Inzicht in het nieuws
Voorzegd geweld
„Pubers worden veel gewelddadiger dan zij jaren geleden waren”, aldus James Fox, criminoloog aan de Northeastern University (VS). „Ik zie een werkelijke verandering in het soort jongelui dat wij krijgen”, verklaart Faye Harrison, een rechter in de Amerikaanse staat Michigan. „Veel harder, veel sneller (met geweldpleging), veel dieper weggezonken in ernstige criminaliteit op jeugdiger leeftijd.” Woedende tieners zijn zelfs „verantwoordelijk voor ongeveer 300 door pubers gepleegde parricidia (vader- of moedermoorden) per jaar”, bericht de Detroit Free Press.
Wat is de oorzaak van de toename in geweldpleging onder de hedendaagse jeugd? Fox noemt gemakkelijker verkrijgbaarheid van wapens, televisiegeweld en „over het algemeen, minder respect voor autoriteit”, volgens USA Today. De aandacht op ouders richtend, gelooft David Ramirez, een rechter in Denver, dat „traditionele waarden en opvattingen over respect niet aan de kinderen worden doorgegeven, terwijl veel ouders zich niet verplicht schijnen te voelen tegenover hun kinderen”, merkt The Denver Post op.
Zeer actueel zijn de woorden die de apostel Paulus optekende toen hij eeuwen geleden voorzei „dat er in de laatste dagen kritieke tijden [zouden] aanbreken, die moeilijk zijn door te komen. Want de mensen zullen zichzelf liefhebben, het geld liefhebben, zullen aanmatigend zijn, . . . ongehoorzaam aan ouders, . . . zonder natuurlijke genegenheid, . . . zonder zelfbeheersing, heftig, zonder liefde voor het goede” (2 Timótheüs 3:1-3). Christenen kunnen zich tegen het binnendringen van zulke houdingen beschermen door een liefdevolle gezinsverhouding op te bouwen, zoals te kennen wordt gegeven in bijbelpassages als Deuteronomium 6:4-9 en Kolossenzen 3:12-14, 18-21.
De prijs betalen
„Wij lezen de bijbel niet en weten niet wat erin staat”, zegt de Amerikaanse enquêteur George Gallup jr. „Dat wij de prijs hiervoor betalen en dienovereenkomstig lijden, blijkt uit het echtscheidingscijfer, kindermishandeling, drugmisbruik en bedrog en oneerlijkheid op alle maatschappelijke niveaus.” Volgens de Gallup-enquête is 40 procent van de Amerikanen ’s zondags in de kerk en trouwt ongeveer 80 procent in de kerk, maar toch is het echtscheidingscijfer sinds 1960 verdrievoudigd, is het aantal ongehuwde paren dat samenleeft, bijna tot het vijfvoudige toegenomen en is het aantal onwettige geboorten bijna verviervoudigd. Abortussen zijn tussen 1972 en 1979 verdrievoudigd.
Rechtstreeks de wortel van het probleem aanwijzend, merkte Gallup op: „Het is duidelijk dat de kerken niet doordringen tot het fundamentele niveau waar waarden worden ingeprent. Wij beleven religie slechts zeer oppervlakkig. Ze is niet levenveranderend en geeft geen nieuwe richting aan. Ook is ze niet op de bijbel gebaseerd.”
Toch dient het christendom levenveranderend te zijn, een nieuwe richting aan te geven en op de bijbel gebaseerd te zijn. Oorspronkelijk was dit het geval. De vroege christenen werd geleerd ’de oude persoonlijkheid weg te doen’. Paulus schreef: „Noch hoereerders, noch afgodendienaars, noch overspelers, noch mannen die er voor tegennatuurlijke doeleinden op na worden gehouden, noch mannen die bij mannen liggen, noch dieven, noch hebzuchtige personen . . . zullen Gods koninkrijk beërven. Toch zijn sommigen van u dat geweest.” — Efeziërs 4:22; 1 Korinthiërs 6:9-11.
„De eerste mens was een mens”
Sommige evolutionisten beweren dat de evolutie „voor honderd procent” geloofwaardig is en dat ze „een theorie is die men in een laboratorium kan verifiëren”. Maar op het Tweede Internationale Congres van Menselijke Paleontologie, dat onlangs in Turijn (Italië) is gehouden, bleek duidelijk dat veel geleerden nog altijd twijfels hebben over deze kwestie.
In plaats van te bevestigen dat evolutie „voor honderd procent” geloofwaardig is, bleken op het congres kennelijk grote meningsverschillen tussen geleerden te bestaan over de kwestie wanneer en hoe de mens is geëvolueerd. Paleontoloog Bernard Vandermeersch onderstreepte bijvoorbeeld het feit dat, wat de oorsprong van de mens betreft, de resultaten van de paleontologie „in strijd zijn met de door de genetica verschafte gegevens”, die naar één gemeenschappelijke voorouder wijzen.
Zulke tegenstrijdigheden bestaan echter alleen onder personen die in gebreke blijven de eenvoudige waarheid te aanvaarden dat God „uit één mens elke natie van mensen [heeft] gemaakt om op de gehele oppervlakte der aarde te wonen” (Handelingen 17:26). Hoe heeft hij dit gedaan? Genesis 2:7 zegt ons dat „God . . . ertoe [overging] de mens te vormen uit stof van de aardbodem en in zijn neusgaten de levensadem te blazen”, als gevolg waarvan de mens „een levende ziel” werd.
Het hoeft dan ook geen verbazing te wekken dat bioloog Giuseppe Sermonti in zijn opmerkingen over het eindresultaat van het congres toegaf dat „alle pogingen om ons uit de bomen van de apen te laten komen, geen interessante resultaten hebben opgeleverd. De eerste mens was een mens.”