Hoe konden de scharen Jezus verstaan?
HET evangelie van Matthéüs bericht dat Jezus bij een zekere gelegenheid „in een boot stapte en daar neerzat, en de gehele schare stond op het strand. Toen vertelde hij hun vele dingen door middel van illustraties” (Matthéüs 13:1-35; Markus 4:1-9). In hun boek Come See the Place: The Holy Land Jesus Knew werpen Robert J. Bull en B. Cobbey Crisler enkele interessante vragen op over dit verslag. Zij vragen: „Hoe kon iemand door ’een grote menigte’ gehoord worden zonder gebruik te maken van de een of andere vorm van geluidsversterking? En kan er een plek langs het meer gevonden worden met akoestische kenmerken die zo’n versterking zouden teweegbrengen?” Misschien hebt u zich dit ook wel eens afgevraagd.
Welnu, merk hun antwoord eens op: „Tot de verscheidene inhammen in de buurt van Kapernaüm behoort er één waarvan onlangs ontdekt is dat deze precies de geluidskenmerken heeft van een natuurlijk amfitheater. Er zijn op deze plaats akoestische proeven genomen om aan te tonen dat ’een grote menigte’ van ongeveer vijf- tot zevenduizend mensen, als ze hier bijeenkwam, inderdaad in staat zou zijn om iemand die vanuit een boot op een plek vlak bij het midden van de inham een toespraak hield, zowel te zien als duidelijk te verstaan.” En hoe werden deze akoestische experimenten uitgevoerd? Virginia Bortin, een schrijfster over archeologische onderwerpen in The San Juan Star, een nieuwsblad dat op Porto Rico verschijnt, legt dit uit.
Volgens Bortin hebben archeoloog B. Cobbey Crisler, medeauteur van bovengenoemd boek, en akoestisch technicus Mark Myles proeven genomen „in de buurt van Tell Hum, de plaats van het oude Kapernaüm”. Daar „loopt het land vanaf de Zee van Galiléa geleidelijk omhoog naar een hedendaagse weg, op een afstand van ruim een voetbalveld verder”. Crisler waadde de inham in en ging daar op een groot rotsblok staan. Vervolgens blies hij ballonnen van dezelfde grootte op, om een uniform geluid voort te brengen, en prikte ze met vaste tussenpozen lek. Terwijl Myles omhoogliep naar de weg, registreerde hij met behulp van een elektronische decibelmeter het geluidsniveau. Crisler kwam toen aan land en herhaalde daar het lek prikken van de ballonnen. Het resultaat? De geluidssterkte was groter vanaf het rotsblok in de inham dan vanaf de kust! Het is interessant op te merken dat toen Crisler zich in de inham bevond, verscheidene auto’s met toeristen op de weg boven hem stopten. Hij kon duidelijk horen dat een van hen vroeg: „Wat doet hij daar beneden?” Een ander antwoordde: „Ik zou het niet weten. Hij staat daar gewoon met een paar rode ballonnen in zijn hand.”
Wanneer mensen op hetzelfde niveau staan of zitten, wordt het geluid van een voortgebracht stemgeluid kennelijk door lichamen, haar, kleding, plantengroei en ruimte geabsorbeerd. Maar wanneer zij zich op een heuvel of een helling bevinden, zoals in de buurt van Kapernaüm het geval is, kan een spreker, als hij zich op een geschikte afstand beneden hen en van hen vandaan bevindt, gehoord worden, aangezien zijn stemgeluid enorm versterkt wordt. Natuurlijk moeten ook de rustige, intense aandacht van de aanwezigen in die tijd en de opvallende afwezigheid van de hedendaagse achtergrondgeluiden van straalvliegtuigen, auto’s, trucks, enzovoort, niet buiten beschouwing gelaten worden.
Maar wat valt er te zeggen van andere gelegenheden waarbij Jezus volgens het bijbelse verslag grote scharen toesprak? Crisler en Myles theoretiseren dat Jezus en andere bekende bijbelse personen die grote menigten toespraken, bewust „open ruimten hebben uitgezocht die bekendstonden wegens hun natuurlijke akoestische eigenschappen en ze voor massacommunicatie hebben gebruikt”.
Crisler en Myles hebben ook onderzoekingen verricht „om vast te stellen hoeveel mensen Jezus op de dag dat hij daar sprak, duidelijk hebben kunnen zien”. Ervan uitgaand dat het een heldere, onbewolkte dag was, schatten zij dat „een publiek bestaande uit 5000 tot 7000 personen, Jezus heeft kunnen horen en zien toen hij vanuit de inham tot hen sprak”. Dit bracht rubriekschrijfster Bortin ertoe te concluderen dat „dit een ondersteuning vormt van de evangelieverslagen over grote menigten uit geheel Palestina die toestroomden om in Galiléa de wondergenezer te zien als hij in gelijkenissen tot hen sprak. Op de plaats bij Kapernaüm, met zijn komvormige natuurlijke amfitheater, kon iedereen hem inderdaad duidelijk waarnemen.”
Er kan natuurlijk niet dogmatisch worden beweerd dat Crisler en Myles de werkelijke plaats van Jezus’ toespraak vanuit de zee hebben ontdekt. Toch is het interessant op te merken dat de veronderstelde plek een plaats is met veel doornstruiken en rotsblokken, waartussen gele mosterdbloemen groeien. Dat Jezus er in zijn illustraties melding van maakte, heeft aldus bijgedragen tot zijn onderwijs. In een gebied met zo’n prachtige akoestiek zal Jezus’ gebod om te ’luisteren’ ook heel passend geweest zijn (Markus 4:3). Evenzo zullen zijn gebruik van het woord „oren” en de vele vormen van het werkwoord „horen” gemakkelijk begrepen zijn door al zijn luisteraars op zo’n plaats. Ja, allen die daar in dat „natuurlijke amfitheater” aanwezig waren, zullen Jezus niet alleen heel goed hebben kunnen horen en zien, maar zullen ook de volledige draagwijdte van zijn illustraties begrepen hebben door eenvoudig om zich heen te kijken.
[Kaart op blz. 25]
(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)
Ligging van:
1. Kapernaüm
2. Vlakte van Gennésareth
3. Tibérias
4. Punt waar de Jordaan het meer verlaat
5. Berg Tabor
Zee van Galiléa
Galiléa
[Verantwoording]
Gebaseerd op een kaart van Pictorial Archive (Near Eastern History) Est. and Survey of Israel
[Illustratie op blz. 24]
Een kijkje in noordoostelijke richting langs de zee van Galiléa, in de richting van Kapernaüm; gezien vanaf de vlakte van Gennésareth
[Verantwoording]
Pictorial Archive (Near Eastern History) Est.
[Illustratie op blz. 26]
Noordwestelijke hoek van de Zee van Galiléa. Waarschijnlijk heeft Jezus de schare in de buurt van Kapernaüm vanaf een boot toegesproken
[Verantwoording]
Pictorial Archive (Near Eastern History) Est.