Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w85 1/11 blz. 3-4
  • De grenzen van de vrijheid

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • De grenzen van de vrijheid
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1985
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Natuurwetten stellen grenzen aan de mens
  • Wetten die grenzen stellen aan ons gedrag
  • Is dit vrijheid?
    Ontwaakt! 1970
  • De wonderbare gave van de vrije wil
    Ontwaakt! 1990
  • De schitterende gave van de vrije wil
    Bekommert God zich werkelijk om ons?
  • Mis niet het doel van door God geschonken vrijheid
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1992
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1985
w85 1/11 blz. 3-4

De grenzen van de vrijheid

„Niemand is hopelozer verslaafd dan zij die ten onrechte geloven vrij te zijn.” — Goethe.

VRIJHEID! Wat een klank heeft dat woord. Wat betekent het echter voor u? Betekent vrijheid dat u het onvervreemdbare recht hebt te doen waar u zin in hebt, wanneer of waar het u uitkomt, zonder met andere mensen rekening te houden? Natuurlijk niet! Aan uw doen en laten worden grenzen gesteld door wetgevende lichamen ten einde de rechten en belangen van anderen te beschermen. Is dit niet hoogst noodzakelijk wanneer mensen als gemeenschap samenleven?

Het kan u bijvoorbeeld vrijstaan te reizen, maar u moet in het gebruik van uw vervoermiddel binnen wettelijke grenzen blijven. Deze grenzen, of wetten, werden niet alleen ingesteld als een bescherming voor anderen maar ook voor uzelf. Ware vrijheid betekent daarom geen ontheffing van alle zelfbeperking, zelfbeheersing en offers; noch betekent het de afwezigheid van juiste en heilzame wetten. Het is interessant op te merken dat Black’s Law Dictionary vrijheid als volgt definieert:

„De toestand van het vrij zijn . . . zonder andere belemmeringen, beletsels of verboden dan die welke wellicht door rechtvaardige en noodzakelijke wetten en de verplichtingen van het sociale leven worden opgelegd.”

Ten einde vrijheid te genieten, moeten wij ons leven leiden binnen twee grenzen — de natuurwetten en de morele wetten.

Natuurwetten stellen grenzen aan de mens

Geen enkel mens kan absolute vrijheid bezitten, zelfs al zou hij zich afzonderen op een minuscuul eilandje in het midden van een uitgestrekte oceaan. De natuurlijke eisen die zijn lichaam stelt en zijn afhankelijkheid van de omgeving zouden zijn vrijheid beperkingen opleggen. De Schepper, Jehovah God, heeft deze natuurlijke begrenzingen ingesteld, en door middel van zijn wetten en beginselen heeft hij nog andere begrenzingen ingesteld. — Handelingen 17:26-28.

God heeft natuurwetten in werking gesteld die voor een wonderbaarlijke harmonie in het universum zorgen. Deze wetten dienen tot ons welzijn. Voelt u zich bijvoorbeeld getiranniseerd doordat u onderworpen bent aan de door God ingestelde wet van de zwaartekracht? Natuurlijk niet! Het is de noodzakelijke kracht die het universum bijeenhoudt en verhindert dat u van de aarde af zou vliegen.

Wat zou er echter gebeuren als u moedwillig de wet van de zwaartekracht zou negeren en van een dertig meter hoge rots zou springen? De val zou u beslist het leven kosten of u anders ernstig verwonden. Het gevolg: geen vrijheid maar nog meer beperkingen. Wij kunnen natuurwetten niet ongestraft negeren. Door ons echter binnen de begrenzingen van deze wetten te bewegen, zullen wij er de voordelen van oogsten.

Wetten die grenzen stellen aan ons gedrag

Ongeveer driehonderd jaar geleden vatte de Engelse filosoof John Locke samen wat u wellicht ook ontdekt hebt over vrijheid en menselijke wetten. Hij schreef: „Waar geen wet is, is geen vrijheid. Want vrijheid betekent vrij zijn van beperking en geweld van de zijde van anderen, hetgeen zonder wet niet mogelijk is; en ze betekent niet, zoals ons verteld wordt, ’dat ieder mens vrij is om te doen wat hij wil’. Want wie zou vrij kunnen zijn wanneer hij overheerst zou worden door de grillen van ieder ander?”

Hoe passend zijn deze woorden als ze worden toegepast op menselijke wetten die grenzen stellen aan schadelijk gedrag! Als de mens de noodzaak ziet om sociale gedragingen door middel van wetten te besturen, zou zijn Schepper die noodzaak dan niet eveneens hebben gezien? Dienen wij te denken dat God wel natuurwetten in het leven zou roepen maar de mensheid zonder wetten zou laten die haar gedrag dienen te leiden? Beslist niet. — Matthéüs 6:8.

De wetten die de Schepper voor de mensheid heeft ingesteld, zijn opgetekend en bewaard zodat wij kunnen weten hoe wij onze aangelegenheden op de beste wijze kunnen behartigen (2 Timótheüs 3:16, 17). Over de kwaliteit van deze wetten zegt de Petrus-Canisiusvertaling: „Jahweh’s wet is volmaakt: een verkwikking der ziel; Jahweh’s gebod betrouwbaar: een wijsheid voor eenvoudigen; Jahweh’s bevelen rechtvaardig: een vreugd voor het hart; Jahweh’s voorschrift onberispelijk: een licht voor de ogen.” — Psalm 19:8, 9 [7, 8, NW].

Wie een leven tracht te leiden zonder zich door welke juiste morele begrenzing maar ook te laten leiden, lijkt op een schip dat kompas en roer heeft verloren. Zowel de persoon als het schip zijn losgeslagen en moeten een veilige koers vinden of de rampzalige gevolgen ondergaan. Dit doet daarom een ernstige vraag rijzen. Kunnen wij onafhankelijk van God een veilige koers varen in ons leven?

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen