Inzicht in het nieuws
„Op een ochtend in 1914”
● „Op een ochtend in 1914 kwam er plotseling, onverwacht een eind aan alles”, verklaarde Harold Macmillan, ex-premier van Engeland, tijdens een toespraak voor de studenten van de Yale University. Hij zei dat de grote oorlog die in 1914 begon, het einde van „100 jaar van vrede en vooruitgang” kenmerkte en „het einde van een tijdperk” aangaf. Voordien scheen de wereld zich in een tijdperk van „automatische vooruitgang” te bevinden, waar „alles steeds beter zou worden”, aldus de 86-jarige staatsman. „Zo zag de wereld eruit toen ik geboren werd.”
Vervolgens merkte Macmillan op dat de Volkenbond „een poging was om in het nieuwe tijdperk iets van de stabiliteit terug te brengen die [vóór 1914] door de grote natiën was geschapen”. Maar de Volkenbond faalde, zo zei hij, omdat er niet langer ’enig besef van eenheid bestond zoals men dat in de voorafgaande 100 jaar van vrede had gekend’.
Zo voegt dus nog een gerespecteerde autoriteit zijn stem toe aan die van talrijke staatslieden en historici die in een terugblik de betekenis van het jaar 1914 erkenden. Toch konden tientallen jaren voordat het bewuste jaar aanbrak, toegewijde onderzoekers van de bijbelse profetieën het jaar 1914 reeds als een beslissend keerpunt identificeren (Bible Examiner, oktober 1876, blz. 27, 28). Deze bijbelse profetieën onthullen eveneens dat het „geslacht” dat getuige was van de gebeurtenissen die in 1914 begonnen, ook het „besluit van het samenstel van dingen” zou zien. — Matth. 24:3, 7-22, 32-35.
Evolueren „superbacteriën”?
● Hebt u weleens een infectie gehad die koppig weerstand bood aan de antibiotica die uw dokter ter behandeling had voorgeschreven? Deze onaangename ervaring doet zich soms voor omdat bepaalde gewone bacteriën klaarblijkelijk immuun worden voor geneesmiddelen die ze normaal gesproken zouden doden. Evolutionisten beweren soms dat mutaties verantwoordelijk zijn voor zulke „superbacteriën”. Zij verkondigen dat soortgelijke „nuttige” mutaties geresulteerd hebben in de evolutie van de mens.
Is het echter gebruikelijk dat gewone bacteriën in superbacteriën veranderen? Niet volgens de bioloog Richard P. Novak, die hierover in het tijdschrift Scientific American van december 1980 schreef. „Verscheidene jaren werd ten onrechte aangenomen dat chromosomenmutaties verantwoordelijk zijn voor klinische resistentie tegen antibiotica”, merkt hij op. Waarom? Omdat er in bacteriekweken in laboratoria soms mutanten verschijnen die antibiotica-resistent zijn. Maar hoe beïnvloedt dit de algemene gezondheid van de bacteriën? „De resistente mutanten zijn evolutionaire wrakken”, geeft Novak toe, „en onder natuurlijke omstandigheden sterven ze snel uit.”
In feite zijn de meeste antibiotica-resistente superbacteriën waar artsen op stuiten, volgens Dr. Novak geen mutaties. Zulke bacteriën ontlenen hun resistentie aan nietige organismen die „plasmiden” worden genoemd en die de bacteriën klaarblijkelijk immuun maken voor geneesmiddelen. De geleerden weten feitelijk niet waar de plasmiden vandaan komen, maar het is betekenisvol dat er wel eens lang niet zoveel „nuttige mutaties” zouden kunnen zijn als sommige evolutionisten denken.
„Is de religie te ver gegaan?”
● In een recente radiouitzending sprak nieuwsredacteur Jim Branch van het radiostation WRFM over het onderwerp: „Is de religie te ver gegaan?” Branch wees op de verregaande betrokkenheid van de religie bij de afgelopen Amerikaanse presidentsverkiezingen met de woorden: „Zij willen werkelijk terugkeren tot de goede oude tijd toen kerk en staat niet gescheiden waren en de religie het zowel op plaatselijk als op hoger niveau voor het zeggen had.”
Branch zegt dat de kerken hun politieke inmenging schijnen te rechtvaardigen „op basis van ’God is overal’, maar op een dag kunnen zij wel eens voor een rechter komen te staan die zegt: ’O nee, dat is niet zo . . . niet van een wettelijk standpunt uit bezien.’ En dan zal de rechter God en religie en haar grenzen afbakenen, en zal de religie dus bemerken dat de bordjes zijn verhangen. Na de seculaire wereld zoveel jaren gezegd te hebben wat ze moet doen, zal de seculaire wereld de religie vertellen wat ze moet doen”.
In een aanschouwelijke voorstelling van een catastrofale verandering in de status van de kerken, citeert de christelijke apostel Johannes de valse religie of „Babylon de Grote” als volgt: „Ik zit als koningin, en ik ben geen weduwe, en ik zal nooit rouw zien.” De profetie vervolgt: „Daarom zullen op één dag haar plagen komen, dood en rouw en hongersnood, en ze zal geheel verband worden met vuur.” — Openb. 18:7, 8.