Inzicht in het nieuws
„Punk rock”-muziek
● Een nieuw soort van muziek — „punk rock” — wordt onder jongelui in Engeland populair. Volgens het tijdschrift Parade „symboliseert het de grieven van een nieuwe generatie van ongedisciplineerde opstandelingen in de tienerleeftijd die in armoede zijn grootgebracht”. Naar men zegt, is het thema van deze muziek: „Laat niet over je lopen — en als mensen dit toch doen, vecht dan terug.” Het tijdschrift zegt ook: „Vrede en liefde hebben plaats gemaakt voor oorlog en haat.”
Naar verluidt dragen degenen die „punk rock” ten gehore brengen, en ook de fans ervan, oude kleren waarop zulke dingen als buskaartjes en labels gehecht zijn. De jongelui beschouwen dit als passende kleding.
Al mogen dit soort van muziek en dansen in sommige plaatsen dan aan populariteit winnen, christelijke ouders en jongelui moeten meer dan het tempo en de emotie-opwekkende aard van zulke muziek als „punk rock” in aanmerking nemen. Muziek en dansen waardoor de nadruk op „oorlog en haat” wordt gelegd, zijn niet geschikt voor personen die belijden volgelingen van Jezus Christus te zijn. De christelijke apostel Paulus schreef: „Een slaaf van de Heer behoeft . . . niet te strijden, maar moet vriendelijk zijn jegens allen” (2 Tim. 2:24). Hij schreef ook: „Streeft naar vrede met alle mensen.” — Hebr. 12:14.
Christenen mijden niet alleen een geest die niet met de Schrift strookt, maar zij letten ook op hun persoonlijke verschijning. Daarom schreef Paulus: „Ik [wens] dat de vrouwen zich in welverzorgde kleding sieren, met bescheidenheid en gezond verstand” (1 Tim. 2:9). En de maatstaf van een christen is vanzelfsprekend net zo hoog voor jongelui, of het nu jongens of meisjes zijn.
Sri Lanka’s katholieken en de bijbel
● In een recente brief aan The Ceylon Catholic Messenger klaagt de schrijver over het werk dat Jehovah’s Getuigen onder Sri Lanka’s katholieken verrichten. Hij merkt op dat een „groot aantal jonge meisjes en jongens van katholieke huize [zich] nu op de lijst van hun handlangers” bevinden. Hoe komt dit? De schrijver zegt dat de Getuigen „zich ervan bewust zijn dat katholieken lange tijd de bijbel niet hebben mogen lezen. Vandaar dat zij hen zonder veel tegenstand tot hun slachtoffer kunnen maken”.
Hij vervolgt met te opperen dat „de aanwezigheid van deze Getuigen feitelijk als een onaangename maar zegenrijke omstandigheid beschouwd zou moeten worden, omdat de geestelijken — als zij willen voorkomen dat nog meer katholieken afdwalen — het lezen van de bijbel in elk katholiek huisgezin moeten bevorderen”.
Deze redenatie geeft echter aanleiding tot enkele onderzoekende vragen. Waarom hebben Sri Lanka’s ’katholieken lange tijd de bijbel niet gelezen’? Hebben ware christenen niet altijd manieren gevonden om een exemplaar van Gods Woord te bemachtigen en te lezen, zelfs waar de bijbel verboden is? Waarom hebben de geestelijken er niet altijd voor gezorgd dat ’het lezen van de bijbel in elk katholiek huisgezin werd bevorderd’? Vormt de bestrijding van het bijbelstudiewerk van Jehovah’s Getuigen hier de enige reden voor?
Het succes van Jehovah’s Getuigen onder Sri Lanka’s katholieken is in werkelijkheid te danken aan het feit dat laatstgenoemden de waarheden uit de bijbel leren kennen. Het bevorderen van het lezen van de bijbel is beslist te prijzen, want hoe meer de bijbel wordt gelezen, in des te grotere mate zullen de lezers van de onschriftuurlijke overheersing door de geestelijkheid worden bevrijd.
De K.K.K. voegt een nieuw element toe
● De Ku Klux Klan is na de Amerikaanse burgeroorlog in de zuidelijke staten van de Verenigde Staten ontstaan ten einde een geheime oorlog tegen politici uit het Noorden en tegen bevrijde slaven te voeren. Na verloop van tijd verdween de Klan nagenoeg, maar na de Eerste Wereldoorlog werd ze gereorganiseerd. De leider was toen kolonel William J. Simmons, een predikant en voorstander van verenigingen tot onderling hulpbetoon. De Klan maakte er destijds aanspraak op toegewijd te zijn aan de ’bescherming van de vrouw en de suprematie van blanke protestanten’. Bij haar vijandschap jegens het zwarte ras voegde de nieuwe Klan een krachtig vooroordeel ten aanzien van katholieken, joden en buitenlanders.
Het wekt dan ook verbazing in een artikel van de hand van de katholieke hoogleraar John E. Fitzgerald krachtige bewijzen aan te treffen van een aanzienlijk katholiek lidmaatschap in de hedendaagse Klan. De bewering wordt geuit, zo schrijft hij, dat „bijna de helft van de leden in Louisiana rooms-katholiek is”. Waarom deze verandering? Hij veronderstelt dat zorgen met betrekking tot misdaad, gecombineerd met rassenvooroordeel, tot katholiek lidmaatschap hebben aangezet. Hij gaat echter dieper wanneer hij hieraan toevoegt dat deze situatie onder andere ook „toegeschreven moet worden aan het feit dat onze katholieke geestelijkheid in gebreke is gebleven het onderscheid duidelijk te maken tussen de ongevoelige en niets ontziende filosofie van de Klan en de barmhartige leringen van het christendom”. Elke oplossing, zo gelooft hij, moet „beginnen bij gewetensvolle mensen die vastbesloten zijn de oorspronkelijke uitdaging van het christendom als een levenswijze te volgen”.
Een goed begin zou zijn de geïnspireerde bijbelse verklaring te aanvaarden dat God „uit één mens elke natie van mensen [heeft] gemaakt om op de gehele oppervlakte der aarde te wonen”, en de geïnspireerde woorden van de apostel Petrus te beamen, die zei dat „God niet partijdig is, maar in elke natie is de mens die hem vreest en rechtvaardigheid werkt, aanvaardbaar voor hem”. — Hand. 17:26; 10:34, 35.