Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w85 1/12 blz. 20-22
  • Eert u Jehovah met uw waardevolle dingen?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Eert u Jehovah met uw waardevolle dingen?
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1985
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Bereidheid en waardering noodzakelijk
  • Hoe dit gedaan kan worden
  • „Eer Jehovah met uw waardevolle dingen” — Hoe?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1997
  • Jehovah met onze kostbaarheden eren
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1958
  • De Gever van „elke goede gave”
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1993
  • Hoe zullen wij Jehovah terugbetalen?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1988
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1985
w85 1/12 blz. 20-22

Eert u Jehovah met uw waardevolle dingen?

„Geliefde broeders, hoe gaat het met u? Ik wil zendelinge worden als ik groot ben. Gebruik deze dollar alstublieft om zendelingen te helpen”, zo schreef de driejarige Shelley. Haar kinderlijke gekrabbel werd onder aan de brief door haar moeder vertaald.

Stephen schreef wat informeler: „Best Wachttorengenootschap. Ik ben acht jaar. Ik woon in de 89ste straat. Ik hoop dat jullie het leuk hebben. Ik stuur jullie een dollar voor het Koninkrijkszalenfonds. Schrijf gauw terug.”

WAAROM schreven deze kinderen naar het hoofdbureau van het Wachttorengenootschap? Omdat zij Jehovah wilden eren door wat zij bezaten te gebruiken om zijn lof te helpen verbreiden. Zij gaven gevolg aan de bijbelse aansporing: „Eer Jehovah met uw waardevolle dingen en met de eerste vruchten van heel uw opbrengst.” — Spreuken 3:9.

Jehovah is deze eer beslist waardig. Niemand is met hem te vergelijken. Openbaring 4:11 verklaart: „Gij, Jehovah, ja onze God, zijt waardig de heerlijkheid en de eer en de kracht te ontvangen, want gij hebt alle dingen geschapen, en vanwege uw wil bestonden ze en werden ze geschapen.” Niet alleen is het waar dat ’wij door hem het leven hebben en ons bewegen en zijn’, maar ook heeft hij verschaft wat het allerbeste voor ons is (Handelingen 17:28). De bijbelschrijver Jakobus herinnert ons eraan dat God de Gever is van „elke goede gave en elk volmaakt geschenk”. — Jakobus 1:17.

Maar niet iedereen acht het noodzakelijk Jehovah te prijzen en te eren. Miljoenen mensen hebben zelfs nog nooit van zijn naam gehoord! Velen aanbidden de dingen die geschapen zijn, „in plaats van dit te doen jegens Degene die schiep” (Romeinen 1:25). Oprechte personen moeten ingelicht worden. Zij moeten weten dat Jehovah weldra tot handelen zal overgaan. Door middel van de heerschappij van zijn Zoon zal hij de aarde voor eeuwig reinigen van onderdrukkers en hun onderdrukking, de dingen weer volmaakt in evenwicht brengen en het Paradijs en ’s mensen vermogen om eeuwig in volmaakte gezondheid te leven, herstellen (Daniël 2:44; Openbaring 21:1, 3, 4). Ja, niets minder dan het leven van hen die rechtvaardigheid zoeken, hangt ervan af of zij die kennis in zich opnemen en ernaar handelen. — Zefanja 2:3; Johannes 17:3.

Bereidheid en waardering noodzakelijk

Zou u ook een aandeel willen hebben aan dit levenreddende werk? Er komt heel wat voor kijken om het „goede nieuws” van dat Koninkrijk op „de gehele bewoonde aarde” te verbreiden (Matthéüs 24:14). Er moeten gewillige werkers opgeleid, toegerust en uitgezonden worden om te prediken. Wat schenkt het een voldoening te zien dat thans meer dan 2.800.000 mensen Jehovah eren door het goede nieuws van het Koninkrijk in de gehele wereld te prediken! Recordaantallen van hen doen dat op een volle-tijdbasis en velen verhuizen zelfs naar gebieden waar een grotere behoefte bestaat. Er zijn al duizenden zendelingen uitgezonden om als pioniers in andere landen te prediken, en er komen er steeds meer bij.

Het vereist een uitgebreide organisatie om al deze activiteiten te besturen, gaande te houden en te ondersteunen. In alle streken der aarde is het nodig geweest nieuwe bijkantoorfaciliteiten en zendelingenhuizen te bouwen en uit te breiden. Plaatselijke gelegenheden voor aanbidding — Koninkrijkszalen en Congreshallen — worden op het ogenblik in ongekende aantallen gebouwd. Het is hartverwarmend te zien hoe gewillig Jehovah’s volk heeft gereageerd en zich bereid heeft getoond zich geheel in te zetten voor Jehovah’s dienst (Psalm 110:3). Maar de voorzegde ’bespoediging’ van het bijeenvergaderingswerk in deze laatste dagen vraagt nu om een nog grotere bereidheid Jehovah te eren met onze waardevolle dingen (Jesaja 60:22). Wat wordt er dan van ons verlangd?

Waardering is één vereiste — waardering voor alles wat Jehovah ons heeft gegeven. Ja, alles wat wij hebben, is in feite een geschenk van Jehovah. „Ja,” zo vraagt de apostel Paulus, „wat hebt gij dat gij niet hebt ontvangen?” (1 Korinthiërs 4:7) En met welk doel heeft God ons die dingen gegeven? Opdat wij die gaven zouden gebruiken om hem te eren! — 1 Petrus 4:10, 11.

Tot deze gaven behoren onze fysieke, mentale, geestelijke en materiële vermogens — ja, het leven zelf. En hoe edelmoedig is Jehovah voor ieder van ons geweest! Wat een voortreffelijk voorbeeld in geven is hij voor ons! Dat wij zoveel van Jehovah’s milde gaven hebben ontvangen, dient ons er beslist toe te bewegen waardering voor zulke voorzieningen te tonen. Worden wij er aldus niet toe bewogen hem te eren met wat wij bezitten?

Misschien voelt u zich beperkt in uw mogelijkheden. Tenslotte kan niet iedereen als zendeling in een ver land dienen of zich aan een andere tak van volle-tijddienst wijden. Ook hebben de meesten van ons niet de bekwaamheid of de middelen om bij bouwprojecten te gaan helpen. Verder stellen persoonlijke omstandigheden grenzen aan het aantal dat hun leven kan wijden aan dienst op bijkantoren, waar zeer belangrijke publikaties, zoals dit tijdschrift, worden gedrukt. Toch kan ieder van ons het grotere geluk ervaren dat voortspruit uit geven (Handelingen 20:35). En wij allen kunnen ons leven en onze spraak gebruiken op een wijze die God behaagt en die hem eer en lof brengt. — Kolossenzen 3:23.

Hoe dit gedaan kan worden

Hoewel Shelley en Stephen nog pril van jaren zijn, hebben zij een manier gevonden. Zij beseften dat hun bijdrage aan het Wachttorengenootschap gebruikt zou worden ter bevordering van het wereldomvattende predikingswerk. En hun gift, wat het bedrag ook was, werd beslist op prijs gesteld. Stephen heeft zijn bedankbrief gekregen. De kleine Shelley de hare. Niet het bedrag telt, maar het motief, want om aanvaardbaar te zijn, moet een gift geheel vrijwillig zijn (2 Korinthiërs 9:7). Jehovah is blij met onze bijdragen, hetzij groot of klein, indien ze een uiting zijn van onze onverdeelde toewijding aan hem. — Lukas 21:1-4.

Waardering wordt dus gevolgd door daden. Hebben wij de lijst opgemaakt van de waardevolle dingen die wij hebben en die gebruikt kunnen worden om God te eren? Ons leven, met alle kracht en energie die wij hebben, is beslist kostbaar en mag niet verknoeid worden aan het najagen van nutteloze dingen. Besteden wij zoveel mogelijk tijd aan het aankweken en versterken van een intieme persoonlijke verhouding met Jehovah? Eren wij hem door zijn naam en boodschap met onze lippen bekend te maken? (Hebreeën 13:15, 16) Kleine kinderen zijn ook een kostbaar bezit dat door Jehovah is geschonken (Psalm 127:3). Moedigen wij hen aan hun leven op te dragen aan de dienst voor God?

Dan zijn er ons letterlijke goud, zilver en andere financiële middelen. Door bijdragen van dien aard worden onze plaatselijke gemeenten gesteund, met inbegrip van het onderhoud van de Koninkrijkszalen en Congreshallen die dienst doen als centra van bijbels onderricht en predikingsactiviteit in het gebied waar wij wonen. Wanneer deze bijdragen naar het hoofdbureau van het Wachttorengenootschap of het bijkantoor in een bepaald land worden gestuurd, helpen ze mee de wereldomvattende Koninkrijksprediking te bevorderen. Zulke gaven kunnen wij bestemmen voor elke tak van het werk die wij maar willen. De kleine Shelley wilde, met haar doel van de zendingsdienst in gedachte, zendelingen helpen. Stephen, die gehoord had van de grote behoefte aan honderden nieuwe Koninkrijkszalen en de enorme kosten die hieruit voortvloeien, wilde dat zijn bijdrage in het in Amerika functionerende Koninkrijkszalenfonds van het Genootschap werd gestort. Anderen geven bijdragen voor het lenigen van speciale noden, bijvoorbeeld voor het verstrekken van hulp in tijden van rampspoed.

Dikwijls echter geeft men er de voorkeur aan het bijkantoor te laten bepalen hoe het geld besteed zal worden, aangezien de broeders daar weten welke behoeften het dringendst zijn. Een gever schreef: „Gelieve ingesloten een cheque aan te treffen die door het Genootschap naar eigen goeddunken ter bevordering van het predikingswerk kan worden gebruikt. Wij zijn bijzonder blij de voortreffelijke toename te zien die het gevolg is van de krachtsinspanningen van heel Jehovah’s volk met Jehovah’s zegen op het werk.” In een andere brief stond: „Toen ik onlangs met pensioen ging, kreeg ik van de firma waar ik gewerkt had een ’gouden handdruk’. Mijn vrouw en ik koesteren de oprechte wens dat een deel van het geld wordt besteed ter bevordering van de Koninkrijksverkondiging. Gelieve daarom ingesloten cheque aan te treffen uit naam van ons en onze kinderen. Moge Jehovah jullie zegenen bij de beslissing over de wijze waarop dit geld het beste gebruikt kan worden.”

Het verheugt Jehovah deze bereidheid te zien om hem met onze waardevolle dingen te eren. Hij vervolgt met de belofte: „Dan zullen uw voorraadruimten met overvloed gevuld worden; en van nieuwe wijn zullen uw eigen perskuipen overlopen.” Precies zoals in het oude Israël, beloont Jehovah ook thans zo’n edelmoedige geest overvloedig. Wanneer iemand zijn ’waardevolle dingen’ gebruikt om Jehovah te eren, betekent dit niet dat ze uitgeput raken, maar dat ze vermeerderd worden als gevolg van Jehovah’s zegen op de gever! — Spreuken 3:9, 10.

Wat een voorrecht hebben wij, dat wij Jehovah kunnen eren en kunnen opvallen als mensen die anders zijn „te midden van een krom en verdraaid geslacht”! En wat een voorrecht is het dat wij een aandeel mogen hebben aan de Koninkrijksverkondiging, het werk dat hij ons heeft opgedragen te doen voordat dit goddeloze samenstel van dingen eindigt (Filippenzen 2:15; Matthéüs 24:14; 28:19, 20). Weldra zal het geïnspireerde visioen in vervulling gaan dat „elk schepsel”, waar het zich ook bevindt, Jehovah eeuwig eer, heerlijkheid en macht zal toekennen (Openbaring 5:13; 7:12). Laten wij toch vooral reeds nu Jehovah met onze waardevolle dingen eren.

[Kader op blz. 22]

„Hoe wordt uw werk gefinancierd?”

Velen stellen deze vraag. Zij zijn verbaasd als de Getuigen die bij hen aan de deur komen, niet om geld komen vragen. Anderen zijn eveneens verwonderd wanneer zij voor het eerst een grote vergadering van Getuigen bijwonen of een Koninkrijkszaal bezoeken en bemerken dat er nooit een collecte wordt gehouden. Hoe wordt het getuigeniswerk dan gefinancierd? Het antwoord: door vrijwillige bijdragen van hen die Jehovah met hun waardevolle dingen willen eren. Hier volgen enkele manieren waarop dit in zijn werk gaat.

Giften: Giften in geld kunnen rechtstreeks gezonden worden aan de Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania, 25 Columbia Heights, Brooklyn, New York 11201 (VS), of in andere landen aan het bijkantoor van het Genootschap ter plaatse. Deze bijdragen dienen vergezeld te gaan van een kort briefje waarin wordt vermeld dat het een gift betreft. Ook bezittingen kunnen worden geschonken.

Voorwaardelijke schenkingsregeling: Geld, aandelen, obligaties en bezittingen kunnen aan het Genootschap worden geschonken met de bepaling dat ze in geval van persoonlijke noodzaak aan de gever worden geretourneerd. Deze regeling waarborgt dat ingeval de gever onverhoopt sterft, het Genootschap het eigendom reeds in bezit heeft, behoudens de mogelijkheid dat zijn kinderen na zijn overlijden via de rechtbank de juistheid van deze schenking betwisten.

Verzekering: Het Wachttorengenootschap kan worden genoemd als begunstigde van een verzekeringspolis en dient daarvan in kennis te worden gesteld. Ook kan het beheer van spaarbanktegoeden aan het Genootschap worden overgedragen.

Testamenten: Bezittingen of geldmiddelen kunnen aan het Wachttorengenootschap worden vermaakt door middel van een rechtsgeldig testament. Er dient een afschrift aan het Genootschap te worden gezonden.

Nadere inlichtingen of adviezen zijn te verkrijgen door te schrijven aan de Watch Tower Bible and Tract Society, Office of the Secretary and Treasurer, 25 Columbia Heights, Brooklyn, New York 11201 (VS), of aan een van de plaatselijke bijkantoren.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen