Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w77 15/2 blz. 101-103
  • Vreugde in Ivoorkust als resultaat van het overwinnen van moeilijkheden

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Vreugde in Ivoorkust als resultaat van het overwinnen van moeilijkheden
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1977
  • Onderkopjes
  • EEN REINE ORGANISATIE
  • DE VALSE RELIGIE VERLATEN
  • FETISJPRAKTIJKEN
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1977
w77 15/2 blz. 101-103

Vreugde in Ivoorkust als resultaat van het overwinnen van moeilijkheden

IVOORKUST was eens, zoals door de naam te kennen wordt gegeven, het domein van de olifant, maar deze grote schepselen komt men hier nog maar zelden tegen. Dit land beantwoordt volledig aan de verwachting die de meeste mensen van de tropen hebben. Het klimaat langs de kust is warm en vochtig, en ten noorden hiervan strekt zich een tropisch regenwoudgebied uit dat uiteindelijk overgaat in savannen. Industrieën die op de export van hout en koffie zijn gebaseerd, dragen ertoe bij Ivoorkust tot een ontwikkelingsland te maken. De officiële taal is Frans, aangezien het land vroeger een Franse kolonie was, maar de bevolking is samengesteld uit een veeltalige verzameling stammen die zeventig inheemse talen behorend tot vijf belangrijke taalgroepen spreken.

Toen Jehovah’s Getuigen er in dit land mee begonnen het Koninkrijk te prediken en discipelen te maken, hadden zij met veel moeilijkheden te kampen, en vele jaren achtereen hebben zij het zonder officiële regeringserkenning moeten stellen. Onder leiding van het bijkantoor van het Wachttorengenootschap in Ghana en met Jehovah’s zegen zijn de moeilijkheden geleidelijk aan overwonnen. Toch heeft men Jehovah’s Getuigen vanaf het eerste bericht van de predikingsactiviteit in 1950 tot en met 1967 voortdurend lastig gevallen.

In 1952 werd een zendeling gearresteerd die de zestiende klas van de Wachttoren-Bijbelschool Gilead had bezocht, waarna er huiszoeking bij hem werd gedaan en zijn gehele voorraad lectuur in beslag werd genomen. Hoewel de dienstdoende politieagent de zaak persoonlijk betreurde, werden de Getuigen in Grand Bassam, waar het Hooggerechtshof destijds zetelde, voorgebracht, alwaar hun het bezit van illegale lectuur ten laste werd gelegd. Zij werden veroordeeld en beboet, maar het grote verlies was de bijbelse lectuur. Tot grote vreugde van de Getuigen vonden zij de in beslag genomen publikaties enkele maanden later echter bij enkele tweedehands boekenstalletjes op de markt. Zij hebben ze prompt allemaal teruggekocht.

Hoewel dit niet strookte met de algemene gevoelens van de Ivoorse bevolking, werd het Wachttorengenootschap van 1965 tot 1967 van regeringswege aan een officiële verbodsbepaling onderworpen. De kleine groep Getuigen, die bij de oplegging van de verbodsbepaling net iets meer dan honderd in aantal waren, doorstond getrouw tegenwerking en gevangenzetting en ondervond de vreugde te zien dat hun aantal tegen de tijd dat de verbodsbepaling werd opgeheven, tot 220 was uitgegroeid. In 1971 was dit getal opnieuw ruim verdubbeld en in september van dat jaar ervoeren de Getuigen in Ivoorkust de vreugde dat er in hun land een bijkantoor van het Wachttorengenootschap werd opgericht.

EEN REINE ORGANISATIE

De moeilijkheden die Jehovah’s Getuigen in Ivoorkust ondervonden, waren niet slechts van externe aard. Het huidige samenstel van dingen wordt door een losse moraal gekenmerkt, en ook Ivoorkust is hiervan niet verschoond gebleven. Ten einde te voldoen aan de maatstaven die door het zuivere christendom worden gesteld en voor de doop in aanmerking te komen, hebben velen van de plaatselijke bevolking grote veranderingen in hun leven aangebracht ten einde moreel rein te zijn. Vaak hebben zij dit ondanks bittere tegenstand van de zijde van hun familie moeten doen.

In het algemeen aanvaarden slechts weinig mensen in Ivoorkust de maatstaf van een wettelijk huwelijk met één huwelijkspartner. Polygamie overheerst en echtelijke ontrouw komt algemeen voor. De mannen zijn vaak bang dat een wettelijk huwelijk moeilijkheden zou kunnen brengen, aangezien de wettelijke echtgenote haar zekere positie zou kunnen uitbuiten en opstandig zou kunnen worden. Vandaar dat veel paren zonder een wettelijk huwelijk samenleven en daarna slechts trouwen als de vrouw heeft bewezen dat zij kinderen kan voortbrengen. Jehovah’s Getuigen overwinnen deze moeilijkheden door bijbelse beginselen te gehoorzamen, en het resultaat is de vreugdevolle gelegenheid van een huwelijksceremonie onder leiding van de burgemeester van de stad. Deze functionarissen uiten er vaak hun verbazing over zoveel glimlachende gezichten te zien, aangezien grote aantallen Getuigen van Jehovah bijeenkomen om in de vreugde te delen van het gelukkige paar dat een wettelijk huwelijk aangaat.

Het is niet altijd gemakkelijk een wettelijk huwelijk aan te gaan. Er zijn veel officiële papieren voor nodig, met inbegrip van een uittreksel uit het geboortenregister. Vaak is het moeilijk in het bezit hiervan te komen, aangezien de desbetreffende personen misschien in een verafgelegen dorp zijn geboren waar geen officiële geboortebewijzen werden bijgehouden.

Eén pasgeïnteresseerde persoon had vijf jaar met een vrouw samengeleefd, bij wie hij vier kinderen had, toen hij met Jehovah’s Getuigen in aanraking kwam. Door zijn bijbelstudie met de Getuigen zag hij de noodzaak van een wettelijk huwelijk in. Hij ontdekte toen dat de officiële gegevens onjuist waren en aangaven dat de vrouw nu slechts vijftien jaar oud was, drie jaar onder de wettelijke leeftijd voor een huwelijk. Twee en een half jaar lang deed hij er veel moeite voor nauwkeurige documenten te verkrijgen. Hij ondervond hierbij hevige tegenstand van de zijde van de ouders van de vrouw, die een hoge bruidsprijs eisten, hoewel deze gewoonte in Ivoorkust onwettig is verklaard. Ten slotte kon hij een wettelijk huwelijk aangaan en zowel hij als zijn vrouw smaken nu de vreugde Jehovah als opgedragen en gedoopte dienstknechten te dienen en een zuiver leven te leiden.

DE VALSE RELIGIE VERLATEN

Velen zijn er vol vreugde in geslaagd moeilijkheden te overwinnen om zich los te maken van „Babylon de Grote”, het wereldrijk van valse religie (Openb. 17:5, 15). Een zendeling vertelt hoe het verlangen om het goede nieuws te prediken een geïnteresseerde man met wie hij Gods Woord studeerde, ertoe aanzette binnen drie dagen nadat zij de kwestie van het huwelijk hadden besproken, papieren voor een wettelijk huwelijk in te dienen. Hoewel hij katholiek was, had zijn kerk nooit van hem verlangd het huwelijk op deze wijze te eren. Hij zag nu in dat het noodzakelijk was zijn banden met de Katholieke Kerk te verbreken en besloot hier geen al te grote moeilijkheid van te maken. Vreugdevol schreef hij een brief waarin hij zijn lidmaatschap opzegde en gaf deze persoonlijk aan de priester af. Nadat deze man en zijn vrouw wettelijk gehuwd waren en geen banden meer onderhielden met „Babylon de Grote”, maakten zij een reis van 370 kilometer om een kringvergadering van Jehovah’s Getuigen bij te wonen. Binnen twee maanden genoot dit echtpaar de vreugde er een aandeel aan te hebben Gods koninkrijk van huis tot huis bekend te maken.

Er zijn heel wat mensen die net als zij „Babylon de Grote” verlaten hebben. De kerken hebben veel invloed verloren doordat de mensen inzien welke moeilijkheden er door hun op geld gerichte pogingen worden uitgelokt. Eén nieuwe Getuige vertelt dat toen zijn zoon enkele jaren geleden was gestorven, de priester tijdens de begrafenisdienst aan het graf luid vroeg: „Waar is de vader van de jongen?” De diepbedroefde vader ging verdrietig naar de priester toe, waarna de priester, tot verbazing van velen, om de contante betaling van 1000 franken (ƒ 13,–) vroeg voor het gebed dat zojuist was uitgesproken. Ontzet en overstuur gaf de vader hem het geld. Enkele vrienden van hem dreven de spot met hem dat hij geloof bleef stellen in een religie die op zulk een duidelijke wijze voordeel trok van haar leden. Toen Jehovah’s Getuigen later met hem in aanraking kwamen, had hij er werkelijk waardering voor dat zij vasthielden aan het beginsel: ’Gij hebt om niet ontvangen, geeft om niet.’ Zonder te aarzelen gaf hij hun zijn adres, en de bijbelstudie die hieruit voortvloeide leidde er al snel toe dat hij alle banden met „Babylon de Grote” verbrak. Hij neemt er nu vreugdevol aan deel het goede nieuws van het Koninkrijk bekend te maken.

FETISJPRAKTIJKEN

Een grote moeilijkheid die in Ivoorkust overwonnen moet worden, is de invloed van het animisme, als gevolg waarvan 65 percent van de bevolking in de greep van angst verkeert. Deze mensen geloven dat alle aspecten van het leven door de „geesten” van hun dode voorouders worden beïnvloed. Zelfs zeer ontwikkelde mensen brengen nog altijd offers aan deze voorouders. Bij veel kruispunten van wegen ziet men op de grond een kleine aardewerken schaal of een kalebas staan waarin zich twee of drie eieren en enkele colanoten bevinden als een offerande voor de geesten. Ondanks de vele ziekten die door microben en amoeben worden veroorzaakt, welke in tropische landen zo algemeen voorkomen, schrijven mensen ziekte en dood zelden aan natuurlijke oorzaken toe. Vandaar dat zij hun toevlucht nemen tot de toverdokter of fetisjpriester en tot amuletten om zich tegen de geesten te beschermen. Degenen die Jehovah willen dienen, hebben moeten leren geen vrees voor de macht van demonen te hebben.

Een man en zijn vrouw die met Jehovah’s Getuigen de bijbel begonnen te bestuderen, hadden veel problemen, die een ongeregelde studie tot gevolg hadden. Toen stemde de man erin toe al zijn fetisjvoorwerpen te verbranden. Twee dagen later kwam er een dringende boodschap uit het dorp waar hij vandaan kwam. De toverdokter aldaar had in de „heilige kalebas” gekeken en had de „zielen” van allen in het dorp gezien behalve die van de geïnteresseerde man. De fetisjpriester zei: „Deze man behoort niet langer bij ons. Zijn ziel heeft ons verlaten, en daarom is hij zwak en niet langer tegen welke fetisj maar ook beschermd.” De geïnteresseerde man kon het dorp echter meedelen dat dit het beste nieuws was dat hij kon ontvangen, omdat hij nu een veel grotere bescherming genoot, die van Jehovah, de ware God. Hoewel hij veel gezinsproblemen moest overwinnen, werden er goede vorderingen gemaakt, zodat hij en zijn vrouw op het internationale „Vrede op aarde”-congres van Jehovah’s Getuigen in Abidjan gedoopt konden worden.

Ondanks de vele moeilijkheden in Ivoorkust, stromen mensen dus in groten getale naar Jehovah’s organisatie. Bijna de helft van de Getuigen in het land is in slechts de afgelopen twee jaar gedoopt. In oktober 1975 deelden 1113 personen in de vreugde van Gods geestelijke paradijs, dat zich snel in het gehele land uitbreidt. In maart 1976 had een nieuw hoogtepunt van 1148 Getuigen een vreugdevol aandeel aan de prediking van „dit goede nieuws van het koninkrijk” (Matth. 24:14). In januari werd er voor de dertien gemeenten die zich in de hoofdstad Abidjan bevinden, een kringvergadering gehouden waarop 1508 personen de openbare lezing bijwoonden en 68 personen werden gedoopt. Er zijn beslist veel mensen die vreugdevol moeilijkheden overwinnen om Jehovah God te dienen. In het binnenland openen moedige zendelingen en speciale pioniers nog meer steden en dorpen. Steeds meer mensen uiten er hun vreugde over dat zij moeilijkheden overwinnen om Jehovah te dienen, en deze mensen zien er ook naar uit om zich na de „grote verdrukking” in een letterlijk paradijs te verheugen, waarin de olifant, met zijn schitterende slagtanden van ivoor, opnieuw onbelemmerd kan ronddolen. — Openb. 7:14-17.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen