Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w76 1/4 blz. 223-224
  • Vragen van lezers

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Vragen van lezers
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1976
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1976
w76 1/4 blz. 223-224

Vragen van lezers

● Betekent Matthéüs 27:52, 53 dat sommige personen ten tijde van Jezus’ dood uit het graf werden opgewekt?

Veel bijbelcommentators zijn van mening dat dit de betekenis is van deze verzen. Toch geven geleerden toe dat de betekenis en juiste vertaling van dit schriftgedeelte ongewoon moeilijk is. In werkelijkheid zijn er redenen te geloven dat in deze verzen te kennen wordt gegeven dat door de aardbeving die zich ten tijde van Jezus’ dood voordeed, graven in de buurt van Jeruzalem werden opengebroken, waardoor dode lichamen voor voorbijgangers zichtbaar werden.

In Matthéüs 27:52, 53 staat: „De graven gingen open, en vele lichamen van ontslapen heiligen verrezen; ze verlieten de graven, kwamen na zijn opstanding in de heilige stad, en verschenen aan velen.” — Petrus-Canisiusvertaling.

Indien er echter een opstanding plaatsvond toen Jezus stierf, zoals door deze en andere vertalingen wordt gesuggereerd, zouden de uit de doden opgewekte personen dan met het verlaten van de graven hebben gewacht totdat Jezus zelf, op de derde dag hierna, uit de doden was opgewekt? Waarom zou God zulke „heiligen” eigenlijk op dit tijdstip opwekken, aangezien Jezus „de eerstgeborene uit de doden” zou zijn? (Kol. 1:18; 1 Kor. 15:20) Hier komt nog bij dat de gezalfde christenen of „heiligen” pas gedurende Christus’ toekomstige tegenwoordigheid in de eerste opstanding zouden delen. — 1 Thess. 3:13; 4:14-17; Openb. 20:5, 6.

Merk op dat het verslag, strikt gesproken, niet zegt dat de „lichamen” tot leven kwamen. Er wordt eenvoudig gezegd dat ze als gevolg van de aardbeving verrezen of uit de graven werden geworpen. In 1962 gebeurde iets overeenkomstigs in de stad Sonson in Colombia. El Tiempo (31 juli 1962) berichtte: „Als gevolg van de hevige aardbeving werden tweehonderd lichamen die op het kerkhof van deze stad begraven lagen, uit hun graftomben geworpen.” Voorbijgangers of mensen die over die begraafplaats liepen, zagen de lichamen, en als gevolg hiervan moesten veel inwoners van Sonson naar het kerkhof gaan om hun dode familieleden opnieuw te begraven.

Zonder de Griekse grammatica geweld aan te doen, kan een vertaler Matthéüs 27:52, 53 op een dusdanige wijze vertalen dat hierdoor te kennen wordt gegeven dat ten gevolge van de aardbeving die zich ten tijde van Jezus’ dood voordeed, op overeenkomstige wijze dode lichamen te voorschijn kwamen. In de vertaling door Johannes Greber (1937) worden deze verzen dan ook als volgt weergegeven: „Graven werden opengelegd, en vele lichamen van hen die waren begraven, werden overeind geworpen. In deze houding staken zij uit de graven en werden door velen die op hun terugweg naar de stad voorbij de plaats kwamen, gezien.” — Vergelijk de Nieuwe-Wereldvertaling.

Behalve het scheuren van het tempelgordijn dat het Heilige van het Allerheiligste scheidde, diende deze hevige aardbeving, waardoor lichamen te voorschijn waren gekomen welke al gauw gezien werden door reizigers die het nieuws in Jeruzalem bekend maakten, als een extra bewijs dat Jezus niet zo maar een misdadiger was die wegens kwaaddoen werd terechtgesteld. Hij was de Messías en degene die weldra als de eerstgeborene uit de doden, met de bestemming van hemels leven, zou worden opgewekt.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen