Van onze lezers
Haaruitval Het artikel „Alopecia — Haaruitval waarover men niet praat” (22 april 1991) had mijn speciale belangstelling. Mijn haar begon uit te vallen toen ik zes en een half was. In het begin was het vernederend, maar mijn vrienden en de mensen in het algemeen waren heel vriendelijk en liefdevol. Ik ben nu 64 en heb nooit echt begrepen wat de oorzaak van mijn haaruitval was totdat ik uw artikel las. Hartelijk dank.
R. W., Verenigde Staten
Ik ben een meisje van 16 en lijd al sinds mijn 10de jaar aan alopecia. Op school word ik ermee geplaagd doordat ze me uitschelden en proberen mijn pruik af te trekken. Dan voel ik me ongelukkig en terneergeslagen. Maar uw artikel heeft mij laten zien hoe ik er het hoofd aan moet bieden door op Jehovah te vertrouwen. Ik zie er ook naar uit in zijn nieuwe wereld mijn haar terug te krijgen.
C. B., Verenigde Staten
Geklets Hartelijk dank voor het tijdschrift over „Geklets — Hoe te voorkomen dat u schade lijdt” (8 juni 1991). Het kwam op een tijdstip dat ik het het meest nodig had. Ik heb een probleem gehad met een meisje, eens een boezemvriendin van mij, dat schadelijk geklets over mij verspreidde. Uw artikel heeft mij echt geholpen het te begrijpen en er het hoofd aan te bieden.
M. P., Verenigde Staten
Flirten Ik ontvang Ontwaakt! geregeld. Maar volgens mij was u in uw artikel „Jonge mensen vragen . . . Wat schuilt er voor kwaad in flirten?” (8 mei 1991) wel een beetje te scherp. Er was toch zeker niets verkeerds aan dat de jongen aan Sarah vroeg om naast hem te komen zitten. En waarom is het in ’s hemelsnaam verkeerd om naar iemand van het andere geslacht te glimlachen? Moet je dan een stuurs gezicht zetten, alsof je zeggen wilt: „Blijf uit mijn buurt”?
W. T., Verenigde Staten
Wat de jonge Sarah betreft, het is duidelijk dat zij dagelijks heel wat ongewenste aandacht kreeg. Begrijpelijkerwijs vond zij dit pijnlijk. Ten aanzien van glimlachen maakte het artikel duidelijk dat ’er niets verkeerds is aan hartelijk zijn’. Echt, er is een wereld van verschil tussen een vriendelijke glimlach en het ’kokette lachje’ waarover het artikel het had. — Red.
Kruiswoordpuzzels Dank u wel voor de kruiswoordpuzzel in de uitgave van 8 juni 1991. Tijdens een bezoek aan mijn grootouders begon ik aan de puzzel. Maar ik was nog niet begonnen of mijn grootvader vroeg of hij mocht helpen. Ik was verbluft! Opa had nooit interesse gehad voor de bijbel. Hoe dan ook, hij las de schriftplaatsen en ik de omschrijvingen. Ongeveer tien minuten later kwam mijn tante en vroeg of zij ook met de puzzel mocht helpen. Tot dan toe wilden mijn grootouders niet dat er bij hen thuis over de bijbel werd gesproken — maar dat is nu verleden tijd!
A. J., Engeland
De longen Het lezen van het artikel „De longen — Een wonder van ontwerp” (8 juni 1991) bracht mij ertoe u te schrijven. Net de dag tevoren was mijn tante overleden aan longkanker. Het artikel vergrootte mijn waardering voor het wonder van het lichaam. Het was ook gemakkelijk te begrijpen en hielp mij er de noodzaak van in te zien behoedzaam met mijn longen om te springen en ze niet met dingen [als tabak] te verontreinigen.
C. G., Verenigde Staten
Zorg voor bejaarden Ik zorg voor mijn ernstig zieke vader. Mijn broers en zussen steken geen hand uit maar maken zich ervan af met opmerkingen als: „Je bent sterk. Je hebt geen hulp nodig”, of: „Je had jaren geleden eens de mogelijkheid van een verpleegtehuis moeten overwegen.” Ik begon medelijden met mezelf te krijgen omdat ik besefte dat mijn kansen om te trouwen en kinderen te krijgen waren verkeken. Ik begon zelfs emotionele problemen te krijgen. Maar de serie „Eert u de bejaarden?” (22 maart 1991) gaf mij de troost en de kracht om te volharden.
S. B., Verenigde Staten