Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g82 8/6 blz. 17-19
  • Waarom zoveel hartzeer, als God zich om ons bekommert?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Waarom zoveel hartzeer, als God zich om ons bekommert?
  • Ontwaakt! 1982
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Lijden — Wie is de werkelijke schuldige?
  • Waarom laat God het toe?
  • De grote strijdvraag
  • Een strijdvraag waarbij wij betrokken zijn
  • Wat hebben de resultaten bewezen?
  • God bekommert zich nog steeds om ons!
  • Onze gevederde vriendjes
    Ontwaakt! 1977
  • Ik mocht samenwerken met geestelijk ingestelde broeders
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk (studie-uitgave) 2017
  • Waarom heeft God het kwaad toegelaten?
    U kunt voor eeuwig in een paradijs op aarde leven
  • Bestaat er een God die zich om ons bekommert?
    Bestaat er een God die zich om ons bekommert?
Meer weergeven
Ontwaakt! 1982
g82 8/6 blz. 17-19

Jonge mensen vragen . . .

Waarom zoveel hartzeer, als God zich om ons bekommert?

„GOD heeft dit gedaan om je kalmer aan te laten doen,” zei de oude man tegen de 19-jarige Wallace, die onlangs een kogel in zijn rug gekregen had en nu vanaf het middel verlamd was. Voor Wallace was deze oprecht gemeende opmerking van de oude man een schrale troost.

Toch was dit nog maar het begin van alle hartzeer voor Wallace. Op een revalidatieschool werd hij op grond van rassenvooroordeel onheus bejegend. „Waarom is er zo veel haat in de wereld? Waarom zijn er zo veel geweldmisdrijven? Ik was in de volle kracht van mijn leven, een topatleet! Waarom moest ik in een rolstoel terechtkomen?” vroeg deze jonge man zich af. „Ja, waarom heeft God dit toegelaten?”

Misschien heb jij soortgelijke vragen gesteld. Wanneer je onschuldigen ziet lijden, vraag je je wellicht af: Waarom? Wiens schuld is het?

Lijden — Wie is de werkelijke schuldige?

Eén feit valt niet te ontkennen: veel lijden wordt door de mens veroorzaakt. In 1979 werden bijvoorbeeld elf jonge mensen gedood toen een grote menigte zich verdrong om toegang te krijgen tot een rockconcert en er een „dolzinnige stormloop” ontstond om plaatsen te bemachtigen. Maar wiens schuld was dat? Van God?

In het onderzoek bleek dat een van de voornaamste oorzaken van de tragedie de zitplaatsenregeling was, waarbij „alle beschikbare plaatsen in de zaal en op de tribunes zonder plaatsbespreking worden vrijgegeven en de beste plaatsen worden ingenomen door degenen die er het eerst bij zijn” — of die het sterkst zijn. Vele jongeren vinden het dan ook een prima regeling. En sommige organisatoren zijn naar verluidt voorstanders van deze wijze van plaatstoewijzing omdat zij daardoor gewoonlijk meer kaartjes kunnen verkopen. Hebzucht en zelfzucht — hetzij ter wille van een betere plaats of ter wille van meer geld — hebben dus tot de tragedie bijgedragen.

Op het ogenblik zijn er naar schatting 400 miljoen mensen die „voortdurend op de rand van de hongerdood leven”. Maar komt dit doordat onze aarde niet voldoende voedsel kan voortbrengen? Dat is het probleem niet, zeggen de deskundigen; zij geven de schuld aan een onevenredige verdeling van het voedsel als gevolg van zelfzucht, hebzucht of onkunde. De menselijke zelfzucht, en niet God, is bovendien verantwoordelijk voor de hedendaagse oorlogen, de geweldmisdrijven, de industriële vervuiling.

„Maar God zou er een eind aan kunnen maken Hij heeft de macht daartoe. Waarom doet hij het dan niet?” was de beschuldiging die Wallace afvuurde op een van zijn zwarte medeleerlingen aan de revalidatieschool. Deze had een antwoord.

Waarom laat God het toe?

„De redenen waarom God het kwaad toelaat, wortelen in het allereerste begin van de menselijke geschiedenis”, legde de 17-jarige Willie uit. „Volgens de bijbel werden onze oorspronkelijke voorouders, Adam en Eva, geschapen in een paradijs. Zij hadden een volmaakt gezond lichaam, voedsel in overvloed en zinvol werk. Maar zij keerden zich af van Gods goede zorgen.”

„Maar waarom dan?” vroeg Wallace. „Een gevolg van leugenpropaganda”, antwoordde Willie. „Sprekend door middel van een slang vertelde een onzichtbare opstandige geest, Satan, aan Eva dat God een leugenaar was. ’Gehoorzaam mij maar, dan zul je niet sterven, je leven zal er zelfs nog beter van worden. Je zult net als God zijn.’ Dat was Satans subtiele tactiek. En weet je wat er toen gebeurde? Adam en Eva raakten hun volmaaktheid kwijt, en ziekte en dood werden via hun kinderen doorgegeven en zijn tot op de huidige dag ons deel. Daarom is onze wereld er zo verschrikkelijk aan toe.” Vervolgens vestigde Willie de aandacht op de fundamentele reden waarom God goddeloosheid heeft toegelaten. — Gen. hfdst. 2, 3; Rom. 5:12.

De grote strijdvraag

Er werd een strijdvraag opgeworpen die veel verder reikte dan de vraag of God de macht had om hen te vernietigen of niet. In een poging om dat uit te leggen vroeg Willie: „Je weet dat mensen zich beroepen op ’het recht van de sterkste’ . . . ?”

„Dat is een leugen!” viel Wallace hem in de rede, denkend aan zijn eigen zwakke positie als verlamde. „Alleen het feit dat je sterker bent, betekent nog niet dat wat je doet altijd goed is.”

„Precies!” hernam Willie. „De strijdvraag was dan ook geen kwestie van macht, maar ging erom of de manier waarop God de zaken bestuurde wel juist was. Was dat tot blijvend welzijn van de mensen op aarde? Of konden de mensen gelukkiger worden door om zo te zeggen ’hun eigen gang te gaan’ en Gods aanwijzingen te negeren? En verder: zou Satan werkelijk een wereld van blijvende gezondheid en geluk weten te bewerkstelligen? Voor het antwoord was tijd nodig.”

„Maar als het nu toch God was die zijn gelijk moest bewijzen, waarom moet ik daar dan onder lijden?” vroeg Wallace verontwaardigd. Willie had hier een uitgesproken mening over, want ook hij was gehandicapt, in zijn geval een been dat hij niet kon buigen.

Een strijdvraag waarbij wij betrokken zijn

„Toen Adam en Eva in opstand kwamen, rees er twijfel omtrent de kwaliteit van Gods met intelligentie begiftigde schepselen”, antwoordde Willie. „Hoewel in de loop der tijden velen van Adams nakomelingen Gods wetten hebben gehoorzaamd, hoonde Satan: ’Waarom deden zij dat?’ Aanbaden zij God alleen maar vanwege de materiële zegeningen die hij schonk, in plaats van uit liefde?” Omdat hij wist dat Wallace een zoontje groot te brengen had, vroeg Willie: „Als iemand jouw zoontje ervan zou beschuldigen dat hij jou alleen maar gehoorzaamde om de materiële dingen die je hem geeft, wat denk je dan dat hij zou willen doen?” — Job 1:9, 10.

„Hij zou willen bewijzen dat zij ongelijk hadden, want ik weet dat mijn zoontje van me houdt!” riep Wallace uit. „Ach ja, nu zie ik wat je bedoelt. Dus God gaf de mensen een kans om te tonen dat zij hem werkelijk liefhadden — in goede en in slechte tijden.”

Vele getrouwe personen uit de hele geschiedenis, zoals de man Job uit oude tijden, hebben bewezen dat Satans beschuldiging een leugen was. Maar hoe staat het met zijn grootspraak dat het leven op aarde beter zou zijn als Gods wetten werden genegeerd?

Wat hebben de resultaten bewezen?

Wallace zag duidelijk een wereld vol haat. Na zich te hebben ingelaten met verschillende rassenbewegingen in zijn streven om onrechtvaardigheden uit de wereld te helpen, zag hij in dat deze de oplossing niet hadden. Hij wist niets te bedenken wat in staat zou zijn de haat door liefde te vervangen.

Misschien ben jij ook het hopeloze van de hele situatie gaan inzien. Vele jonge mensen beseffen dat zelfs de moderne technologie, die 100 jaar geleden zo vol beloften leek voor een schitterende toekomst, de mensheid alleen maar op de rand van de vernietiging heeft gebracht. Is het niet overduidelijk dat een heerschappij onafhankelijk van God geen wereld van vrede en geluk kan brengen? Maar kan Gods manier om de zaken te besturen dat dan wel?

„Vanaf mijn eerste bezoek kon ik zien dat deze mensen werkelijk de rassenproblemen hadden opgelost”, verklaarde Wallace na het bijwonen van een vergadering in een Koninkrijkszaal van Jehovah’s Getuigen. Toen hij Willies uitnodiging aannam om ’zelf te komen kijken’ naar mensen die volgens Gods wetten probeerden te leven, werd hij diep getroffen door de oprechte warmte onder de gemeenteleden van verschillende rassen. „In dit stadje met al zijn rassenvooroordelen vormden deze mensen een verbluffend voorbeeld van liefde”, zei Wallace. Daar wilde hij meer over weten. Ja, hier waren bewijzen dat Gods heerschappij oprechte liefde kan voortbrengen.

God bekommert zich nog steeds om ons!

Maar zal God ooit een eind maken aan al dit leed? Ja, beslist!

„Ik was overgelukkig toen het tot mij doordrong dat God binnenkort degenen zal vernietigen die ’onze aarde verderven’, en dat aardse paradijs zal herstellen”, verklaarde Wallace later (Openb. 11:18). Wat straalde Wallace toen hij hoorde dat God in staat is alle schade uit te wissen die door eeuwen van goddeloosheid is veroorzaakt! Hij kan degenen die gestorven zijn, weer tot leven wekken. Hij kan van ledematen die door verwonding of ziekte onbruikbaar zijn geworden, weer ledematen maken die kunnen rennen en springen. — 2 Petr. 3:7, 13; Hand. 24:15; vergelijk Jes. 35:5, 6.

„Vroeger had ik geen hoop”, zei Wallace. „Maar nu ben ik alle bitterheid kwijt. Wat voel ik mij getroost, nu ik weet dat God mij niet invalide gemaakt heeft! Ik geloof heel stellig dat ik weldra op een dag in dat herstelde paradijs uit deze rolstoel zal opstaan en weer zal lopen. Die hoop heeft mij vrede des geestes geschonken en ik merk dat ik met mijn huidige omstandigheden kan leven.” Ja, deze jonge man ontdekte dat, een wereld vol hartzeer ten spijt, God zich werkelijk om ons bekommert!

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen