7-13 SEPTEMBER 2026
LIED 88 Leer mij uw weg
Lessen van de Gibeonieten
‘De inwoners van Gibeon hadden vrede gesloten met Israël en woonden bij hen’ (JOZ. 10:1).
FOCUS
Wat je kunt leren van de Gibeonieten en van de manier waarop Jehovah met ze omging.
1-2. Waarom is het interessant te weten wat de Bijbel over de Gibeonieten zegt?
HET is het jaar 1473 v.Chr. De Israëlieten zijn net begonnen met de verovering van het beloofde land. Met Jehovah’s hulp hebben ze Jericho en Ai ingenomen. Maar dan gebeurt er iets onverwachts. Er komen reizigers naar ze toe die beweren dat ze uit een ver land komen en die vrede met ze willen sluiten.
2 De reizigers zijn Gibeonieten. Dit moment is de eerste keer dat ze in de Bijbel worden genoemd, maar zeker niet de laatste. De Bijbel laat zien dat ze eeuwenlang nauw met de Israëlieten verbonden waren. De verslagen over de Gibeonieten bevatten mooie lessen voor ons en leren ons veel over Jehovah.
HEB VERTROUWEN EN WEES NEDERIG
3. (a) Wie waren de Gibeonieten? (b) Waarom wilden ze vrede sluiten met Israël?
3 Toen de Israëlieten in het beloofde land kwamen, waren er zeven Kanaänitische volken die ze moesten verdrijven. Die volken waren ‘groter en machtiger’ dan zij (Deut. 7:1). De Gibeonieten behoorden tot een van die volken, de Hevieten. Ze woonden in Gibeon, een ommuurde stad met veel soldaten (Joz. 10:2). In tegenstelling tot de andere Kanaänieten beseften ze dat het geen zin had tegen Israël te strijden. Ze zagen in dat het Jehovah was die voor zijn volk streed en ze wisten dat hij beloofd had de Kanaänieten uit het land te verdrijven (Ex. 34:11; Joz. 9:24). Daarom stuurden de Gibeonieten na de val van Jericho en Ai een groep mannen naar Jozua in Gilgal om te proberen vrede te sluiten.a
4. (a) Hoe kregen de Gibeonieten het voor elkaar vrede te sluiten met de Israëlieten? (Jozua 9:8-13) (Zie ook de afbeelding.) (b) Wat gebeurde er toen duidelijk werd dat de Gibeonieten hadden gelogen?
4 Lees Jozua 9:8-13. De Gibeonieten deden alsof ze uit een ver land kwamen. Ze erkenden dat Jehovah het leger van Egypte had verslagen en de Israëlieten had geholpen in de strijd tegen de Amoritische koningen Sihon en Og. Maar ze waren zo verstandig niet te noemen wat er met Jericho en Ai was gebeurd, want als ze echt uit een ‘heel ver land’ kwamen had dat nieuws ze nog niet kunnen bereiken. Jozua en de mannen van Israël geloofden het verhaal van de Gibeonieten en sloten een vredesverbond. Maar dat deden ze zonder Jehovah te vragen wat ze moesten doen (Joz. 9:14, 15). Niet lang daarna kwamen de Israëlieten erachter dat de Gibeonieten hadden gelogen, maar ze hielden zich aan hun verbond met hen omdat ze ‘dat gezworen hadden in de naam van Jehovah’ (Joz. 9:16-19). De Gibeonieten kregen nederige taken te doen: ze werden ‘houthakkers en waterputters voor de gemeenschap en voor Jehovah’s altaar’ (Joz. 9:27).
De Gibeonieten misleidden Jozua zodat hij vrede met ze zou sluiten (Zie alinea 4)
5. Hoe toonden de Gibeonieten vertrouwen in Jehovah?
5 Toen vijf Amoritische koningen hoorden dat de Gibeonieten vrede hadden gesloten met Israël, besloten ze om samen Gibeon aan te vallen. De Gibeonieten smeekten Jozua om hulp (Joz. 10:3-7). Jozua ging er dus met het leger naartoe en met Jehovah’s hulp werden ze gered. Jehovah liet zelfs grote hagelstenen op de vijand vallen en liet de zon stilstaan tijdens de strijd (Joz. 10:9-14). De Gibeonieten lieten zien dat ze op Jehovah vertrouwden door met Israël vrede te sluiten en Jozua om hulp te vragen toen ze werden aangevallen. Ze vertrouwden erop dat Jehovah zich aan zijn beloften zou houden en ze zou redden.
6. Wat leren we over Jehovah van de manier waarop hij de Gibeonieten behandelde?
6 Wat leert dit verslag je over Jehovah? Jehovah is nederig en barmhartig. Hij had Israël de opdracht gegeven: ‘Verdrijf alle bewoners van het land.’ Daar hoorden de Gibeonieten ook bij (Num. 33:51, 52). Maar toen Israël een vredesverbond met ze sloot, ondersteunde Jehovah dat ook al hadden ze hem niet geraadpleegd. Uit barmhartigheid liet hij de Gibeonieten in leven. Daarnaast hielp hij de Israëlieten later om zich aan hun afspraak te houden en redde hij de Gibeonieten door een wonder (Joz. 9:26; 11:19).
7. Hoe kun je het vertrouwen en de nederigheid van de Gibeonieten navolgen? (Zie ook de afbeelding.)
7 Hoe kun je de Gibeonieten navolgen? Versterk je vertrouwen in Jehovah. Omdat wij veel meer over Jehovah weten dan de Gibeonieten, hebben we nog meer reden om volledig op hem te vertrouwen (Ps. 40:4, 5). Je kunt de Gibeonieten ook navolgen door bereid te zijn nederig werk te doen in Jehovah’s dienst (Joz. 9:23, 27). Luke, een jonge broeder op Bethel, weet nog goed hoe een oudere Betheliet nederigheid toonde. Hoewel die Betheliet grote verantwoordelijkheden had, bood hij zich bescheiden aan om ’s nachts te waken bij een Koninkrijkszaal in aanbouw. Luke zegt: ‘Ik heb geleerd dat je er niet zomaar vanuit kunt gaan dat je nederig bent. Echte nederigheid moet blijken uit wat je wel en niet doet.’ Volg de Gibeonieten na door in elke moeilijke situatie op Jehovah te vertrouwen en nederig elke taak in Jehovah’s organisatie uit te voeren.
Volg de Gibeonieten na door bereid te zijn nederig werk te doen (Zie alinea 7)
WACHT GEDULDIG OP JEHOVAH
8. Welke misdaad beging Saul tegen de Gibeonieten?
8 We komen de Gibeonieten opnieuw in de Bijbel tegen in de tijd van koning Saul. ‘Saul had in zijn ijver voor Israël en Juda geprobeerd ze uit te roeien’ (2 Sam. 21:2, 5, 6).b Wat onrechtvaardig dat er Gibeonieten werden gedood! Saul had het eeuwenoude vredesverbond tussen de Israëlieten en de Gibeonieten geschonden.
9. Wanneer werd er iets gedaan aan het onrecht tegen de Gibeonieten?
9 Het vreselijke onrecht tegen de Gibeonieten werd niet meteen rechtgezet. De kwestie kwam pas aan het licht in de tijd van koning David, Sauls opvolger, toen Israël werd getroffen door een hongersnood die drie jaar duurde. Toen David vroeg waarom er hongersnood was, zei Jehovah dat er ‘bloedschuld rustte op Saul en op zijn huis’ vanwege alles wat ze de Gibeonieten jaren eerder hadden aangedaan (2 Sam. 21:1).
10. Hoe bleek uit wat de Gibeonieten zeiden dat ze respect hadden voor de wet? (2 Samuël 21:3-6)
10 Lees 2 Samuël 21:3-6. David vroeg de Gibeonieten wat hij kon doen om het onrecht recht te zetten. Zouden ze geld willen zien omdat David niet eerder iets had gedaan? Nee, ze antwoordden dat ‘zilver en goud niet konden vergoeden’ wat ze was aangedaan. En dat was terecht, want volgens de wet mocht er geen losprijs voor een moordenaar worden aangenomen (Num. 35:30, 31). Ze erkenden ook dat ze niet het recht hadden iemand te doden. Uiteindelijk gaf David toestemming voor de executie van zeven mannelijke nakomelingen van Saul. Zij waren mogelijk betrokken geweest bij Sauls poging om de Gibeonieten uit te roeien. Een tijdje later begon het te regenen, waardoor er een eind kwam aan de hongersnood. Dat was het teken dat het onrecht in Jehovah’s ogen was rechtgezet (2 Sam. 21:9, 10, 14).
11. Wat kunnen we van dit verslag over Jehovah leren?
11 Wat leert dit verslag je over Jehovah? Jehovah is overduidelijk een rechtvaardige God (Ps. 37:28). Hij wil dat alle mensen eerlijk worden behandeld, inclusief buitenlanders en minderheden die misschien worden gediscrimineerd. Ook Jehovah’s aanbidders maken onrecht mee. Maar hij zal dat op zijn tijd allemaal rechtzetten. Een andere les: Jehovah verwacht dat je je beloften nakomt, net zoals hij van de Israëlieten verwachtte dat ze zich aan het vredesverbond met de Gibeonieten hielden. (Vergelijk Amos 1:9.)
12. Hoe kun je de Gibeonieten navolgen als je met onrecht te maken krijgt?
12 Hoe kun je de Gibeonieten navolgen? Wacht geduldig op Jehovah, zelfs als je onrechtvaardig wordt behandeld door een broeder of zuster. Zo laat je zien dat je erop vertrouwt dat Jehovah het op zijn tijd zal rechtzetten. Dat is wat Laura French deed, een zuster die in 1926 op Bethel in Canada begon te dienen. Zo’n tien jaar later maakte ze iets mee dat heel onrechtvaardig was. Ze werd ervan beschuldigd dat ze deel uitmaakte van een groep afvalligen en werd van Bethel gestuurd. Hoe reageerde ze? Hoewel het haar pijn deed, heeft ze nooit geklaagd. De volgende vier jaar bleef ze druk bezig in de pioniersdienst. In 1940 was ze blij verrast toen ze weer naar Bethel mocht komen, waar ze nog zo’n 50 jaar heeft gediend tot het einde van haar leven op aarde. Als je met onrecht te maken krijgt, kun je zuster French navolgen door er niet mee op te houden het goede te doen en door geduldig te wachten tot Jehovah de dingen op zijn tijd rechtzet (Jes. 26:3, 4).
ONDERSTEUN DE WARE AANBIDDING
13. Wie waren de Nethinim, en wat deden ze na de ballingschap in Babylon?
13 Zo’n 500 jaar na de tijd van koning David duiken de Gibeonieten opnieuw op in de Bijbel. De 70-jarige ballingschap in Babylon was voorbij en in 537 v.Chr. keerde de eerste groep Joden met gouverneur Zerubbabel naar Jeruzalem terug (Ezra 2:1, 2, 58). In 468 v.Chr. keerde nog een groep terug, maar nu met de kopiist Ezra (Ezra 7:1-7). In beide relatief kleine groepen zaten families die tot de ‘Nethinim’ behoorden. (Zie de voetnoten bij Ezra 2:43 en 7:7.) Wie waren de Nethinim? Het waren ‘niet-Israëlitische tempelknechten of -dienaren’, en velen van hen waren waarschijnlijk nakomelingen van de Gibeonieten. (Zie Woordenlijst ‘Nethinim’.)
14. Hoe lieten de Gibeonieten zien dat ze Jehovah trouw waren? (1 Kronieken 9:2 en de voetnoot)
14 Lees 1 Kronieken 9:2 en de voetnoot. Bij de eerste groep terugkerende ballingen zaten ook ‘tempelknechten’. Dat is veelzeggend omdat de Joden niet allemaal terug naar Israël wilden. Velen hadden het ongetwijfeld goed in Babylon en wilden hun leven daar niet opgeven om hun verwoeste land weer op te bouwen. Maar trouwe ballingen, onder wie waarschijnlijk nakomelingen van de Gibeonieten, wilden graag de ware aanbidding in de tempel in Jeruzalem herstellen. Ze deden er alles aan om terug te keren. In tegenstelling tot de Joden hadden de nakomelingen van de Gibeonieten geen land in Israël als erfdeel. Toch keerden ze terug om hun taken in de tempel uit te voeren en hielpen ze zelfs bij het herstel van de muren van Jeruzalem (Neh. 3:26).
15. Wat kunnen we van dit verslag over Jehovah leren?
15 Wat leert dit verslag je over Jehovah? Jehovah houdt van degenen die hem trouw zijn en zal altijd voor ze zorgen. Toen de ballingschap in Babylon ten einde kwam, waren er bijna 1000 jaar voorbij sinds Jehovah de Gibeonieten had gered tijdens Israëls verovering van het beloofde land. Maar hij zegende ze nog steeds. Nakomelingen van de Gibeonieten overleefden de verwoesting van Juda en Jeruzalem in 607 v.Chr. Na de ballingschap bleven ze nauw betrokken bij de ware aanbidding en liet Jehovah ze samen met de Levieten bij de tempel dienen. Sommigen woonden blijkbaar vlak bij de tempel (Ezra 2:70; Neh. 11:21). En ze waren door hun werk bij de tempel vrijgesteld van belasting, schatting en tol (Ezra 7:24).
16. Hoe kun je de Gibeonieten navolgen in je dienst voor Jehovah?
16 Hoe kun je de Gibeonieten navolgen? Doe wat je kunt om de ware aanbidding te ondersteunen. Dat betekent dat je soms dingen moet opofferen in je leven. Maar omdat je van Jehovah houdt en hem blij wilt maken, doe je dat graag. Alwin, een broeder op de Filipijnen, had een goedbetaalde baan in de olie-industrie. Maar hij wilde graag meer voor Jehovah doen. Als de kringopziener op bezoek was, nam Alwin altijd vrij zodat hij die week meer kon doen in de dienst. Dat waren momenten waar hij blij van werd. Nadat Alwin er heel wat over had gebeden, besloot hij zijn baan op te zeggen en werk te zoeken waarmee hij kon pionieren. Dat betekende dat hij er financieel op achteruit zou gaan. Maar die offers bracht hij graag, en dus begon hij te pionieren. Zijn vrouw ging ook in de pioniersdienst en samen hebben ze 21 mensen geholpen de waarheid te leren kennen. Ongetwijfeld is Jehovah heel blij met alles wat ze hebben gedaan. Ook jij kunt er zeker van zijn dat Jehovah blij is met alles wat je voor hem opoffert en altijd voor je zal zorgen (Matth. 6:33).
17. Wat heb je uit de Bijbelverslagen over de Gibeonieten geleerd?
17 Wat de Bijbel over de Gibeonieten zegt, leert ons veel over Jehovah’s prachtige persoonlijkheid. Hij is nederig, barmhartig, rechtvaardig en loyaal, en hij zal zijn trouwe aanbidders altijd belonen. In de verslagen staan ook heel wat praktische lessen. Vertrouw net als de Gibeonieten op Jehovah als je met moeilijkheden te maken krijgt. Wees zo nederig elke taak in Jehovah’s organisatie uit te voeren. Wacht geduldig op Jehovah in de overtuiging dat hij uiteindelijk al het onrecht zal rechtzetten. En doe wat je kunt om trouw de ware aanbidding te ondersteunen. Op die manier laat je zien dat je veel hebt geleerd van de Gibeonieten.
LIED 148 Jehovah is onze Redder
a De mannen uit Gibeon die met de Israëlieten gingen praten vertegenwoordigden blijkbaar ook de inwoners van drie andere Hevitische steden: Kefira, Beëroth en Kirjath-Jearim (Joz. 9:17).
b In de Bijbel wordt niet uitgelegd waarom Saul deze misdaad beging. Sommige Bijbelgeleerden denken dat hij werd gedreven door fanatiek nationalisme.