Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w95 15/9 blz. 26-29
  • Wie waren de masoreten?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Wie waren de masoreten?
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1995
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • De Ben-Asjerfamilie
  • Een fenomenaal geheugen vereist
  • Wat geloofden zij?
  • Voordeel trekken van hun werk
  • Wat is de masoretische tekst?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1995
  • Een modelhandschrift van de Hebreeuwse bijbel
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1992
  • Masoretische tekst
    Verklarende woordenlijst
  • Een kostbare bijbelschat in Leningrad
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1981
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1995
w95 15/9 blz. 26-29

Wie waren de masoreten?

JEHOVAH, „de God der waarheid”, heeft erop toegezien dat zijn Woord, de bijbel, bewaard is gebleven (Psalm 31:5). Maar aangezien Satan, de vijand der waarheid, heeft geprobeerd Gods Woord te vervalsen en te vernietigen, hoe komt het dan dat de bijbel ons in hoofdzaak heeft bereikt zoals hij werd geschreven? — Zie Mattheüs 13:39.

Het antwoord is gedeeltelijk te vinden in een commentaar van professor Robert Gordis: „Wat de Hebreeuwse schriftgeleerden, masoreten of ’bewaarders der overlevering’ genaamd, tot stand hebben gebracht, is niet voldoende gewaardeerd. Deze anonieme schriftgeleerden hebben met nauwgezette en liefdevolle zorg afschriften van het Heilige Boek gemaakt.” Hoewel de meeste van deze afschrijvers ons in deze tijd nog steeds onbekend zijn, is de naam van één masoretenfamilie duidelijk geboekstaafd — Ben Asjer. Wat weten wij over hen en hun medemasoreten?

De Ben-Asjerfamilie

Van het deel van de bijbel dat oorspronkelijk in het Hebreeuws werd geschreven, vaak het Oude Testament genoemd, werden door joodse schriftgeleerden nauwkeurige afschriften gemaakt. Van de zesde tot de tiende eeuw G.T. werden deze afschrijvers masoreten genoemd. Wat hield hun werk in?

Eeuwenlang werd het Hebreeuws alleen met medeklinkers geschreven en werden de klinkers door de lezer toegevoegd. In de tijd van de masoreten was de juiste uitspraak van het Hebreeuws echter verloren gegaan omdat veel joden die taal niet langer vloeiend lazen of spraken. Groepen masoreten in Babylon en Israël ontwierpen tekens die rondom de medeklinkers moesten worden geplaatst om accenten en de juiste uitspraak van klinkers aan te geven. Er werden op z’n minst drie verschillende systemen ontwikkeld, maar het systeem van de masoreten in Tiberias, aan de Zee van Galilea, waar de Ben-Asjerfamilie woonde, bleek het gezaghebbendst te zijn.

Bronnen vermelden vijf generaties masoreten van deze unieke familie, te beginnen met Asjer de Oudste uit de achtste eeuw G.T. De anderen zijn Nehemia ben Asjer, Asjer ben Nehemia, Mozes ben Asjer en tot slot Aäron ben Mozes ben Asjer uit de tiende eeuw G.T.a Deze mannen behoorden tot de voorhoede van degenen die de geschreven symbolen perfectioneerden waarmee het best tot uitdrukking zou worden gebracht wat volgens hen de juiste uitspraak van de Hebreeuwse bijbeltekst was. Om deze symbolen te ontwikkelen, moesten zij de basis van het Hebreeuwse grammaticale stelsel vastleggen. Er was nog nooit een definitief stelsel van regels voor de Hebreeuwse grammatica opgetekend. Daarom zou men kunnen zeggen dat deze masoreten tot de eerste Hebreeuwse grammatici behoorden.

Aäron, de laatste masoreet van de Ben-Asjerfamilie, was de eerste die deze inlichtingen optekende en bewerkte. Hij deed dat in een werk getiteld „Sefer Dikdukei ha-Teʼamim”, het eerste boek met Hebreeuwse grammaticaregels. Dit boek werd de basis voor het werk van andere Hebreeuwse grammatici in de daaropvolgende eeuwen. Maar dit was slechts een bijprodukt van het belangrijkere werk van de masoreten. Welk werk was dat?

