De sleutel tot de ware religie
ALS men afgaat op wat de mensen over zichzelf beweren, behoren in deze twintigste eeuw meer personen tot de christelijke dan tot enige andere religie. Toch is dit tevens de meest door moeilijkheden geplaagde eeuw in de wereldgeschiedenis. Vanwaar deze paradox?
Een van de redenen is dat velen hun religie niet ernstig opvatten. Voor hen is het christendom slechts iets bijkomstigs, niet een overheersende kracht in hun leven. Bovendien hangen degenen die hun religie wel ernstig opvatten veel tegenstrijdige geloofsovertuigingen en zelfs uiteenlopende morele maatstaven aan. En zij zijn verdeeld door nationale, raciale en economische kwesties. Bovendien hebben zij elkaar tot slachtoffer gemaakt en elkaar zelfs vervolgd, in oorlogen bestreden en gedood. Zo zijn de twee grootste oorlogen in de geschiedenis hoofdzakelijk tussen „christelijke” natiën gevoerd.
Welke conclusie kunnen wij hieruit trekken? Hetzij dat het christendom niet de ware religie is of dat er een groot verschil bestaat tussen alleen maar beweren dat men een christen is en werkelijk een christen zijn. Volgens Jezus Christus, de grondlegger van het christendom, is de tweede conclusie de juiste. Bij één gelegenheid sprak hij over sommigen die hem met „Heer, Heer” zouden aanspreken. Met andere woorden: zij zouden beweren dat zij christenen waren die Jezus als hun Heer aanvaardden. En zij zouden er druk mee in de weer zijn in zijn naam ogenschijnlijk belangrijke werken te verrichten. Toch zou Jezus tot hen zeggen: „Ik heb u nooit gekend! Gaat weg van mij, gij werkers der wetteloosheid.” — Matthéüs 7:22, 23.
Niemand van ons zal toch zeker in die situatie willen verkeren! Hoe kunnen wij derhalve vaststellen of wij ware christenen zijn of niet? Is er een sleutel tot de ware religie?
De sleutel
Ja, die is er. Natuurlijk zijn er bij het christendom vele dingen betrokken. Een ware christen moet bijvoorbeeld een krachtig geloof in God hebben, aangezien het „zonder geloof onmogelijk [is God] welgevallig te zijn” (Hebreeën 11:6). Hij moet zich ook met juiste werken bezighouden. De discipel Jakobus waarschuwde dat ’geloof zonder werken dood is’ (Jakobus 2:26). Bovendien beklemtoonde de apostel Paulus hoe belangrijk „nauwkeurige kennis van [Gods] wil in alle wijsheid en geestelijk onderscheidingsvermogen” is (Kolossenzen 1:9). Maar geen van deze dingen verschaft ons de sleutel tot het christendom.
Het is namelijk zo dat wij goede kennis van de bijbel en een krachtig geloof kunnen hebben, en heel druk bezig kunnen zijn met goede werken, terwijl wij toch slechts namaakchristenen zijn. Hoe kan dat? De apostel Paulus verklaarde: „Al spreek ik de talen van mensen en van engelen, maar heb geen liefde, dan ben ik een klinkend stuk koper of een rinkelende cimbaal geworden. En al heb ik de gave van profeteren en ben bekend met alle heilige geheimen en alle kennis, en al bezit ik al het geloof zodat ik bergen kan verzetten, maar heb geen liefde, dan ben ik niets. En al geef ik al mijn bezittingen om anderen te spijzigen, en al geef ik mijn lichaam over om te kunnen roemen, maar heb geen liefde, dan baat het mij in het geheel niet.” — 1 Korinthiërs 13:1-3.
Ja, de ware religie kan hieraan herkend worden dat ze op ware liefde gebaseerd is. Ons geloof, onze goede werken en nauwkeurige kennis zijn van vitaal belang en onmisbaar. Maar als wij daarbij geen liefde beoefenen, zijn ze wat ons aangaat van weinig nut. Waarom is dat zo? Waarom is de hoedanigheid liefde van zo allesoverheersend belang?