Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w77 1/9 blz. 532-535
  • Een bolwerk van waarheid op Okinawa

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Een bolwerk van waarheid op Okinawa
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1977
  • Onderkopjes
  • HET GOEDE NIEUWS VERBREIDT ZICH
  • ONDER EEN GASTVRIJE BEVOLKING
  • VOOROUDERAANBIDDING EN „JOETA”
  • EEN OVERVLOEDIGE OOGST BINNENGEHAALD
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1977
w77 1/9 blz. 532-535

Een bolwerk van waarheid op Okinawa

OKINAWA — een naam die herinneringen oproept aan een van de hevigste gevechten tijdens de Pacific-oorlog. De bittere oorlog die op 1 april 1945 begon, eindigde op 22 juni met de zelfmoord van de generaals en de overgebleven manschappen van het Japanse keizerlijke leger. Gezamenlijk hebben het Amerikaanse en het Japanse leger meer dan 70.000 man verloren, maar het totaal aantal doden en gewonden onder de burgerbevolking liep tot maar liefst 132.894 personen op! Toen de overlevenden wankelend uit loopgraven en schuilplaatsen tussen de familiegraven te voorschijn kwamen, ontdekten zij dat hun eiland zo goed als totaal vernield was. Het zag ernaar uit alsof de wereld hun niets meer te bieden had. Het duurde echter niet lang of sommigen begonnen over een groots vooruitzicht voor de toekomst te vernemen.

Tot de overlevenden behoorde ook Josjiko Higa, die tijdens de oorlog weduwe was geworden, te zamen met haar zoontje. Hun „schuilkelder” was het grote betonnen familiegraf geweest, dat in de vorm van een schildpad was gebouwd om de positie te symboliseren van een vrouw die een kind ter wereld brengt; dit houdt verband met de oosterse gedachte dat iedereen bij de dood ’naar de bron terugkeert’. Hier hadden lange uren in het gezelschap van de beenderen en de as van haar voorouders Josjiko ervan overtuigd dat de doden niets meer zijn dan wat zij schijnen te zijn — levenloos stof. Later ontmoette zij verscheidene Getuigen van Jehovah — Filippino’s die op Okinawa waren komen werken. Tot haar verbazing lieten deze Getuigen haar in de bijbel zien wat zij in het graf had waargenomen — dat de doden geen bewustzijn hebben en niet bestaan. Zij toonden haar ook aan de hand van de bijbel aan dat God door bemiddeling van zijn Zoon, Jezus Christus, een schitterende voorziening heeft getroffen om de doden onder zijn Koninkrijksheerschappij tot leven op te wekken. — Joh. 5:28, 29; 1 Kor. 15:22-24.

Josjiko sprak echter alleen maar Japans, een vreemde taal voor Filippino’s. Hoe konden zij dan de bijbel met haar bestuderen? Welnu, zij konden de boeken in de Japanse bijbel opzoeken, waarbij zij voor de volgorde hun Engelstalige bijbel raadpleegden, waarna zij het hoofdstuk en de versnummers opzochten. Hun studiemethode was dus, haar een aantal verwante schriftplaatsen over een bepaald onderwerp te laten opzoeken, of het nu ging om de toestand van de doden, Gods naam en eigenschappen, Christus’ tegenwoordigheid, het Koninkrijk of een ander onderwerp. Josjiko ging al gauw inzien dat ’het woord van God levend is en kracht uitoefent en scherper is dan enig tweesnijdend zwaard’ (Hebr. 4:12). Zij begon de kostbare bijbelse boodschap die zij leerde, aan anderen bekend te maken.

