De ware religie — Hoe deze te identificeren
„[Wordt] vervuld . . . met de nauwkeurige kennis van zijn wil . . . ten einde hem volledig te behagen.” — Kol. 1:9, 10.
1-4. (a) Hoe denken veel mensen over het beoordelen van religieuze kwesties? (Hand. 18:12-17) (b) Waarom zou u of zouden anderen zo kunnen denken?
ALS twee personen met elkaar zouden redetwisten over de vraag wat de ware religie is en u zouden vragen er als ’rechter’ bij aanwezig te zijn om vast te stellen wie gelijk heeft, zou u dit dan graag doen?
2 Weinig onderwerpen zijn zo controversieel als religie. De geschiedenis verschaft een opmerkenswaardig voorbeeld waarbij een van de vroege leiders van het christendom, de apostel Paulus, betrokken was. Nadat er als gevolg van afwijkende religieuze meningen bijna een oproer was ontstaan, werd Paulus gearresteerd. Zijn zaak werd door Festus, de bestuurder van de Romeinse provincie Judéa, behandeld. Paulus’ beschuldigers waren joodse religieuze leiders, met inbegrip van de hogepriester Ananías. Festus berichtte later aan koning Herodes Agrippa II wat er was voorgevallen:
3 „Toen de beschuldigers voortraden, brachten zij geen enkele beschuldiging in van de goddeloze dingen die ik betreffende hem [Paulus] had vermoed. Zij hadden slechts zekere geschillen met hem betreffende hun eigen aanbidding van de godheid.” — Hand. 25:18, 19.
4 Zoals u zult kunnen begrijpen, was bestuurder Festus er afkerig van bij een religieus dispuut betrokken te geraken. Veel mensen zijn van mening dat het onverstandig is hetzij te beweren dat men de ware religie heeft of te trachten vast te stellen of een bepaalde religie waar is. U zult ongetwijfeld de schijnbaar verstandige en liberale mening gehoord hebben: ’Laat ieder geloven wat hij wil. In alle religies zit iets goeds.’
5. Waarom kan er worden gezegd dat iedereen bij de kwestie van religie betrokken is?
5 Toch zijn wij allen hier beslist bij betrokken — dit is geen onderwerp dat wij persoonlijk kunnen vermijden. Ondanks de toenemende nadruk op een wetenschappelijke kijk, en op atheïsme in de communistische wereld, vormt religie een onderdeel van onze innerlijke gesteldheid. In één encyclopedie wordt dit als volgt onder woorden gebracht:
„In de gehele mensenfamilie, zoals die door alle eeuwen heen en op elk deel van de aardbol heeft bestaan, komt geen enkele goed gestaafde uitzondering voor op het feit dat de mens, aangedreven door een innerlijke impuls en geleid door openbaring of traditie, iets aanbidt waarvan hij gelooft dat het met de eigenschappen van een superieur wezen is begiftigd.”
6, 7. Welke redenen heeft een ieder van ons om na te gaan wat de ware religie is?
6 In het boek Religion and Philosophy wordt over religie in het verre verleden gezegd: „De oorsprong van de wereld en ’s mensen plaats erin waren even raadselachtig als de dood. De verklaringen voor deze problemen variëren enorm, maar ze liggen nog altijd aan de hedendaagse religie ten grondslag. Hoewel de wetenschap de meeste verschijnselen van het heden kan uitleggen, zoeken mensen overal ter wereld nog altijd hoop buiten de enkele decennia van het individuele bestaan.”
7 Voor een antwoord op deze fundamentele vragen en voor hoop met betrekking tot de toekomst, zullen wij ons beslist niet op een waanvoorstelling of een mythe willen verlaten. Daarom hebben wij alle reden om deze kwestie van het identificeren van de ware religie aan een onderzoek te onderwerpen.
8. Welke gedachten kunnen er door iemands geest gaan wanneer hij over het universum nadenkt?
8 De atheïst gaat ervan uit dat er geen God is, terwijl de agnosticus zegt dat niemand hier werkelijk iets over weet — dat wij hier gewoon zijn. Voldoen deze meningen echter werkelijk of stemmen ze overeen met de feiten? Sommigen delen de zienswijze van de filosoof-geschiedschrijver Will Durant, die naar verluidt gezegd heeft:
„Ik voel de aandrijvende kracht van de schepper in alles wat leeft en ik veronderstel dat zelfs in het atoom, in alle exploderende elektronen ervan, iets overeenkomstigs bestaat. Een atoom is niet iets doods. Het is iets wat pulseert . . . met leven. Daarom kan ik mij het universum niet als een machine voorstellen. Een machine pulseert niet met leven. Ze staat volkomen stil tenzij iets wat met leven pulseert, ermee gaat werken.”
Veel mensen, zelfs sommige agnostici, hebben dergelijke gedachten aangegrepen ten einde te proberen antwoord te krijgen op vragen die met het leven verband houden en hebben geredeneerd dat deze hogere intelligentie, deze Schepper, logischerwijs de antwoorden of inlichtingen voor zijn schepping zou verschaffen, evenals wij mensen dit voor onze eigen kinderen doen.
NAAR DE WARE RELIGIE ZOEKEN
9. Waarom was de handelwijze van een bepaalde Perzische man, die de bijbel ging raadplegen, redelijk? (Job 35:9-11)
9 Degenen die oprecht naar waarheid zoeken, erkennen over het algemeen dat er een God moet zijn en dat wij redelijkerwijs kunnen aannemen dat hij zijn wil zou openbaren en antwoorden zou geven in verband met de vraag waarom wij hier zijn, wat het leven betekent en wat de toekomst voor ons inhoudt. Beschouw eens het geval van een Perzische man in West-Berlijn. Jaren geleden was zijn vader een invloedrijk politicus, maar na een politieke omwenteling ging hij met zijn gezin naar Rusland, waar de zoon studeerde en ingenieur werd. Na verloop van tijd ging de jonge man naar Oost-Berlijn en later vroeg hij asiel in West-Berlijn. Hij zet uiteen:
„Hoewel ik tot een Oosterse religie behoorde, was ik in religieus opzicht inactief. Toch had ik vanaf mijn kinderjaren in God geloofd, en ik dacht vaak na over het doel van het leven en hoe het komt dat er zoveel religies zijn. In de zomer van 1975 ontmoette ik twee bijbelonderzoekers en besprak verschillende dingen met hen. Uit hun verklaringen kon ik opmaken dat de bijbel door God is geïnspireerd. Zij bezochten mij thuis en wij raakten verwikkeld in gesprekken over de verschillen in religies. Zij lieten het boek Wat heeft de religie voor de mensheid gedaan?a bij mij achter. De verklaringen die hierin werden gedaan en die op de bijbel waren gebaseerd, veroorzaakten veranderingen in mijn gehele levenskijk. Wat ik leerde, en de veranderingen die ik als gevolg hiervan in mijn denk- en handelwijze aanbracht, hebben mij veel vreugde geschonken.”
Hoe redelijk was het van de zijde van deze ingenieur om aandacht aan de bijbel te schenken! De bijbel bevat de oudste en meest wijd en zijd verspreide heilige geschriften die in omloop zijn. Alleen in de bijbel wordt grondig aandacht geschonken aan vragen waarop wij een antwoord behoeven — Waarom zijn wij hier? Waarom sterven wij? Wat houdt de toekomst in?
10. Wat kan worden opgemerkt met betrekking tot de vraag of alle religies die de bijbel gebruiken, in wezen hetzelfde onderwijzen?
