2-8 MAART 2026
LIED 97 Voed jezelf met Gods Woord
Blijf voldoen aan je ‘geestelijke behoeften’
DE JAARTEKST VOOR 2026: ‘Gelukkig zijn degenen die zich bewust zijn van hun geestelijke behoeften’ (MATTH. 5:3).
FOCUS
Blijf gebruikmaken van de voorzieningen die Jehovah treft voor onze geestelijke basisbehoeften.
1. Met welke basisbehoeften heeft Jehovah ons geschapen? (Mattheüs 5:3)
JEHOVAH heeft mensen geschapen met bepaalde basisbehoeften. We hebben bijvoorbeeld voedsel, kleding en onderdak nodig om in leven te blijven. Als een van die dingen ontbreekt, wordt het leven al snel heel moeilijk. Maar Jehovah heeft ons ook gemaakt met geestelijke behoeften. (Lees Mattheüs 5:3.) Om echt gelukkig te zijn, moet je je bewust zijn van die behoeften en eraan voldoen.
2. Wat houdt het in je ‘bewust’ te zijn van je ‘geestelijke behoeften’? Illustreer.
2 Wat houdt het in je ‘bewust’ te zijn van je ‘geestelijke behoeften’? De Griekse uitdrukking brengt het beeld over van iemand die om de geest bedelt of smeekt. Stel je een onverzorgde bedelaar met versleten kleren voor die ineengedoken op de hoek van een straat zit. Hij is door honger verzwakt. Mensen lopen met een boog om hem heen. Overdag heeft hij last van de brandende zon en ’s nachts van de bittere kou. De bedelaar is zich er heel goed van bewust dat hij hulp nodig heeft om een beter leven te krijgen. Zo is het ook met iemand die zich bewust is van zijn geestelijke behoeften. Zo’n ‘bedelaar om de geest’ weet dat hij hulp nodig heeft in zijn leven. Daarom maakt hij heel graag gebruik van alle geestelijke voorzieningen die Jehovah treft voor degenen die van hem houden.
3. Waar gaat dit artikel over?
3 In dit artikel gaan we eerst bekijken wat we kunnen leren van een Fenicische vrouw die Jezus om hulp smeekte. Ze had drie eigenschappen die belangrijk zijn voor degenen die zich bewust zijn van hun geestelijke behoeften. Daarna gaan we kijken naar het voorbeeld van Petrus, Paulus en David, die allemaal geestelijk ingesteld waren.
EEN VOORBEELD VAN NEDERIGHEID, VOLHARDING EN GELOOF
4. Waarom ging een Fenicische vrouw naar Jezus toe?
4 Er kwam eens een Fenicische vrouw bij Jezus. Haar dochter werd ‘vreselijk gekweld door een demon’ (Matth. 15:21-28). De vrouw viel op haar knieën en smeekte Jezus om hulp. Laten we eens kijken naar drie eigenschappen van haar waar we iets van kunnen leren.
5. Welke eigenschappen had de vrouw, en wat deed Jezus voor haar? (Zie ook de afbeelding.)
5 De Fenicische vrouw was heel nederig. Waarom kunnen we dat zeggen? Jezus sprak over hondjes, dieren die mogelijk bij niet-Joden als huisdier werden gehouden. Maar ze was niet beledigd, hoewel hij daarmee op haar leek te doelen. Hoe zou jij gereageerd hebben? Zou je beledigd zijn weggelopen? Dat is niet wat de Fenicische vrouw deed. Ze was niet alleen nederig maar ook volhardend. Dat blijkt wel uit de manier waarop ze Jezus om hulp bleef smeken. Wat bewoog haar daartoe? Haar geloof in Jezus. Hij was zo onder de indruk van haar geloof dat hij iets bijzonders deed. Hoewel hij net had gezegd dat hij alleen gestuurd was om ‘de verloren schapen van het huis van Israël’ te helpen, dreef hij de onreine geest uit de dochter van die heidense vrouw.
De Fenicische vrouw moest nederig en volhardend zijn en een sterk geloof hebben om de hulp te krijgen die ze nodig had (Zie alinea 5)
6. Wat leren we van het verslag over de Fenicische vrouw?
6 Om aan je geestelijke behoeften te voldoen, moet je dus nederig en volhardend zijn en een sterk geloof hebben. Alleen iemand die nederig is, zal volharden als hij Jehovah om hulp smeekt. Daarnaast moet je een sterk geloof in Christus Jezus hebben en vertrouwen op degenen die hij gebruikt om zijn discipelen te leiden (Matth. 24:45-47). Jehovah en zijn Zoon voorzien graag in de geestelijke behoeften van mensen met deze eigenschappen. (Vergelijk Jakobus 1:5-7.) Laten we nu eens kijken hoe Jehovah geestelijk in voedsel, kleding en onderdak voorziet. We zullen ook zien hoe het voorbeeld van Petrus, Paulus en David ons kan helpen gebruik te maken van Jehovah’s voorzieningen.
PETRUS: GEESTELIJK VOEDSEL
7. Welke opdracht kreeg Petrus, maar wat moest hij ook doen? Licht toe. (Hebreeën 5:14–6:1)
7 Petrus was een van de eerste Joden die erkenden dat Jezus de Messias was, degene die Jehovah gebruikte om zijn volk te voeden met ‘woorden van eeuwig leven’ (Joh. 6:66-68). Voordat Jezus naar de hemel opsteeg, gaf hij Petrus de opdracht: ‘Voed mijn schaapjes’ (Joh. 21:17). Petrus deed trouw wat Jezus hem had gevraagd. Jehovah gebruikte hem zelfs om twee brieven te schrijven die deel werden van de Bijbel. Maar Petrus moest ook zelf geestelijk voedsel tot zich nemen. Hij bestudeerde bijvoorbeeld de geïnspireerde brieven die Paulus had geschreven. Hij gaf toe dat sommige dingen daarin ‘moeilijk te begrijpen’ waren (2 Petr. 3:15, 16). Maar kennelijk gaf hij het niet zomaar op. Hij vertrouwde erop dat Jehovah hem zou helpen het ‘vaste voedsel’ in Paulus’ brieven te verteren, oftewel te begrijpen en toe te passen. (Lees Hebreeën 5:14–6:1.)
8. Hoe reageerde Petrus op nieuw licht dat via een vertegenwoordiger van God kwam?
8 Petrus bewees dat hij een sterk geloof had door instructies van Jehovah op te volgen. In de havenstad Joppe kreeg hij bijvoorbeeld een visioen waarin een vertegenwoordiger van God zei dat hij dieren moest slachten en eten die volgens de wet van Mozes onrein waren. Voor een Jood was die instructie schokkend. Aanvankelijk zei Petrus: ‘Absoluut niet, Heer, want ik heb nog nooit iets gegeten wat onheilig en onrein was.’ Toen kreeg hij te horen: ‘De dingen die God heeft gereinigd, mag je niet langer onrein noemen’ (Hand. 10:9-15). Petrus begreep waar het om ging. Hoe weten we dat? Kort na het visioen kwamen er drie mannen bij hem die hem vroegen mee te gaan naar hun meester, de heiden Cornelius. Normaal gesproken zou Petrus nooit het huis van een niet-Jood binnengaan. De Joden bezagen de heidenen als onrein (Hand. 10:28, 29). Maar hij accepteerde meteen het nieuwe licht dat van Jehovah kwam (Spr. 4:18). Hij predikte tot Cornelius en iedereen in zijn huis en was blij dat ze de waarheid accepteerden, heilige geest ontvingen en werden gedoopt (Hand. 10:44-48).
9. Welke twee voordelen heeft het om een gezonde eetlust naar vast geestelijk voedsel te hebben?
9 Net als Petrus moeten we ons regelmatig voeden met de melk, de basiswaarheden, van Gods Woord. Maar het is ook belangrijk een gezonde eetlust te hebben naar vast geestelijk voedsel, waarheden die niet zo makkelijk te begrijpen zijn. Het kost tijd en moeite om een dieper begrip van Gods Woord te krijgen, maar dat is het waard. Waarom? Ten eerste omdat je dingen over Jehovah leert die je liefde en respect voor hem vergroten. En ten tweede omdat het je extra motiveert anderen over onze ontzagwekkende hemelse Vader te vertellen (Rom. 11:33; Openb. 4:11). Maar we leren nog iets van Petrus. Als er veranderingen komen in ons begrip van Gods Woord, is het belangrijk je denken en doen snel aan te passen. Zo blijf je goed gevoed en bruikbaar voor Jehovah.
PAULUS: GEESTELIJKE KLEDING
10. Wat houdt het in je geestelijk goed te kleden? (Kolossenzen 3:8-10)
10 Om Jehovah blij te maken, heb je nog iets nodig waarin hij voorziet: geestelijke kleding. Wat houdt dat in? Zoals Paulus schreef, moet je ‘de oude persoonlijkheid’ uittrekken en ‘de nieuwe persoonlijkheid’ aandoen. (Lees Kolossenzen 3:8-10.) Je op die manier kleden is iets waar je continu moeite voor moet doen. Denk maar aan Paulus zelf. Op jonge leeftijd deed hij al zijn best om Gods goedkeuring te krijgen (Gal. 1:14; Fil. 3:4, 5). Maar hij had geen juist begrip van Gods doel, waardoor hij er geestelijk armzalig voorstond. Door zijn gebrek aan kennis over Christus en zijn trots was hij ‘een onbeschaamd mens’ die gekleed ging in negatieve karaktertrekken (1 Tim. 1:13).
11. Tegen welke zwakheid moest Paulus vechten? Leg uit.
11 Voordat Paulus christen werd, had hij een opvliegend karakter. Hij ging volgens het verslag in Handelingen woedend ‘tekeer tegen de discipelen van de Heer en bedreigde ze met de dood’ (Hand. 9:1). Als christen deed hij ongetwijfeld zijn best dat deel van zijn oude persoonlijkheid weg te doen (Ef. 4:22, 31). Toch had hij later een meningsverschil met Barnabas dat eindigde in ‘een hoogoplopende ruzie’ (Hand. 15:37-39). Dat was een terugval voor Paulus, maar hij gaf niet op. Om Jehovah’s goedkeuring te behouden, bleef hij zijn ‘lichaam beuken’ — vechten tegen zijn zwakheden (1 Kor. 9:27).
12. Wat hielp Paulus negatieve trekken weg te doen?
12 Paulus was in staat negatieve trekken weg te doen en de nieuwe persoonlijkheid aan te trekken omdat hij niet op zijn eigen kracht vertrouwde (Fil. 4:13). Net als Petrus verliet hij zich op ‘de kracht die God geeft’ (1 Petr. 4:11). Toch voelde hij zich soms een mislukkeling. Maar als hij ontmoedigd was, dacht hij aan de goede dingen die zijn hemelse Vader voor hem had gedaan. Dat gaf hem de motivatie om het te blijven proberen (Rom. 7:21-25).
13. Hoe kun je Paulus’ voorbeeld volgen?
13 Hoe kun je Paulus navolgen? Blijf, hoe lang je ook in de waarheid bent, je best doen om de oude persoonlijkheid uit te trekken en de nieuwe persoonlijkheid, de geestelijke kleding waarin Jehovah voorziet, aan te doen. Als je een terugval hebt, bijvoorbeeld doordat je je geduld verliest of iets onaardigs zegt, denk dan niet dat je een mislukkeling bent. Houd in plaats daarvan voor ogen wat je doel is: je denken en doen veranderen (Rom. 12:1, 2; Ef. 4:24). Bedenk daarbij: letterlijke kleren kun je vermaken zodat ze jou passen, maar bij geestelijke kleren is het andersom en moet jij veranderen zodat ze je passen. Het is niet meer dan logisch dat wij ons aanpassen aan Jehovah’s normen.
DAVID: GEESTELIJK ONDERDAK
14-15. In welke zin biedt Jehovah zijn volk geestelijk onderdak? (Psalm 27:5) (Zie ook de afbeelding.)
14 Om echt gelukkig te zijn, moet je je niet alleen geestelijk voeden en kleden. Je moet ook geestelijk een dak boven je hoofd hebben, een plek die bescherming biedt. Wat voor bescherming biedt Jehovah ons? En hoe blijf je van die voorziening gebruikmaken?
15 David had het over een schuilplaats waar Jehovah geestelijke bescherming biedt. (Lees Psalm 27:5.) Jehovah beschermt zijn aanbidders tegen alles wat blijvende schade aan hun geloof kan veroorzaken. Hoe beschut Jehovah ons tegen gevaren van buitenaf? Hij belooft: ‘Geen enkel wapen dat tegen je gesmeed wordt, zal succes hebben’ (Jes. 54:17; Ps. 34:7). Hoewel Satan en zijn handlangers heel machtig zijn, kunnen ze je geen blijvende schade toebrengen. Ook al verlies je je leven, Jehovah zal het je teruggeven in de opstanding (1 Kor. 15:55-57; Openb. 21:3, 4). En gevaren die van binnenuit komen? Jehovah helpt je om te gaan met angsten en zorgen die blijvende schade kunnen veroorzaken (Spr. 12:25; Matth. 6:27-29). Je liefhebbende Vader voorziet ook in een geestelijke familie die je steunt en ouderlingen die je herderlijke zorg geven (Jes. 32:1, 2). En op de vergaderingen word je er vaak aan herinnerd wat je kunt doen om Jehovah’s bescherming te krijgen (Hebr. 10:24, 25).
Een zuster is met haar broeders en zusters op de vergadering om geestelijke bescherming te vinden (Zie alinea 14-15)
16. Hoe beschermde Jehovah David?
16 Zolang David naar Jehovah luisterde, werd hij beschermd tegen de problemen die het gevolg zijn als je opzettelijk zondigt. (Vergelijk Spreuken 5:1, 2.) Maar als hij Jehovah’s normen negeerde, werd hij niet beschermd tegen de gevolgen van zijn gedrag (2 Sam. 12:9, 10). En als hij moeilijkheden meemaakte die niet zijn eigen schuld waren? Dan stortte hij in gebed zijn hart uit bij Jehovah, die hem kalmeerde door hem ervan te verzekeren dat hij veel van hem hield en voor hem zou zorgen (Ps. 23:1-6).
17. Hoe kun je David navolgen?
17 Je kunt David navolgen door Jehovah om leiding te vragen als je beslissingen neemt. En besef dat je soms moeilijkheden kunt meemaken die te wijten zijn aan je eigen verkeerde beslissingen, niet aan het ontbreken van Jehovah’s bescherming (Gal. 6:7, 8). Als je moeilijkheden meemaakt die niet je eigen schuld zijn, stort dan in gebed je hart bij Jehovah uit en vertrouw erop dat hij je hart en verstand zal beschermen (Fil. 4:6, 7).
BLIJF VOLDOEN AAN JE GEESTELIJKE BEHOEFTEN
18. Voor welke uitdaging staan we, en hoe kun je aan je geestelijke behoeften blijven voldoen? (Zie ook de afbeeldingen.)
18 De jaartekst voor 2026 is: ‘Gelukkig zijn degenen die zich bewust zijn van hun geestelijke behoeften.’ Dat is nu relevanter dan ooit. Waarom? Omdat er veel ongelukkige mensen zijn die ontkennen dat ze die behoeften hebben of eraan proberen te voldoen door God op hun eigen manier te aanbidden of menselijke filosofieën te volgen. Hoe voorkom je dat hun houding je beïnvloedt? Door je te voeden met het geestelijke voedsel waarin Jehovah voorziet, je te kleden met de nieuwe persoonlijkheid en een veilig onderkomen te zoeken bij Jehovah.
Blijf voldoen aan je geestelijke behoeften aan voedsel, kleding en onderdak (Zie alinea 18)a
LIED 162 Mijn geestelijke behoeften
a BESCHRIJVING AFBEELDING: De zuster van de vorige afbeelding neemt geestelijk voedsel tot zich door De Wachttoren te bestuderen, is bekleed met goedheid als onderdeel van de nieuwe persoonlijkheid en aanvaardt de hulp van liefdevolle herders.