Watchtower ONLINE LIBRARY
Watchtower
ONLINE LIBRARY
Nederlands
  • BIJBEL
  • PUBLICATIES
  • VERGADERINGEN
  • g91 8/6 blz. 11-21
  • Kruiswoordpuzzel

Voor dit gedeelte is geen video beschikbaar.

Helaas was er een fout bij het laden van de video.

  • Kruiswoordpuzzel
  • Ontwaakt! 1991
  • Onderkopjes
  • Vergelijkbare artikelen
  • Horizontaal
  • Verticaal
  • Oplossing horizontaal
  • Oplossing verticaal
  • Kruiswoordpuzzel
    Ontwaakt! 1986
  • Kruiswoordpuzzel
    Ontwaakt! 1988
  • Kruiswoordpuzzel
    Ontwaakt! 1990
  • Kruiswoordpuzzel
    Ontwaakt! 1996
Meer weergeven
Ontwaakt! 1991
g91 8/6 blz. 11-21

Kruiswoordpuzzel

Horizontaal

1. Berouwvol, met een gebroken geest, smeekte David God om in hem een . . ., standvastige geest te leggen (Psalm 51:10)

4. De profeten waren voorbeelden in het . . ., of betonen, van geduld (Jakobus 5:10)

7. Zoals berg en heuvel figuurlijk gesproken geslecht zouden worden, zo zou dit verhoogd worden (Jesaja 40:4)

8. Rubeniet die Mozes en Aäron terzijde stond bij het tellen van Israël (Numeri 1:5)

9. Van een op zich helemaal niet sterk materiaal (2 Korinthiërs 4:7)

10. Het geschenk voor Esau omvatte ook tien volwassen . . . (Genesis 32:15)

11. Deze stof werd voor hetzelfde doel gebruikt als loog (Jeremia 2:22)

13. Zoon van Jakob; zijn enige volle broer was Gad (Genesis 29, 30)

16. Het vereiste van een werkelijk . . . paschalam had profetische betekenis (Exodus 12:5; Hebreeën 9:14)

17. De periode dat er licht en geen duisternis is (Genesis 1:5)

19. Kwaliteit van Jehovah’s werk (Prediker 3:11)

21. Nichtje van Mordechai (Esther 2:7)

23. Gevoel dat Elifaz’ bovennatuurlijke ervaring vergezelde (Job 4:14)

25. Onrein dier, maar veel en veel kleiner dan een kameel (Mattheüs 23:24)

27. Ook omgehakt hoeft hij nog niet dood te zijn (Job 14:7)

28. Werd bedekt bij verdriet of schaamte (Ezechiël 24:17; Micha 3:7)

29. Een afwezigheid van licht, die het gaan bemoeilijkt (Spreuken 4:19)

31. De 24ste letter van het Griekse alfabet (Openbaring 1:8)

33. Jehovah toetst zowel hart als . . . (Psalm 7:9)

35. Aangevoerd voedsel, maar niet om op de sabbat te verhandelen (Nehemia 10:31)

36. Door de Benjaminiet Elpaäl of zijn zoon of zonen gebouwde stad (1 Kronieken 8:12)

37. Paulus en Barnabas spraken hier met succes in de synagoge (Handelingen 14:1)

38. „Opdat er nimmer ten . . . van de naam van God en de leer gesproken wordt” (1 Timotheüs 6:1)

Verticaal

1. Geen persoon (2 Korinthiërs 5:16)

2. Een melaatse die geen koninklijke plichten meer te behartigen had (2 Kronieken 26:21)

3. Deze stad van de verslagen koning Og kwam aan Manasse (Jozua 13:31)

4. Vloeistof die een symbool was van welvaart (Deuteronomium 33:24)

5. Inhoudsmaat waarmee op verwerpelijke wijze geknoeid werd (Amos 8:5)

6. Plaats waar men een geestenmedium wist te vinden (1 Samuël 28:7)

9. Generaties lang waren zijn zonen zangers; de vermelding van zijn naam in het opschrift van psalmen is wellicht een verwijzing naar zijn huis (2 Kronieken 35:15)

12. Dit zij Gods woord op ons pad (Psalm 119:105)

14. Superieure autoriteiten kunnen dit vragen en zullen dit krijgen (Romeinen 13:7)

15. Dochter van een zekere Zacharia (2 Koningen 18:2)

16. Voor sommigen is hun . . . hun buik (Filippenzen 3:19)

18. Opperhoofd van Mesech en Tubal (Ezechiël 38:3)

19. Necho was . . . van Egypte (2 Koningen 23:28-35)

20. ’Wie op de aardse mens vertrouwt, stelt vlees tot zijn . . .’ (Jeremia 17:5)

22. Deze voorvader van Jezus is 600 jaar geworden (Lukas 3:36)

23. Sterrenbeeld (Job 38:32)

24. In de wildernis van . . . gingen de Israëlieten murmureren en terugverlangen naar Egyptes vleespotten (Exodus 16:1)

26. Tegenover de rijke gesteld (Jakobus 1:9)

27. Jehovah is de . . . van het leven (Psalm 36:9)

28. En dat moet men wel zijn voor graafwerk (Lukas 16:3)

29. God der Filistijnen (Rechters 16:23)

30. Tenten makend zal Paulus er vaak een gehanteerd hebben (Markus 10:25)

32. Land dat zich beroemde op een centrum van ’wijsheid’ (Jeremia 49:7)

34. . . . wet en . . . rechterlijke beslissing voor zowel Israël als de inwonende vreemdeling (Numeri 15:16)

Oplossing op blz. 21

Oplossing horizontaal

1. NIEUWE

4. OEFENEN

7. DAL

8. ELIZUR

9. AARDEN

10. EZELS

11. ALKALI

13. ASER

16. GAAF

17. DAG

19. FRAAI

21. HADASSA

23. ANGST

25. MUG

27. BOOM

28. SNOR

29. DONKER

31. OMEGA

33. NIEREN

35. GRANEN

36. ONO

37. IKONIUM

38. NADELE

Oplossing verticaal

1. NIEMAND

2. UZZIA

3. EDREÏ

4. OLIE

5. EFA

6. ENDOR

9. ASAF

12. LICHT

14. EER

15. ABI

16. GOD

18. GOG

19. FARAO

20. ARM

22. SEM

23. ASJ

24. SIN

26. GERINGE

27. BRON

28. STERK

29. DAGON

30. NAALD

32. EDOM

34. ÉÉN

    Nederlandse publicaties (1950-2026)
    Afmelden
    Inloggen
    • Nederlands
    • Delen
    • Instellingen
    • Copyright © 2026 Watch Tower Bible and Tract Society of Pennsylvania
    • Gebruiksvoorwaarden
    • Privacybeleid
    • Privacyinstellingen
    • JW.ORG
    • Inloggen
    Delen