Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g94 8/10 blz. 3-4
  • Zendelingen — Wat moeten zij zijn?

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Zendelingen — Wat moeten zij zijn?
  • Ontwaakt! 1994
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Wat is een zendeling?
  • Hoe hebben de zendelingen het er afgebracht?
  • Is het nog nodig?
  • Zendelingen van Gods regerende koninkrijk
    De Wachttoren — Aankondiger van Jehovah’s koninkrijk 1959
  • Het maken van ware discipelen in deze tijd
    Ontwaakt! 1994
  • Geestelijk licht voor het „donkere werelddeel”?
    Ontwaakt! 1994
  • Zendelingen ‘tot in de meest afgelegen delen van de aarde’
    Hoe donaties worden gebruikt
Meer weergeven
Ontwaakt! 1994
g94 8/10 blz. 3-4

Zendelingen — Wat moeten zij zijn?

HET woord „zendeling” kan sterke emoties oproepen. Sommige mensen denken daarbij vol bewondering aan personen als Moeder Teresa of wijlen Albert Schweitzer.

Anderen daarentegen reageren onverschillig, met afkeer of zelfs kwaad als het thema zendelingen wordt aangesneden. Het woord doet hen denken aan mentale manipulatie en roept visioenen van kolonialisme op.

Een terechte vraag met betrekking tot zendelingen is: Zijn zij bewerkers van licht geweest of bewerkers van duisternis?

Wat is een zendeling?

Een zendeling is volgens de definitie van het woord „iemand die een zending op zich neemt”, dat wil zeggen, „een bediening hem door een godsdienstige organisatie opgedragen tot verbreiding van haar geloof of ter verrichting van humanitaire arbeid”. In de Rooms-Katholieke Kerk worden daarvoor de termen „missionaris” en „missie” gebezigd.

De basis voor christelijk zendingswerk werd door Jezus Christus gelegd toen hij tegen zijn volgelingen zei: „Gaat daarom en maakt discipelen van mensen uit alle natiën.” Daarvoor is het nodig dat overal ter wereld de christelijke boodschap wordt gepredikt. — Mattheüs 28:19.

Jezus was zelf een zendeling, door zijn Vader, Jehovah, vanuit de hemel naar een buitenlandse toewijzing, de aarde, gezonden (Filippenzen 2:5-8). Het is logisch dat een christelijke zendeling nauwgezet het door Jezus Christus gegeven voorbeeld moet volgen. Een zendeling uit de eerste eeuw die dat deed, was de apostel Paulus, die voor na hem komende christelijke zendelingen een model ter navolging werd. — 1 Korinthiërs 11:1.

Hoewel de maatschappelijke problemen waarmee de mensheid te kampen had Jezus aan het hart gingen, verleende hij tijdens zijn verblijf op aarde geen topprioriteit aan het oplossen ervan. Dat zou in het gunstigste geval slechts tijdelijke verlichting hebben gebracht (Johannes 6:26, 27; 12:8). Iets anders was van groter belang. „Hiertoe ben ik geboren en hiertoe ben ik in de wereld gekomen,” zei Jezus tegen Pilatus, „om getuigenis af te leggen van de waarheid.” De waarde van het kennen van die waarheid kan niet genoeg benadrukt worden, zoals Jezus eerder in een gebed had verklaard: „Dit betekent eeuwig leven, dat zij voortdurend kennis in zich opnemen van u, de enige ware God, en van hem die gij hebt uitgezonden, Jezus Christus.” — Johannes 17:3; 18:37.

Hebben de zendelingen van de christenheid het door Jezus gegeven voorbeeld nauwgezet nagevolgd? Zijn zij net als hij bewerkers van licht gebleken door het licht van Gods Woord te weerspiegelen en zo kennis te verbreiden die tot eeuwig leven leidt? Of hebben zij de mensen in duisternis gelaten? Het antwoord op deze vragen moet ons allemaal interesseren, omdat de vruchten die zichzelf als christenen beschouwende zendelingen in de loop van de eeuwen hebben voortgebracht, ons helpen zowel de ware als de valse religie te identificeren. Het doet Ontwaakt! daarom genoegen aan te kondigen, dat er in de komende vijf uitgaven uitgebreid op dit onderwerp zal worden ingegaan.

Hoe hebben de zendelingen het er afgebracht?

Zendelingen hebben waardevolle bijdragen geleverd tot de verbreiding van Christus’ boodschap. Sommigen bijvoorbeeld hebben de bijbel in plaatselijke talen overgezet, daarmee mensen in staat stellend zelf de bijbel te lezen.

Tegenwoordig blijkt echter dat sommige zendelingen van mening zijn dat het voorzien in maatschappelijke behoeften voorrang moet hebben boven predikings- of vertaalactiviteiten. In een artikel in het blad Time getiteld „De nieuwe zendeling” werd opgemerkt: „Onder de protestanten heeft een verschuiving plaatsgevonden naar grotere betrokkenheid bij de fundamentele economische en maatschappelijke problemen van de mensen die de zendelingen trachten te bereiken.” Wat de katholieken betreft, het hoofd van de jezuïetenmissie vanuit de Verenigde Staten zei dat het verbreiden van het christelijke geloof „ondergeschikt is geworden aan het ten dienste van mensen staan”. En een katholieke missiesecretaris betoogde: „In het verleden was onze drijfveer het zogeheten redden van zielen. . . . Nu geloven wij, God zij gedankt, dat alle mensen en alle godsdiensten reeds in de genade en liefde Gods leven en door Gods barmhartigheid gered zullen worden.”

Wil dit zeggen dat het niet langer nodig is Gods Woord te verkondigen zoals Jezus dat deed?

Is het nog nodig?

In 1985 werden zo’n 18.000 huishoudens in het Duitse Hamburg opgebeld door enkele honderden vrijwilligers in wat een krant betitelde als een „massaal telefonisch zendingswerk”. De resultaten stelden kennelijk niet veel voor. Vorig jaar december schreef The European: „De protestantse kerk in Duitsland . . . heeft het aantal bezoekers sinds 1991 met meer dan 500.000 zien teruglopen.”

Een slinkende kudde is niet uniek voor Duitse kerken. Miljoenen mensen wereldwijd hebben de godsdienst de rug toegekeerd en achten religie niet langer relevant voor het leven in de nuchtere jaren ’90. Maar kennis van het christendom is van wezenlijk belang indien wij opgewassen willen zijn tegen de duisternis van de huidige wereld en geschraagd willen worden door de hoop op een betere wereld voor de toekomst. Jezus’ gebod discipelen van mensen uit alle naties te maken, is een zinnige manier om in een dringende behoefte te voorzien.

Het was de bedoeling van Jezus Christus dat christelijke zendelingen bewerkers van licht zouden zijn, geen bewerkers van duisternis. Hoe hebben de zendelingen van de christenheid het er afgebracht? Welk voorbeeld hebben zij gevolgd?

[Illustratieverantwoording op blz. 3]

Culver Pictures

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen