Is eenheid mogelijk onder alle etnische groepen?
IS ER een basis waarop mensen in werkelijke, uit het hart komende liefde en eenheid met elkaar kunnen omgaan? Is het mogelijk, vooral als zij tot een verschillend ras behoren of een verschillende nationaliteit, taal en sociale achtergrond bezitten?
Tegen het eind van 1970, toen een groep van 236 personen uit de Verenigde Staten en Canada een bezoek bracht aan Afrika, hadden zij de gelegenheid uit de eerste hand over deze kwestie te worden ingelicht. Waar zou een grotere verscheidenheid van etnische groepen gevonden kunnen worden? En waar op aarde wordt de vraag naar vrijheid sterker tot uitdrukking gebracht dan in dit werelddeel, dat als een reus aan het ontwaken is ten aanzien van zijn voorrechten en plaats in de wereld?
De reizigers kozen december voor hun reis, omdat Jehovah’s getuigen in Afrika gedurende deze maand hun „Mensen van goede wil”-congressen hielden. Op deze grote vergaderingen zouden duizenden Afrikanen van vele stammen en met verschillende achtergronden bijeenkomen. De reizigers waren zelf ook getuigen van Jehovah. Zij wisten dat de bijbel zegt dat ’God uit één mens elke natie van mensen heeft gemaakt’. En tijdens de eerste vergaderingen van de congresserie, die de voorgaande zomer in Noord-Amerika waren gehouden, hadden zij eenheid en samenwerking ten toon gespreid gezien. Zou dit in alle landen mogelijk zijn? Zouden deze Noordamerikaanse bezoekers trouwens als „broeders” worden ontvangen en zouden zij zich, op hun beurt, als broeders van de Afrikaanse afgevaardigden voelen?
DAKAR, SENEGAL
Ten einde alle tien de congressen te bezoeken, namen de reizigers verschillende routes, zodat sommigen de ene en sommigen de andere vergadering bezochten. Dakar, in Senegal, gelegen op de uiterste westpunt van Afrika’s grote uitstulping in de Atlantische Oceaan, kwam het eerst aan de beurt.
Toen de toeristen in Dakar aankwamen, werden zij ’s morgens vroeg om 7.30 uur hartelijk begroet door een grote delegatie plaatselijke Getuigen, die hen door de douane heen hielpen en vlot hun bagage op wachtende bussen laadden. Sommigen werden dichtbij het belangrijkste hotel in typische, kegelvormige hutten naar Senegalese trant ondergebracht om echt het gevoel van een bezoek aan Afrika te krijgen.
Het vier dagen durende congres, dat op 1 december begon, werd gehouden in La Maison des Jeunes, ofte wel het jeugdgebouw. Hoewel het gebouw er van buiten zeer aantrekkelijk uitzag, was het van binnen in een staat van verval geraakt. De Senegalese Getuigen waren echter van tevoren met emmers water en zeep aan het werk getogen. Zonder enige kosten voor de zaaleigenaar, gebruikten zij bijna vierhonderd liter verf, vervingen gloeilampen, repareerden en vervingen deuren, ontstopten rioleringen en legden waterleidingen aan. Na 1200 manuren hard werken, was alles gereed, met inbegrip van een prachtig podium met een achterdoek waarop een landschap was geschilderd. De bezoekers uit het Westen hadden beslist nooit een schonere of gerieflijker vergaderplaats gehad.
In dit land van ongeveer vier miljoen mensen, van wie 80 percent islamitisch is, verrichten 178 getuigen van Jehovah hun predikingsactiviteit. Het congres was niet aangekondigd en had het karakter van een besloten vergadering. Het hoogste bezoekersaantal was 325. Zowel de president van de Watch Tower Bible and Tract Society, N. H. Knorr, als de vice-president, F. W. Franz, hadden verscheidene aandelen aan het programma, waarbij zij via tolken spraken.
OPMERKINGEN VAN DE ZAALDIRECTEUR
Wat merkten de afgevaardigden van het Amerikaanse continent hier op met betrekking tot de kwestie van eenheid onder mensen van verschillende rassen en talen? Misschien wordt het weergegeven door de opmerkingen die de directeur van La Maison des Jeunes maakte. Commentaar gevend op de samenwerking en orde die ten toon werden gespreid, vroeg hij: „Zegt u mij alstublieft eens hoe u dit doet?” Toen hem werd uitgelegd dat dit niet wordt bereikt door een aankondiging te doen over de geluidsinstallatie maar dat het een levenswijze is die door een studie van de bijbel wordt geleerd en in het dagelijks leven in de praktijk wordt gebracht, vroeg hij om een abonnement op de tijdschriften De Wachttoren en Ontwaakt! en wilde een exemplaar van alle Wachttorenpublikaties hebben die op de lectuurtafel in het jeugdgebouw lagen. Toen hij afscheid nam, merkte hij op: „Ik heb nooit beseft dat uw organisatie zo serieus is en zulke hoge maatstaven van reinheid en ordelijkheid heeft. En u bent altijd zo opgewekt; het is duidelijk dat u een zeer edel doel nastreeft.”
Toen het vliegtuig met bezoekers voor de volgende congresplaats opsteeg, riep een van de Senegalese congresafgevaardigden uit: „Ik sprak geen Engels en daarom aarzelde ik om naar hen toe te gaan en met hen te spreken, maar wat was ik verbaasd en blij toen zij bij hun aankomst naar mij toekwamen en mij hartelijk groetten en toen zij vervolgens enthousiast afscheid namen voordat zij vertrokken. Ik voelde dat zij van mij hielden. Jehovah’s getuigen in andere delen van de wereld zijn werkelijk mijn broeders en zusters.”
MONROVIA, LIBERIA
Op de derde dag van het congres in Dakar landde een ander vliegtuig met reizigers in de schitterende moderne stad Monrovia, in Liberia. De Centennial Pavilion was een geschikte plaats voor dit congres. De congresdienaar was er echter te laat van op de hoogte gesteld dat de regeringsuniversiteit het paviljoen voor de laatste dag, de dag van de openbare lezing, had gehuurd voor een graduatieprogramma. De openbare lezing kon daarna, om zes uur, worden gehouden. Deze verandering scheen echter niet verstandig, want de graduatie zou kunnen uitlopen. De hoop werd dus gevestigd op een tweede poging om het bijna veertien en een half miljoen gulden kostende True Whig Party Building, dat er dichtbij was gelegen, te huren. Het gebouw was eigendom van de regering en was nog niet helemaal gereed. Het was nog nooit gebruikt. Ten einde een gebouw als dit te kunnen gebruiken, moesten op deze zondagmiddag een lid van het kabinet, de architect, de beheerder, de directeur en een elektricien opgespoord worden om toestemming en toegang tot het gebouw te krijgen. Alles kwam echter op tijd voor elkaar om de 1427 personen erin te laten die geduldig buiten stonden te wachten om de openbare toespraak aan te horen.
De 679 actieve getuigen van Jehovah in Liberia waren op de tweede dag van het congres heel gelukkig toen er tweeënzestig personen in de Atlantische Oceaan werden gedoopt. Deze pas geordineerde bedienaren van het evangelie hadden allen een zeer verschillende achtergrond en kwamen uit allerlei rangen en standen van de maatschappij. Eén was een bekend advocaat, een ander een Amerikaanse vrouw die vroeger bij het Amerikaanse vredeskorps was geweest. Er was een jong Afrikaans meisje dat op school herhaaldelijk was geslagen wegens haar geloof en een zeventigjarige protestantse emeritus-predikant. Allen waren nu verenigd in de aanbidding van de ware God.
EEN HERENIGING
Een waar hoogtepunt, vooral voor de Liberiaanse Getuigen, was de aankomst op vrijdag van M. G. Henschel, een van de bestuurders van het Wachttorengenootschap. Henschel was zeven jaar tevoren op een vergadering in Gbarnga, in Liberia, aanwezig toen daar vervolging uitbrak door tegenstanders van Jehovah’s getuigen. Toen Henschel ditmaal arriveerde, drongen talloze Liberianen naar voren om hem de hand te drukken, waarbij zij herinneringen ophaalden aan wat zij hadden doorgemaakt toen hun congres werd ontbonden en de vierhonderd aanwezigen heel hardhandig werden aangepakt. Nu konden zij zelfs lachen om enkele van de bespottelijke of humoristische aspecten uit die spannende tijd. Enkelen van de kinderen die er toen bij waren, zijn opgegroeid tot krachtige, actieve getuigen van Jehovah en zij wilden dat hun broeder die hen bezocht dit wist.
FREETOWN, SIERRA LEONE
Sierra Leone (hetgeen „Leeuwengebergte” betekent), het land van het volgende congres dat werd bezocht, is de op twee na grootste producent van edelstenen ter wereld. De hoofdstad, Freetown, werd in 1787 door vrijgemaakte slaven gesticht.
De tijd voor het congres hier in begin december was ideaal. Het is het seizoen van de „harmattan”, een droge, koele wind die uit de Sahara wordt aangevoerd en die overdag verademing schenkt van de hete zonnestralen en ’s nachts een koele, zachte bries is. De bevolking noemt hem de „dokter”, omdat degenen die door malaria en andere tropische ziekten worden gekweld, althans tijdelijk „genezen” worden.
Aangezien er in Sierra Leone 851 actieve getuigen van Jehovah zijn, werd er een flink aantal mensen verwacht. Er werd dus moeite gedaan het Brookfields Stadium, de grootste en beste gelegenheid in Freetown, te huren. Het stadion was echter reeds door een andere organisatie geboekt. Onvervaard benaderden de organisators van het congres vertegenwoordigers van deze organisatie, die vriendelijk afstand deden van hun contract ten gunste van de vergadering van Jehovah’s getuigen. Het aantal aanwezigen op de openbare lezing bleek 1540 te zijn.
HUN LEVEN VERANDEREN OM AAN GODS MAATSTAVEN TE VOLDOEN
Velen in Sierra Leone, evenals in vele andere delen van Afrika, die God willen dienen, staan tegenover een moeilijk probleem. Dit komt doordat er polygamie heerst. Hoe groot het verlangen van duizenden eerlijke Afrikanen is hun leven in overeenstemming te brengen met Gods wil en hem te behagen, werd in een speciaal programmaonderdeel dat voor afgevaardigden uit Noord-Amerika was samengesteld, in een demonstratie naar het werkelijke leven uitgebeeld.
De heropvoering op het podium begon met een scène waarin een Afrikaans stamhoofd het boek De waarheid die tot eeuwig leven leidt met een van Jehovah’s getuigen bestudeerde. Al gauw kwam hij tot het besef dat men niet voor de doop aanvaard en een dienstknecht van Jehovah God kan worden wanneer men een polygamist is. Wat zou hij echter doen? Hij had zes vrouwen. Er werd op schriftplaatsen gewezen die aantoonden dat hij alleen aanvaardbaar kon zijn als hij al zijn vrouwen op één na opgaf. Na veel nadenken, stemde hij erin toe vijf vrouwen weg te zenden en de jongste te houden omdat zij hem veel kinderen kon schenken. Wederom gaf de Schrift echter de raad: „Verheug u met de vrouw van uw jeugd.” — Spr. 5:18.
Toen riep de man al zijn vrouwen bij elkaar en legde hun uit wat hij moest doen, namelijk de eerste vrouw behouden en de overigen wegzenden. Hij bood aan de anderen te onderhouden totdat zij voor zichzelf konden zorgen of zouden hertrouwen. Hij stond pal tegen de argumenten van zijn vrouwen en ook tegen de druk die op hem werd uitgeoefend toen hij aftrad als stamhoofd. Het gevolg was dat een van de vrouwen die hij had weggezonden en die de juistheid en reinheid van deze handelwijze inzag, eveneens een getuige van Jehovah werd. Uit dit geval, dat slechts een voorbeeld van duizenden van zulke gevallen is, konden de gasten zien dat Jehovah’s getuigen in Afrika volgens dezelfde hoge bijbelse maatstaven leven als hun christelijke broeders in andere delen van de wereld.
Een merkwaardige omstandigheid werd opgemerkt door een waarnemer op het congres in Freetown. Hier waren mensen uit elf stammen die elkaar doorgaans vijandig gezind zijn bij elkaar gekomen, te zamen met afgevaardigden uit andere landen. Wat was het gevolg? Hij merkte op: ’Op de eerste dag zag men zes politieagenten over het terrein wandelen. De tweede dag zaten er twee in de schaduw. Op de laatste dag, toen er 1540 mensen waren, was er geen politieagent te bekennen. Dit is verbazingwekkend als u bedenkt dat er momenteel een noodtoestand in Sierra Leone is afgekondigd.’ Onder deze mensen is eenheid niet alleen mogelijk, doch een huidige realiteit.
ABIDJAN, IVOORKUST
De Ivoorkust ontving haar naam omdat ze in de vijftiende eeuw een centrum van ivoorhandel was. Thans is koffie echter het belangrijkste gewas. In dit land werd in 1964 het werk van Jehovah’s getuigen verboden. Dit verbod bleef drie jaar van kracht. Toen het opgeheven werd, waren de Getuigen zo overgelukkig dat zij op hun eerste vergadering Koninkrijksliederen zongen tot zij schor waren.
Op het ogenblik zijn er tien gemeenten in het land en zes zendelingenhuizen met 440 actieve bedienaren van het evangelie. Zij bestuderen de bijbel met 1000 personen. Een vrucht van hun arbeid werd duidelijk toen 1003 personen de vergadering in Abidjan bijwoonden. Zij waren er vooral blij om dat zij zoveel Amerikaanse broeders in hun midden hadden gehad en zo door de omgang met hen waren aangemoedigd.
ACCRA EN KUMASI, GHANA
Ghana, vroeger de „Goudkust” geheten, levert nog steeds goud en diamanten op, doch het voornaamste exportmiddel is cacao. Het Voltameer, ’s werelds grootste door mensen gemaakte meer, ligt in het oosten van Midden-Ghana. De hoofdstad Accra en de op één na grootste stad, Kumasi, waren de plaatsen voor twee congressen in dit land. Er worden in Ghana meer dan vijftig talen en dialecten gesproken, hoewel zes daarvan, waaronder Twi, Ewe en Ga, de overhand hebben. Engels is de officiële voertaal.
De bezoekers hadden oog voor de prachtige, helkleurige gewaden die zowel mannen als vrouwen droegen. Zij merkten ook op dat de „Afro”-haardracht niet het algemene kapsel in Afrika is. De vrouwen in Ghana verdelen hun haar bijvoorbeeld in bosjes en draaien rond elk bosje haar een zwarte draad, zodat het net korte vlechtjes lijken.
Er zijn 289 gemeenten in Ghana die uit 14.363 actieve getuigen van Jehovah bestaan. Een aantal van 14.526 personen in de Accra Race Course luisterde naar de openbare toespraak „Het mensengeslacht redden — door het Koninkrijk”, die op de tweede dag door M. G. Henschel werd uitgesproken. N. H. Knorr hield de laatste dag de slotopmerkingen en verheugde de congresgangers door aan te kondigen dat De Wachttoren in de nabije toekomst wellicht in drie talen in hun eigen land zal worden gedrukt, in plaats dat de exemplaren vanuit het buitenland over de post worden verstuurd.
De Noordamerikaanse afgevaardigden die het congres in Kumasi, Ghana, bezochten, waren zeer ontroerd door het spontane welkom. Toen er twee bussen met bezoekers aankwamen, slaakten de toen 18.000 aanwezigen kreten van vreugde en brak er een donderend applaus los. Honderden schaarden zich in een rij om hen de hand te schudden en hen persoonlijk te verwelkomen. Gedurende de openbare lezing in Kumasi was het Sports Stadium gevuld met 24.960 aanwezigen en er werden 662 nieuwe bedienaren van het evangelie gedoopt.
LOMÉ, TOGO
Het land Togo ligt als een smalle reep tussen Ghana en Dahomey in. Het heeft een kustlijn van ruim zestig kilometer breed en strekt zich 584 kilometer landinwaarts uit. Het congres dat hier in de hoofdstad Lomé werd gehouden, bleek slechts één dag te duren, maar toch was het een zeer succesvolle dag. Op de avond van die eerste dag kwamen er zo’n 4000 personen bijeen om naar de dramatisering van het bijbelboek Esther door inheemse Togolezen te kijken. Dit aanwezigenaantal was, gezien het feit dat er in het hele land slechts 1638 actieve getuigen van Jehovah zijn, des te opmerkelijker.
Helaas werd de vergadering, uit vrees voor een choleraepidemie in het land, aan het eind van de eerste dag door de autoriteiten van de gezondheidsdienst gesloten, hoewel de Getuigen zorgvuldige voorzorgsmaatregelen hadden getroffen ten einde de afgevaardigden tegen de epidemie te beschermen. De inheemse Getuigen, die uren hadden gewerkt om de vergaderplaats en de noodzakelijke uitrusting in gereedheid te brengen, en van wie velen al hun spaargeld hadden uitgegeven om over primitieve wegen en paden naar de vergadering te komen, hadden niettemin intens genoten van wat zij hadden gezien en gehoord, en ook van de omgang met elkaar. Zij keerden dus gelukkig gestemd naar huis terug.
NOORDAMERIKAANSE BEZOEKERS OVERTUIGD
Wat hadden de Noordamerikaanse bezoekers tot op dit moment opgemerkt? Is er een basis waarop mensen in werkelijke harmonie en liefde kunnen samenwerken? Een van hen schrijft: ’Toen de vergadering in Togo was afgelast, hadden de broeders weinig lust om naar huis te gaan. Zij moesten en zouden de gasten zien die de tweede dag zouden aankomen. De hele dag en tot in de nacht kwamen zij naar het bijkantoor. Toen om vijf uur een bus met bezoekers arriveerde, braken de broeders uit in gezang en hielden hun armen uitgestrekt om iedereen welkom te heten. Wat een tentoonspreiding van liefde onder de broeders!’
Na de vergadering in Dakar merkte een van de bezoekers op: „Dakar maakte een diepe indruk op ons, omdat wij meer dan ooit Paulus’ verklaring in Handelingen 17:26, 27 konden waarderen [„En (God) heeft uit één mens elke natie van mensen gemaakt, . . . en hij heeft de gezette tijden . . . verordend, opdat zij God zouden zoeken, of zij wellicht naar hem tasten en hem werkelijk vinden zouden, ofschoon hij eigenlijk niet ver is van een ieder van ons.”]. Het waarheidszaad wordt hier gezaaid en wij smeken Jehovah’s rijke zegen af over allen hier in dit land die Jehovah zoeken.”
Alvorens hun rondreis te beëindigen, bezochten de reizigers ook nog andere Afrikaanse landen. Zij zagen meer dan 175.000 personen in vrede vergaderd, spraken met duizenden en leerden persoonlijk honderden mensen kennen die allen dezelfde eenheid ten toon spreidden. Zij konden terugkeren, volledig overtuigd dat mensen van alle etnische groepen op basis van de bijbelse waarheid eenheid kunnen vinden.
[Illustratie op blz. 314]
Noordamerikaanse bezoekers arriveren in Dakar, Senegal, om de congressen in Afrika bij te wonen
[Illustratie op blz. 316]
Congresfaciliteiten bouwen in Sierra Leone
[Illustratie op blz. 317]
Opvoering van het drama gebaseerd op het bijbelboek Esther, in Monrovia, Liberia
[Illustraties op blz. 318]
Boven: Enkelen van de 662 gedoopten in Accra, Ghana. Onder: Doop van 25 personen in Dakar, Senegal