prijs vier tot vijf keer zo hoog als voor componenten die aan andere afnemers worden verkocht. Het leger zal in het algemeen eerder produkten kopen die binnen de eigen landsgrenzen worden gemaakt dan van elders afkomstig materiaal, waardoor de dreiging van buitenlandse concurrentie wordt verminderd. In het bijzonder Amerikaanse bedrijven bevinden zich op hun jacht naar militaire orders in de ongewone positie dat zij geen concurrentie van Japan ondervinden. Oorlogswapens vormen inderdaad een lucratieve handel.

Midden in al deze commerciële activiteiten rondom het krijgsbedrijf staan dan de wapenverkopers die als marskramers hun vernietigende waren uitventen. „Het mooie van het maken van wapens in vergelijking met het maken van auto’s”, zei een zo’n verkoper, „is dat wapens altijd verouderd raken of worden verbruikt: er is een oneindige gelegenheid voor expansie.”

Wapententoonstellingen waar kopers en verkopers elkaar ontmoeten om de laatste typen oorlogstuig te bekijken, vinden overal ter wereld plaats alsof het modeshows betreft. Men is nu bezig met de ontwikkeling van wat wapens van de derde generatie genoemd worden — technologisch zeer geavanceerde projecten waarmee weer hogere militaire uitgaven voor research en ontwikkeling gemoeid zijn. Christopher Paine, woordvoerder van het Verbond van Amerikaanse Geleerden, noemde dit „een gevaarlijke kunstgreep die de wapenmakers toepassen om hun fabrieken draaiende te houden”.

De morele vraagstukken van de wapenhandel zijn niet veranderd. Nog geen drie jaar vóór de Falklandoorlog verkochten de Britten voor meer dan 200 miljoen dollar aan oorlogsschepen en elektronisch wapentuig aan Argentinië. Een groot deel ervan werd tegen hen gebruikt toen de oorlog uitbrak. Dit is het risico dat zowel de naties als de grote zakenwereld verkozen hebben te nemen. Er gaan stemmen op die de internationale verkoop van wapens veroordelen. Niettemin gaat de verkoop door, gewoonlijk gestimuleerd door nationale regeringen. En in de tussentijd wordt de wereld een steeds gevaarlijker plaats om in te leven.

[Inzet op blz. 8]

De Britten verkochten voor miljoenen dollars aan wapentuig aan Argentinië, waarna het bij de Falklandeilanden tegen hen werd gebruikt

[Illustraties op blz. 7]

Twijfel aan de morele juistheid van de wapenhandel werd al gauw opzijgezet toen de winsten binnenkwamen

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen