Van onze lezers
Rockconcerten Ik vond echt dat het artikel „Jonge mensen vragen . . . Kan ik naar rockconcerten gaan?” (22 december 1995) wat bevooroordeeld was. Ik ben met mijn moeder naar een rockconcert geweest. Het was een wat oudere band en het publiek gedroeg zich keurig. Maar in het artikel werd niet eens van de mogelijkheid een fatsoenlijk concert te vinden gerept.
S. A., Verenigde Staten
In het artikel werd inderdaad het accent gelegd op de potentiële gevaren van rockconcerten. Wij hebben het bijwonen van zulke evenementen echter niet ongenuanceerd veroordeeld, maar onze lezers aangeraden: „Mocht je overwegen naar een concert te gaan, win dan eerst inlichtingen in.” Op die manier werden jongeren en hun ouders geholpen een evenwichtige beslissing te nemen. — Red.
Ik wil jullie voor het artikel bedanken. Slechts een paar weken voordat ik het tijdschrift in handen kreeg, zijn we met een stel naar een concert gegaan. Het ging er wild aan toe en er waren nogal wat mensen dronken; het was geen plaats voor christenen. Ik heb echt mijn lesje geleerd en ik hoop dat dat ook voor de anderen geldt.
M. E., Verenigde Staten
Costa Rica Graag zou ik iets ophelderen in verband met het artikel „Costa Rica — Klein, maar wat een verscheidenheid!” (8 juli 1995) U vermeldde dat „bijna 27 procent van het land beschermd [is], proportioneel het grootste deel van enig land ter wereld”. Maar volgens de World Almanac is in Ecuador bijna 40 procent van de totale landoppervlakte beschermd gebied.
M. E., Ecuador
Hartelijk dank voor de opheldering. — Red.
Mali Ik heb tranen van vreugde vergoten toen ik het artikel „Een primeur voor Mali” las (22 december 1995). De geest van samenwerking bij uw leden in Mali is geloofversterkend. Ik heb Jehovah’s Getuigen gevraagd mij bijbelonderwijs te komen geven. Ik ben vastbesloten om samen met uw leden God te gaan aanbidden.
D. C. A., Nigeria
Tourettesyndroom Ik wil mijn dankbaarheid uiten voor uw artikel „Leven met het Tourettesyndroom — Een uitdaging” (22 december 1995). Mijn symptomen zijn aan het eind van mijn adolescentie verdwenen. Maar niet iedereen is dat geluk beschoren geweest. Dit artikel zal een waardevolle hulp zijn voor die mensen en hun familie.
Y. L., Frankrijk
Ik ken een jongen die het heeft en tot nu toe heb ik hem gemeden omdat ik mij opgelaten voelde in zijn gezelschap. Ik heb nooit beseft dat hij zich er misschien nog opgelatener door voelt dan ik!
P. M., Italië
Ik lijd al aan deze aandoening vanaf mijn vijfde en ik ga er erg onder gebukt. Ik heb motorische en vocale tics. Noch mijn ouders noch ik konden begrijpen hoe ik aan die tics kwam; zij waren bang dat er misschien iets mankeerde aan de manier waarop zij me grootbrachten. Ik heb Jehovah in gebed gevraagd mij te helpen het te begrijpen en hij heeft mijn gebed verhoord via dit artikel. Het was een grote aanmoediging voor me de ervaringen van anderen onder Jehovah’s Getuigen te lezen die dezelfde aandoening hebben.
Y. K., Japan
Ik heb bijna mijn hele leven met deze aandoening moeten leven, maar pas sinds 1983 weet ik wat het is. Toen ik nog een kind was, dreven anderen vaak de spot met me. Maar de broeders en zusters in de Koninkrijkszaal waren altijd heel liefdevol en aanvaardden het als iets wat bij me hoorde. Later ben ik verliefd geworden op een jonge christelijke man. Hij was volkomen op de hoogte van mijn aandoening. Hoewel mijn vader dacht dat ons huwelijk geen stand zou houden, ben ik blij te kunnen zeggen dat wij dertig jaar later nog steeds gelukkig getrouwd zijn. Mijn man draagt me op handen en heeft zich nooit iets van mijn aandoening aangetrokken of zich er opgelaten door gevoeld.
F. H., Canada