10 Als wij de bijbel ter sprake brengen, reageert u dan met te zeggen: ’Och, bijna alle mensen die de bijbel aanvaarden, geloven in wezen hetzelfde’? Velen denken hier zo over. Dit is echter beslist niet zo. Evenals in het geval van de ingenieur in West-Berlijn weten miljoenen oprechte, met verstand begiftigde mensen die deze uiterst belangrijke kwestie van ware aanbidding hebben onderzocht, dat er grote verschillen bestaan tussen de leringen en praktijken van de verschillende religies die beweren op de bijbel gebaseerd te zijn. En ronduit gezegd bestaan er ook grote verschillen tussen de meeste van deze religies en de bijbel zelf. Deze verschillen kunnen een drastische invloed uitoefenen op de wijze waarop u tegenover het leven en religie staat. Wanneer wij enkele belangrijke fundamentele punten beschouwen, analyseer dan eens uw eigen religie en geloofsovertuiging. Vraag uzelf af: ’Tracht ik persoonlijk de ware aanbidding te vinden?’ En als u zou bemerken dat uw geloofsovertuiging of de beoefening van uw geloof op enigerlei wijze verschilt van de ware religie, denk er dan eens ernstig over na wat u zult gaan doen.
11. Waarom dienen wij allen bereid te zijn te overwegen of het noodzakelijk is wijzigingen in onze geloofsovertuiging of ons gedrag aan te brengen?
11 De mogelijke noodzaak om onze geloofsovertuiging of ons gedrag te wijzigen, dient niemand die met de bijbel bekend is, te verbazen. Jezus Christus zei bijvoorbeeld betreffende sommige bijzonder religieuze personen in zijn tijd: „Hun eredienst heeft geen enkele waarde, want de wetten die zij voorschrijven, zijn louter menselijke wetten!” (Matth. 15:9, Het Nieuwe Testament in de omgangstaal). Ook is het niet louter een kwestie van leer. Jezus’ halfbroer Jakobus schreef: „Als [geloof] niet in praktijk wordt gebracht, is het een dood geloof” en „Als iemand denkt dat hij godsdienstig is, maar zijn tong niet in bedwang heeft, misleidt hij zichzelf. Zijn godsdienstigheid stelt niets voor.” — Jak. 2:26; 1:26, NTO.
EEN VERSLAG DAT DE SLEUTEL VOOR ONS ONDERZOEK VERSCHAFT
12, 13. Welke details waardoor iemand die de ware religie tracht te identificeren, geholpen kan worden, treffen wij in het verslag van Adam en Eva aan?
12 Bij een beschouwing van de kwestie van ware religie zullen veel mensen eerst denken aan wat Jezus heeft onderwezen en gedaan. Laten wij echter, voordat wij dat aan een onderzoek onderwerpen, enige aandacht schenken aan het eerste boek van de bijbel, Genesis. Mensen over de gehele aarde zijn bekend met wat hierin over Adam en Eva wordt gezegd. Hoe eenvoudig dat verslag ook mag lijken, toch verschaft het de sleutel voor ons onderzoek naar identificerende kenmerken van de ware religie.
13 Kort gezegd bericht Genesis dat God de mens rechtstreeks heeft geschapen, waarbij hij hem uit de elementen van de aarde vormde en er vervolgens toe overging „in zijn neusgaten de levensadem te blazen, en de mens werd een levende ziel” (Gen. 2:7). God bepaalde dat een van de bomen van de hof waarin Adam woonde, de kennis van goed en kwaad vertegenwoordigde, en gaf het bevel: „Van elke boom van de tuin moogt gij tot verzadiging eten. Maar wat de boom der kennis van goed en kwaad betreft, gij moogt daarvan niet eten, want op de dag dat gij daarvan eet, zult gij beslist sterven” (Gen. 2:16, 17). God gaf hiermee te kennen dat hij het recht had te bepalen wat goed en wat kwaad is. Adam werd niet aan zijn lot overgelaten, zodat hij door schade en schande te weten moest zien te komen wat goed en wat kwaad was of wat de juiste of de verkeerde religie was. De Schepper maakte ook een vrouw, Eva, en hij gaf haar als een blijvende metgezellin aan Adam. Wij lezen: „Daarom zal een man zijn vader en zijn moeder verlaten en hij moet zich hechten aan zijn vrouw en zij moeten één vlees worden” (Gen. 2:24). Welnu, in onze speurtocht om de ware religie te identificeren, kunnen wij veel van dit welbekende verslag leren.
14. Hoe zou u met iemand kunnen redeneren over wat in Genesis staat en wat de evolutietheorie leert?
14 In de eerste plaats zegt de bijbel duidelijk dat de mens rechtstreeks door God werd geschapen (Gen. 2:7). Er wordt niet in gezegd dat hij in de loop van miljoenen jaren uit de een of andere vorm van dierlijk leven evolueerde. Hoe weten wij dit? Omdat het verslag ondubbelzinnig zegt dat de dieren „naar hun soort” moesten voortbrengen (Gen. 1:21, 24). Het is waar dat er binnen de dierlijke soorten verscheidenheid mogelijk is, zoals de vele variëteiten en afmetingen in de familie der katachtigen. Gods wet schreef echter een grens voor, zodat de dieren niet van de ene soort in een andere dierlijke soort konden evolueren, en ook niet in mensen, de hoogste van de geschapen soorten op aarde. Bovendien zijn er ook nooit tussenliggende levensvormen gevonden. Aanvaardt uw religie het bijbelse verslag, of gaat ze mee met de populaire maar niet bewezen evolutietheorie?
15. Wat zegt Genesis over Adam en Eva’s leven en vooruitzichten? (Gen. 1:28)
15 Vervolgens kunnen wij opmerken dat Adam werd geschapen met het vooruitzicht op eindeloos leven hier op aarde. God zei dat als hij ongehoorzaam zou zijn, hij zou sterven. Het omgekeerde hiervan is duidelijk. Als hij God gehoorzaam zou zijn, zou hij niet sterven. Hij zou op aarde in leven blijven. Als wat? Als een menselijke ziel. Hebben wij niet gelezen: „De mens werd een levende ziel”? — Gen. 2:7.
16-18. Wanneer u met iemand over het identificeren van de ware religie redeneert, hoe zou u dan gebruik kunnen maken van wat Genesis over de menselijke ziel, de dood en de mogelijkheid van leven na de dood zegt?
16 Deze feiten zijn veelbetekenend, omdat zeer veel religies beweren dat in elk mens een onsterfelijke ziel huist. Dat was in het oude Egypte en Babylon een belangrijke leer, die ook nu nog altijd in veel religies wordt aangetroffen. Komt ze echter overeen met wat in Genesis over Adam wordt gezegd? Beslist niet. Adam had geen onsterfelijke ziel in zich — hij was een ziel. En wat zou er bij de dood gebeuren? Zou hij onsterfelijk leven als een geest ontvangen? Neen! God zei dat hij tot de aardbodem zou terugkeren, „want stof zijt gij en tot stof zult gij terugkeren” (Gen. 3:19). Adams dood zou de straf zijn op het overtreden van Gods wet, niet een stap in de richting van onsterfelijk leven elders.
17 Vraag uzelf eens af: ’Is dat wat mijn religie mij heeft geleerd?’ De bijbel leert nergens dat mensen een onsterfelijke ziel hebben die de dood van het lichaam overleeft. De bijbel geeft een betere hoop, namelijk dat God iemand als een ziel weer tot het leven kan terugbrengen door hem op te wekken ten einde hetzij op aarde of in het geestenrijk te leven. — Hand. 24:15; 1 Kor. 15:35-38.
18 Leert uw religie, gezien hetgeen wij in Genesis lezen, dat God zich had voorgenomen dat mensen eindeloos op aarde zouden leven? De meeste grote religies vestigen de aandacht op leven na de dood in de hemel, in nirwana of iets overeenkomstigs. Eén kenmerk van de ware religie is aanvaarding van de bijbelse leer dat de aarde ’s mensen tehuis is, waar mensen overeenkomstig Gods voornemen eeuwig zullen leven. — Jes. 45:18.
OOK HET GEDRAG ERBIJ BETROKKEN
19, 20. Hoe zou u gebruik kunnen maken van wat Genesis over de boom van kennis van goed en kwaad zegt om iemand te helpen de praktijken in zijn religie aan een onderzoek te onderwerpen? (Ex. 20:15; Joz. 7:20-25)
19 Wij dienen ook op te merken dat bij de ware religie, zoals deze in Genesis wordt geopenbaard, gedrag betrokken is, en niet slechts bepaalde leerstellingen of een bepaalde geloofsovertuiging.
20 Toen Adam en Eva Gods wet over de vruchten van die boom overtraden, vormde hun ongehoorzaamheid het belangrijkste aspect van de zonde. Maar hebt u er ooit bij stilgestaan dat zij terzelfder tijd iets namen wat hun niet toebehoorde? In zekere zin zou dit stelen genoemd kunnen worden. Wegens hun ongehoorzaamheid, hun zonde waartoe ook stelen behoorde, werden zij uit de hof van ware aanbidding verwijderd. Zoals u waarschijnlijk weet, spreken de meeste religies zich tegen stelen uit, niet waar? Maar wat doen zij in de praktijk met een onberouwvolle dief, of dit nu een winkeldief of -dievegge is of een witte-boordenmisdadiger die het publiek bedriegt of gelden van een bedrijf verduistert? Verwijderen zij hardnekkige dieven uit ’de kudde’, zoals God Adam uit de hof verwijderde? Sta hier eens bij stil.
21. Hoe is datgene wat Genesis hoofdstuk 2 over het huwelijk zegt, in strijd met wat in veel religies gewoon is? (Gen. 20:1-9)
21 Beschouw ook eens de kwestie van het huwelijk. Hoewel wij tot op dit punt van de bespreking alleen het verslag van Adam en Eva hebben beschouwd, kunnen wij ons met het oog op wat er gezegd wordt over het feit dat zij zich ’aan elkaar moesten hechten’, terecht afvragen: Hoe staat mijn religie ten opzichte van het huwelijk en echtscheiding? Wordt er van man en vrouw in het huwelijk verwacht dat zij zich ’aan elkaar hechten’, of is echtscheiding iets heel gewoons waar men gemakkelijk toe overgaat? God wordt beschreven als iemand die ’echtscheiding haat’ (Mal. 2:16). Is dat de overheersende zienswijze in de religies die u kent, misschien zelfs de religie waarvan u een lidmaat bent?
NOACHS ERVARING MET WARE RELIGIE
22, 23. Hoe zou u met anderen kunnen redeneren over wat Noach deed en over het bericht van de vloed, ten einde hen te helpen de ware religie te onderscheiden? (Ezech. 14:14; Hebr. 11:7)
22 Laten wij ons nu eens tot een ander bijbels verslag wenden ten einde erbij geholpen te worden de ware religie te identificeren. Hierbij is Noach betrokken, over wie wordt gezegd dat hij ’met de ware God wandelde’. In een tijd waarin „de slechtheid van de mens overvloedig was op de aarde en . . . elke neiging van de gedachten van zijn hart te allen tijde alleen maar slecht was”, hield Noach de ware religie niet voor zichzelf. Hij bezag religie niet als een persoonlijke zaak. Hij was „een prediker van rechtvaardigheid”. De bijbel vertelt ons dat God een wereldomvattende vloed teweegbracht om de goddelozen te vernietigen, maar dat hij Noach, zijn vrouw, zijn drie zoons en hun vrouwen in leven hield. — Gen. 6:5–8:2; 2 Petr. 2:5.
23 Sommigen zullen hierop reageren door te zeggen dat het verslag over Noach en de vloed slechts een fabel of een allegorie is. Hoe staat uw religie hier tegenover? Als u dit aan een van de leiders van uw religie zou vragen, zou hij dan zeggen dat het bijbelse verslag over Noach en de vloed interessant is maar niet letterlijk opgevat moet worden? Zo ja, dan zou dit veelbetekenend zijn, want hij zou daardoor te kennen geven het niet eens te zijn met Jezus Christus, de Stichter van het christendom. Jezus aanvaardde het bijbelse verslag over Noach en de wereldomvattende vloed als een historisch feit, en zijn apostelen eveneens. — Luk. 17:26, 27; 1 Petr. 3:20.
24-26. Welke geboden gaf God aan Noach, en waarom zijn ze opmerkenswaardig?
24 Toen Noach en zijn gezin volgens het verslag in Genesis hoofdstuk 9 te voorschijn kwamen uit de ark waarin zij de vloed hadden overleefd, gaf God enkele duidelijke geboden die ons helpen de ware religie in deze tijd te identificeren. Wij lezen:
„Al het zich bewegende gedierte dat leeft, mag u tot voedsel dienen. Zoals in het geval van de groene plantengroei, geef ik dit alles werkelijk aan u. Alleen vlees met zijn ziel — zijn bloed — moogt gij niet eten. En bovendien zal ik uw bloed van uw zielen terugeisen. . . . Al wie het bloed van een mens vergiet, diens bloed zal door de mens vergoten worden, want naar Gods beeld heeft hij de mens gemaakt.” — Gen. 9:3-6.
25 Hoewel God deze verklaring duizenden jaren geleden heeft gedaan, werd ze aan het begin van een nieuw hoofdstuk in de menselijke geschiedenis uitgevaardigd. Dit beklemtoont dat ze belangrijk is bij het vaststellen van wat de ware religie is. Noach is, door bemiddeling van zijn zonen, de voorvader van de gehele mensheid geworden. Wat God aan Noach gebood, is derhalve logischerwijs op alle mensen die thans op aarde leven, van toepassing.
26 Wat betekenden die geboden voor Noach en zijn gezin? In de eerste plaats mochten zij geen vlees eten waarin zich nog het bloed bevond. Het was verboden bloed te eten, wat het leven van een dier als ziel vertegenwoordigde. Ook werd tot Noach gezegd dat hij geen mensen mocht vermoorden. Hieruit volgt dat van de gehele mensheid, als nakomelingen van Noach, wordt verlangd dat zij een passend respect voor bloed en voor leven ten toon spreiden als zij Gods goedkeuring willen genieten.
27. Wanneer wij de ware religie trachten te identificeren, welk verdere onderzoek is dan aan de orde, en waarom moeten wij naar overeenstemming uitzien?
27 Hoewel wij tot dusver slechts twee vroege bijbelse verslagen hebben beschouwd, hebben wij enkele identificerende kenmerken van de ware religie kunnen isoleren. Aangezien wij allen een innerlijk verlangen tot aanbidding hebben, zal datgene wat wij tot op dit punt hebben onderzocht, beslist bijzonder nuttig voor ons zijn geweest. Wij kunnen echter verder geholpen worden de ware religie te identificeren door naar het begin van het christendom te gaan en enkele aspecten van de onderwijzingen van Jezus Christus en zijn apostelen te beschouwen. Bij deze beschouwing zal het ons opvallen hoe met betrekking tot de identificerende kenmerken van de ware religie de bijbel met latere bijbelgedeelten overeenkomt.
[Voetnoten]
a In 1954 in het Nederlands uitgegeven door Watchtower Bible and Tract Society.
[Illustratie op blz. 8]
De bijbel zegt duidelijk dat de mens door God werd geschapen en tot „een levende ziel” werd gemaakt — niet dat hij een onsterfelijke ziel heeft
[Illustratie op blz. 9]
Hoe staat uw religie tegenover huwelijk en echtscheiding? Wordt er van man en vrouw verlangd dat zij bij elkaar blijven, zoals de bijbel leert?
[Illustratie op blz. 10]
De bijbel geeft het verslag van Noach en de vloed als een historische werkelijkheid weer — hebt u dit ook zo geleerd?