Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • ad blz. 57
  • Allerheiligste

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Allerheiligste
  • Hulp tot begrip van de bijbel
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • ZINNEBEELDIG GEBRUIK
  • Allerheiligste
    Inzicht in de Schrift, Deel 1
  • Heilige plaats
    Hulp tot begrip van de bijbel
  • Heilige plaats
    Inzicht in de Schrift, Deel 1
  • De ene ware tempel waarin wij dienen te aanbidden
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1973
Meer weergeven
Hulp tot begrip van de bijbel
ad blz. 57

ALLERHEILIGSTE.

Het binnenste vertrek van de tabernakel en later van de tempel. Deze afdeling van de tabernakel had klaarblijkelijk de vorm van een kubus waarvan elke zijde 10 el (ca. 4,5 m) bedroeg. De afmetingen van het Allerheiligste in de door Salomo gebouwde tempel waren tweemaal zo groot, zodat de kubieke inhoud ervan achtmaal zo groot was als die van het Allerheiligste in de tabernakel. — Ex. 26:15, 16, 18, 22, 23; 1 Kon. 6:16, 17, 20; 2 Kron. 3:8.

De hogepriester betrad het Allerheiligste slechts op de jaarlijkse Verzoendag, en nimmer mocht iemand anders achter het gordijn komen dat dit vertrek van het Heilige scheidde (Lev. 16:2). In het Allerheiligste was de hogepriester omgeven door de kleurrijke cherubs, die op het binnenste dekkleed van de tabernakel en op het gordijn geborduurd waren (Ex. 26:1, 31, 33). In de tempel van Salomo waren de muren en het plafond van cederhout, met goud overtrokken, en op de muren waren cherubs, figuren van palmbomen, alsook pompoen- en bloesemvormige ornamenten gegraveerd. — 1 Kon. 6:16-18, 29; 2 Kron. 3:7, 8.

Volgens de bijbel ging de hogepriester op de Verzoendag driemaal het Allerheiligste binnen, de eerste keer met een gouden reukvat, brandende kolen van het altaar en welriekend reukwerk, de tweede keer met het bloed van de stier, het zondeoffer voor de priesterstam, en ten slotte met het bloed van de bok, het zondeoffer voor het volk (Lev. 16:11-15; Hebr. 9:6, 7, 25). Hij sprenkelde het bloed van de dieren op de grond vóór de gouden ark van het verbond, op het deksel waarvan zich de gouden cherubs bevonden, waartussen Jehovah op zinnebeeldige wijze woonde (Ex. 25:17-22; Lev. 16:14, 15). Jehovah’s tegenwoordigheid werd gesymboliseerd door een wolk, die klaarblijkelijk als een helder licht scheen en het enige licht was in deze afdeling van de tabernakel, waarin geen lampestandaard stond. Zolang de tabernakel in de wildernis was, bevond zich boven het Allerheiligste overdag een wolk en ’s nachts een vuurzuil, die in het hele kamp van Israël te zien was. — Ex. 13:22; 40:38; Num. 9:15; vergelijk Psalm 80:1; zie ARK VAN HET VERBOND.

ZINNEBEELDIG GEBRUIK

Het Allerheiligste van de tent der samenkomst of de tabernakel bevatte de ark van het verbond, die Jehovah’s tegenwoordigheid symboliseerde. Derhalve werd het Allerheiligste als zinnebeeld van Jehovah’s woonplaats, de hemel zelf, gebruikt. Op deze wijze wordt het door de geïnspireerde schrijver van de brief aan de Hebreeën uitgelegd, wanneer hij zegt dat evenals de Israëlitische hogepriester eenmaal per jaar, op de Verzoendag, het Allerheiligste binnenging, de grote Hogepriester, Jezus Christus, met zijn offer voor zonden eens voor altijd de plaats is binnengegaan die zinnebeeldig door het Allerheiligste werd voorgesteld, namelijk „de hemel zelf”. — Hebr. 9:7-12, 23, 24.

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen