Korinthe — Stad van de twee zeeën
„IN DE oudheid geloofde men dat de goden werkelijk bestonden. Soms denk ik dat zelf ook.” Dat vertelde onze gids toen zij ons rondleidde tussen de ruïnes van tempels die eens gewijd waren aan Apollo, Aphrodite, Hermes, Hercules en Poseidon. De geur van regen hing in de lucht en wij hoorden het doffe gerommel van een naderend onweer. „Zeus”, zei ze met een glimlach.
’s Ochtends waren er donderkoppen boven de Parnassus verschenen. Ze verbreidden zich snel over de Golf van Korinthe en hingen nu dreigend boven ons. Maar de opgewektheid van onze gids bleef onverflauwd en zij vertelde het ene verhaal na het andere over oude tijden, de gloriedagen van Griekenland en de komst van het christendom. Charmant mengde zij feit en fantasie, geschiedenis en mythologie dooreen om gebouwen voor ons geestesoog op te trekken en ze te bevolken met menselijke wezens uit een ander tijdperk.
Wij waren niet bang dat het zou gaan regenen. Het regent zelden op de Peloponnesos. Dit zuidelijke schiereiland is zelfs een van de droogste gebieden van Griekenland! Alleen Athene is nog droger. Maar gáát het regenen, dan vallen er geen zachte buitjes. Dan komt het met bakken naar beneden, waardoor de hogere gedeelten eroderen en het land onder het Korinthisch plateau verrijkt wordt met alluviale grond.
Wat een verrassing! Wij hadden niet verwacht dat van alle dingen waar Korinthe beroemd om is, er één een landbouwprodukt zou zijn. Maar of ze nu worden verbouwd in de Levant, in Californië of waar maar ook, overal waar lekker op de kleine rozijnen die wij krenten noemen, wordt gekauwd, dragen ze de naam Korinthe, verbasterd tot „krent”.
Bronnen van bestaan
De bodem zou één reden kunnen zijn voor Homerus’ aanduiding „het rijke Korinthe”. Maar Korinthe dankte zijn welvaart voornamelijk aan zijn positie als havenstad voor zowel de Ionische als de Egeïsche Zee. Horatius noemde het „bimarisve Corinthi”, ofte wel „Korinthe aan de twee zeeën”. Hoe kon één stad haven zijn voor twee zeeën? Dat was niet zo moeilijk, want ze lag aan de zuidkant van de smalle landengte (Grieks: isthʹmos) die de Peloponnesos met het vasteland van Griekenland verbond.
Korinthe profiteerde van het havenverkeer tussen Oost en West en de geïnde tol voor het vervoer van vracht en kleine schepen over de istmus langs een soort overtoom die de Grieken de di·olʹkos noemden. Het hief ook belasting op vracht die over land naar het Noorden en Zuiden werd vervoerd. Geen wonder dat Philippus II, de vader van Alexander de Grote, Korinthe van vitaal belang achtte voor zijn groeiende monarchie.
Tegenslagen en herstel
Dat was echter eeuwen geleden. Tegenwoordig verbindt een kanaal de Golf van Korinthe en de Saronische Golf en razen er op brede autosnelwegen vrachtwagens langs het slaperige dorp Korinthe. Zeelui, vrachtwagenchauffeurs en dorpelingen interesseert het niet dat Korinthe eens de trekpleister van het Middellandse-Zeegebied was. Alleen archeologen en toeristen komen er, met troffel, film en nieuwsgierigheid.
In 146 v.G.T. werd Korinthe door de Romeinse consul Mummius verwoest en nagenoeg ontvolkt. Maar na een eeuw sluimeren werd het weer tot leven gebracht door Julius Caesar en ontwikkelde het zich tot een kosmopolitische Romeinse kolonie met een voorliefde voor Griekse gewoonten en de Griekse denkwijze.
Toen de christelijke apostel Paulus er ongeveer honderd jaar later arriveerde, was Korinthe weer een bruisende, welvarende stad. De bevolking was overdag succesvol bezig met bouwen en handeldrijven en het uitoefenen van allerlei ambachten. En ’s avonds? Dan feestten en brasten zij in afgodentempels en herbergen en doolden door donkere straten op zoek naar sensuele genoegens. Het is interessant dat alhoewel Korinthe berucht was in een toch al losbandig tijdperk en iedereen wist wat een „Korinthisch meisje” was, gewijde prostitutie geen Grieks gebruik was. Het vaak vertelde verhaal dat in Korinthe duizend meisjes verbleven die aan Aphrodite gewijd waren, berust op de twijfelachtige mening van de geograaf Strabo uit de eerste eeuw v.G.T. Daarbij komt nog dat hij hen in een lang vervlogen pre-Romeinse periode plaatste.
Onze overpeinzingen
Toen wij over de Lechaeumweg liepen, de oude hoofdweg die de verbinding vormde tussen de westelijke haven en het centrum van de stad, wees onze gids de overblijfselen aan van officiële gebouwen, tempels, winkels, een vleesmarkt en een openbaar privaat, allemaal verwarrend door elkaar.a Niettemin kregen wij juist door, en niet zozeer ondanks, dit schijnbaar ontbreken van stadsplanning een idee van het levendige straatbeeld dat zich aan Paulus’ oog ontrold moet hebben — de bedrijvige mensenmenigte en de ontspannen praters, de winkeliers, de slaven en de handelaars.
Bij het naderen van het einde van de weg hoorden wij het water opborrelen in de Pirenebron, een ondergrondse wel die winkels waar bederfelijke waren werden verkocht koel water bezorgde, die ambachtslieden hun waswater leverde en ten slotte het privaat van spoelwater voorzag. Of het christelijke echtpaar Aquila en Priskilla in deze buurt hun tentenmakerij had, weet niemand vandaag de dag (Handelingen 18:1-3). Maar slechts enkele meters verder, op de trappen die naar het Forum leiden, hebben archeologen een bovendorpel van een synagoge gevonden. Dit kan dus een joodse wijk zijn geweest, en wij vonden het een leuk idee dat het huis van Titius Justus juist daar gestaan zou kunnen hebben! — Handelingen 18:7.
Het Forum — wat een fascinerende plek! Het bestaat uit twee rechthoekige, van oost naar west lopende terrassen. In het midden van het bovenste terras, aan beide zijden geflankeerd door winkels, ligt een verhoogd podium dat een bema wordt genoemd en bij officiële gelegenheden door sprekers werd gebruikt. Onze gids herinnerde ons eraan dat toen de arts Lukas schreef hoe Paulus ter berechting voor proconsul Gallio werd gevoerd, het Griekse woord dat voor „rechterstoel” werd gebruikt bema was (Handelingen 18:12). De gebeurtenissen uit Handelingen 18:12-17 kunnen zich dus op deze plek afgespeeld hebben! Wij stonden waar Paulus gestaan zou hebben, omringd door zijn joodse aanklagers en klaar om zich te verdedigen. Maar nee! Gallio wilde de zaak niet behandelen. Hij liet Paulus vrij en greep niet in toen het gewelddadige gepeupel in plaats daarvan Sosthenes een pak slaag gaf.
Achter deze openluchtrechtszaal, aan de noordkant van het onderste terras, ligt de ’heilige bron’ met het orakelheiligdom. Er bestaat wat verschil van mening over de manier waarop het orakel werd gegeven. Klaarblijkelijk echter verrichtten de priesters als de raadpleger voldoende betaalde, een „wonder” door het water van de bron in wijn te veranderen. Dat gaf de raadpleger vermoedelijk de zekerheid dat hij weldra langs bovennatuurlijke weg informatie zou ontvangen. Archeologen zeggen dat dit heiligdom heel lang in gebruik is geweest, zowel in het oude voorchristelijke Korinthe als in de herbouwde stad uit Paulus’ dagen. Toen wij een geheime gang in tuurden, zagen wij het mechanisme voor het wijnkunstje en wij gingen weg met de overtuiging dat religieuze charlatans niets nieuws zijn.
Hoewel men veronderstelt dat Poseidon de beschermgod van Korinthe is geweest, is het indrukwekkendste gebouw de in Dorische stijl opgetrokken tempel van Apollo. Van de 38 zuilen staan er nog zeven, die elk ruim zeven meter hoog zijn en aan de voet een doorsnee van 1,7 meter hebben. Elke zuil bestaat uit één stuk gecanneleerde kalksteen waar oorspronkelijk een harde laag witte pleisterkalk op zat. Deze archaïsche tempel rijst hoog boven de stad uit op haar centrale hoogte — een donkere en dreigende ruïne tussen de ruïnes — maar roept nog steeds diepe emoties op. Bij de aanblik ervan zou iemand te binnen kunnen schieten wat Goethe schreef — dat architectuur „bevroren muziek” is.
De regen kwam!
„Kom. Er is nog veel meer te zien!” Tik. „We hebben nog geen tempels bekeken met keukens en chique eetzalen.” Tik. „We moeten het stenen plaveisel dat Erastus gelegd heeft nog zien.” Tiktik. „En u mag de taveerne van Aphrodite en het Aesculapeum niet missen.” Ja, het getik en gespat van grote waterdruppels kondigde een stortbui aan.
Ogenblikkelijk waren de mensen en gebouwen uit onze verbeelding verdwenen. Wij haastten ons de weg die wij gekomen waren terug terwijl onze gids een hele reeks dingen opsomde die wij nog niet hadden gezien. De nu overvloedig vallende regendruppels maakten het plaveisel glanzend, bevochtigden kleuren en wasten het stof van het marmer van eens trotse gebouwen. Toen de regen plotseling met bakken uit de hemel begon te vallen, zetten wij het op een rennen. Wij konden onze gids ergens achter ons nog horen roepen: „Voortmaken allemaal!” In de verblindende wolkbreuk verdwenen zelfs de fragmentarische bouwwerken langs Korinthes Lechaeumweg. Er bleef niets over, landschap noch droombeeld. Doordrenkt holden wij naar onze bus in de hoop dat de chauffeur niet was gaan koffiedrinken. — Ingezonden.
[Voetnoot]
a Vleesmarkt (Grieks: ma·kelʹlon): Een winkel waar voornamelijk vlees en vis maar ook allerlei andere dingen werden verkocht. — 1 Korinthiërs 10:25.
[Kaart op blz. 16]
(Zie publicatie voor volledig gezette tekst)
Korinthe
GRIEKENLAND
IONISCHE ZEE
EGEÏSCHE ZEE
[Illustraties op blz. 17]
Boven: Een gereconstrueerde winkel in het Forum
Midden: De „bema”
Onder: De archaïsche tempel van Apollo