HET GOEDE NIEUWS VERBREIDT ZICH

Tot de eerste personen die gunstig op Josjiko’s ijverige prediking reageerden, behoorden leden van een protestantse kerk in Sjoeri, de oude hoofdstad van Okinawa. Een van hen, een bejaarde dame, Matsoe Ikehara genaamd, bracht een aantal andere bejaarde kerkgangers ertoe de zuivere bijbelse leer te aanvaarden. Te zamen met nog anderen, verlieten dezen al gauw de Kerk en werden zij actieve Getuigen die in navolging van Jezus Christus het goede nieuws van huis tot huis bekendmaakten. Vanaf 1953 hebben de bijkantooropziener en andere vertegenwoordigers van het bijkantoor van het Wachttorengenootschap in Japan, Okinawa geregeld bezocht. In 1955 werd in de hoofdstad, Naha, de eerste kringvergadering gehouden. Er waren nog geen twintig aanwezigen, die in een hotelkamer op tatami-matten zaten en met zeer veel waardering naar het programma luisterden dat twee bezoekers uit Japan hun boden. De meesten van hen gingen onmiddellijk in de volle-tijd „pionier”-dienst van Jehovah’s Getuigen. Het was een klein begin. Maar in 1975, slechts twintig jaar later, bedroeg het bezoekersaantal op de districtsvergadering van Jehovah’s Getuigen op Okinawa meer dan 1400 personen!

Tot die eerste volle-tijd Getuigen behoorde ook Matsoe Tanaka, die tot aan haar dood enkele jaren later getrouw als „pionierster” de Koninkrijksboodschap in Sjoeri heeft bekendgemaakt. Hoewel de bijeenkomsten van het groepje in Sjoeri vaak in huize Tanaka werden gehouden, schonk haar man geen aandacht aan de boodschap, totdat hij naar de bijbellezing luisterde die ter gelegenheid van de begrafenis van zijn vrouw werd gehouden. Diep onder de indruk van wat hij die dag hoorde, nam hij de van vele aantekeningen voorziene bijbel van zijn vrouw ter hand en begon hij de bijbel zelf te bestuderen. Thans, op drieënzeventigjarige leeftijd, is hij reeds veertien jaar een „pionier”-Getuige en een gewaardeerde ouderling in de christelijke gemeente.

Tot die eerste „pionier”-Getuigen in Sjoeri behoort ook Mitsoeko Tomojori, eveneens een weduwe. Terwijl zij haar dochter Masako grootbracht, werd zij een „speciale pionierster”, en gedurende de negentien jaar dat zij in deze dienst werkzaam is, heeft zij twintig personen geholpen tot de opdracht en doop te komen. Haar dochter vergezelt haar nu in dit werk. Josjiko Higa’s zoon „pionierde” ook toen hij opgroeide, en thans is hij een van de twee reizende opzieners die de eenentwintig gemeenten van Jehovah’s Getuigen op zes van de Rioekioe-eilanden bedienen. Ongeveer zestien van deze gemeenten bevinden zich op het hoofdeiland Okinawa.

ONDER EEN GASTVRIJE BEVOLKING

Hoe is het om op deze eilanden te wonen en dienst te verrichten? Met het oog op hun ligging tussen 24 en 29 graden noorderbreedte, zijn de winters op deze subtropische eilanden tamelijk zacht. De zomers daarentegen zijn lang, heet en drukkend, zodat veel vrouwelijke Getuigen een hoed dragen en zich met een paraplu tegen de zon beschermen. Aangezien de zonnestralen door de roestbruine aarde worden teruggekaatst, kan men echter toch nog een gebruind uiterlijk krijgen.

Tussen de maanden mei en november kan het gebied door tyfoons worden getroffen, waardoor de houten huizen bezwijken en aan de grillen van de harde winden en zoute regens zijn overgeleverd. In 1964 werden de voorbereidingswerkzaamheden voor een kringvergadering van Jehovah’s Getuigen door een tyfoon tenietgedaan Er was op de markten geen voedsel te krijgen — behalve pompoenen. Doordat dit voedsel voortdurend in de cafetaria werd verschaft, noemden sommige Getuigen deze kringvergadering humoristisch de „pompoenvergadering”.

De bewoners van Okinawa en de zustereilanden zijn gemakkelijk in de omgang, vriendelijk en gastvrij. Als een Getuige van huis tot huis gaat, zal de huisbewoner vaak een strooien mat voor de bezoeker uitspreiden, waarop hij kan gaan zitten, en dan zonder hem te onderbreken naar hem luisteren totdat hij klaar is met zijn bijbelse uiteenzetting. Zij zijn rustig van aard en nemen bereidwillig de lectuur en tijdschriften aan waarin Gods koninkrijk wordt uitgelegd. Overal wordt het officiële Japans gesproken, hoewel velen van de oudere mensen er de voorkeur aan geven de verschillende eilanddialecten te spreken. In 1972 werd Okinawa weer bij Japan ingelijfd, zodat het nu Japans zuidelijkste provincie is.

VOOROUDERAANBIDDING EN „JOETA”

De bewoners van deze eilanden hebben in de loop der eeuwen voorouderaanbidding beoefend, hoewel hun religie verschilt van het boeddhisme van Japan. Men komt er weinig religieuze tempels en heiligdommen tegen. Religieuze gewoonten en ceremoniën zijn er echter in overvloed. Het gezin en de voorouders ervan spelen een voorname rol in het leven. Als u aan een Okinawaan vraagt: „Gelooft u in God?” zal hij waarschijnlijk antwoorden: „Ik geloof alleen in mijn voorouders en vertrouw op hen.” In bijna elk huis kan het boeddhistische huisaltaar, of de boetsoedan, worden aangetroffen. In het altaar bevindt zich een raamwerk waarin de gedenktabletten, of ihai, zijn geklemd. Op vaste tijden worden er gebeden gezongen en wordt er voor de boetsoedan wierook en voedsel geofferd.

Als zich in het gezin een probleem of ziekte voordoet, is het de gewoonte de hulp van een geestenmedium, of joeta, in te roepen om de oorzaak te weten te komen. Dit bezoek wordt gewoonlijk afgelegd door de vrouwen, die de belangrijkste rol in de religieuze activiteiten van de eilanden spelen, waarna zij zich strikt houden aan het ritueel dat door de joeta is voorgeschreven. Dit gaat vaak met grote onkosten voor het gezin gepaard. Als sommigen de instructies van deze tovenaars niet nakomen, krijgen zij de waarschuwing dat een van de familieleden hier de verschrikkelijke gevolgen van zal ondervinden. Zoals u zich zult kunnen voorstellen, moeten degenen die de bijbelse waarheid aanvaarden, zich van veel bijgeloof en religieus ritueel losmaken.

Een bepaalde vrouw werd ruim dertig jaar lang als de godin van haar dorp beschouwd. De demonen toonden haar wat er zich in het naburige dorp afspeelde en zelfs toen zij op haar ziekbed lag, bleven zij hun invloed op haar uitoefenen. Na verloop van tijd kwam zij in contact met bijbelse leerstellingen; zij werd bevrijd van alle demoneninvloed en verricht nu vreugdevol dienst voor Jehovah.

In één gezin werd de jonge zoon het eerst door Jehovah’s Getuigen bereikt. Beide ouders werkten en waren zelden thuis, maar met deze jongen werd een geregelde studie begonnen. Hij wist dat zijn moeder een joeta bezocht en dat zij visioenen en dromen had, die zij als een inspiratie van God beschouwde. Door zijn bijbelstudie kwam de zoon echter te weten dat de joeta niet uit God maar uit de Duivel was. Hij vertelde zijn moeder eerbiedig dat het geestenmedium een dienstknecht van Satan was. De moeder was hier erg door van streek en het onmiddellijke resultaat was dat beide ouders om een bijbelstudie vroegen. Nu is het hele gezin van alle demonische invloed bevrijd en zijn allen vreugdevolle aanbidders van Jehovah. De moeder zegt dat zij werkelijk de betekenis heeft begrepen en ervaren van Jezus’ woorden in Johannes 8:32: „Gij zult de waarheid kennen en de waarheid zal u vrijmaken.”

Veel andere schoolgaande jongeren zijn blij het goede nieuws uit de bijbel te kennen, en zij tonen hun geloof door werken. Er wordt op school vaak druk op hen uitgeoefend om deel te nemen aan judo of kendo (schermkunst), maar in harmonie met beginselen die in de bijbel staan opgetekend, zoals in Jesaja 2:4, weigeren zij aan activiteiten mee te doen die in strijd zijn met hun door de bijbel geoefende geweten.

EEN OVERVLOEDIGE OOGST BINNENGEHAALD

In 1965 werd er in Naha, Okinawa, een bijkantoor van het Wachttorengenootschap geopend. Een getrouwe Hawaiiaanse zendeling, Sjinichi Tohara, werd met zijn vrouw en dochter van het sneeuwlandschap van Hokkaido, in Japan, naar het subtropische Okinawa overgeplaatst om daar de zorg voor het nieuwe bijkantoor op zich te nemen. Sindsdien is het aantal Koninkrijksbekendmakers op Okinawa van 217 tot bijna 900 toegenomen, terwijl twee van elke vijf van deze personen pas gedurende de afgelopen drie jaar tot een kennis van de bijbel zijn gekomen.

Gedurende de oorlog in Indochina werd Okinawa opnieuw een belangrijk steunpunt voor de Amerikaanse strijdkrachten. Er woonden duizenden Amerikanen met hun gezinnen op het eiland. Toen Karl en Evalyn Emerson, vroegere zendelingen in Korea, in 1968 hoorden dat de behoefte aan predikers onder de Engels-sprekende bevolking groot was, verhuisden zij met hun jonge zoon naar Okinawa. In dat zelfde jaar werd er een Engelse gemeente opgericht, met een bezoekersaantal op zondag van ongeveer dertig personen. Binnen korte tijd groeide het aantal dat met de gemeente verbonden was tot meer dan honderd personen. Maar plotseling, binnen één of twee maanden, vloog de helft van hen uit naar andere plaatsen in de wereld. Toen dit de eerste maal gebeurde, leek het alsof de gemeente zich nooit meer kon herstellen, maar heel snel groeide hun aantal weer aan. Men schat nu dat sinds de gemeente werd georganiseerd, meer dan 1000 personen met hun Koninkrijkszaal verbonden zijn geweest. Meer dan 250 van hen hebben de bijbelse leer aanvaard en zijn er hierdoor toe aangezet Jehovah in het getuigeniswerk van huis tot huis op Okinawa te dienen. De meesten hebben deze dienst bij hun terugkeer in de Verenigde Staten voortgezet, terwijl velen van hen nu ouderlingen en dienaren in de bediening in hun plaatselijke gemeenten zijn. Sinds 1972 leveren twee zendelingen hun bijdrage aan de voortreffelijke dienst die in de Engelse gemeente wordt verricht, maar voor nog andere „pionier-gezinde” Getuigen die misschien naar dit subtropische „paradijs” zouden willen verhuizen, is er een veld dat rijp is om geoogst te worden.

In 1974 werd er tijdens een bezoek van N. H. Knorr, de president van het Wachttorengenootschap, een schitterend, drie verdiepingen hoog bijkantoor ingewijd. Het bevindt zich tussen suikerrietvelden op een schilderachtige, rotsachtige kust en is centraal gelegen om de gemeenten op het eiland Okinawa en op alle andere Rioekioe-eilanden goed te kunnen verzorgen.

Jezus’ gebod om ’dit goede nieuws van het koninkrijk te prediken’, wordt beslist op deze eilanden ten uitvoer gebracht. Personen met een oprecht hart reageren er gunstig op. Hoewel Okinawa nog steeds een militair bolwerk is, is het ook een bolwerk geworden voor bijbelse waarheid en voor het bekendmaken van Jehovah’s koninkrijk. Zeer terecht schreef de psalmist in Psalm 97:1: „Jehovah zelf is koning geworden! Laat de aarde blij zijn. Laten de vele eilanden zich verheugen.”

[Kaarten op blz. 533]

(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)

OKINAWA

Sjoeri

Naha

[Kaart]

RIOEKIOE-EILANDEN

AMAMI O SJIMA

Oostchinese Zee

MIJAKO

JAEJAMA

TAIWAN

JAPAN

KIOESJOE

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen