Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w92 1/1 blz. 8-17
  • Liefde voor Jehovah stimuleert ware aanbidding

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Liefde voor Jehovah stimuleert ware aanbidding
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1992
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Een voortreffelijk bericht
  • Een liefdevolle dienst aan de mensheid
  • ’Goddelijke vrijheid’-lievende mensen
  • Intense liefde voor Jehovah
  • Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1986
    Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1986
  • Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1987
    Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1987
  • Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1985
    Jaarboek van Jehovah’s Getuigen 1985
  • Het aandeel van de pionier in het bijeenbrengen van de „grote schare”
    Onze Koninkrijksdienst 1976
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1992
w92 1/1 blz. 8-17

Liefde voor Jehovah stimuleert ware aanbidding

„Dit betekent de liefde tot God, dat wij zijn geboden onderhouden.” — 1 JOHANNES 5:3.

1, 2. Met welk motief moeten wij Jehovah dienen?

EEN groep van tachtig bezoekers uit Japan bezichtigde een congreshal van Jehovah’s Getuigen in Californië (VS). Een verrukkelijke omgeving, met inbegrip van een prachtige tuin met gaaien, duiven en kolibries, maakte dat zij zich nog dichter bij hun Grootse Schepper, Jehovah God, voelden. Hun gids kreeg al gauw door dat bijna iedereen in de groep in de volle-tijddienst was. De groep kreeg later dan ook de vraag te horen die al vaker gesteld is: „Waarom zijn er zo veel pioniers in Japan?” Even was het stil. Toen kwam een jonge vrouw met het commentaar: „Omdat wij liefde hebben voor Jehovah.”

2 Liefde voor Jehovah — hoe zet dit ons aan tot vurige ijver in zijn dienst! Toegegeven, niet iedereen kan pionieren. Sterker nog, de meerderheid van onze meer dan vier miljoen Koninkrijksverkondigers heeft geen plaats kunnen maken voor dit voorrecht. Maar velen wier omstandigheden het wel toelaten, grijpen de mogelijkheid aan. De overigen van ons kunnen ook ’op Jehovah vertrouwen en het goede doen’, onze liefde tonend door toch in een bepaalde mate een aandeel te hebben aan het maken van discipelen (Psalm 37:3, 4). En alle opgedragen aanbidders van Jehovah kunnen er een aandeel aan hebben de pioniersgeest te bevorderen, waarbij zij liefdevolle ondersteuning geven aan degenen die wel pionieren. — Mattheüs 24:14; 28:19.

3. Welk contrast valt er op te merken tussen de meeste belijdende christenen en Jehovah’s Getuigen?

3 In tegenstelling tot de meeste belijdende christenen, die een heel gemakkelijke opvatting hebben van religie en hun aanbidding alleen maar als een soort aanhangsel aan hun leven bezien, leggen Jehovah’s Getuigen een intense liefde voor God aan de dag, een liefde die hen motiveert ermee voort te gaan ’eerst het koninkrijk en Zijn rechtvaardigheid te zoeken’. Dit heeft opoffering gevraagd maar hoezeer is het die opoffering waard geweest! (Mattheüs 6:33; 16:24) Het is in overeenstemming geweest met het eerste grote gebod, aanvankelijk door Mozes uitgesproken en herhaald door Jezus Christus: „Jehovah, onze God, is één Jehovah, en gij moet Jehovah, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw verstand en met geheel uw kracht.” — Markus 12:29, 30; Deuteronomium 6:4, 5.

4, 5. Wie moeten als getrouw worden beschouwd, en hoe kan getrouwheid getoond worden?

4 Iemand op het hoofdbureau van Jehovah’s Getuigen zei onlangs tegen F. W. Franz, de 98-jarige president van het Wachttorengenootschap die al meer dan 70 jaar in de volle-tijddienst is: „U bent een voortreffelijk voorbeeld van getrouwheid, broeder Franz.” En broeder Franz antwoordde: „Ja! Men moet getrouw zijn.” Dat vat de zaak samen. In welk aspect van Koninkrijksactiviteit wij ook dienen, wij kunnen getrouw zijn. — 1 Korinthiërs 4:2; Galaten 3:9.

5 Het is waar, velen zouden veel meer willen doen in Jehovah’s dienst maar worden wellicht enigszins belemmerd door schriftuurlijke verantwoordelijkheden of gezondheidsproblemen. Degenen die niet kunnen pionieren, moeten echter niet als minder getrouw worden beschouwd. Sommigen zijn loyaal gebleven onder de meest beproevingsvolle omstandigheden en dat vaak vele, vele jaren lang. Ja, zij zijn getrouw geweest! Zij hebben liefde voor Jehovah getoond, ijverig gediend, van ganser harte steun verleend aan zijn theocratische regelingen. Zij hebben een levendige belangstelling gehad voor de activiteit van pioniers en hebben potentiële pioniers, vaak hun eigen kinderen, aangemoedigd om naar de pioniersdienst toe te werken en die te zien als een carrière die alle andere overtreft. — Vergelijk Deuteronomium 30:19, 20.

6, 7. Hoe is het in 1 Samuël 30:16-25 uiteengezette precedent in onze tijd van toepassing?

6 De liefdevolle eenheid van handelen van heel Gods volk in deze tijd laat zich illustreren door het verslag in 1 Samuël 30:16-25. In een strijd tegen de Amalekieten „sloeg David hen neer van de morgenschemering af tot aan de avond”, en hij verwierf veel buit. Bij hun terugkomst in het kamp vroegen sommige van Davids strijders dat er niets van de buit gegeven zou worden aan degenen die zich niet met hen in het heetst van de strijd hadden begeven. Maar David antwoordde: „Wie zal in deze zaak naar u luisteren? Want het deel van degene die ten strijde is getrokken, zal hetzelfde zijn als het deel van degene die bij de legertros is gebleven. Allen zullen samen delen.”

7 Hetzelfde beginsel geldt ook nu. Pioniers bevinden zich in de voorste linies van onze geestelijke oorlogvoering. Maar alle anderen in de gemeente verlenen met een onverdeeld hart loyale steun. En het grootse resultaat van hun gecombineerde activiteit gedurende 1991 staat beschreven in de tabel die nu volgt.

Een voortreffelijk bericht

8. (a) Wat onthult het jaarbericht over het totale aantal verkondigers en het totaal van de uren die zij in Jehovah’s dienst hebben besteed? (b) Welke interessante punten merkt u op ten aanzien van landen die voor het eerst op de tabel voorkomen?

8 Ja, de voorgaande vier bladzijden van dit tijdschrift laten zien hoe de gezamenlijke inspanningen van al Jehovah’s ijverige aanbidders hebben bijgedragen tot een opwindende wereldwijde expansie in 1991. Er viel een schitterend nieuw hoogtepunt van 4.278.820 Koninkrijksverkondigers te noteren — een toename van 6,5 procent. Zij hebben 951.870.021 uur (bijna 1 miljard!) aan de dienst besteed. En merk de voortreffelijke verrichtingen op van onze broeders in landen waar vroeger beperkingen van kracht waren maar die nu wel in het wereldbericht verschijnen — Bulgarije, Ethiopië, Kameroen, Mozambique, Nicaragua, Rwanda, de Sovjet-Unie en Tsjechoslowakije.

9, 10. (a) Hoe hebben de pioniers gereageerd op de uitdaging van moeilijke tijden? (b) Welke aanmoediging wordt er gegeven om in de pioniersdienst te gaan?

9 In recente jaren heeft de pioniersgeest zich in de hele wereld verbreid. Zelfs in landen waar vrijheid van religie pas sinds kort is verleend, zwellen de pioniersgelederen aan. In weerwil van een economisch heel moeilijke situatie zetten deze loyale Getuigen zich volledig in voor de aanbidding van Jehovah. (Vergelijk 2 Korinthiërs 11:23, 27.) Gemiddeld over de 12 maanden heeft 14 procent van alle Koninkrijksverkondigers gepionierd. Het hoogste aantal pioniers bedroeg 780.202, hetgeen een schitterende 18 procent van alle verkondigers vertegenwoordigt.

10 Wanneer zij de vreugden zien die pioniers ervaren, worden ook anderen aangemoedigd deze dienst op te nemen. Als u nog niet pioniert, zou uw liefde voor Jehovah u er dan toe kunnen aanzetten om zoals wij dat in Jesaja 6:8 lezen, te zeggen: „Hier ben ik! Zend mij”? Of zou door uw ijverige bijbelstudie Gods Woord een brandend verlangen in uw hart kunnen ontsteken zodat u gewoon niet anders kan en wel móet gaan pionieren? Zelfs in een tijd van beproevingen stimuleerde het woord van Jehovah Jeremia, zodat hij zich niet kon inhouden. — Jeremia 20:9.

Een liefdevolle dienst aan de mensheid

11. Welke goede vooruitgang is er geboekt met de huisbijbelstudieactiviteit?

11 Een van de opvallende aspecten van het jaarbericht is de groei in het aantal gratis huisbijbelstudies, waarvan er regelmatig iedere maand over de hele wereld 3.947.261 worden geleid. Dit is een liefdevolle regeling waarin Jehovah’s Getuigen verdere hulp bieden aan geïnteresseerde personen die zij in hun van-huis-tot-huiswerk lokaliseren. Met alle graagte leiden wij bijbelstudies bij mensen van alle nationaliteiten en raciale achtergronden, en dat vatten wij net zo serieus op als de apostel Paulus deed. Dat hij ’zowel aan joden als aan Grieken grondig getuigenis aflegde’, betekende ongetwijfeld dat hij vele, vele uren aan het onderwijzen van de waarheid besteedde (Handelingen 20:20, 21). Het is nu niet anders. Jehovah’s Getuigen helpen ’alle soorten van mensen om gered te worden en tot een nauwkeurige kennis van de waarheid te komen’. — 1 Timotheüs 2:4.

12-14. Welke vreugdevolle berichten komen er uit Europa?

12 Hoe opwindend is het de berichten te lezen van toegenomen bijbelstudieactiviteit in Oost-Europa! Tientallen jaren lang hebben onze broeders daar in kleine groepjes bij elkaar moeten komen, met misschien slechts één veelgebruikt, gestencild exemplaar van een oude Wachttoren voor allen in de groep. Maar nu stroomt er een overvloed van bijbels en bijbelse lectuur die landen binnen. Het doet denken aan Hooglied 2:4 (King James Version): „Hij [Christus Jezus] bracht mij in het [geestelijke] huis voor feestmalen, en zijn banier over mij was liefde.” Nu zij hun persoonlijke exemplaren van de tijdschriften hebben, raken velen goed toegerust om ’het woord der waarheid juist te hanteren’. — 2 Timotheüs 2:15.

13 Een gemeente van 103 verkondigers in Sint-Petersburg (Rusland) rapporteerde onlangs meer dan 300 huisbijbelstudies. Als vrucht van deze inspanningen op het terrein van bijbelstudies werden in slechts acht maanden 53 nieuwe Getuigen gedoopt. Meer dan de helft van de gemeente is pas acht maanden of nog korter in de waarheid! En zij hebben geen ouderlingen — alleen één dienaar in de bediening om zorg te dragen voor hun geestelijke vorderingen.

14 Een Koninkrijksverkondigster in Estland kreeg van een bijbelstudente de vraag of zij enkele vriendinnen voor de studie mocht uitnodigen. Toen de Getuige de volgende week op het bewuste adres kwam, trof zij daar meer dan vijftig personen bijeen! Natuurlijk waren er speciale regelingen nodig om zorg te blijven dragen voor al die belangstelling.

15. Wat kan er gezegd worden over het bezoek van de Gedachtenisviering en over de doop?

15 Velen die studeren, krijgen hun eerste indruk van christelijke omgang door de Gedachtenisviering van Christus’ dood bij te wonen. Het afgelopen jaar lag het aantal aanwezigen voor het eerst boven de 10.000.000, toen er over de hele wereld in 66.207 gemeenten 10.650.158 voor deze vreugdevolle gelegenheid bijeenwaren. In veel Latijnsamerikaanse, Afrikaanse en Oosteuropese landen waren er aanwezigenaantallen van drie of vier keer het aantal Koninkrijksverkondigers. Nu moeten wij al weer beginnen met de voorbereiding voor de Gedachtenisviering die dit jaar op vrijdag 17 april valt. Wij hopen dat een groot aantal nieuwe bijbelstudenten die de Gedachtenisviering bijwonen, zullen voortgaan vorderingen te maken in de richting van de doop. Wat de doop aangaat, in 1991 zagen wij opnieuw meer dan 300.000 hun opdracht aan Jehovah God symboliseren door de onderdompeling in water.

’Goddelijke vrijheid’-lievende mensen

16. Welke opwindende berichten komen er van „Vrijheidlievende mensen”-districtscongressen?

16 Een opmerkelijk kenmerk van het dienstjaar 1991 waren de „Vrijheidlievende mensen”-districtscongressen, waarvan de reeks op het noordelijk halfrond nu voltooid is maar die op het zuidelijk halfrond zich nog in 1992 voortzet. Voor het eerst werd het complete congresprogramma in een aantal Oosteuropese landen gepresenteerd, waar onze broeders zich erin verheugen hun nieuwverworven vrijheden tot lof van Jehovah te gebruiken. In oktober 1991 bedroeg het totale aanwezigenaantal voor de eerste 705 congressen in 54 landen 4.774.937.

17, 18. (a) Welke vrijheden worden door Jehovah’s Getuigen genoten en tegemoetgezien? (b) Hoe verschilt goddelijke vrijheid van wereldlijke vrijheden?

17 Jezus zei zijn discipelen: „De waarheid zal u vrijmaken” (Johannes 8:32). Thans heeft de bijbelse waarheid miljoenen vrijgemaakt van de dogma’s van de christenheid. Deze miljoenen zijn te weten gekomen dat Jehovah’s voorziening van het loskoopoffer van Jezus het voor de mensheid mogelijk zal maken ’vrijgemaakt te worden van de slavernij des verderfs en de glorierijke vrijheid van de kinderen Gods te hebben’ (Romeinen 8:19-22). Wat een grootse vrijheid zal dat zijn — voor eeuwig op een paradijsaarde te leven binnen de juiste grenzen die Jehovah in liefde vaststelt! — Jesaja 25:6-8; vergelijk Handelingen 17:24-26.

18 De vrijheden die Jehovah’s Getuigen nu genieten en die zij verwachten in Gods nieuwe samenstel van dingen in overvloediger mate te genieten, zijn afkomstig van onze God, Jehovah (2 Korinthiërs 3:17). Ze zijn niet afhankelijk van enige politieke of revolutionaire beweging (Jakobus 1:17). Om te waken voor elk misverstand op dit punt, stond op de lapelkaartjes die met het congres van 1991 in sommige Oosteuropese landen door Jehovah’s Getuigen gedragen werden, te lezen „’Goddelijke vrijheid’-lievende mensen” in plaats van alleen maar „Vrijheidlievende mensen”.

Intense liefde voor Jehovah

19. Hoe kan gebedsvolle verbondenheid met Jehovah ons schragen?

19 Onze liefde voor Jehovah en ons vertrouwen in hem zullen ervoor zorgen dat wij dicht bij hem blijven in gebed. Het is deze intieme band met Jehovah die onze broeders heeft geholpen vele ontberingen en vervolgingen te verduren (Psalm 25:14, 15). In het uur van zijn grootste beproeving bleef Jezus door gebed heel dicht bij zijn Vader (Lukas 22:39-46). Zo’n gebedsvolle verbondenheid met Jehovah schraagde Stefanus tijdens de hevige smart van zijn martelaarschap. Naar de hemel starend toen hij op het punt stond doodgestenigd te worden, zei hij: „Ziet! Ik zie de hemelen geopend en de Zoon des mensen [Jezus] aan Gods rechterhand staan.” — Handelingen 7:56.

20-22. Hoe toont een ervaring aan dat God gebeden verhoort?

20 Zoals Jehovah’s aanbidders zo vaak hebben ervaren, verhoort Jehovah gebeden die in overeenstemming zijn met zijn wil. Zo was in een Afrikaans land waar het werk van de Getuigen verboden is, een speciale pionier per bus op reis naar het noorden met een grote zak Koninkrijkslectuur en enveloppen die bezorgd moesten worden. De conducteur van de bus, die de bagage inlaadde, vroeg de broeder: „Wat zit er in die zak?” De broeder antwoordde met het eerste wat er in zijn geest opkwam: „Post.”

21 Onderweg passeerde de bus met hoge snelheid een van de vele controleposten, en toen kwam de verkeerspolitie erachteraan en hield de bus aan omdat de verdenking was gerezen dat er smokkelwaar vervoerd werd. Zij gaven bevel dat alle passagiers uitstapten en alle bagage geïnspecteerd werd. Dit was een crisis! De broeder liep een stukje weg van de murmurerende menigte en neerknielend bad hij tot Jehovah. Toen hij zich weer bij de groep mensen voegde, werd daar elk stuk bagage van iedere reiziger geopend en met angstvallige zorgvuldigheid gecontroleerd. Toen de zak van de broeder geopend zou worden, bad hij in stilte tot Jehovah om hulp. 

22 „Wiens zak is dit en wat zit erin?” riep de politieman. Voordat de broeder zijn mond kon openen, antwoordde de conducteur: „Het is post van kantoor ———— voor kantoor ————.” „Prima”, zei de politieman. Hij pakte de zak op en gaf hem aan de conducteur. „Zorg ervoor dat je hem de rest van de reis een veilige plek geeft”, gelastte hij hem. De speciale pionier viel opnieuw op zijn knieën om de Hoorder van het gebed te danken. — Psalm 65:2; Spreuken 15:29.

23. Wat heeft Jehovah gedemonstreerd, en waarom laat hij soms toch toe dat vervolging haar volledige beloop heeft?

23 Dit betekent echter niet dat Jehovah’s aanbidders nooit iets rampzaligs overkomt. In bepaalde situaties, zowel in bijbelse tijden alsook nu, heeft Jehovah gedemonstreerd dat hij zijn volk kan bevrijden. Maar in overeenstemming met het beslechten van de strijdvraag inzake rechtschapenheid schijnt hij bij tijden toe te laten dat vervolging haar volledige beloop heeft. (Vergelijk Mattheüs 26:39.) Verder beschermt Jehovah zijn volk niet automatisch tegen ongelukken, burgertwisten of misdaad, hoewel het aanwenden van op de bijbel gebaseerde praktische wijsheid nut kan hebben (Spreuken 22:3; Prediker 9:11). Wij kunnen echter het vertrouwen hebben dat of wij nu uit beproevingsvolle situaties bevrijd worden of niet, onze getrouwheid beloond zal worden, zo nodig zelfs door een opstanding. — Mattheüs 10:21, 22; 24:13.

24. Welke liefdevolle gaven heeft Jehovah verschaft, en hoe kunnen wij op zijn liefde reageren?

24 Hoe schitterend zijn Jehovah’s liefdevolle gaven! Dat hij de mensheid deze aarde en alles wat erop is, heeft gegeven, is een buitengewone uiting van zijn liefde (Psalm 104:1, 13-16; 115:16). En Gods mededogende gave van zijn Zoon, Jezus Christus, om de mensheid los te kopen van zonde en dood is de meest liefdevolle gave die ooit is geschonken. „Hierdoor werd de liefde Gods in ons geval openbaar gemaakt, dat God zijn eniggeboren Zoon naar de wereld heeft uitgezonden, opdat wij door bemiddeling van hem leven zouden verwerven. De liefde bestaat in dit opzicht niet hierin dat wij God hebben liefgehad, maar dat hij ons heeft liefgehad en zijn Zoon heeft uitgezonden als zoenoffer voor onze zonden” (1 Johannes 4:9, 10). Mogen wij in reactie op die liefde ervan overtuigd zijn „dat noch dood noch leven, noch engelen noch regeringen, noch tegenwoordige noch toekomende dingen, noch krachten, noch hoogte noch diepte, noch enige andere schepping ons zal kunnen scheiden van Gods liefde, die in Christus Jezus, onze Heer, is”. — Romeinen 8:38, 39.

Ter herhaling van dit artikel

◻ Wat betekent het getrouw te zijn?

◻ Op welke terreinen van activiteit kunnen wij liefde voor Jehovah aan de dag leggen?

◻ Welke aspecten van het jaarbericht interesseerden u het meest?

◻ Hoe kunnen wij waardering tonen voor Jehovah’s liefdevolle gaven?

[Kader op blz. 15]

Waarom zo veel pioniers?

Naar verluidt zijn de Japanners 2600 jaar lang vurige aanbidders van hun keizers geweest. Alleen al in de oorlogen van deze twintigste eeuw hebben meer dan drie miljoen Japanse soldaten hun leven geofferd, want zij dachten dat er geen groter eer bestond dan te sterven voor hun keizer-god. Maar het boeddhistisch-sjintoïstische militarisme heeft in de Tweede Wereldoorlog gefaald, en daarna heeft de keizer afstand gedaan van zijn godschap. Wat kon dit religieus vacuüm vullen? Gelukkig hebben huisbijbelstudies geleid door zendelingen van Jehovah’s Getuigen, en later plaatselijke Getuigen, velen geholpen de ware God, Jehovah, te vinden en hun leven aan hem op te dragen. Deze opdracht betekent veel voor die Japanse Getuigen. Vroeger zouden zij wellicht hun leven hebben geofferd voor een keizer-god, maar nu wijden zij met des te meer ijver als pioniers hun energie aan het aanbidden van de levende God en Schepper van het universum — de Soevereine Heer Jehovah!

[Tabel op blz. 10-13]

BERICHT OVER HET DIENSTJAAR 1991 VAN JEHOVAH’S GETUIGEN OVER DE HELE WERELD

(Zie ingebonden jaargang)

[Illustratie op blz. 16]

’Goddelijke vrijheid’-lievende mensen — Jehovah’s aanbidders op een congres in Praag, 9 tot 11 augustus 1991

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen