Inzicht in het nieuws
Hoe staat het met de toekomst?
● „Onzekerheid met betrekking tot de komende kwart eeuw” is de titel van een boodschap die onlangs werd gepubliceerd door twintig experts op het gebied van verschillende terreinen, die onder auspiciën van de Charles F. Ketteringstichting en de Wright-Ingrahamstichting bijeenkwamen. Zij concludeerden: „Hongersnood, maatschappelijke onrust en een eventuele politieke chaos zijn misschien niet ver meer van ons verwijderd. . . . Tegen het jaar 2000 zullen de problemen op het gebied van de produktie, het opslaan, het vervoer en de verdeling van voedsel van dien aard zijn dat de huidige problemen hierbij vergeleken kinderspel zullen lijken.”
Mensen zelf kunnen zulke problemen nooit oplossen, want „het staat niet aan een man die wandelt, zelfs maar zijn schrede te richten” (Jer. 10:23). Alleen God zal een eind maken aan maatschappelijke onrust, terwijl hij voor voldoende voedsel zal zorgen en ’s mensen andere moeilijkheden zal oplossen. Jehovah zal binnenkort „voor alle volken een feestmaal aanrechten” en godvruchtige personen overvloedig zegenen (Jes. 25:6-8; Openb. 21:4). Met die aangename vooruitzichten voor ogen volgen dankbare personen wijselijk een handelwijze waarin zij zich afhankelijk van de Schepper betonen, evenals David dit deed, die tot God bad: „Laten mijn schreden vasthouden aan uw sporen, waarin mijn voetstappen stellig niet aan het wankelen gebracht zullen worden.” — Ps. 17:5.
Droom van eeuwig leven
● „De droom van eeuwig leven is waarschijnlijk zo oud als de mensheid zelf”, schreef Dr. Viktor Tobiasch in Ausblick, een Westduits tijdschrift. Hij maakte melding van verschillende pogingen om de menselijke levensduur te verlengen, zoals bijvoorbeeld het gebruik van orgaanextracten en zelfs ’bevriezing’ van het lichaam in vloeibare stikstof, opdat het „tot een nieuw leven” ontdooid kan worden.
Prof. Tobiasch zei ook dat de gemiddelde levensverwachting in zeer ontwikkelde landen omstreeks 1955 tot ongeveer zeventig jaar was gestegen. Hij legde echter uit dat dit te danken was aan de grotere levensverwachting voor pasgeborenen en kleine kinderen. De gemiddelde levensduur van volwassenen is niet toegenomen.
Deze commentaren onderstrepen twee punten die in de bijbel worden vermeld. In de eerste plaats zijn „de dagen van onze jaren . . . op zichzelf genomen zeventig jaren, en indien wegens bijzondere kracht, tachtig jaren” (Ps. 90:10). In de tweede plaats hoeft het geen verbazing te wekken dat de mensheid over eeuwig leven droomt, want „zelfs onbepaalde tijd heeft hij [Jehovah God] in hun hart gelegd” (Pred. 3:11). Van alle aardse schepselen hebben alleen mensen een door God geschonken opvatting van onbepaalde tijd of eeuwigheid, zowel met betrekking tot het verleden als de toekomst. Bovendien is eeuwig leven Jehovah’s voornemen voor degenen die hem liefhebben.