Een fenomenaal geheugen vereist

De voornaamste zorg van de masoreten betrof de nauwkeurige overlevering van elk woord, zelfs elke letter van de bijbeltekst. Om nauwkeurigheid te waarborgen, gebruikten de masoreten de kantlijn van iedere bladzijde om elke mogelijke verandering in de tekst te vermelden die per ongeluk of met opzet door vroegere afschrijvers was aangebracht. In deze kanttekeningen noteerden de masoreten ook ongebruikelijke woordvormen en -combinaties en gaven aan hoe vaak deze in een boek of in de complete Hebreeuwse Geschriften voorkwamen. Deze commentaren werden in een uiterst beknopte code opgetekend, omdat de ruimte beperkt was. Als een extra kruiscontrole markeerden zij het middelste woord en de middelste letter van bepaalde boeken. Zij gingen zo ver dat zij elke letter van de bijbel telden om een nauwkeurig afschrijven te waarborgen.

In de marge boven en onder aan de bladzijde noteerden de masoreten uitgebreidere commentaren over enkele van de beknopte aantekeningen in de marge aan de zijkant.b Deze kwamen goed van pas bij het verrichten van kruiscontroles. Hoe konden de masoreten, daar de verzen toentertijd niet werden genummerd en er geen bijbelconcordanties waren, naar andere bijbelgedeelten verwijzen om deze kruiscontroles te verrichten? In de marge boven- en onderaan vermeldden zij een deel van een parallel vers om hen eraan te herinneren waar het woord of de woorden in kwestie elders in de bijbel voorkwamen. Wegens ruimtegebrek schreven zij vaak maar één sleutelwoord op om hen aan elk parallelle vers te herinneren. Wilden deze kanttekeningen nuttig zijn, dan moesten deze afschrijvers praktisch de complete Hebreeuwse bijbel uit hun hoofd kennen.

Opsommingen die te lang voor de kantlijn waren, werden naar een ander gedeelte van het handschrift verplaatst. In de masoretische kanttekening bij Genesis 18:3 bijvoorbeeld staan drie Hebreeuwse letters, קלד. Dit is het Hebreeuwse equivalent voor het getal 134. In een ander gedeelte van het handschrift staat een lijst van 134 plaatsen waar premasoretische afschrijvers met opzet de naam Jehovah uit de Hebreeuwse tekst hadden verwijderd en vervangen door het woord „Heer”.c Hoewel de masoreten op de hoogte waren van deze veranderingen, namen zij niet de vrijheid de aan hen overgeleverde tekst te veranderen. In plaats daarvan gaven zij deze veranderingen in hun kanttekeningen aan. Maar waarom zagen de masoreten er zo nauwlettend op toe de tekst niet te veranderen, terwijl vroegere afschrijvers dat wel hadden gedaan? Verschilde hun joodse geloof van dat van hun voorlopers?

Wat geloofden zij?

Gedurende die periode van masoretische vooruitgang was het judaïsme in een diepgewortelde ideologische strijd gewikkeld. Vanaf de eerste eeuw G.T. had het rabbijnse judaïsme zijn macht steeds meer vergroot. Met het schrijven van de talmoed en de rabbijnse interpretaties werd de bijbeltekst ondergeschikt aan de rabbijnse interpretatie van de mondelinge wet.d Zo had de zorgvuldige bewaring van de bijbeltekst haar belangrijkheid kunnen verliezen.

In de achtste eeuw verzette een groep die bekendstond als de Karaïeten zich tegen deze ontwikkeling. Om te benadrukken hoe belangrijk persoonlijke bijbelstudie was, verwierpen zij de autoriteit en de interpretaties van de rabbijnen en de talmoed. Zij aanvaardden alleen de bijbeltekst als hun autoriteit. Hierdoor werd de behoefte aan nauwkeurige overlevering van die tekst vergroot en werd de masoretische studies nieuw leven ingeblazen.

In welke mate heeft hetzij het rabbijnse of het Karaïtische geloof de masoreten beïnvloed? M. H. Goshen-Gottstein, een deskundige op het gebied van Hebreeuwse bijbelhandschriften, zegt: „De masoreten waren ervan overtuigd . . . dat zij een oude overlevering in stand hielden, en er opzettelijk afbreuk aan doen, zou in hun ogen de ergste misdaad zijn.”

De masoreten bezagen het nauwkeurig afschrijven van de bijbeltekst als een heilige taak. Hoewel zij persoonlijk wellicht sterk gedreven werden door andere religieuze overwegingen, schijnt het masoretische werk op zich boven ideologische kwesties te hebben gestaan. De zeer beknopte kanttekeningen lieten weinig ruimte over voor een theologisch debat. De bijbeltekst zelf was het belangrijkste in hun leven; zij zouden er niet mee knoeien.

Voordeel trekken van hun werk

Hoewel het natuurlijke Israël niet langer Gods uitverkoren volk was, waren deze joodse afschrijvers volledig toegewijd aan de nauwkeurige bewaring van Gods Woord (Mattheüs 21:42-44; 23:37, 38). Wat de Ben-Asjerfamilie en de andere masoreten tot stand hebben gebracht, wordt treffend samengevat door Robert Gordis, die schreef: „Die nederige maar onverzettelijke werkers . . . verrichtten in de anonimiteit hun herculische taak de bijbeltekst voor verlies of verandering te behoeden” (The Biblical Text in the Making). Als gevolg daarvan hadden zestiende-eeuwse hervormers zoals Luther en Tyndale, toen zij de autoriteit van de Kerk trotseerden en de bijbel in de omgangstaal gingen vertalen zodat iedereen hem kon lezen, een goed bewaard gebleven Hebreeuwse tekst om die als basis voor hun werk te gebruiken.

Het werk van de masoreten strekt ons in deze tijd nog steeds tot voordeel. Hun Hebreeuwse teksten vormen de basis voor de Hebreeuwse Geschriften van de Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift. Deze vertaling wordt nog steeds met dezelfde geest van toewijding en zorg voor nauwkeurigheid die door de masoreten uit de oudheid aan de dag werd gelegd, in veel talen vertaald. Wij doen goed een soortgelijke geest aan de dag te leggen door acht te geven op het Woord van Jehovah God. — 2 Petrus 1:19.

[Voetnoten]

a In het Hebreeuws betekent „ben” „zoon”. Ben Asjer betekent dus „de zoon van Asjer”.

b De masoretische aantekeningen in de marge aan de zijkant noemt men de kleine masora. De notities in de marge boven- en onderaan worden de grote masora genoemd. De opsommingen elders in het handschrift worden de slotmasora genoemd.

c Zie Appendix 1B in de Nieuwe-Wereldvertaling van de Heilige Schrift — met studieverwijzingen.

d Zie voor meer inlichtingen over de mondelinge wet en het rabbijnse judaïsme de brochure Zal er ooit een wereld zijn zonder oorlog?, blz. 8-11, uitgegeven door de Watchtower Bible and Tract Society of New York, Inc.

[Kader/Illustratie op blz. 28]

Het systeem voor de uitspraak van het Hebreeuws

DE MASORETEN hebben eeuwenlang gezocht naar de beste methode om klinker- en accenttekens te noteren. Het is dan ook niet verwonderlijk bij elke generatie van de Ben-Asjerfamilie een verdere ontwikkeling aan te treffen. De bestaande handschriften vertegenwoordigen de stijlen en methoden van alleen de laatste twee masoreten van de Ben-Asjerfamilie, Mozes en Aäron.e Een vergelijkende studie van deze handschriften toont aan dat Aäron regels ontwikkelde voor bepaalde minder belangrijke punten op het gebied van uitspraak en schrijfwijze die verschilden van die van zijn vader, Mozes.

Ben Naftali was een tijdgenoot van Aäron ben Asjer. De Codex Cairensis van Mozes ben Asjer bevat veel lezingen die aan Ben Naftali worden toegeschreven. Daarom moet Ben Naftali zelf onder Mozes ben Asjer hebben gestudeerd of moeten beiden een oudere algemene overlevering in stand hebben gehouden. Veel geleerden maken melding van de verschillen tussen het systeem van Ben Asjer en dat van Ben Naftali, maar M. H. Goshen-Gottstein schrijft: „Het zou niet ver bezijden de waarheid zijn om van de twee subsystemen binnen de Ben-Asjerfamilie te spreken en het contrast van de lezingen aan te duiden als: Ben Asjer versus Ben Asjer.” Het zou dus onnauwkeurig zijn om te spreken van één enkele Ben-Asjermethode. Het was niet het gevolg van inherente superioriteit dat de methoden van Aäron ben Asjer de uiteindelijk aanvaarde vorm werden. Alleen omdat de twaalfde-eeuwse talmoedische geleerde Mozes Maimonides een tekst van Aäron ben Asjer prees, heeft men daar de voorkeur aan gegeven.

[Hebreeuwse karakters]

Een gedeelte van Exodus 6:2 met en zonder klinkerpunten en diacritische tekens

[Voetnoot]

e De Codex Cairensis (895 G.T.), die alleen de vroege en latere profeten bevat, verschaft een voorbeeld van Mozes’ methoden. De Codex van Aleppo (ca. 930 G.T.) en de Codex Leningradensis (1008 G.T.) worden als voorbeelden van de methoden van Aäron ben Asjer beschouwd.

[Illustratie op blz. 26]

Tiberias, het centrum van masoretische activiteit van de achtste tot de tiende eeuw

[Verantwoording]

Pictorial Archive (Near Eastern History) Est.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen