Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • ad blz. 467-468
  • Gerizim, berg

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Gerizim, berg
  • Hulp tot begrip van de bijbel
  • Vergelijkbare artikelen
  • Gerizim, Berg
    Inzicht in de Schrift, Deel 1
  • Ebal, Berg
    Inzicht in de Schrift, Deel 1
  • Ebal, berg
    Hulp tot begrip van de bijbel
  • Berg Gerizim
    Nieuwewereldvertaling van de Bijbel (studie-uitgave)
Meer weergeven
Hulp tot begrip van de bijbel
ad blz. 467-468

GERIZIM, BERG.

De berg Gerizim, thans bekend als Dzjebel et-Tor, en de berg Ebal in het N.O., liggen in het hart van het gebied van Samaria. De beide tegenover elkaar liggende bergen zijn de hoogste in de omgeving en beheersen een belangrijke pas die van het O. naar het W. voert. Tussen de twee bergen bevindt zich een vruchtbaar dal, het dal Sichem, waarin het huidige Nabloes ligt. Sichem, dat vóór de intocht van de Israëlieten in het Beloofde Land een belangrijke versterkte stad van Kanaän was, lag aan de oostelijke zijde van het dal, ongeveer 2,5 km ten Z.O. van Nabloes. De bergen Gerizim en Ebal waren wegens hun gunstige ligging van militaire en politieke betekenis. Maar ook in religieus opzicht speelden ze een belangrijke rol. De top van de berg Gerizim ligt ongeveer 850 m boven de Middellandse Zee.

In overeenstemming met de door Mozes gegeven instructies kwamen de stammen van Israël kort na hun verovering van de stad Ai, onder leiding van Jozua bij de bergen Gerizim en Ebal samen. Daar werden hun de zegeningen voorgelezen die hun ten deel zouden vallen wanneer zij Jehovah gehoorzaamden, en de vervloekingen die hen zouden treffen wanneer zij hem niet gehoorzaamden. De stammen Simeon, Levi, Juda, Issaschar, Jozef en Benjamin stonden voor de berg Gerizim. De levieten en de ark van het verbond bevonden zich in het dal, en de andere zes stammen stonden voor de berg Ebal (Deut. 11:29, 30; 27:11-13; Joz. 8:28-35). Waarschijnlijk antwoordden de zich voor de berg Gerizim bevindende stammen op de in hun richting voorgelezen zegeningen, terwijl de andere stammen antwoordden op de vervloekingen die in de richting van de berg Ebal werden voorgelezen. Dat de voor de beide bergen staande grote mensenmenigte de woorden kon verstaan, is waarschijnlijk (althans ten dele) toe te schrijven aan de uitstekende akoestiek aldaar. — Zie ook Rechters 9:7.

Een tempel die de Samaritanen omstreeks 432 v.G.T. op de berg Gerizim bouwden om met de tempel in Jeruzalem te wedijveren, werd rond 110 v.G.T. verwoest. Volgens de overlevering werd hij door Sanballat gebouwd en door Johannes Hyrcanus verwoest. (Zie Flavius Josephus, De joodse geschiedenis, XI, viii, 2, 4; XIII, ix, 1; De joodse oorlog, I, ii, 6.) Zelfs nu nog vieren de Samaritanen religieuze feesten, zoals het Pascha, op de berg Gerizim, en wel op de plaats waar naar hun mening vroeger de tempel stond. De Samaritaanse vrouw doelde klaarblijkelijk op de berg Gerizim toen zij tot Jezus Christus zei: „Onze voorvaders hebben op deze berg aanbeden, maar gijlieden zegt dat in Jeruzalem de plaats is waar men moet aanbidden.” — Joh. 4:5, 19, 20.

[Illustratie op blz. 467]

De berg Gerizim (links) en de berg Ebal, daartussen het dal Sichem

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen