Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • w68 15/2 blz. 123-127
  • Een christelijk gedrag in weerwil van geweld

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Een christelijk gedrag in weerwil van geweld
  • De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1968
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • WAAROM ZOVEEL GEWELDPLEGING?
  • WAT ZAL DE TOEKOMST BRENGEN?
  • EEN CHRISTELIJK GEDRAG
  • NEUTRALITEIT
  • Hoe denkt God over geweld?
    Ontwaakt! 2002
  • Geweld
    Ontwaakt! 2015
  • De eeuw van geweld
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1959
  • Is een wereld zonder geweld mogelijk?
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk (publieksuitgave) 2016
Meer weergeven
De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1968
w68 15/2 blz. 123-127

Een christelijk gedrag in weerwil van geweld

Geweldpleging neemt snel toe. Welke handelwijze dient u te volgen?

OVER de hele wereld neemt geweldpleging op elk terrein toe. Vanwege deze groei op internationale schaal werd de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Oe Thant, ertoe bewogen te zeggen dat hij de vrees koestert dat „wij getuige zijn van de aanvangsfase van de Derde Wereldoorlog”.a

De afgelopen jaren zijn door gewelddadige interne beroeringen in verscheidene natiën de bestaande regeringen ten val gebracht. In sommige landen dreigen elkaar bestrijdende partijen het ene bloedbad na het andere aan te richten.

Ook stijgt de geweldpleging in de vorm van misdaad en oproer in bijna elk land op aarde in bijzonder snel tempo. Eén rapport bericht over de Verenigde Staten: „Misdaad neemt in dit land vier of vijf maal zo snel toe als onze totale bevolking. Als er geen verandering in komt, zal anarchie onvermijdelijk het gevolg zijn.”b En een onlangs gepubliceerd rapport laat zien dat in de eerste drie maanden van 1967 grote misdaden met 20 percent boven hetzelfde tijdvak van het voorgaande jaar de hoogte ingevlogen zijn, wat meer dan vijftien maal het cijfer van de bevolkingstoename is!

Waarom is er zoveel geweld over de hele wereld? Zal het in de jaren die voor ons liggen, blijven toenemen? Wat zal het uiteindelijke resultaat hiervan zijn? En welke handelwijze dient de christen met het oog op een dergelijke geweldpleging te volgen?

WAAROM ZOVEEL GEWELDPLEGING?

De grondoorzaak van geweldpleging is over het algemeen, dat de mensheid Gods leiding heeft genegeerd. De mens werd niet geschapen om zonder God met succes zijn aangelegenheden te kunnen regelen. Zolang hij de maatstaven zou volgen die God hem gaf, zou hij verzekerd zijn van vrede en geluk. Maar droevig genoeg verwierpen onze voorouders God als hun Gids. In plaats daarvan wilden zij onafhankelijk van God zijn, zij kwamen tegen hem in opstand en gingen hun eigen weg. De Almachtige God stond de mens een ruime tijdsperiode toe om zijn handelwijze te blijven volgen, en één reden hiervoor was dat de tijd zou aantonen dat de wegen van de mens buiten Gods regeling om nooit vrede en geluk zouden kunnen brengen. — Gen. 3:17-19.

De geschiedenis heeft bewezen dat dit werkelijk het geval is. Mensen en natiën die niet door God worden geregeerd, hebben hun eigen soort van regeringen, ideologieën en filosofieën aangenomen. Doordat ze niet door dezelfde goddelijke wetten en beginselen werden geleid, zijn er onvermijdelijk conflicten in de menselijke gelederen ontstaan. Sinds ’s mensen opstand is steeds en steeds weer de waarheid van de volgende geïnspireerde woorden van Jeremia bewezen: „Ik weet, o HERE, dat het niet aan den mens staat zijn weg te kiezen, noch aan een man om te gaan en zijn schreden te richten” (Jer. 10:23). Ook schreef Jeremia: „Zie, het woord des HEREN hebben zij verworpen, wat voor wijsheid zouden zij dan hebben?” (Jer. 8:9) Door Gods wijsheid te verwerpen en op haar eigen wijsheid te steunen, heeft de mensheid de vrede verloren.

Door alle eeuwen heen is er geen verbetering gekomen in de betrekkingen tussen de mensen onderling. Waarom niet? Omdat de mens, als hij ermee ophoudt onderworpen aan God te zijn, nog slechts in één richting kan gaan — bergafwaarts. Hoe langer de mens van God verwijderd blijft, hoe erger zijn toestand zal worden. Dit zou net zo stellig gebeuren als iemand zou kunnen voorspellen welke weg een steen zal volgen die van een steile rots wordt afgegooid — hij zal naar beneden vallen, in overeenstemming met de wet van de zwaartekracht. Wanneer men Gods wetten verlaat, kan dat alleen maar resulteren in een neerwaartse gang, in de richting van een chaos.

Afgezien van de steeds slechter wordende menselijke aangelegenheden of van de lange tijd waarin de mens niet Gods leiding heeft gevolgd, is er nog een andere factor die in grote mate heeft bijgedragen tot het toenemen van geweld in onze tijd. De bijbel zegt in Openbaring 12:12: „Wee de aarde en de zee, want de Duivel is tot u neergedaald, en hij heeft grote toorn, daar hij weet dat hij slechts een korte tijdsperiode heeft.”

Satan de Duivel en zijn demonen, geestelijke schepselen die eveneens tegen God in opstand zijn gekomen, zijn de voornaamste aanstichters van geweld. Vanuit het onzichtbare geestenrijk zetten zij gewillige mensen op aarde ertoe aan droefheid over de mensheid te brengen. Tot hoever strekt hun invloed zich uit? De bijbel zegt in 1 Johannes 5:19: „De gehele wereld ligt in de macht van de goddeloze.” Wanneer wij de zichtbare feiten met de bijbelse profetieën vergelijken, blijkt dat Satan en zijn demonen in onze eeuw uit het hemelse rijk naar beneden zijn geworpen, naar de omgeving van de aarde (Openb. 12:7-9). Deze onzichtbare krachten dragen tot de verlaging van de mens bij door de mensen tot meer geweld aan te zetten. Waarom? Zij weten dat Gods tijd waarop hij alle goddelozen, met inbegrip van de goddeloze geestenkrachten, gaat vernietigen, naderbij komt. Omdat zij weten dat zij zonder mankeren terechtgesteld zullen worden voor hun grove goddeloosheid, doen zij hun uiterste best om de mensheid ten val te brengen. „Uw tegenstander, de Duivel, gaat rond als een brullende leeuw, op zoek om iemand te verslinden.” — 1 Petr. 5:8.

Doordat de mens dus zo lang van God vervreemd is geweest en de invloed van goddeloze geestenkrachten ondergaat, wordt het gedrag van de menselijke familie steeds ongevoeliger. Hoe nauwkeurig heeft de bijbel de toestand voorzegd die wij tegenwoordig om ons heen zien, door te zeggen: „Weet dit, dat er in de laatste dagen kritieke tijden zullen aanbreken, die moeilijk zijn door te komen. Want de mensen zullen zichzelf liefhebben, het geld liefhebben, zullen aanmatigend zijn, hoogmoedig, lasteraars, ongehoorzaam aan ouders, ondankbaar, deloyaal, geen natuurlijke genegenheid hebbend, niet ontvankelijk voor enige overeenkomst, kwaadsprekers, zonder zelfbeheersing, heftig, zonder liefde voor het goede, verraders, onbezonnen, opgeblazen van trots, met meer liefde voor genoegens dan liefde voor God.” — 2 Tim. 3:1-4.

WAT ZAL DE TOEKOMST BRENGEN?

Zal de geweldpleging die wij nu meemaken, in de toekomst minder of erger worden? De bijbelse profetie geeft ons de stellige verzekering: „Goddeloze mensen . . . zullen van kwaad tot erger voortgaan” (2 Tim. 3:13). Ook staat er: „De geïnspireerde uitspraak zegt . . . uitdrukkelijk dat in latere tijdsperioden sommigen zullen afvallen van het geloof, aandacht schenkend aan misleidende geïnspireerde uitspraken en leringen van demonen” (1 Tim. 4:1). En Jezus Christus voorzei: „Wegens het toenemen der wetteloosheid zal de liefde van de meesten verkoelen.” — Matth. 24:12.

De geweldpleging zal dus nog een korte tijd blijven toenemen, totdat deze „laatste dagen” hun voltooiing bereiken. Dan zal God alle geweld en allen die er verantwoordelijk voor zijn, tot een einde brengen.

Het staat onomstotelijk vast dat „de wereld . . . voorbij [gaat] en ook haar begeerte” (1 Joh. 2:17). In de ene uitbarsting van geweld na de andere snelt de wereld haar einde tegemoet, een einde dat haar door Gods eigen hand toegebracht zal worden. Toch belooft Gods Woord ook dat „wie de wil van God doet, . . . in eeuwigheid” blijft. Mensen met een eerlijk hart, die Gods wil doen, waar zij zich ook bevinden, wordt dus de troost schenkende belofte voor ogen gehouden dat zij het einde van dit samenstel, dat vol geweld is, kunnen overleven.

EEN CHRISTELIJK GEDRAG

Wat is echter Gods wil met betrekking tot de vele situaties die tot geweldpleging zouden kunnen leiden? Dient een christen eraan mee te doen onderdrukkende regeringen met geweld omver te werpen? Dient hij mee te lopen naar regeringsgebouwen en in verband met verschillende rechten of grieven te demonstreren? Als sommigen hem aanvallen of beledigen, dient hij hun dan met gelijke munt terug te betalen en hun te laten zien dat zij zich niet ongestraft aan hem kunnen vergrijpen?

Gods geïnspireerde Woord zegt: „Een slaaf van de Heer behoeft . . . niet te strijden, maar moet vriendelijk zijn jegens allen, bekwaam om te onderwijzen, zich onder het kwade in bedwang houdend” (2 Tim. 2:24). De wijsheid van deze raad blijkt in alle omstandigheden waarin men deze toepast.

Door deze raad toe te passen zult u, als christen, bijvoorbeeld niet trachten een regering op gewelddadige wijze omver te werpen, zelfs niet als deze regering personen onderdrukt. Velen die dit wel hebben gedaan, bemerken vaak dat zij nu onder een ergere regeringsvorm staan dan die welke zij omvergeworpen hebben. En zij kunnen tijdens dit alles hun leven verliezen voor een zaak waaraan God niet zijn goedkeuring hecht. Jezus leerde zijn volgelingen om Gods koninkrijk te bidden, niet ervoor te strijden bestaande regeringen omver te werpen (Matth. 6:9, 10; Joh. 18:36). Hij wist dat te zijner tijd God zelf voor altijd een einde zal maken aan alle onderdrukkende regeringen. Een christen ’behoeft dus niet te strijden’, maar moet geduldig op Jehovah wachten totdat Hij zijn eigen geneesmiddel zal verschaffen, de enige voldoening schenkende oplossing die tot zegen van de gehele mensheid zal zijn.

Er bestaat in elke natie vooroordeel en discriminatie. Wanneer men nu geen recht kan verkrijgen door zijn toevlucht te nemen tot de wettelijke stelsels van het land, dient men dan zijn toevlucht te nemen tot dergelijke dingen als het lastig vallen van mensen en het maken van relletjes in de straten? Indien u dit, als christen, zou doen, zou u wetteloos zijn. Christendom is een ordelievende regeling, geen vrijbrief voor wetteloosheid. Wetteloosheid zal nooit rechtvaardigheid tot stand brengen, maar zal integendeel nog meer verdrukking en discriminatie met zich brengen. De praktische wijsheid van God leert ons: „Laat af van toorn en laat de woede varen; betoon u niet verhit, het leidt enkel tot kwaad doen. Want de boosdoeners zelf zullen afgesneden worden” (Ps. 37:8, 9, NW). En de apostel Paulus schreef: „Doet ze . . . alle van u weg, gramschap, toorn, slechtheid, schimpend gepraat” (Kol. 3:8). De christen wacht op Jehovah om gerechtigheid te verkrijgen, en hij erkent dat niet hij, maar Jehovah de verkeerde dingen van een goddeloos samenstel van dingen zal rechtzetten.

Als er in de omgeving van een christen relletjes of demonstraties beginnen, doet hij er goed aan grote voorzichtigheid in acht te nemen en zichzelf niet aan geweld bloot te stellen. Als het maar enigszins mogelijk is, trekt hij zich op een veilige plaats terug, totdat het geweld verminderd is. Deze handelwijze is een weerspiegeling van goddelijke wijsheid: „Wie zich mengt in een twist die hem niet aangaat, is als iemand die een voorbijlopende hond bij de oren grijpt.” De christen neemt dus geen deel aan relletjes of demonstraties, en hij probeert zelfs niet er uit nieuwsgierigheid dichtbij te komen. — Spr. 26:17.

Maar wat dient u te doen als iemand u duwt, u beledigt of u met geweld aanvalt? Dient u hem met gelijke munt terug te betalen? De bijbel waarschuwt: „Een krenkend woord wekt de toorn op” (Spr. 15:1). Het is haast wel zeker dat een antwoord van dezelfde strekking nog meer toorn zal opwekken en de wetsovertreder wellicht zo woedend zal maken dat hij zijn toevlucht zal nemen tot lichamelijk geweld, en wel in het bijzonder in deze tijd nu zoveel personen door de demonen worden beheerst of onder invloed van verdovende middelen staan. Neen, in plaats van de situatie te verergeren, kan de christen verschillende dingen doen. „Een zacht antwoord keert de grimmigheid af”; een christen zal dus een zacht antwoord geven. En als de toestand daardoor niet verbetert, geeft Gods Woord de raad: „Verwijder u dus, vóórdat de ruzie is uitgebroken.” — Spr. 17:14, NW.

Een christen doet ook stappen ten einde het te vermijden het slachtoffer te worden van geweldpleging door misdadige elementen. In gevaarlijke buurten zal hij bij voorkeur niet alleen door donkere straten lopen. Zelfs wanneer hij mensen bezoekt om met hen over Gods voornemens te spreken, doet hij er goed aan in buurten waar de misdaad hoogtij viert, iemand met zich mee te nemen. Dit betekent niet dat een christen tegen elke prijs probeert aan letsel te ontkomen. In werkelijkheid is hij bereid vervolging en zelfs de dood te ondergaan, als zijn aanbidding van God erbij betrokken is. Maar hij zal zijn leven niet in de waagschaal stellen voor een of andere reden die niets te maken heeft met zijn rechtschapenheid jegens God.

NEUTRALITEIT

De christen verkiest in nationale of internationale geschillen die tot geweld en bloedvergieten leiden, niet de ene zijde boven de andere. Als een slaaf van God blijft hij neutraal met betrekking tot de conflicten van deze wereld, en vermijdt aldus de bloedschuld die hiermee verbonden is. Jezus zei over zijn volgelingen: „Zij zijn geen deel van de wereld, evenals ik geen deel van de wereld ben” (Joh. 17:16). Een christen neemt dus geen deel aan de gewelddadige geschillen van de wereld. Hij weet dat God, als de tijd daarvoor gekomen zal zijn, alle verkeerde dingen zal laten eindigen, en zonder dat onschuldige personen hierbij enig letsel oplopen.

Door de verwikkelingen van de wereld te vermijden, doet de hedendaagse christen precies hetzelfde wat de christenen uit de eerste eeuw deden. Merk op wat Justinus Martyr in de tweede eeuw schreef: „Wij, die eens vervuld waren van oorlog en wederzijds afslachten en elke soort van goddeloosheid, hebben allen over de hele aarde onze oorlogswapens veranderd — onze zwaarden in ploegscharen, en onze speren in landbouwwerktuigen — en wij kweken vroomheid, rechtvaardigheid, menslievendheid, geloof en hoop aan, welke wij van de Vader Zelf hebben ontvangen, door bemiddeling van hem die gekruisigd werd.” — The Ante-Nicene Fathers, Deel I, blz. 254.

Hoewel vele autoriteiten van de natiën de neutrale handelwijze van christenen niet prettig vinden, zijn er anderen die deze wèl waarderen.

In een Afrikaans land bijvoorbeeld waren interne twisten er de oorzaak van dat politie en legereenheden wegversperringen betrokken. Het onderzoek dat op deze punten werd verricht, was bijzonder nauwgezet en tijdrovend. Maar in bijna alle gevallen lieten de soldaten en de politie Jehovah’s getuigen na een zeer korte inspectie onmiddellijk door, als zij zich duidelijk hadden kunnen identificeren. De autoriteiten merkten vaak op: „Wij vertrouwen jullie.” Of men hoorde hen zeggen: „Maak je maar geen zorgen, wij kennen Jehovah’s getuigen.” Toen enkelen van deze christenen naar een grote vergadering van bedienaren van het evangelie reisden, werd hun bij de controlepost verteld: „Er zijn al enkelen van jullie naar de vergadering toe; ga maar vlug!” De beambten die belast waren met het handhaven van de wet en bekend waren met het neutrale standpunt van Jehovah’s getuigen, behandelden hen met achting, omdat zij wisten dat zij niet voor de ongeregeldheden in het land verantwoordelijk waren.

Zelfs wanneer de autoriteiten christenen echter vervolgen, bewaart de individuele christen zijn neutrale standpunt. De juiste gedragslijn die hij dient te volgen, is door Jehovah God in zijn Woord uiteengezet. De christen zal om geen enkele reden hiermee schipperen. Hij vermijdt het daardoor verantwoordelijk te zijn voor de geweldpleging in deze wereld en hij vermijdt het ongunstige oordeel dat God over hem zou kunnen brengen.

God zal dit door geweld verscheurde samenstel van dingen nu heel spoedig tot een einde brengen. Hij zal het vervangen door zijn nieuwe samenstel van dingen, waarin „rechtvaardigheid [zal] wonen” (2 Petr. 3:13). Christenen die ondanks alle geweld een juist gedrag hebben bewaard, zullen daar heel bijzondere zegeningen uit oogsten, zegeningen van leven, gezondheid, vrede en geluk. Zij zullen voor altijd kunnen genieten van een leven in een nieuwe ordening waar geen geweld is. „De ootmoedigen beërven het land en verlustigen zich in grote vrede.” — Ps. 37:11.

[Voetnoten]

a De New York Times van 12 mei 1967, blz. 1.

b U.S. News & World Report van 17 oktober 1966, blz. 86.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen