Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g96 8/12 blz. 24-27
  • Louis Pasteur — Wat zijn werk heeft onthuld

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Louis Pasteur — Wat zijn werk heeft onthuld
  • Ontwaakt! 1996
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Zijn eerste onderzoekingen
  • Pasteurisatie
  • Leven is van leven afkomstig
  • De strijd tegen infectieziekten
  • Waardevol werk
  • De Bron en Instandhouder van het leven
    Het leven heeft wel degelijk een doel
  • Van onze lezers
    Ontwaakt! 1997
  • Heeft de bijbel ons wel iets te zeggen?
    Ontwaakt! 1994
  • De moderne geneeskunde — Welke hoogte kan ze bereiken?
    Ontwaakt! 2001
Meer weergeven
Ontwaakt! 1996
g96 8/12 blz. 24-27

Louis Pasteur — Wat zijn werk heeft onthuld

DOOR ONTWAAKT!-CORRESPONDENT IN FRANKRIJK

KAN leven door spontane generatie ontstaan? In de negentiende eeuw dachten sommige geleerden van wel. Zij meenden dat leven vanzelf uit levenloze materie kon ontstaan, zonder tussenkomst van een schepper.

Maar op een lenteavond in april 1864 vernamen toehoorders die in een vergaderzaal van de Sorbonne in Parijs bijeenwaren, iets anders. In een meesterlijke presentatie voor een commissie van wetenschappers weerlegde Louis Pasteur met succes, punt voor punt, de theorie van de spontane generatie.

Deze lezing en latere ontdekkingen maakten hem tot „een van ’s werelds grootste geleerden”, zoals in The World Book Encyclopedia wordt gezegd. Maar waarom maakte deze man zo’n indruk op zijn tijdgenoten, en hoe is hij wereldwijd bekend geworden? In welk opzicht trekken wij nu profijt van sommige van zijn ontdekkingen?

Zijn eerste onderzoekingen

Louis Pasteur werd in 1822 in het stadje Dôle in het oosten van Frankrijk geboren. Zijn vader, een leerlooier, koesterde ambities voor zijn zoon. Hoewel Louis kunstzinnige neigingen alsook werkelijk artistiek talent bezat, ging hij natuurwetenschappen studeren. Op de leeftijd van 25 jaar behaalde hij een doctorsgraad in de natuurwetenschappen.

Zijn eerste onderzoekingen betroffen wijnsteenzuur, een stof die aanwezig is in de droesem die in wijnvaten achterblijft. Met de resultaten van die onderzoekingen legden andere onderzoekers enkele jaren later de grondslag voor de moderne organische scheikunde. Vervolgens richtte Pasteur zich op het bestuderen van fermenten.

Voordat Pasteur met zijn onderzoekingen begon, was het bestaan van fermenten zoals gist bekend. Maar men dacht dat ze het gevolg van fermentatie of gisting waren. Pasteur bewees echter dat deze fermenten niet het gevolg, maar juist de oorzaak van gisting waren. Hij toonde aan dat elk soort ferment een ander gistingstype veroorzaakte. Het verslag dat hij hierover in 1857 publiceerde, wordt thans bezien als „het geboortecertificaat van de microbiologie”.

Vanaf dat moment kwamen zijn werk en zijn ontdekkingen in een stroomversnelling terecht. Wegens zijn reputatie deden de azijnfabrikanten in Orléans een beroep op hem om hun talloze technische problemen op te lossen. Pasteur bewees dat het omzetten van wijn in azijn werd veroorzaakt door wat nu een micro-organisme wordt genoemd, dat zich op de oppervlakte van de vloeistof bevond. Na afloop van zijn onderzoekingen presenteerde hij ten overstaan van de azijnfabrikanten en de notabelen van de stad zijn beroemde „Studie over azijn”.

Pasteurisatie

Pasteurs onderzoek naar gistingsprocessen stelde hem in staat te concluderen dat bederfproblemen in de voedselindustrie grotendeels veroorzaakt werden door microben. De microben bevonden zich in de lucht of in slecht schoongemaakte vaten. Pasteur veronderstelde dat bederf van voedselprodukten door bacteriën voorkomen kon worden door de hygiëne te verbeteren en dat bederf van een vloeistof voorkomen kon worden door ze enkele minuten op een temperatuur tussen de vijftig en zestig graden Celsius te houden. Deze methode werd voor het eerst toegepast op wijn, om abnormale gisting te voorkomen. De voornaamste microben werden gedood zonder dat de smaak of het bouquet veel veranderde.

Dit proces, pasteurisatie genoemd, waarop Pasteur patent nam, veroorzaakte een revolutie in de voedselindustrie. Tegenwoordig wordt deze techniek niet meer voor wijn gebruikt, maar ze is nog steeds doeltreffend voor talloze produkten, zoals melk of vruchtesap. Er zijn echter ook andere methoden mogelijk, zoals sterilisatie, wat op een veel hogere temperatuur plaatsvindt.

Een andere omvangrijke bedrijfstak die profijt trok van Pasteurs onderzoekingen waren de bierbrouwerijen. Destijds hadden de Fransen veel produktieproblemen en werden ze sterk beconcurreerd door de Duitsers. Pasteur ging aan het werk en gaf de brouwers veel adviezen. Hij gaf de raad aandacht te schenken aan de zuiverheid van het wort en er ook op te letten dat de omringende lucht goed schoon was. Dit had onmiddellijk succes, en hij verkreeg daarna veel patenten.

Leven is van leven afkomstig

Sinds aloude tijden waren de meest fantastische ideeën te berde gebracht om het verschijnen van insekten, wormen of andere dieren in rottend materiaal te verklaren. In de zeventiende eeuw beroemde een Belgische scheikundige zich er bijvoorbeeld op dat hij muizen had doen ontstaan door een vuile kiel in een kruik met tarwe te stoppen!

In de tijd van Pasteur waren er in wetenschappelijke kringen verhitte debatten gaande. Het was beslist een uitdaging om een confrontatie aan te gaan met de voorstanders van spontane generatie. Maar als gevolg van wat Pasteur tijdens zijn onderzoek naar gistingsprocessen te weten was gekomen, was hij vol vertrouwen. En dus ondernam hij experimenten met de bedoeling eens en voor altijd een eind te maken aan het denkbeeld van spontane generatie.

Het experiment waarbij hij zwanehalskolven gebruikte, is een van zijn beroemdste. Een vloeibaar voedingsmiddel dat onafgedekt in een open kolf wordt bewaard, wordt snel met ziektekiemen besmet. Wanneer diezelfde vloeistof echter wordt opgeslagen in een kolf die in de vorm van een zwanehals eindigt, blijft ze onaangetast. Hoe komt dit?

De uitleg van Pasteur was simpel: Op hun weg door de zwanehals worden de bacteriën die zich in de lucht bevinden, op het oppervlak van het glas afgezet, zodat de lucht tegen de tijd dat ze de vloeistof bereikt, steriel is. De ziektekiemen die zich in een open kolf ontwikkelen, worden niet spontaan door de vloeistof voortgebracht maar worden via de lucht getransporteerd.

Om de belangrijkheid van lucht als transportmiddel van microben aan te tonen, ging Pasteur naar de Mer de Glace, een gletsjer in de Franse Alpen. Op een hoogte van 1800 meter opende hij zijn verzegelde kolven en stelde ze aan de lucht bloot. Van de twintig kolven werd er maar één besmet. Vervolgens ging hij naar de voet van het Juragebergte en herhaalde het experiment. Hier, op een veel geringere hoogte, werden acht kolven besmet. Zo bewees hij dat er wegens de zuiverder lucht op grotere hoogten minder kans op besmetting bestond.

Door middel van dergelijke experimenten toonde Pasteur overtuigend aan dat leven alleen afkomstig is van reeds bestaand leven. Het ontstaat nooit spontaan, dat wil zeggen, vanzelf.

De strijd tegen infectieziekten

Aangezien voor gisting de aanwezigheid van microben noodzakelijk is, redeneerde Pasteur dat hetzelfde voor besmettelijke ziekten moest gelden. Zijn onderzoekingen naar de zijderupsziekte, een ernstig economisch probleem voor de zijdefabrikanten in het zuiden van Frankrijk, bewezen zijn gelijk. Binnen enkele jaren ontdekte hij de oorzaken van twee ziekten, en hij raadde strikte methoden aan om gezonde zijderupsen te selecteren. Dit zou epidemieën voorkomen.

Tijdens zijn onderzoek naar kippecholera ontdekte Pasteur dat een bacteriecultuur die slechts enkele maanden oud was, de kippen niet ziek maakte maar ze juist tegen de ziekte beschermde. In feite ontdekte hij dat hij ze met een verzwakte vorm van de bacterie kon immuniseren.

Pasteur was niet de eerste die vaccinatie toepaste. De Engelsman Edward Jenner had dat vóór hem gedaan. Maar Pasteur was de eerste die de eigenlijke ziekteverwekker in een verzwakte vorm gebruikte in plaats van gebruik te maken van een verwante microbe. Hij had ook succes met een vaccin tegen miltvuur, een infectieziekte die bij warmbloedige dieren zoals runderen en schapen voorkomt.

Hierna begon hij aan zijn laatste en beroemdste strijd, die tegen hondsdolheid. Hoewel hij het niet besefte, had Pasteur in zijn confrontatie met hondsdolheid met een heel andere wereld te maken dan die van bacteriën. Hij had nu met virussen te maken, een wereld die hij niet door een microscoop kon zien.

Op 6 juli 1885 bracht een moeder haar negenjarige zoon naar Pasteurs laboratorium. Het kind was net door een dolle hond gebeten. Ondanks de smeekbeden van de moeder aarzelde Pasteur de jongen te helpen. Hij was geen arts en liep het risico beschuldigd te worden van het onbevoegd uitoefenen van de geneeskunde. Bovendien had hij zijn methoden nog niet op een mens uitgeprobeerd. Toch vroeg hij zijn medewerker, dr. Grancher, de jongen te vaccineren. Dat deed deze, met goede resultaten. Van de 350 mensen die hij in nog geen jaar behandelde, bleef er slechts één — die te laat bij hem gebracht was — niet in leven.

Intussen besteedde Pasteur aandacht aan hygiëne in ziekenhuizen. In de kraamkliniek in Parijs stierven jaarlijks grote aantallen vrouwen tengevolge van kraamvrouwenkoorts. Pasteur raadde aseptische technieken en strikte hygiëne, vooral van de handen, aan. Latere onderzoekingen door de Engelse chirurg Joseph Lister en anderen bewezen de nauwkeurigheid van Pasteurs conclusies.

Waardevol werk

Pasteur stierf in 1895. Maar zijn werk was waardevol, en wij trekken zelfs nu nog profijt van bepaalde aspecten ervan. Daarom is hij wel „een weldoener van de mensheid” genoemd. Zijn naam is nog steeds verbonden aan de vaccins en de methodes waarvan men hem algemeen als de uitvinder beschouwt.

L’Institut Pasteur, een instelling die tijdens Pasteurs leven in Parijs werd opgericht om hondsdolheid te bestrijden, is thans een zeer gerenommeerd centrum voor de bestudering van infectieziekten. Het is vooral bekend wegens het werk op het gebied van vaccins en medicijnen — en dat te meer sinds 1983, toen een team van daar werkzame wetenschappers, onder leiding van professor Luc Montagnier, voor het eerst het aidsvirus isoleerden.

Het debat over de spontane generatie van leven, waarin Pasteur gewikkeld was en waarin hij als overwinnaar uit de strijd kwam, was niet slechts wetenschappelijke haarkloverij. Het was meer dan een interessant punt waarover een paar geleerden of intellectuelen met elkaar konden discussiëren. Het had een veel grotere betekenis — het ging om bewijsmateriaal in verband met het bestaan van God.

François Dagognet, een Franse filosoof die gespecialiseerd is in de natuurwetenschappen, merkt op dat Pasteurs „tegenstanders, zowel de materialisten als de atheïsten, geloofden dat zij konden bewijzen dat eencellige organismen uit uiteenvallende moleculen konden ontstaan. Hierdoor konden zij het bestaan van een schepper verwerpen. Maar voor Pasteur was er geen overgang van het dode naar het levende mogelijk.”

Tot op de dag van vandaag wijst al het bewijsmateriaal op grond van experimenten, van de geschiedenis, de biologie, de archeologie en de antropologie nog steeds op datgene wat Pasteur aantoonde — dat leven alleen van bestaand leven afkomstig kan zijn, niet van levenloze materie. En de bewijzen tonen ook duidelijk aan dat leven zich „naar zijn soort” voortplant, zoals het bijbelse verslag in Genesis zegt. De nakomelingen zijn altijd van dezelfde „soort” als de ouders. — Genesis 1:11, 12, 20-25.

Aldus heeft Louis Pasteur, bewust of niet, door zijn werk een krachtig bewijs en getuigenis verschaft tegen de evolutietheorie en voor de absolute noodzaak van een Schepper voor het ontstaan van leven op aarde. Zijn werk weerspiegelde wat de nederige psalmist erkende: „Weet dat Jehovah God is. Hij is het die ons heeft gemaakt, en niet wijzelf.” — Psalm 100:3.

[Illustraties op blz. 25]

Het bovenstaande apparaat werd gebruikt om wijn te pasteuriseren, waardoor ongewenste microben werden gedood; het staat in onderstaande tekening duidelijk aangegeven

[Illustratie op blz. 26]

Pasteurs experimenten weerlegden de theorie van de spontane generatie

[Illustratieverantwoording op blz. 24]

Alle foto’s op blz. 24-26: © Institut Pasteur

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen