Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w69 1/12 blz. 713-719
  • Een wereld zonder geloof

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Een wereld zonder geloof
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1969
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • VERANDERINGEN IN RELIGIEUZE MAATSTAVEN
  • WAAROM DE VERANDERINGEN?
  • DE LAATSTE DAGEN VAN EEN WERELD ZONDER GELOOF
  • Goddelijke zegepraal — Wat dit voor de gekwelde mensheid betekent
    Goddelijke zegepraal — Wat dit voor de gekwelde mensheid betekent
  • De oorlog die oorlogen doet ophouden
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1988
  • Goddelijke zegepraal — Wat dit voor de gekwelde mensheid betekent
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1973
  • De ware oorzaak van oorlog en ellende
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 2014
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1969
w69 1/12 blz. 713-719

Een wereld zonder geloof

„Niet alle mensen bezitten geloof.” — 2 Thess. 3:2.

1. Wie zijn van mening dat de wereldtoestanden zijn veranderd, en hoe kunnen zij dit bewijzen?

WAT een veranderingen in een halve eeuw! De jonge generatie denkt misschien wel dat de toestanden altijd net als nu zijn geweest: een wereld zonder geloof in God, maar oudere burgers weten beter. De oudere leden van de maatschappij zijn zich heel goed bewust van de enorme veranderingen die zich tijdens hun leven hebben voorgedaan; en of hun kindskinderen hen nu willen geloven of niet, de historische feiten tonen aan dat de toestanden geleidelijk aan van kwaad tot erger zijn veranderd. Wanneer u zo goed wilt zijn de bladzijden van de geschiedenis een halve eeuw terug te slaan, ten einde de wereldtoestanden met de tegenwoordige tijd te vergelijken, zult u inzien waarom er thans zoveel mensen zijn die weinig of geen geloof in God of zijn Woord de bijbel hebben.

2. Wat waren enkele van de dingen die de nasleep van de Eerste Wereldoorlog vormden?

2 Vijftig jaar geleden was de Eerste Wereldoorlog juist geëindigd. De geschiedenisboeken noemen deze oorlog de Eerste Wereldoorlog, aangezien het de eerste maal in ’s mensen geschiedenis was dat er een wereldomvattende oorlog uitbrak. Alle belangrijke natiën stortten zich destijds in de verschrikkelijkste oorlog welke tot op die tijd was gestreden. Honderdduizenden stierven op de slagvelden en miljoenen anderen werden gewond. In de nasleep van die grootscheepse slachting kwamen miljoenen van honger om. Tientallen miljoenen meer stierven als gevolg van epidemieën en ziekten. Allen zeiden dat het een verschrikkelijke ervaring was, en de wereld is sindsdien nooit meer dezelfde geweest.

3. Beschrijf de politieke ontwikkelingen, zowel in het Oosten als het Westen, die zich na de Eerste Wereldoorlog voordeden.

3 Toen de overlevenden hun evenwicht trachtten terug te vinden en nog steeds op hun voeten wankelden als gevolg van de gecombineerde uitwerking van oorlog, hongersnood en epidemieën, hadden zij een geheel andere kijk op het leven. De monarchieën van Europa waren vrijwel alle verdwenen. In Oost-Europa was een ’rode beer’ opgestaan, het „communisme” genaamd, die tot de verbeeldingskracht van velen sprak, en naarmate hij in kracht toenam, dreigde hij de rest van de wereld onder de voet te lopen. In het Westen ontstond een „Volkenbond”, en toen vooraanstaande geestelijken de geboorte ervan als de „politieke uitdrukking van het Koninkrijk Gods op aarde” begroetten, begonnen miljoenen er geloof in te stellen als ’s mensen enige hoop op vrede.

4. Waardoor werd de hoop op vrede al gauw de bodem ingeslagen, hetgeen tot welk conflict aanleiding gaf?

4 De vooruitzichten op ware vrede en voorspoed vervaagden echter al gauw in de geest van nadenkende mensen, want dictators begonnen het volk aan allerlei strenge regels te onderwerpen, terwijl nationalisme wederom de strijdkreet van sterke natiën werd. De produktie van wapenfabrieken over de gehele wereld werd spoedig tot het uiterste opgevoerd, waardoor de arsenalen van nieuwe en dodelijker wapens werden voorzien; binnen heel korte tijd was de mensheid opnieuw in een wereldomvattend conflict verwikkeld geraakt. De koude statistieken tonen aan dat de Tweede Wereldoorlog wat mobilisatie, kosten en de gevolgen ervan betreft, bijna vier maal groter was dan de Eerste Wereldoorlog! Wanneer wij in aanmerking nemen dat dezelfde generatie binnen een periode van vijfentwintig jaar door twee van zulke bloedbaden is geteisterd, is het dan nog te verwonderen dat het geloof van vele mensen zwak geworden is?

5. Beschrijf de economische revolutie die door de Eerste Wereldoorlog is ingeluid.

5 Behalve deze geloof verzwakkende politieke en militaire ontwikkelingen na de Eerste Wereldoorlog, was er een economische revolutie die een enorme invloed op ’s mensen vroegere levenswijze had. Toen de natiën hun economie op industrieel en technologisch gebied rondom nieuwe ontdekkingen begonnen op te bouwen, bemerkten de mensen in het algemeen dat zij werden gebombardeerd door de opgeschroefde verkoopkunde van het materialisme, welke was ontworpen om hun het idee te verkopen dat de mens voor zichzelf een gemakkelijke wereld kan scheppen van onbezorgd gerief en genoegen. Miljoenen kochten deze filosofie en begonnen de god van het materialisme te aanbidden. Zelfs mensen die trachtten aan hun vroegere godvruchtige waarden en idealen vast te houden, bemerkten dat zij door de grote stroom van de handelsgeest werden meegezogen. De steden begonnen hard te groeien, en naarmate steeds meer plattelandsmensen de steden gingen bevolken om een betrekking in de handel en de industrie te aanvaarden, namen de problemen die het stadsleven nu eenmaal meebrengt, in hevige mate toe. In plaats dat er hoop en geloof werd opgebouwd, veroorzaakten deze factoren vaak economische wrijving, agitatie en zelfs openlijke strijd tussen werknemers en werkgevers, terwijl ze ook tot ontevredenheid, onrust, wantrouwen en andere pijnlijke consequenties leidden.

6. Welke ontwikkelingen op het gebied van vervoer hadden tot gevolg dat sommigen hun geloof verloren?

6 Veranderingen op twee andere gebieden hebben er eveneens toe geleid dat mensen nauwer met elkaar in contact zijn gekomen — vervoers- en communicatiemiddelen — welke op zichzelf genomen een zegen voor de mensheid kunnen zijn doch maar al te vaak factoren vormen die tot het atheïsme bijdragen. Iemand bewees dat de Atlantische Oceaan door een nonstopvlucht kon worden overbrugd, en kort daarna breidden commerciële luchtlijnen de reismogelijkheden in alle richtingen uit. Conventionele propellervliegtuigen werden door straalvliegtuigen vervangen, die, met hun hogere snelheden, de afmetingen van de aardbol qua tijd verkleinden. Veel pocherige, hoogmoedige mensen bezien deze ontwikkelingen met een zelfvoldane arrogantie. De beloofde supersonische commerciële lijnvliegtuigen van de toekomst en de experimenten op het gebied van het onderzoeken van de interplanetaire ruimte vormen in hun ogen slechts de eerste stappen in ’s mensen verovering van het universum — een bewijs voor hen dat er geen God is.

7. Hoe zijn verbeteringen op het gebied van de communicatiemiddelen vreemd genoeg gebruikt om het geloof in God te verwoesten?

7 Er hebben zich ook verbazingwekkende veranderingen voorgedaan op het gebied van de communicatiemedia. De radio is de kinderschoenen in een tijdsbestek van slechts enkele decennia geheel ontgroeid en is tot volledige ontwikkeling gekomen, om ten slotte alleen maar een tweede plaats in te nemen ten opzichte van het nog krachtiger televisiemedium. Zowel de radio als de televisie zijn dodelijke wapens geweest in de handen van de propagandisten en specialisten in massapsychologie, die de geest van miljoenen mensen zodanig hebben gevormd dat zij geen geloof meer hebben en de leer aanvaarden dat er geen God is.

VERANDERINGEN IN RELIGIEUZE MAATSTAVEN

8. Hebben kinderen die na de Eerste Wereldoorlog werden geboren, dezelfde opvoeding genoten als hun ouders, en welke morele veranderingen had dit tot gevolg?

8 Gedurende de afgelopen vijftig jaar hebben zich ook grote veranderingen voorgedaan op het gebied van de moraal, deugden en religieuze denkwijzen. Gedurende de woelige jaren twintig en de malaisejaren dertig van deze eeuw ondergingen vele reeds lang bestaande religieuze maatstaven revolutionaire veranderingen, welke onuitwisbare en blijvende kentekenen op de maatschappij in het algemeen nalieten. De morele normen die vóór de Eerste Wereldoorlog golden, gingen tot het verleden behoren. Er werd een nieuwe oogst van baby’s voortgebracht, die in vele gevallen buitenechtelijk werden geboren aan ouders die vooroorlogse morele beperkingen hadden afgeworpen. Gedurende de vormingsjaren werden deze naoorlogse kinderen opgevoed en onderwezen door ouders en opvoeders die zelf nieuwe en werkelijk vreemde opvattingen koesterden, opvattingen welke door het filosofische gepreek van huichelachtige geestelijken die openlijk het geloof in God en de bijbel loochenden, werden gekweekt en gevoed.

9. (a) Wat was het resultaat toen de Volkenbond in gebreke bleef de vrede te handhaven? (b) Vertel wat er spoedig na de Tweede Wereldoorlog volgde.

9 Zodra deze kinderen de leeftijd bereikten dat zij voor de militaire dienst opgeroepen konden worden, werden zij in de vlammen van de Tweede Wereldoorlog geworpen. Deze jonge volwassenen bemerkten helaas dat zij zich midden in weer een wereldomvattende strijd bevonden, een strijd die het „messiaanse” kind van de christenheid, de Volkenbond, ondanks al de religieuze en politieke ondersteuners ervan, niet heeft kunnen voorkomen. Toen zij uit dit tweede wereldconflict te voorschijn kwamen, waren zij er getuige van dat de oude Volkenbond nieuw leven werd ingeblazen en in de „Verenigde Naties” werd herdoopt, en velen van hen dachten dat dit nieuwe instrument de in beroering verkerende wereld eeuwige vrede zou brengen. Terzelfder tijd verschafte deze jonge generatie van actieve volwassenen de technologen en de arbeidskrachten voor het vervolmaken en opslaan van waterstofbommen met zulk een verschrikkelijke kracht dat de atoombommen die op Hirosjima en Nagasaki werden geworpen, in vergelijking hiermee op zelfgemaakte voetzoekers leken.

10, 11. (a) Beschrijf hoe de jonge generatie van een kwart eeuw geleden eruitzag. (b) Wat is de indruk die vele jongeren van thans van zichzelf geven?

10 Zo zag de jonge generatie van een kwart eeuw geleden eruit. Velen hadden totaal geen geloof, hetzij als gevolg van de indoctrinatie door hun ouders en opvoeders, of als gevolg van hun eigen schokkende ervaringen vóór en gedurende de Tweede Wereldoorlog. Hier was een generatie van jonge volwassenen die in moreel opzicht merendeels vrijwel geen ruggegraat hadden en na de oorlog als man en vrouw begonnen samen te leven — vaak onwettig — en een nieuwe generatie van baby’s begonnen voort te brengen. Dit zijn de jongelui die op het ogenblik, in 1969, de volwassen leeftijd bereiken.

11 Onder deze jongeren worden de explosieve elementen op de universiteitsterreinen aangetroffen, de provocerende protestbetogers, de experimenterende verslaafden, sexmaniakken en jonge misdadigers van de jaren zestig. Dit misdadige element leeft alleen voor prikkels en sensaties, schenkt geen aandacht aan wat er komen gaat en bekommert zich nog minder om datgene wat dit samenstel van dingen te wachten staat. De mensheid is werkelijk te beklagen als dit godloze geslacht de regeringsmacht in handen tracht te krijgen!

12. (a) Welke vreemde ideeën houden velen van deze jonge generatie er over religie en moraliteit op na? (b) Welke uitwerking heeft dit op zijn beurt op hun culturele smaak gehad?

12 Vraag hun en hun ouders alstublieft eens hoe zij over religie denken. „God is dood”, zeggen zij. De oude, conservatieve levenswijze heeft voor hen afgedaan. Zij hebben nieuwe ideeën. „Hemel” is voor hen het vluchtige moment van sensueel genot, waaraan zij zich, misschien, onder de begoochelende invloed van marihuana, LSD of nog iets ergers overgeven. Dit is het tijdperk van geweld! Het tijdperk van opstand, opstand tegen alles wat maar zweemt naar wet en orde. Dit is een tijd waarin steeds meer mensen een verwrongen en verdraaid gevoel ontwikkelen van wat fatsoenlijk, rein, rechtschapen, rechtvaardig, zuiver en waar is. Dit is de „beat”-generatie die alle beperkingen van zich afschudt en in plaats daarvan een liefde voor smeerlapperij ontwikkelt — een maatschappelijke groep die de maatschappij infiltreert en die op het gebied van kunst en muziek, en in verband met het leven zelf, alles veracht wat goddelijk en prachtig is.

WAAROM DE VERANDERINGEN?

13. Noem enkele redenen die soms voor deze drastische veranderingen op het gebied van geloof zijn aangevoerd.

13 Er zijn veel redenen aangevoerd voor deze drastische veranderingen op het gebied van geloof gedurende de afgelopen vijftig jaar: technische vorderingen die een materialistische wereld hebben geschapen, industriële veranderingen als gevolg waarvan grote bevolkingsgroepen naar de steden zijn verhuisd, radicale veranderingen in de opvoedkundige stelsels, corruptie in regeringen, achteruitgang in het politie-apparaat en rechterlijke instellingen, maatschappelijke veranderingen in de gezinskring, het huiselijk milieu en de huiselijke omgeving, plus nog vele andere veranderingen die zich hebben voorgedaan sinds grootvader zijn uniform van de Eerste Wereldoorlog uittrok.

14. Hoe weten wij dat deze ontwikkelingen niet de werkelijke oorzaken vormen voor het feit dat er geen geloof in de wereld is?

14 Men dient evenwel te beseffen dat deze milieuveranderingen op zichzelf genomen slechts secondaire factoren vormen en niet de voornaamste oorzaken zijn. Veel mensen hebben nog steeds een krachtig geloof in God, ook al verandert hun levenswijze (weinig mensen in landen zoals de Verenigde Staten rijden nog steeds in door paarden getrokken koetsen rond). Hierdoor wordt aangetoond dat de industriële, technologische, opvoedkundige, maatschappelijke en milieuveranderingen op zichzelf genomen niet de voornaamste oorzaken voor het ongeloof vormen.

15. Wie is dan voornamelijk voor het ongeloof in deze wereld verantwoordelijk?

15 Indien er een beschuldigende vinger naar de grootste afzonderlijke oorzaak voor de achteruitgang in geloof opgeheven moet worden, zou deze rechtstreeks en onmiskenbaar naar „de god van dit samenstel van dingen”, Satan de Duivel, wijzen, en naar zijn wereldrijk van valse religie, waarin de officiële klasse der geestelijken van de christenheid de leidinggevende rol speelt (2 Kor. 4:4; Joh. 12:31; 14:30; 16:11; 1 Joh. 5:19). Geen enkele andere afzonderlijke groep van mensen draagt zo’n zware verantwoordelijkheid voor de droevige toestand waarin deze wereld verkeert.

16. (a) Welke tegenwerping wordt er echter in dit opzicht gemaakt? (b) Hoe kan deze tegenwerping worden ontzenuwd?

16 Zo’n rechtstreekse verklaring als deze moet wel een snel protest uitlokken van de zijde van degenen die haastig conclusies trekken zonder eerst rustig de bewijzen te beschouwen. Zo zou iemand kunnen tegenwerpen: „Hoe kunnen de vrome geestelijken verantwoordelijk gesteld worden voor de zienswijzen en het wangedrag van godloze onkerkelijken, atheïstische geleerden en agnostische politici, of voor de immoraliteit van de ’hippies’, die zich allen buiten de gehoorsafstand en het bereik van de kansel bevinden?” Laten wij als antwoord de historische feiten beschouwen. De voorvaders van de bolsjewieken waren lidmaten van de Russisch-Orthodoxe Kerk, zoals de voorouders van de communistische partijleden in Frankrijk en Italië kinderen van het Rooms-Katholicisme waren. Insgelijks waren de meeste ouders en grootouders van de tegenwoordige godloze tieners en jonge volwassenen in hun tijd kerkgaande leden van de kudden der christenheid, en in vele gevallen zijn zij dit nog. Het is een oude waarheid: misdadigheid van volwassenen leidt tot misdadigheid van de jeugd, en niet andersom. De handelwijze van het kind wordt sterk beïnvloed door wat het thuis en op school ziet en hoort, net zoals de groeirichting van de wijnstok wordt bepaald door de wijze waarop de takken worden gebogen en geleid als de plant jong is.

17. Wat voor bericht hebben de geestelijken der christenheid gedurende de Eerste Wereldoorlog voor zichzelf opgebouwd, en met welke gevolgen?

17 Hoe kunnen de geestelijken der christenheid van hun parochianen verwachten dat zij geloof in God zullen stellen als zij zelf in hun preken zo’n gebrek aan geloof ten toon spreiden? Het is geen geheim dat de kansels van de christenheid gedurende de Eerste Wereldoorlog als werfbureaus voor die bloedige orgie werden gebruikt.a Wat moesten de soldaten die uit deze strijd terugkeerden, wel van God denken nadat zij hadden gezien hoe hun veldpredikers en aalmoezeniers, mannen die beweerden Gods dienaren en vertegenwoordigers te zijn, zich op het slagveld hadden gedragen? Wat zouden deze gedesillusioneerde mensen hun kinderen vertellen over de God die de christenheid beweerde te aanbidden? Hun kinderen moesten wel minder geloof in God hebben dan hun ouders toen zij jong waren.

18. Hoe hadden de geestelijken dertig jaar geleden een wereldomvattende oorlog kunnen voorkomen?

18 Toen kwam de Tweede Wereldoorlog, een oorlog die niet gestreden had kunnen worden zonder de medewerking van de toonaangevende geestelijken der christenheid. Indien Hitler, Mussolini en Franco niet in grote mate waren geholpen door de concordaten en geheime overeenkomsten die met het Vaticaan waren gesloten, en indien de katholieke bisschoppen van Duitsland Hitler en zijn katholieke handlangers hadden geëxcommuniceerd in plaats dat zij hun oorlogsmachine steunden, zou er destijds geen wereldomvattende oorlog zijn geweest.b De steun die deze oorlog van de zijde der geestelijken kreeg, was ook niet eenzijdig; overal kozen de geestelijken der christenheid vanaf de kansel partij in de strijd en zij moedigden hun parochianen aan hetzelfde te doen.

19. Hebben de geestelijken sinds de Tweede Wereldoorlog tot geloof in Jehovah aangespoord?

19 En wat valt er te zeggen over de afgelopen vierentwintig jaar sinds de Tweede Wereldoorlog is geëindigd? Hebben wij soms een ommekeer gezien in de geloof verwoestende preken vanaf de kansels in de christenheid? Integendeel! De geestelijken komen er openlijk en onomwonden voor uit dat zij niet in de inspiratie van de bijbel geloven. De Hof van Eden en de gebeurtenissen tijdens de vloed in Noachs dagen zijn volgens hen volksoverleveringen. De geboorte van Jezus uit een maagd en het loskoopoffer van Christus zijn in hun ogen slechts mythen. Vele geestelijken apen de spreekwoordelijke dwaas na door te zeggen: „Er is geen God”, want ’hij is dood’ (Ps. 14:1). Wat huichelachtig van hun zijde om zelfs nog te beweren dat zij religieuze bedienaren zijn!

20. (a) In welke miserabele toestand bevindt de mensenwereld zich volgens Jezus? Waarom? (b) Wat heeft de zeer ontwikkelde geestelijken er echter toe gebracht zo blind te worden?

20 Hoe waar zijn Jezus’ woorden: „Zij zijn blinde gidsen.” „Indien nu”, zo vervolgde Jezus, „een blinde een blinde leidt, zullen beiden in een kuil vallen” (Matth. 15:14). En in welk een miserabele kuil van duisternis en wanhoop bevinden zich al degenen die deze blinde religieuze leiders hebben gevolgd! Het is begrijpelijk hoe grote massa’s van het gewone, vaak ongeletterde, volk op de verkeerde weg worden geleid door hun leiders in blind vertrouwen te volgen. Maar hoe zouden zulke ontwikkelde, intellectuele leiders zelf zo blind kunnen zijn dat zij in het moeras van duisternis belanden waarin zij zich bevinden? Hiervoor zou stellig een macht nodig zijn die verreweg superieur is aan de hunne. De apostel Paulus verklaart hoe dit tot stand komt en waarom zowel de geestelijken als hun volgelingen zich in zo’n mentale duisternis bevinden, door te zeggen: „De god van dit samenstel van dingen [heeft] de geest van de ongelovigen . . . verblind opdat het verlichtende licht van het glorierijke goede nieuws over de Christus, die het beeld van God is, niet zou doorschijnen.” — 2 Kor. 4:4.

21. Door welke onzichtbare krachten wordt deze wereld zonder geloof geleid, en waarheen trekken ze op?

21 Het is dus Satan de Duivel, „de god van dit samenstel van dingen”, die de religieuze leiders der christenheid heeft verblind, en hij heeft dit tot stand gebracht door middel van zijn horden onzichtbare demonenkrachten die dit goddeloze stelsel naar Armageddon, de strijd van God de Almachtige, leiden. De apostel Johannes, die van tevoren een visioen hierover ontving, beschrijft deze stand van zaken als volgt: „En ik zag drie onreine geïnspireerde uitingen, die er uitzagen als kikvorsen, uit de bek van de draak en uit de bek van het wilde beest en uit de mond van de valse profeet komen. In werkelijkheid zijn ze uitingen door demonen geïnspireerd, en ze verrichten tekenen en gaan uit tot de koningen van de gehele bewoonde aarde, om hen te vergaderen tot de oorlog van de grote dag van God de Almachtige. En zij vergaderden hen tot de plaats die in het Hebreeuws Har–mágedon wordt genoemd.” — Openb. 16:13, 14, 16.

DE LAATSTE DAGEN VAN EEN WERELD ZONDER GELOOF

22, 23. (a) Welk bewijs is er dat wij in de „tijd van het einde” leven? (b) Beschrijf wat er in de hemel gebeurde, hetgeen een rechtstreekse invloed had op de tegenwoordige toestanden in de gehele wereld.

22 De voornaamste reden voor deze grote toename in godloosheid en ongeloof gedurende deze twintigste eeuw is het feit dat wij in een zeer speciale tijd leven. Het is de „tijd van het einde”. Het is de tijd waarin de Duivel en zijn demonen uit de hemel en naar de omgeving van de aarde zijn geworpen, een tijd waarin deze goddeloze eropuit is al het mogelijke te doen om alle geloof in Jehovah en zijn kostbare beloften te verwoesten. Zowel de bijbelse chronologie als de historische feiten tonen zonder twijfel aan dat deze wereld zich sinds het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in 1914 in haar tijd van het einde bevindt. Het boek Openbaring beschrijft in hoofdstuk twaalf, de verzen zeven tot twaalf, wat er in de onzichtbare hemel plaatsvond, welke gebeurtenis tot de toestanden leidde die sinds 1914 zo duidelijk waarneembaar zijn. Wij lezen daar het volgende:

23 „En er brak oorlog uit in de hemel: Michaël en zijn engelen streden tegen de draak, en de draak en zijn engelen streden, maar hij zegevierde niet, en ook werd er voor hen geen plaats meer gevonden in de hemel. Neergeslingerd werd daarom de grote draak, de oorspronkelijke slang, die Duivel en Satan wordt genoemd, die de gehele bewoonde aarde misleidt; neergeslingerd werd hij naar de aarde, en zijn engelen werden met hem neergeslingerd.” — Openb. 12:7-9.

24. Welke toestanden heersen er, in tegenstelling tot de verheuging in de hemel, op aarde, en waarom?

24 Het uit de hemel werpen van Satan zou in het hemelse rijk natuurlijk een tijd van grote verheuging betekenen, zoals in het visioen werd voorzegd: „En ik hoorde een luide stem in de hemel zeggen: ’Nu is gekomen de redding en de kracht en het koninkrijk van onze God en de autoriteit van zijn Christus, want de beschuldiger van onze broeders, die hen dag en nacht beschuldigt voor onze God, is neergeslingerd! . . . Weest hierom vrolijk, gij hemelen en gij die daarin verblijft!’” Maar hoe staat het met de mensenwereld die hier op aarde leeft, waarheen de Duivel en zijn demonen werden geworpen? Voor hen zou het volgens de profetie een geheel andere zaak zijn: „Wee de aarde en de zee, want de Duivel is tot u neergedaald, en hij heeft grote toorn, daar hij weet dat hij slechts een korte tijdsperiode heeft.” — Openb. 12:10-12.

25. Hoe weten wij dat het niet alle mensen aan geloof in God ontbreekt?

25 De bijbel geeft dus deugdelijke redenen waarom de wereld in deze tijd geen geloof in Jehovah God heeft. Wanneer de Schrift echter zegt „niet alle mensen bezitten geloof”, wordt hierdoor te kennen gegeven dat sommigen wel geloof zouden bezitten. Bovendien vervolgt de apostel met de woorden: „Maar de Heer is getrouw en hij zal u standvastig maken en u behoeden voor de goddeloze” (2 Thess. 3:2, 3). Hoe de Heer dit doet, en wat er van uw zijde wordt vereist om sterk in het geloof te worden gemaakt, zijn enkele van de belangrijke punten die in het volgende artikel besproken zullen worden.

[Voetnoten]

a Na de Eerste Wereldoorlog verklaarde Ds. G. W. Cooke in een artikel dat in de Chicago Unity werd gepubliceerd: „De houding van de kerken in dit land, en in nog grotere mate in de andere landen, is niet van dien aard geweest dat hierdoor geloof in de oprechtheid ervan werd geïnspireerd. In een zeer grote mate hebben ze het christendom prijsgegeven voor het patriottisme. Ze hebben zich overgegeven aan een onmenselijke, wraakgierige en wrede zucht naar oorlog en alle verschrikkelijke dingen die de oorlog nu eenmaal meebrengt. . . . De meest wrede, harteloze en wraakgierige eisen die ten behoeve van de oorlog zijn gesteld, zijn van de christelijke kansels aan beide zijden gekomen.” — Zie The Watch Tower, 1919, bladzijde 356.

In de Detroit Free Press van 6 augustus 1919 werd over de verantwoordelijkheid van de geestelijken voor de Eerste Wereldoorlog gezegd: „Zij sloten zich bij de luidruchtigsten van onze chauvinistische en „oorlog tegen elke prijs”-patriotten aan om de strijdlustige hartstochten van de mensen op te wekken . . . Zij zouden bijna allemaal onderscheiden kunnen worden wegens hun voortreffelijke dienst in het bevorderen van het mensenslachtingsspel . . . De geestelijken in alle oorlogvoerende landen verwekten zelfs zo’n strijdlust en gewelddaad, dat het hun oorlog genoemd zou kunnen worden.”

b Op 7 december 1941, dezelfde dag dat Pearl Harbor door de Japanse As-partner van Hitler en Mussolini werd gebombardeerd, publiceerde de New York Times onder de titel „’Oorlogsgebed’ voor Reich” en het onderkopje „Katholieke bisschoppen te Fulda vragen om de zegen en de overwinning” het volgende:

„FULDA, Duitsland, 6 dec. — De conferentie van Duitse katholieke bisschoppen, te Fulda in vergadering bijeen, heeft de invoering van een speciaal ’oorlogsgebed’ aanbevolen dat aan het begin en het eind van alle godsdienstoefeningen voorgelezen dient te worden.

In het gebed wordt de Voorzienigheid gesmeekt de Duitse wapens met de overwinning te zegenen en het leven en de gezondheid van alle soldaten te beschermen. De bisschoppen instrueerden de katholieke geestelijken voorts om op zijn minst één maal per maand in een speciale zondagspreek de Duitse soldaten ’te land, ter zee en in de lucht’ te gedenken.

Hoewel de Duitse katholieke geestelijken sterk tegen bepaalde aspecten van de rassenpolitiek der nazi’s gekant waren, hebben zij er steeds voor gezorgd de nadruk te leggen op de plicht die alle katholieken als loyale Duitsers in de tegenwoordige oorlog ten opzichte van hun land hebben.”

[Illustratie op blz. 714]

De filosofie van het materialisme, plus de veranderingen op het gebied van de vervoers- en communicatiemiddelen, hebben ertoe geleid dat miljoenen mensen geen geloof meer hebben en de leer aanvaarden dat er geen God is

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen